© CC0 (Publiek domein)

Een duurzame economie

Onze economie is in zijn wezen niet duurzaam. Was ze dat wel, dan zou de wereld er een stuk beter uitzien. Het goede nieuws is dat dat mogelijk is, als de economie een echte wetenschap wordt. Maar daar is nogal wat voor nodig. Een omslag in denken, om te beginnen. En een boek. Lees meer

Onze wereld wordt geteisterd door grote structurele problemen. Klimaatverandering, armoede, instortende economieën, om er een paar te noemen. We beschikken over tal van middelen om deze op te lossen. Dat de problemen desondanks blijven bestaan, is volgens wetenschapper Niko Roorda een kwestie van economie. Vrijwel alle grote tragedies in de wereld, meent hij, zijn er doordat we economisch gezien niet begrijpen wat we doen. We moeten toe naar een economisch systeem dat intrinsiek duurzaam is, en hebben een economische wetenschap nodig die dat ontwerpt en invoert. Hierover schrijft Niko Roorda zijn nieuwste boek, en dat wil hij samen met de lezers van FTM doen.

55 Artikelen

Planetaire kantelpunten

Vorige week besprak Niko Roorda een potentieel kantelpunt dat dreigt in de Noord-Chinese vlakte en elders, in de vorm van dodelijke hittegolven als de gevoelstemperatuur boven 35° komt. Dat was nog maar één voorbeeld van een kantelpunt. In deze aflevering, de laatste van het jaar, noemt hij er meer.

De ‘wraak van Malthus’, dat is waar ik de vorige aflevering mee eindigde. Deze cynische aanduiding had betrekking op een potentieel kantelpunt dat dreigt in de Noord-Chinese vlakte en elders, in de vorm van dodelijke hittegolven als de gevoelstemperatuur boven 35° komt. Dat was nog maar één voorbeeld van een kantelpunt. In deze aflevering noem ik er meer.

Of kantelpunten optreden is zelden vooraf met zekerheid vast te stellen. En als ze optreden, valt niet te voorspellen wanneer, noch wat hun gevolgen zullen zijn. Dat geldt voor de dodelijke hittegolven van case 3.13 in de vorige aflevering, en voor de ‘zesde extinctie’, de huidige massale uitstervingsgolf, in de aflevering van 25 november. Het geldt ook voor een lange reeks van andere kantelpunten die zouden kunnen optreden, deels als gevolg van de klimaatverandering, deels door andere manieren waarop de Aarde beschadigd wordt. Hier volgt een reeks planetaire kantelpunten; andere, in de hoek van people en profit, volgen later.

Smeltend landijs

Het ijs van de Noordpool drijft in zee. Als dat smelt als gevolg van de klimaatverandering, verhoogt het de zeeën niet. Maar het ijs van Groenland en de Zuidpool ligt op land of steekt uit over de zee. Als al het Groenlandse ijs zou smelten, zou de zeespiegel wereldwijd zo’n zes meter stijgen, iets wat bij een temperatuurstijging van 2 tot 3 graden echt zou kunnen gebeuren. Als al het ijs van Antarctica zou smelten zou de zee wel tweehonderd meter stijgen, maar dat wordt erg onwaarschijnlijk geacht. Wel smelten delen van het Antarctisch ijs in een tempo dat in de laatste 25 jaar is verviervoudigd.

Stijgende zeespiegel

De bijdrage van Antarctica aan de zeespiegelstijging overtreft die van Groenland inmiddels. Maar smeltend ijs is niet de enige oorzaak. Het opwarmende oceaanwater zet uit en veroorzaakt daarmee ongeveer 40% van de stijging. Door alle feedbacklussen en systeemtraagheden, plus de nog onbekende daadkracht (of het gebrek daaraan) om de klimaatverandering te beperken, is het uiterst moeilijk om te voorzien hoeveel de zee omhoog zal komen. De Amerikaanse National Oceanic and Atmospheric Administration (NOAA) berekende in 2017 vier scenario’s, die in hun uitkomsten zeer van elkaar verschillen, zoals figuur 3.33 laat zien: van 40 centimeter tot bijna 10 meter in het jaar 2200. Hoezeer de vier verwachtingen ook uiteenlopen, ze hebben één zwakheid gemeen: ze gaan allemaal uit van een geleidelijke waterstijging. De gletsjers op Groenland of Antarctica smelten echter niet alleen vanaf de buitenkant maar ook van onderaf, als gevolg van door spleten lekkend smeltwater. Daardoor is het denkbaar dat enorme hoeveelheden ijs als over een soort ‘glijbaan’ zomaar in zee plonzen, waardoor de zee van de ene op de andere dag een stuk omhoog komt.

Figuur 3.33. Stijging van de zeespiegel volgens vier scenario’s; ter vergelijking de gemiddelde hoogte boven zeeniveau (in 2018) van enkele kuststeden. Bron: NOAA (2017)

Uitdovende oceaancirculatie

De Golfstroom die van zuid naar noord door de Atlantische Oceaan stroomt en daarbij aangename warmte vanuit de tropen naar West-Europa brengt, is onderdeel van een veel grotere oceaanstroming, de Thermohaliene Circulatie. (‘thermohalien’ = warm en zout). De voornaamste stromingen zijn weergegeven in figuur 3.34. De rode pijlen in de figuur zijn warme stromen die dicht aan de oppervlakte bewegen; de paarse pijlen stellen de koude stromen voor die over de bodem van de oceanen voortbewegen, in een trage kringloop die er zo’n tweeduizend jaar over doet om een ronde te voltooien. De massale stroming helpt om tropische warmte te verspreiden naar gematigde streken, waardoor het in Noord- en West-Europa aanzienlijk warmer is dan op gelijke noorderbreedtes in Canada.

Figuur 3.34. De Thermohaliene Circulatie

Het voornaamste aandrijfmechanisme van deze planeetomspannende ‘lopende band’ (‘conveyor belt’) is de zwaartekracht. Want de verdamping van het oppervlaktewater maakt dat het water, terwijl het door de Atlantische Oceaan noordwaarts stroomt, zouter en dus zwaarder wordt. Daardoor zakt de warme stroom nabij Groenland naar beneden en dat duwt de lopende band voort. Echter: het smeltende ijs van Groenland verdunt het zeewater, waardoor de kracht van de ‘motor’ afneemt. In het verre verleden, voordat de mens bestond, is de circulatie al dikwijls tot stilstand gekomen als gevolg van wisselende omstandigheden, dus het is zeker niet ondenkbaar dat dat opnieuw gebeurt. Er zijn aanwijzingen dat de Golfstroom inderdaad verzwakt, maar die zijn nog niet eenduidig. Als het echt gebeurt, zijn de gevolgen moeilijk in te schatten. Zeker is, dat de tropen dan warmer zullen worden en Europa kouder. Het weer zal grilliger worden en leiden tot superstormen in Europa, de gevolgen voor flora, fauna en landbouw zullen intens zijn en de economische en menselijke gevolgen niet te overzien.

Het Congolese veenbos

“Het pas ontdekte veenbos onder Congo is een van de grootste reservoirs van koolstofdioxide.” Dat schreef mijn collega bij Follow the Money, Bart Crezee. Hij beschrijft de enorme hoeveelheid CO2 die in de bodem van de Congolese wouden is opgeslagen. Als dat vrij zou komen, bijvoorbeeld door een grootschalige bos- en veenbrand zoals eind jaren 1990 in Indonesië – die aangestoken was om landbouwgrond te verkrijgen – kan alleen al het Congolese broeikasgas tot een kantelpunt leiden. Bart citeert de Volkskrant: ‘Congo leeft zonder het te weten op een CO2-bom’.

Gloeikas Aarde

Ik heb de term ‘Hothouse Earth’ opzettelijk niet vertaald als ‘broeikas’ maar als ‘gloeikas’, wat een passender benaming is. Onze planeet verkeert al honderdduizenden jaren in een min of meer vaste cyclus waarbij ijstijden en gematigde tijden (interglacialen) elkaar afwisselen. Sinds zo’n 12.000 jaar bevinden we ons in zo’n interglaciaal. Volgens Laurent Augustin zijn er in de afgelopen 740.000 jaar acht afwisselingen van ijskoude en minder koude periodes geweest. Een omvangrijk team van onderzoekers uit diverse landen waarschuwt in 2018 dat het door mensen veroorzaakte broeikaseffect deze cyclus zou kunnen verstoren, waardoor er via een ingrijpend kantelpunt een nieuwe cyclus ontstaat waarbij de huidige temperaturen niet de hoogste maar juist de laagste in de cyclus zouden zijn: zowel de oude cyclus als de nieuwe zijn ‘attractoren’ van het planetair systeem. Via een kantelpunt ‘flipt’ de Aarde als een lichtschakelaar van de ene naar de andere attractor. Als resultaat van deze ‘faseovergang’ zou de temperatuur op Aarde tienduizenden jaren lang extreem hoog kunnen blijven.

Stervend koraal

Een kwart van al het zeeleven is gehuisvest in koraal. Via voedselketens is het overige leven in zee grotendeels op dat koraal gebaseerd. Vervuiling, overbevissing, vissen met behulp van dynamiet, migratie van dier- en plantensoorten, koraaloogsten, kanalen graven naar koraaleilanden en baaien, temperatuurstijging en verzuring van oceaanwater veroorzaken ziekten en afsterving van koraal op grote schaal.

Een treffend voorbeeld van vervuiling in zee is het gebruik van tributyltin (TBT, (C4H9)3Sn), een biocide (levendodend middel) in aangroeiwerende scheepsverf. Het gif doodt niet alleen algen die op scheepsrompen groeien maar ook alle andere levende organismen. In de International Convention on the Control of Harmful Anti-fouling Systems on Ships is de stof verboden. Dit verdrag werd gesloten in 2001, van kracht sinds 2008, en is in 2016 geratificeerd door circa een derde van alle landen. Het middel wordt nog steeds gebruikt.

Als de bodem uit de voedselketen wegzakt, kunnen er plotselinge en hevige veranderingen optreden in al het zeeleven, gevolgd door het landleven dat daar weer van afhankelijk is.

Dode oceaanzones

Langs kusten en middenin de oceanen nemen hypoxische gebieden snel in omvang toe: gebieden waarin de zuurstofconcentratie daalt. Daar zijn verschillende oorzaken voor. Zo neemt het vermogen van water om zuurstof op te nemen af als de temperatuur stijgt. Doordat het oceaanwater vooral aan de oppervlakte warmer wordt, verminderen de verticale stromingen in de oceanen (want warm water is lichter), zodat zuurstof minder de diepte in wordt gevoerd. Nabij kusten, met name bij dichtbevolkte gebieden, neemt de concentratie van stikstof, fosfor en organisch materiaal via riviermondingen toe, uitgestoten door landbouw, riolen en de verbranding van fossiele brandstoffen; deze eutrophicatie (overvoeding) bevordert de groei van micro-organismen die zuurstof consumeren. En het uit sedimenten vrijkomende methaan draagt ook bij aan het proces van deoxygenatie.

De zuurstofconcentratie neemt overal in de oceanen af. Waar dat het snelste gebeurt, ontstaan ‘dode zones’, die weliswaar niet letterlijk dood zijn maar waarin vooral de grotere dieren, zoals vissen, het moeilijk hebben: ze dreigen lokaal uit te sterven. Ook dit proces kan, net als de stervende koraalriffen, plotseling omslaan in een lawine van verdwijnend leven.

Andere kantelpunten

Met uitzondering van de voetbalrampen hebben alle tot nu toe genoemde kantelpunten betrekking op ‘planet’, dus op natuur, milieu en klimaat. Vanzelfsprekend zijn er ook de nodige potentiële kantelpunten met betrekking tot ‘people’. Naast vluchtelingenstromen zijn in case 3.13 over dodelijke hittegolven indirect ook oorlogen en instortende staten al genoemd. En met betrekking tot ‘profit’ ligt het voor de hand om te denken aan crashende beurzen, economische crises en golven van bedrijfsfaillissementen en huisuitzettingen. Deze onderwerpen komen verderop in dit hoofdstuk uitgebreider ter sprake.

Combinaties

Tot nu toe zijn de diverse kantelpunten beschreven alsof ze niets met elkaar te maken hebben. Elk afzonderlijk zijn ze al ingewikkeld genoeg, met al hun positieve en negatieve terugkoppelingen en systeemtraagheden. Maar dat is nog niet het hele verhaal, aangezien ze vanzelfsprekend ook invloed op elkaar uitoefenen. Als het ene kantelpunt een ander oproept, kunnen de elkaar versterkende gevolgen van de combinatie aanzienlijk heviger zijn dan de gewone optelsom van elk apart, waardoor de gevolgen al helemaal niet te berekenen zijn.

Dit alles betekent dat het van enorm groot belang is om voorzichtigheid te betrachten. Het is verstandig om, bij zoveel onzekerheden en systeemtraagheden omtrent potentieel gigantische catastrofes, het voorzorgprincipe (precautionary principle) toe te passen: het is beter om nu maatregelen te nemen waarvan ernstig vermoed wordt dat ze later dringend noodzakelijk zullen blijken (maar misschien ook niet) dan passief afwachten en vervolgens in onafwendbare moeilijkheden te komen. Of zulke preventieve maatregelen dan op tijd zullen zijn, dat moet – gezien alle systeemtraagheden – nog maar blijken.

Tenslotte

Met deze beschouwing over kantelpunten maak ik een verhaal over een aantal theoretische achtergronden bij klimaatverandering en andere aantastingen van de natuur en het milieu compleet.

Ik heb niet geprobeerd om compleet te zijn. Dat kan natuurlijk helemaal niet, met ‘compleetheid’ zou een bibliotheek gevuld kunnen worden. Zo was er een anonieme (wat jammer toch…) lezer die me per email verzocht om ook het woord ‘hysterese’ in mijn beschouwingen te betrekken. Op zichzelf een terechte suggestie, maar ik heb ervoor gekozen om dat niet te doen, om zowel de complexiteit als de lengte van de tekst enigszins te beperken.

Het is nu even tijd voor vakantie. Ik sla twee weken over; niet alleen heb ik daarmee zelf even pauze, ook veel van de lezers zullen er in de Kerst- en Nieuwjaarsperiode misschien niet zo aan toe komen om FtM te bezoeken.

De eerstvolgende aflevering mag je verwachten op zondag 13 januari. Daarin ga ik in enkele afleveringen het gedeelte over ‘planet’ afsluiten. Ik ga daarin de rol van het internationale bedrijfsleven belichten, waarna ik op een wat meer beschouwelijke manier ga kijken wat nu precies de consequenties van di alles zijn.

In de tussentijd wens ik je, ondanks de sombere berichten die ik over je uitstort, een prettig paar weken toe en een goed begin van het nieuwe jaar. Het duurt niet heel lang voordat ik toekom aan het beschrijven van de oplossingen die ik voorstel; dat gaat je hopelijk opbeuren, als dat nodig mocht zijn. Tot ziens in het nieuwe jaar!

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Niko Roorda

Gevolgd door 761 leden

Niko Roorda is spreker, schrijver en consultant. Hij promoveerde in sociale wetenschappen en is specialist in duurzaamheid.

Volg Niko Roorda
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren
Dit artikel zit in het dossier

Een duurzame economie

Gevolgd door 1447 leden

Onze economie is in zijn wezen niet duurzaam. Was ze dat wel, dan zou de wereld er een stuk beter uitzien. Het goede nieuws i...

Volg dossier