QE helpt MKB niet aan meer krediet

    De aangekondigde geldverruimingsplannen van de ECB zijn bedoeld om de economie aan te jagen. Veel economen vrezen dat het geld niet in de reële economie terecht komt, maar blijft hangen in de financiële sector. FTM legt uit hoe dat kan.

    Gisteren was de president van DNB, Klaas Knot, te gast bij Buitenhof. In heldere bewoordingen legde hij uit wat het standpunt van onze centrale bank was over de aangekondigde QE (Quantitative Easing) plannen van de ECB. Knot had tegen gestemd, samen met zijn Duitse buurman Weidmann en de Oostenrijkers. Een 'monetair paardenmiddel' noemde Knot de geldverruimingsplannen van de ECB. Ter herinnering: de ECB is voornemens om tussen 1 maart aanstaande en 30 september volgend jaar 1.140 miljard euro in het eurosysteem te pompen. Dat doet zij om voor hetzelfde bedrag staatsobligaties en bedrijfsobligaties op te kopen van banken en beleggers. De ECB hoopt dat daarmee de inflatie zal toenemen en ze hoopt vooral dat de banken en beleggers daardoor meer kredieten gaan uitzetten in de reële economie. Hoe waarschijnlijk is dat?

    QE heeft in de VS en VK nauwelijks tot inflatie geleid

    In de VS hebben de diverse geldverruimingsprogramma's van de afgelopen jaren niet tot een noemenswaardige inflatiestijging geleid. Wel is vorig jaar de Amerikaanse economie met drie procent gegroeid. Maar de Eurozone is met haar 19 onderling zéér verschillende landen de VS niet. Een vergelijking tussen de EU en de VS komt neer op de spreekwoordelijke appel en de peer. Ook in het Verenigd Koninkrijk heeft QE nauwelijks geleid tot een stijging van de inflatie. Al is ook daar de economische groei hoger dan in de eurozone, waar de groei volledig tot stilstand is gekomen. Het is volgens veel economen uiterst onzeker of de ECB met haar plannen de inflatie zal aanjagen. Marktanalyse op basis van een vergelijking tussen de tienjaarsrente in de VS en in Duitsland geeft aan dat de omvangrijke geldinjectie de inflatie waarschijnlijk met 0,2 procent zal doen toenemen. Dat kan men moeilijk spectaculair noemen. Niet voor niets noemde Knot gisteren de plannen 'niet noodzakelijk' en vroeg hij zich hardop af of ze wel effectief zouden zijn. Ongekend openhartige uitspraken van een centrale bankier over een zo heikele kwestie. Bovendien, zo doceerde Knot verder, is de kerninflatie in de eurozone al een jaar betrekkelijk stabiel.
    knot: 'er is niks mis met een sterke munt'
    De lage olieprijzen liet hij buiten beschouwing, die vormen 'een cadeautje' voor de burger, aldus Knot. Impliciet gaf Knot daarmee aan, dat hij zich eerder zorgen maakte over de koopkracht van de burger. Niet voor niets begon hij zijn 'college' met de uitspraak dat er niks mis is met een sterke munt. Op de vraag of de ECB een historische vergissing begaat om voor 1140 miljard euro aan obligaties op te kopen, antwoordde Knot: ‘Ik hoop het niet’. Dat klinkt niet erg overtuigend. Veel economen en financieel analisten noemen het buitengewoon twijfelachtig of al dat geld wel in de reële economie terecht komt via kredietverlening door banken aan het middelgrote bedrijfsleven. De vrees bestaat, dat QE vooral een boost zal geven aan de financiële economie. Dat wil zeggen aan de aandelen en obligatie markten, aan vastgoedfondsen, et cetera. Daar komt bij dat de reële rente, dat is de nominale rente gecorrigeerd voor inflatie, in de eurozone slecht staat. Deze rente staat veel te laag voor landen als Duitsland en Nederland. Het door de ECB gevoerde rentebeleid verstoort de eurozone-economie op een geweldige manier volgens de Duitse econoom Hans-Werner Sinn.

    Monetaire flexibiliteit is broodnodig

    Wat volgens economen als Sinn nodig is, is herstel van monetaire flexibiliteit waardoor m.n. de zwakke eurolanden zich kunnen herstellen. Dat kan via een 'euro-vakantie' á la Sinn [een tijdelijk vertrek van een land uit de eurozone, red.] of -binnen het Europact- via The Matheo Solution (TMS). Zolang de landen, zoals nu het geval is, op één monetaire hoop worden gegooid zal er weinig verbeteren. De crisis duurt nu ruim vijf jaar, de hervormingen in Italië en Frankrijk moeten nog beginnen. Daarbij is de methode van interne devaluatie (drastische loondalingen om weer concurrerender te worden) een langdurig en inhumaan traject, dat bovendien de onderliggende oorzaken niet wegneemt:
    het voornaamste doel van de ECB lijkt de balansen van de zwakke Zuid-Europese banken op te poetsen
    een slecht concurrerende economie. Ook een QE zal dat probleem niet kunnen oplossen, denkt men, het voornaamste doel van de ECB lijkt de balansen van de zwakke Zuid-Europese banken op te poetsen. Dat daardoor allerlei 'toxic' leningen op de balans van de ECB terechtkomen neemt men in Frankfurt voor lief. De verwachting van economen en financieel analisten, dat het geld niet in de reële economie terecht komt, maar in de financiële economie zal blijven hangen komt niet uit de lucht vallen. De Europese bankensector staat er nog steeds tamelijk beroerd voor. Haar toch al zwakke kapitalisatie is door vijf lange crisisjaren er niet bepaald sterker op geworden. Volgens de nieuwe eisen van Basel III is vermogensversterking een must. Dat kan door nieuwe aandelen uit te geven, maar daar zitten aandeelhouders doorgaans niet op te wachten, aangezien hun belang dan verwatert, dan wel dat hun rendement onder druk komt te staan. Een andere methode is de klassieke winstinhouding. Daarvoor dient er rendement gemaakt te worden. En waarom zou je dan risicovolle avonturen in de 'echte' economie aangaan als je met minder risico hogere rendementen kunt maken op de beurs? Bovendien speelt een rol, dat zowel de Europese Commissie als het IMF de groeiverwachtingen telkens naar beneden heeft moeten bijstellen. De centrale bankiers hebben daar geen antwoord op kunnen geven. Het hele instrumentarium van hun monetaire gereedschapskist hebben ze aangewend, maar de groei wil maar niet komen en de werkloosheid in de eurozone blijft onverminderd hoog.

    Maatregelen sorteren een averechts effect

    Daarbij, een lage rente en zwakke munt zijn weliswaar goed voor de export buiten de eurozone, maar alleen voor landen die meer exporteren dan importeren zoals Nederland en Duitsland. Voor landen zoals Griekenland, Italië, Portugal, Spanje en Frankrijk geldt het omgekeerde. Hierdoor worden de krachtsverschillen tussen Noord- en Zuid-Europa alleen maar groter, terwijl het omgekeerde beoogd wordt. Ook tast een zwakke munt de binnenlandse koopkracht aan, terwijl het juist de bedoeling is dat consumenten en bedrijven meer geld gaan uitgeven en gaan investeren. De logica van het gevoerde beleid is derhalve ver te zoeken.
    Eerdere geldverruiming heeft ook niet gewerkt
    Deze factoren dragen er toe bij dat het doel van de ECB om de reële economie aan te jagen ernstig betwijfeld wordt. Dat aanjagen is ook niet gebeurd bij eerdere geldverruimingsprogramma's, de LTRO (Long Term Refinancing Operation); en het is niet gebeurd met de diverse Europese noodfondsen. In het eerste geval werd het geld door de banken vooral belegd in opkomende markten buiten de eurozone en in het andere geval werden de banken en beleggers vooral schadeloos gesteld. Een land als Griekenland, waar meer dan tweehonderd miljard euro Europees belastinggeld naartoe is gegaan, heeft maar voor tien procent geprofiteerd. De rest ging op aan aflossing en rentebetaling aan banken, beleggers en het IMF. Gelet op het verleden vreest men nu dat ook dit plan van Draghi niet het gewenste resultaat zal opleveren en slechts zal leiden tot nieuwe zeepbellen op de beurs. Daar zal zeker inflatie optreden. Heeft Draghi in elk geval dát bereikt.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Jean Wanningen

    Gevolgd door 230 leden

    Jean Wanningen (Weert, 1957) is een veelkleurige persoonlijkheid. Ging na ‘verkeerde’ studies bij een gerenommeerde investmen...

    Volg Jean Wanningen
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren