Rabo: een bank zonder kroonprinsen

Bij het onthoofde Rabobank staan geen talentvolle kroonprinsen klaar om het stokje van gevallen bestuurders over te nemen. Voormalig headhunter Rochus van der Weg wijdt dit aan het zwakke imago van de bank dat onvoldoende aantrekkingskracht uitoefent op 'topperformers'.

‘Commissaris duikt op in bestuurskamer en neemt roer over’, kopte Het Financieele Dagblad afgelopen donderdag. Coryfeeën uit het headhuntersland tonen begrip voor deze ‘duik’ in een crisissituatie zoals bij Rabobank. Zij gaan bij hun begrip voorbij aan de oorzaak van deze crisis. ‘Bedrijven willen in tijd van crisis geen tijd verliezen met werven en inwerken van buitenstaander als CEO’ is de consensus van deze coryfeeën bij het rechtvaardigen van de benoeming van Marinus Minderhoud als tijdelijk bestuursvoorzitter van Rabobank. Natuurlijk kent hij Rabobank goed na de afgelopen tien jaar voorzitter te zijn geweest van het auditcommittee, dat toezicht houd op de risico - en compliance- afdelingen. Nu ontstaat de paradoxale situatie dat deze toezichthoudende commissaris als bestuurder iets moet realiseren, waarin hij als toezichthouder niet in is geslaagd; het verzekeren van ‘checks and balances’, die de libor-affaire had kunnen en moeten voorkomen.
'MISSCHIEN DAT MINDERHOUD GAAT SLAGEN IN IETS WAARIN HIJ DE AFGELOPEN TIEN JAAR HEEFT GEFAALD, MAAR GELOOFWAARDIG IS HET NAUWELIJKS'
Misschien dat hij, door de recente ervaring wijzer geworden, gaat slagen in iets waarin hij de afgelopen tien jaar heeft gefaald, maar geloofwaardig is het nauwelijks. Maar waarom de 67-jarige Minderhoud in deze positie? Eenvoudigweg omdat er binnen de Rabobank organisatie geen ‘kroonprinsen’ zijn opgeleid om de CEO functie te vervullen.

En Sipko dan?

Op 29 oktober kondigt Rabobank CEO Piet Moerland als zoenoffer zijn vertrek aan om een ‘kristalhelder signaal’ van oprechte spijt af te geven over de ‘ongepaste gedragingen’. Deze mini VUT van de 64-jarige Moerland, zonder aanspraak te maken op een vertrekregeling, riep alom zuinige waardering op. De vraag, die direct aan de orde kwam, was: en bestuurder Sipko Schat dan? Die was immers als bestuurder uiteindelijk verantwoordelijk voor de 30 medewerkers, die op enigerlei manier betrokken waren bij de libor-affaire. De analyse van een Rabo-ingewijde was kort en duidelijk: Schat moest aanblijven, omdat er ook hier geen ‘kroonprins’ binnen de Rabobank-organisatie was om hem op te volgen. Ook is er alle reden tot twijfel of ‘technisch begaafde, maar sociaal zwakke’ (FD 19 november) Schat de aangewezen man was om op Raad van Bestuur niveau te schitteren. Het uiteindelijke aftreden van Schat, op sterk aandringen van de lokale filialen, heeft de Rabo bank geen goed gedaan. Gezien de dadelijk al onhoudbare positie van Schat, had de Raad van Commissarissen er beter aan gedaan om het ‘kristalheldere signaal’ te versterken door Schat uit eigener beweging te ontslaan. Zo had onnodige verdere het imagoschade voorkomen kunnen worden. Het resterende imago - dat altijd al was omgeven door de geur van de provincie - is hierdoor onnodig verder geschaad. Zowel de libor-affaire als ook het ontbreken van waardige opvolgers voor de vertrekkende bestuursleden roepen een beeld op van een onderneming met een onvoldoende sterk management. De oorzaken hiervoor zijn altijd een onvoldoende aantrekkingskracht voor bestuurlijke ‘topperformers’’ en een slecht functionerend ‘management development’ systeem. Een vergelijking met ander grote Nederlandse ondernemingen laat zien hoe het wel zou moeten en kunnen. Als Peter Voser relatief onverwachts vertrekt als topman van Shell duikt Hans Wijers als ‘deputy chairman’ van de Raad van Commissarissen niet op in de bestuurskamer. Nee, Ben van Beurden staat klaar om Voser op te volgen. Na het overlijden van John Paul Broeders als CEO van het Rotterdamse opslagbedrijf VOPAK staat Eelco Hoekstra klaar om de CEO functie te aanvaarden. Beide bedrijven hebben een goed functionerend ‘management development’ systeem en zijn daarnaast aantrekkelijk voor ‘topperformers’ in hun sector.

Naar Amsterdam

Bij Nederlandse ondernemingen van vergelijkbare omvang als Rabobank, zoals AkzoNobel, DSM, Philips en Heineken duiken geen commissarissen op in de bestuurskamer bij vertrekkende bestuurders. Deze ondernemingen kunnen zelf voorzien in hun behoefte aan goede opvolgers. Ook is Rabo in vergelijking met de twee andere grote Nederlandse banken - ING en ABN Amro - defensief in de aantrekkingskracht op de arbeidsmarkt. Dat is al decennia lang het geval. Dat vijf van de net genoemde ondernemingen hun hoofdkantoor in Amsterdam hebben kan geen toeval zijn. Natuurlijk moet de Raad van Bestuur van Rabobank de onderneming zo snel mogelijk weer op orde krijgen, de ‘checks and balances’ herstellen om toekomstige ‘libor - affaires’ te voorkomen en het vertrouwen en gezag in de bancaire en financiele wereld te herstellen. Daarnaast zou het verstandig zijn structureel aandacht te besteden aan het aantrekken ‘high potential’ medewerkers en deze op te leiden tot ‘kroonprinsen’, zodat de commissarissen een ‘duik’ in de bestuurskamer bespaard kan blijven. Een eerste belangrijke actie is het aantrekken van een aansprekende en liefst charismatische CEO. Tevens zou het overweging verdienen om, evenals Philips en AkzoNobel, het hoofdkantoor op termijn te verplaatsen naar Amsterdam, deze stad is nu eenmaal aantrekkelijker voor talent dan Utrecht.   Rochus van der Weg is voormalig headhunter

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Rochus van der Weg

Rochus van der Weg heeft systeemtheorie gestudeerd in Groningen en in Toulouse en is vervolgens 20 jaar werkzaam geweest bij...