De Rabobank was als coöperatie tegen de zwaarste crisis in tachtig jaar bestand, maar de coöperatieve ondernemingsvorm wordt onder druk van toezichthouders in hoog tempo onttakeld. 'Rabo wordt een franchise, net als McDonalds'.

    De genadeklap kwam van de Rabobank. Het bouwbedrijf Van der Werf uit het Friese Sint Nicolaasga ging in maart van dit jaar failliet toen de bank er geen gat meer in zag en daarmee het vonnis over het honderd jaar oude familiebedrijf velde. 85 Medewerkers – waaronder vier broers – belandden op straat. De Leeuwarder Courant deed uitgebreid verslag van het faillissement, waarbij de Rabobank het flink voor zijn kiezen kreeg. In augustus deed televisieprogramma EenVandaag in samenwerking met Follow the Money verslag van hovenier Gerwald van Noordenburg uit het Gelderse Andelst die bijna 'kapot' werd gemaakt door zijn lokale Rabobank. Het zijn geen incidenten die toevallig de media haalden. De Rabo boet de laatste tijd ernstig aan populariteit in bij zijn traditionele klantenkring: het midden- en kleinbedrijf. Nieuwswebsite Z24 deed in juli in samenwerking met marktonderzoeksbureau DVJ Insights een onderzoek naar ervaringen van ondernemers met de huisbankier. Van alle banken scoorde de Rabobank het slechtst.
    'De Rabobank is eigenlijk alleen nog in naam een coöperatie.'
    'De Rabobank stond vele decennia bekend om de kracht op lokaal niveau', zegt een oud bankier. 'De typische sterkte van een coöperatieve banken. Maar het persoonlijke contact van de plaatselijke bankier met zijn klant is heel snel aan het verdwijnen. Tegenwoordig decreteert het hoofdkantoor in Utrecht. De Rabobank is eigenlijk alleen nog in naam een coöperatie.'

    Onder druk

    De naar omzet en aantallen medewerkers gemeten grootste coöperatie van Nederland staat onder druk. De economie draait slecht en daar heeft de Rabobank als belangrijke financier van het midden- en kleinbedrijf onder te lijden. In 2012 schreef de bank 2,35 miljard euro af op uitstaande kredieten. Nog zorgelijker zijn de enorme belangen van de bank in het commerciële vastgoed. De Utrechtse overbuurman SNS werd op 1 februari genationaliseerd vanwege de miljardenverliezen op de vastgoedportefeuille. De portefeuille van Rabo's FGH Bank is ruim twee keer zo groot en uitzicht op een spoedig herstel van de commerciële vastgoedmarkt is er niet. De bank is daarnaast de grootste hypotheekverschaffer van het land, maar ook de woningmarkt zit volledig op slot. Het eerste half jaar van 2013 werd gekenmerkt door een laagterecord in het aantal afgesloten hypotheken. De lang onkwetsbaar geachte Rabobank kreeg ook met een nieuw fenomeen te maken: twijfel over de lange termijn vooruitzichten van de bank. Sinds het einde van de jaren negentig van de vorige eeuw geeft de bank certificaten uit aan zijn leden (Rabobank heeft geen aandeelhouders) waarop een vast rendement wordt uitgekeerd. De certificaten – feitelijk achtergestelde obligaties – waren zeer populair en zorgden voor een belangrijk deel van het eigen vermogen van de bank. De certificaathouders worden uit de winst betaald en zolang die goed is, hoeven certificaathouders niets te vrezen. Maar de winst daalt en de bank moet in verband met de hogere kapitaaleisen door de Basel-akkoorden worden gesteld ook winst reserveren. De ommekeer in het sentiment kwam echter toen SNS Reaal ten onder ging en de de Cypriotische banken werden gered. Daarbij werden obligatiehouders voor het eerst ook van hun rechten gestript. Het gevolg was dat ook vele Rabobankleden de ingeving kregen de certificaten van de hand te doen. Bij de presentatie van de halfjaarcijfers in augustus maakte Bruggink bekend dat de bank inmiddels voor 400 miljoen aan certificaten had teruggekocht.

    Piet Moerland Piet Moerland

    En dan is er nog de affaire rond de Libor-fraude die zich in de zomer van 2012 openbaarde. Als lid van het internationale bankenpanel had Rabobank geparticipeerd in het manipuleren van de Libor-rente waardoor handelaren grotere winsten konden boeken of verliezen konden verdoezelen. De keurige coöperatieve Rabobank bleek opeens een speler in een zeer omvangrijk internationaal schandaal. De integriteit is geschaad. Behalve dat dit de bank naar alle waarschijnlijkheid een boete van honderden miljoenen gaat kosten, is de betrokkenheid in de Libor-affaire ook een enorme deuk in het imago van de bank die zelfs door het PR-debacle van een systematisch gedrogeerde wielerploeg niet kan worden overtroffen.

    'Hel en verdoemenis'

    Met de Libor-affaire was het nog leed nog niet geschied. Er kwam nog een schep overheen toen april de Nederlandse financiële wereld werd opgeschud door het nieuws over een hooglopende ruzie in de top van de ooit zo keurige Rabobank. Het Financieele Dagblad onthulde dat Rabo-topman Piet Moerland maandenlang op voet van oorlog had geleefd met zijn cfo Bert Bruggink. Volgens bronnen van de krant had Bruggink zelfs een periode de vergaderingen van de Raad van Bestuur geboycot en moest de Raad van Commissarissen met 'hel en verdoemenis' dreigen om hem weer aan bestuurstafel te krijgen. De ruzie tussen Moerland en Bruggink ontspon zich rond de jaarwisseling en behelsde de plotselinge demotie van het bestuurslid Gerlinde Silvis. Zij was door Moerland uit de Raad van Bestuur gezet zonder dat de Rabo-ceo dat besluit met zijn collega's in de Raad van Bestuur had besproken. Bruggink was daar ziedend over. In het persbericht dat Rabobank eind januari over haar volledig onverwachte vertrek naar buiten bracht, stond geen woord over de toedracht geschreven. Anders dan de opgewekte toon van het bericht deed vermoeden - er liggen bij de afdeling HR 'grote uitdagingen' op Silvis te wachten - raakt haar ontslag uit de Raad van Bestuur de coöperatieve ziel van Rabobank: de autonomie van de lokale banken. 'Silvis was het logische slachtoffer in de machtsstrijd tussen de centrale bank in Utrecht en de lokale banken', zegt een voormalig Rabobankier die zelf jarenlang op lokaal niveau actief was. 'De Rabobank was bij de toezichthouders zwaar door het ijs gezakt. Moerland kon niet anders dan Silvis offeren'.
    'Den woeker te weren, den landman in zijn nood bij te staan, maar ook spaarzaamheid, naastenliefde, arbeidzaamheid en matigheid bevorderen'
    Hoe anders was het toen de kredietcrisis in 2008 tot uitbarsting kwam. De Rabobank met zijn AAA-creditrating wist zich fier staande te houden te midden van talrijke beursgenoteerde grootbanken die in het decennium ervoor steeds meer risico's waren gaan nemen en op het punt stonden failliet te gaan. De banken met problemen hadden zich gek laten maken door hoge salarissen, bonussen en naar rendementen hongerende aandeelhouders. Ze hadden zich - veel meer dan Rabo - tegoed gedaan aan de handel in complexe derivaten die de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers uiteindelijk de kop had gekost. En in tegenstelling tot het merendeel van de Nederlandse financiële instellingen hoefde de Rabobank niet bij de staat aan te kloppen om een gruwelijk ongeluk te voorkomen. De Rabobank was (en is) de best gekapitaliseerde private bank ter wereld en kon zelfstandig overeind blijven staan.

    Traag en achterlijk

    Het coöperatieve model van de Rabo was jarenlang weggezet als traag en achterlijk, maar had nu zijn waarde bewezen. De samenhang van een groot net van onafhankelijke banken met kritische leden had de bank buitengewoon crisisbestendig gemaakt. Winsten werden niet uitgekeerd – zoals bij gewone banken met hongerige aandeelhouders het geval is – maar steeds weer aan het eigen vermogen van de bank toegevoegd. En was de Rabobank ook niet in essentie een ethische bank? 'Den woeker te weren, den landman in zijn nood bij te staan, maar ook spaarzaamheid, naastenliefde, arbeidzaamheid en matigheid bevorderen', zo vatte de Brabantse Rabo-oervader pater Gerlacus van den Elsen het doel van de bank eind negentiende eeuw samen. Overal begonnen mensen te beseffen wat de bijzondere kracht van de coöperatie inhield en de waardering voor de oranje-blauwe bank steeg tot ovationele proporties. Op de jaarlijkse vergadering werden in 2009 de 'andere' bankiers – de speculatieven – door de coöperatieven weggehoond. De Rabobank was de absolute winnaar van de kredietcrisis en de bestuurders van de Rabo lieten zich niet onbetuigd om hun succes breed in de media uit te venten. Topman Bert Heemskerk deed dat in eerste instantie net als cfo Bruggink die het geld van nieuwe klanten van alle kanten zag toestromen. Ook Moerland bezong vanaf zijn benoeming in 2009 herhaaldelijk de deugden van de coöperatie en dat was zelfs 'door de autoriteiten in Brussel en Frankfurt (vestigingsplaats van de ECB, ES.) niet onopgemerkt gebleven', zo zei hij in 2010.

    'De kerktoren van het dorp'

    Het was de toenmalige president-commissaris Lense Koopmans die eind 2011 - kort nadat Rabobank zijn AAA-status verloor - in een interview in Het Financieele Dagblad de coöperatie zelfs een 'superieure ondernemingsvorm' noemde. Met name voor financiële concerns die anders alleen maar door de korte termijn belangen van anonieme aandeelhouders worden opgejaagd, zo legde hij uit. Koopmans sprak in datzelfde interview ook over de 'kerktoren van het dorp' die hij altijd wilde kunnen blijven zien. De president-commissaris doelde op zijn begeestering voor eenvoud, overzichtelijkheid en de lokaliteit die de coöperatie in zijn genen heeft zitten. In werkelijkheid raakt op dat moment de kerktoren steeds verder uit zicht en kraakt de coöperatieve ondernemingsvorm in al zijn voegen.

    Lense Koopmans Lense Koopmans

    Gerlinde Silvis is de persoon die zeer goed van die problemen op de hoogte is. Zij is als enige vrouwelijke bestuurslid verantwoordelijk voor dat wezenlijke deel van de Rabobank: coöperatie - en bestuurszaken. Zij onderhoudt als directielid contact met de aloude basis van de Rabobank: de lokale kantoren. De zelfstandigheid van de plaatselijke banken is één van de grondbeginselen van de in 1898 opgerichte Coöperatieve Centrale Raiffeisen-Bank te Utrecht. De lokale Rabobanken zijn tot op de dag van vandaag autonome coöperaties met een eigen bestuur, een eigen balansverantwoordelijkheid en een eigen administratie. Het bijzondere van de coöperatie Rabobank is dat niet DNB direct toezicht uitoefent op deze zelfstandige banken, maar dat dit toezicht door het hoofdkantoor in Utrecht wordt geleverd. En juist in de portefeuille van Silvis doen zich al jaren de nodige problemen voor. Althans, dat is de opvatting van zowel de Autoriteit Financiële Markten (AFM) als De Nederlandsche Bank (DNB). Beide toezichthouders werken sinds het uitbreken van de kredietcrisis met verscherpte regels en beide toezichthouders hameren bij de Rabobank-top in Utrecht al jaren op verbeteringen.

    Pijnpunten

    De pijnpunten worden eind 2010 ruw beroerd wanneer de Rabobank enkele boetes van de AFM krijgt opgelegd wegens het overtreden van de regels voor hypotheekadvies. Vijf lokale Rabobanken hebben volgens de toezichthouder onvoldoende gelet op de specifieke situaties van de klant. Deze banken weten vaak niet of de mensen de maandlasten van hun hypotheek wel kunnen betalen. Daarmee hebben ze volgens de Wet op het financieel toezicht (Wft) hun zorgplicht geschonden. Het is een vaker voorkomend euvel. Een navrant geval van overcreditering is de totale hypotheekschuld die de Leidse uitkeringstrekker Nick van Leeuwen met een jaarinkomen van ongeveer 10 duizend euro bij zijn Rabobank kon aangaan: 600 duizend euro. Wanneer blijkt dat hij de maandelijkse lasten niet kan betalen, gaat de bank over tot de veiling van het huis waarna een zwaar gedeprimeerde Van Leeuwen voor het Rabo-kantoor in Leiden een einde aan zijn leven maakt. De kwestie krijgt in de zomer van 2012 en in augustus 2013 tot twee maal toe aandacht in het televisieprogramma Hollandse Zaken. Hoewel critici er op wijzen dat mensen hun eigen verantwoording moeten nemen wanneer ze geld lenen, is de teneur dat de bank zijn zorgplicht heeft verzaakt. Op dezelfde golflengte zit de AFM.
    'De consument wordt in de watten gelegd en hoeft geen enkele verantwoordelijkheid meer te dragen'
    Bij de Rabo wordt heel anders gedacht. President-commissaris Lense Koopmans heeft eind 2011 juist grote bedenkingen bij het beleid van de toezichthouder: 'De consument wordt in de watten gelegd en hoeft geen enkele verantwoordelijkheid meer te dragen'. Na de boetes van de toezichthouder ontstaat binnen de bank de nodige opwinding. De Raad van Bestuur wil dat de lokale banken hun zaken op orde krijgen, maar de lokalen daartoe aanzetten is een tweede. Er volgt een intern onderzoek dat aan het licht brengt dat veel van de klantdossiers inderdaad niet deugen. Een teergevoelig punt voor iedere plaatselijke Rabobankier, want het is juist dat persoonlijke contact met die klant en de kennis over zijn of haar situatie die de Rabobank als sinds haar oprichting in hoge mate koestert. Die persoonlijke contacten bestaan vaak al tientallen jaren en zijn gebaseerd op wederzijds vertrouwen. En er is niemand die een betere inschatting van de kredietwaardigheid van een ondernemer of een particulier kan maken, dan de plaatselijke Rabo-bankier, zo is de overtuiging van velen binnen de bank. Daar is het grote succes van de Rabobank ook op gestoeld! Het probleem is alleen dat de feitelijke kennis over de klant vaker in de hoofden van de medewerkers zit dan in gestructureerde digitale bestanden en dat is volgens toezichthouder AFM niet meer van deze tijd. En dat is niet het enige. 'Er is op lokaal niveau ook simpelweg een tekort aan bancaire kennis', voegt de oud-Rabo-bankier daar aan toe.

    Bolknak

    Het interne onderzoek geeft de doorslag; de boel moet op de schop. Lokale bankdirecteuren werden begin 2012 bijeen geroepen en kregen het voor hun kiezen. Elk dossier zal voortaan centraal worden gecontroleerd en offertes zullen ook centraal worden beoordeeld. Met een bolknak tussen duim en wijsvinger in het plaatselijke café een hypotheek fiatteren, is er niet meer bij. Zo liep het ook bij het bouwbedrijf Van der Werf uit Sint Nicolaasga. De lokale bankiers stemden in met het krediet, maar het rode potlood uit Utrecht zette er een streep door waarna het bedrijf failliet ging. De weerstand bij lokale Rabobanken tegen deze veranderingen is groot. Het bankiersvak wordt door de marginalisering van het contact met de klant uitgehold. Welke wezenlijke bijdrage kan de bankier zo nog leveren? De veranderingen druisen ook in tegen de grondbeginselen van de bank. Ook de klanten zijn ontevreden. Relaties van tientallen jaren blijken opeens weinig meer waard te zijn.
    Het voelt niet goed om de clientèle opeens naar legitimatie, de oorsprong van een legaat of de achtergronden van grote transacties te vragen
    De aantasting van de lokale zelfstandigheid van Rabobanken krijgt nog een extra impuls want ook toezichthouder DNB stelt steeds strengere eisen. Vanaf het moment dat in augustus 2008 de nieuwe anti-witwas - en antiterrorismewet (WWFT) van kracht is, worden banken verplicht om iedere klant te kennen. Dat wil zeggen: ook de herkomst van het vermogen van de klant moet bekend zijn. Die strikte voorwaarde levert bij de nodige autonoom denkende Rabo-bankiers problemen op. Het voelt niet goed om de clientèle – die ze niet zelden al decennia bij de voornaam noemen – opeens naar legitimatie, de oorsprong van een legaat of de achtergronden van grote transacties te vragen. Het hoofd pijnigen over ingewikkelde integriteitsvraagstukken is niet iets dat lokale bankiers graag doen. 'Want dat kan onder andere betekenen dat een lokale bankier moet onderzoeken hoe een loodgieter met een inkomen van 50 duizend euro 50 duizend euro op zijn hypotheek kan aflossen', zegt een oud-Rabobankier die de problematiek van nabij leerde kennen. 'Dat betekent dat er vervelende vragen moeten worden gesteld, want er is zo'n geval overduidelijk een vermoeden van een zwarte geldstroom en dat soort transacties behoort een bank niet te faciliteren.'

    Pompen of verzuipen

    AFM en DNB waarschuwen dan ook herhaaldelijk voor het ontbreken van goed toezicht op lokaal niveau. De klantendossiers moeten daar beslist op orde worden gebracht. Op het hoofdkantoor in Utrecht heeft men een luisterend oor, maar in de provincie ligt dat anders. In 2012 escaleert de boel. De toezichthouders hebben hun geduld verloren en DNB dreigt met een aanwijzing. Een dramatische ingreep. In de wereld van het financiële toezicht is het geven van een aanwijzing het voorland van de onder curatelestelling. Dan kan de bankvergunning worden ingetrokken, of in het geval van Rabobank; het toezicht op de onafhankelijke banken kan naar DNB worden overgezet. 'Dat had het onmiddellijke einde voor de coöperatie betekend', zegt een directe bron. 'En DNB bovendien met een ingewikkeld toezichtvraagstuk opgezadeld'. Het is pompen of verzuipen. De lokale bankiers moeten hoe dan ook een groot deel van hun zelfstandigheid verliezen, het kan niet anders. En Moerland moet ook laten zien dat hij het serieus met de toezichthouders meent. In samenspraak met president-commissaris Koopmans ontheft hij Silvis van haar taken. Rik op den Brouw, directeur Particulieren en mede-verantwoordelijk voor het niet naleven van de toezichtregels van lokale banken, ziet zijn toetreding tot de Raad van Bestuur in rook opgaan.

    Bert Bruggink Bert Bruggink

    Niet veel later weet Moerland in de Centrale Kringvergadering (CKV) – het zogenoemde 'Rabo-parlement' waarin de vertegenwoordigende leden van de banken zitting hebben – de nieuwe koers van de bank door te drukken. Die nieuwe koers staat in het beleidsplan Visie 2016 en houdt verdere inperking van de zelfstandigheid van de lokale banken in. 'Consensus heeft ons ver gebracht, maar de huidige tijd vraagt slagvaardigheid', zegt Moerland daarover op 20 juni in Het Financieele Dagblad. 'We hadden altijd een cultuur van tolerantie naar elkaar en van differentiatie. In Amsterdam was het anders dan in Assen. We gaan nu stappen zetten in uniformering en standaardisering. Dezelfde systemen. Dezelfde processen, bijvoorbeeld in de hypotheekverwerking.' Diezelfde dag vindt in Utrecht de jaarlijkse algemene vergadering plaats waarop Moerland onverwacht zijn vertrek aankondigt.
    'De Rabobank wordt nu een bank als alle andere'
    Hoe zeer het hoofdkantoor de macht naar zich toetrekt, blijkt medio augustus wanneer de NOS onthult dat maar liefst 13 van de 136 lokale banken door het hoofdkantoor in Utrecht onder curatele zijn gezet. 'Een teken dat er bij sommige lokale banken totaal incompetent management zit', zegt een bron. Later die maand maken Moerland en Bruggink bij de presentatie van de halfjaarcijfers bekend dat ook met mes in het kantorennetwerk wordt gezet. Van het aantal vestigingen (nu 826) moeten er eind 2016 minder dan 500 over zijn. Ook het aantal lokale banken zal sterk verminderen (van 136 naar 100). 'De machtstrijd die al vele jaren gaande is, is nu definitief door Utrecht gewonnen', zegt een kenner van de situatie. 'De strijd is gestreden'. 'Het einde van de aloude coöperatie komt daarmee in zicht', zegt een oud-Rabo-bankier. Een reclamecampagne met Humberto Tan die de kracht van het coöperatieve bankieren bezingt, zal geen zoden meer aan de dijk zetten. 'Het is eigenlijk intriest dat de bank die dankzij dat bijzondere eigendomsmodel de crisis glansrijk doorstond, uiteindelijk door de gevolgen van diezelfde crisis langzaam dat model eraan moet geven. De Rabobank wordt nu een bank als alle andere, een soort franchise-organisatie net als McDonalds. Dat is doodzonde'.
    Over de auteur

    Eric Smit

    Gevolgd door 507 leden

    Mede-oprichter van FTM. Als voormalig professioneel squasher gewend om klappen te incasseren en uit te delen.

    Lees meer

    Volg deze auteur
    Dit artikel zit in het dossier

    Coöperatie Rabobank

    Rabobank gaat het coöperatieve roer radicaal omgooien. Lokale banken verliezen hun bankvergunning en twee van de vier belangr...

    Lees meer

    Volg dossier

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid