© Creative Commons

    Follow the Money berichtte eerder over de schimmige handel en wandel van Nederlandse puppy-importeurs. We stuitten op vervalste dierenarts stempels, foute vaccinatieboekjes en constateerden dat handelaren financieel gewin systematisch verkiezen boven dierenwelzijn. Deze praktijken beperken zich echter niet tot Brabantse schuren. Zo stuitten wij in onze speurtocht naar malafide praktijken ook op een erkende Nederlandse rasfokker.

    In voorgaande artikelen hamerden diverse instanties (zoals de NVWA), dierenartsen en erkende fokkers op de noodzaak van een goed voorgelichte consument. Haal uw pup niet van Marktplaats, maar oriënteert u zich bij de aanschaf van een pup bij erkende rasfokkers – zo luidt de boodschap. Maar wat als een rasfokker zich aan dezelfde praktijken schuldig maakt als malafide hondenhandelaren? Daarnaast vroegen meerdere lezers zich af: is het (door)fokken van sommige rashonden niet ook in strijd met dierenwelzijn?

    Kortom, hoog tijd om eens met de stofkam door de zogeheten erkende rasfokkerij te gaan. Follow the Money stuitte hierbij op de familie Van Raamsdonk, een Nederlandse fokker van Franse buldogs die er niet voor terugdeinst vervalste stempels te gebruiken en te rommelen met papieren. Ook constateerden wij dat er sprake is van inteelt, wat een wijdverbreid probleem blijkt binnen de rashondenwereld. 

    Kennel De La Parure

    De familie van Raamsdonk is geen onbekende in de fokkerij van Franse buldogs. Victor van Raamsdonk is zowel keurmeester als voorzitter van de Hollandse Bulldoggen Club (HBC), de erkende rashondenvereniging in Nederland. Binnen deze vereniging heeft Van Raamsdonk een belangrijke positie. Hij bepaalt onder meer aan welke rasstandaards de gefokte honden moeten voldoen. Tegelijkertijd heeft hij een vinger in de pap op hondenshows: hij bepaalt als keurmeester welke fokkers en honden winnen. Dat is regelmatig zijn eigen kennel De La Parure. Ook zijn zoon Dimitry en schoondochter Chantal zijn beiden keurmeesters. Als (internationale) prijswinnende fokker trekt Kennel De La Parure klandizie aan uit de hele wereld: van Frankrijk tot Japan. 

    Kennel De La Parure is sinds 2000 gevestigd in België. Aangezien er in het reglement van de HBC een uitzondering is opgenomen voor het gebruik van dekreuen buiten Nederland (deze dienen te voldoen aan de eisen van het land waar de kennel is gevestigd), heeft de kennel voor zichzelf zo iets minder strikte regels weten te bedingen. Follow the Money krijgt inzage in documenten van de Franse pupkoopster Pia Vuorinen die meer vragen oproepen die verder gaan dan de schijn van belangenverstrengeling.

    Gesjoemel met foktoelating

    Pia Vuorinen kocht in 2012 een Franse buldogpups genaamd Lauzette bij Kennel De La Parure. In de hondenpapieren zit onder andere een zogeheten foktoelating van de Koninklijke Maatschappij Sint-Hubertus (het Belgische equivalent van de Nederlandse Raad van Beheer), waar met Tipp-Ex informatie is weggewerkt. Zo’n certificaat dient als bewijs dat honden waarmee men wil fokken zijn getest op erfelijke afwijkingen. Hiermee wordt aan de toekomstige pupkoper gegarandeerd dat de pups die uit deze ouders voortkomen een lagere kans hebben op erfelijke afwijkingen. Dergelijke foktoelatingen worden dus afgegeven voor een individuele, geteste hond en is niet inwisselbaar. 

    Onderstaande foto’s laten zien dat de familie van Raamsdonk daar anders over denkt. Zo is te zien op de foto’s dat de oorspronkelijke informatie op de foktoelating een andere hond betreft, namelijk ene Geronimo de la Parure in plaats van Lauzette de la Parure. ‘Ik was op een Belgische show en na afloop kwam Chantal van Raamsdonk naar mij toe en vroeg om dit document van mijn hond Lauzette. Hier zag ik geen kwaad in, dus ik heb het meegegeven. Als ik had geweten dat het zou worden gebruikt om met Tipp-Ex een andere hondennaam op te schrijven, had ik dat nooit gedaan,’ vertelt Vuorinen.

    In België – waar de kennel De La Parure is gevestigd – is deze foktoelating niet altijd verplicht. Behalve als de fokker claimt zogeheten categorie 1-honden te verkopen: deze zijn uitgebreid(er) getest op erfelijke afwijkingen, waardoor de fokker gezondere (en dus ook duurdere) pups kan verkopen, zoals De La Parure doet. Oftewel: de kennel claimt onterecht dat de pups voldoen aan bepaalde standaarden, en misleidt hiermee consumenten.

    Gerommel met vaccinatieboekjes

    Ook blijkt Kennel De La Parure te rommelen met vaccinatieboekjes. Op het vaccinatiedocument van een tweede hond die Vuorinen in 2014 kocht bij de kennel, Neronimo de la Parure, is te zien dat bij de eerste vaccinatie tegen hondsdolheid niet de officiële sticker is gebruikt, maar het etiket van het Nobivac-flesje waar de vaccinatie in zit. Dit zou kunnen betekenen dat een inenting eenmaal is gezet, maar de registratie hiervan tweemaal is gebruikt: via de officiële sticker, en door het etiket van het flesje te gebruiken. Opvallend is ook dat de aangegeven geldigheidsduur één jaar is, terwijl hondsdolheid-inentingen van het merk Nobivac minimaal drie jaar geldig zijn. Deze vaccinatie is geverifieerd met een stempel van de dierenkliniek Den Heuvel, gevestigd in Best in Nederland. Deze werd in het bijzijn van Pia Vuorinen geplaatst door Chantal van Raamsdonk en voorzien van een stempel van dierenkliniek Den Heuvel, om zodoende ‘het paspoort te “fixen” zodat ik de hond mee terug kon nemen naar Frankrijk,’ zo verklaart zij aan FTM.

    Een fokker in België die geen dierenarts is, maar wel zelf (niet-ingeënte) honden voorziet van vaccinatiestickers en deze valideert met een stempel van een dierenkliniek in Best is curieus. Daarnaast is het handschrift van twee aantekeningen in het vaccinatieboekje hetzelfde, maar verschilt de stempel van de dierenarts. De tweede stempel is (zoals te zien op de foto) van een dierenarts uit Frankrijk. Wat is hier aan de hand?

    Dierenkliniek Den Heuvel laat desgevraagd aan Follow the Money weten dat zij er eind 2014 achter kwamen dat er stempels van hen in omloop waren ‘die gebruikt werden om honden van vervalste gezondheidscertificaten te voorzien’. Deze stempels zijn volgens een woordvoerder uit de kliniek ontvreemd dan wel nagemaakt. ‘Wij hebben destijds direct de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA) hiervan op de hoogte gebracht, en vervolgens al onze stempels vervangen door nieuwe.’ 

    Follow the Money is tevens in het bezit van foto’s van een andere Franse buldog, Katoo, waarvan de papieren ook vragen oproepen over stempels en vaccinaties. Dierenkliniek Den Heuvel verklaart dat de handtekening ‘die over een stempel van onze kliniek is geplaatst, niet door een van onze dierenartsen is gezet’. Ook wijst de kliniek erop dat de stempels in het paspoort van Neronimo zijn gezet met een oude stempel en dus moet zijn vervalst of ontvreemd. Hoewel namelijk op de foto is te zien dat de hond in maart 2015 zou zijn ingeënt, laat de dierenkliniek ons weten dat ‘het zwarte kader ontbreekt op de nieuwe stempels. [En] ná 1 januari 2015 hebben wij geen stempels met een zwart kader meer gebruikt.’

    Ook laat de dierenkliniek weten geen etiketten van entstof-flesjes als sticker te gebruiken, geen Tipp-Ex in vaccinatieboekjes te gebruiken, en al tien jaar lang een geldigheidsduur van drie jaar te hanteren bij een Nobivac-hondsdolheidenting. Oftewel: zowel de stempel als de handtekening en de stickers in bovenstaande documenten zijn vervalst. 

    Risico voor de volksgezondheid

    Wanneer Follow the Money deze bevindingen voorlegt aan de Raad van Beheer. laat deze weten ‘verbaasd en ontzet’ te zijn. ‘Indien hetgeen u schrijft feitelijk juist is, dan vinden wij dit een zeer kwalijke zaak die wij bovendien uiterst verwerpelijk vinden,’ zo laat zij in een reactie weten. ‘In ons beleid zijn de gezondheid, het welzijn en het sociaal gedrag van honden leidend. Naast regelgeving doen wij altijd een appel op het ethisch besef van de fokkers van stamboomhonden,’ aldus woordvoerder Paul Peeters. Honden zonder een hondsdolheid-vaccinatie die wel de Europese grenzen overgaan, vormen tenslotte een risico voor de volksgezondheid.

    Het appel op dit ethisch besef komt blijkbaar minder hard aan bij de familie Van Raamsdonk. De gezondheid en het welzijn van de honden in kennel De La Parure is niet altijd leidend. Zo was Vuorinen in 2015 op bezoek bij de kennel om de mogelijkheden van fokken met Lauzette te bespreken. Tijdens dit bezoek maakte ze foto’s van een hond genaamd Lagerfeld. Deze lijkt te lijden aan een oorinfectie en is zichtbaar veranderd sinds zijn verblijf in de kennel, blijkens uit foto’s voor zijn verblijf in de kennel (2013) en tijdens (juni 2015). De vacht glanst niet langer en zijn oren hangen, mogelijk ook door de de oorinfectie. Ook maakte zij foto’s van diverse pups die lijden aan diarree die bij elkaar in dezelfde (kleine) ruimte verblijven, wat de kans op het elkaar opnieuw aansteken met diarree-infectie (zogeheten kruisbesmetting) vergroot.

    Inteelt

    Los van gebrekkige verzorging worden honden ook onderworpen aan inteelt: zo is (op basis van de stamboom) af te leiden dat honden gekruist worden met halfbroers of -zussen die tevens elkaars achterneef en -nicht zijn. Wanneer Follow the Money aan de Raad van Beheer vraagt of zij deze vorm van fokken – met het oog op erfelijke afwijkingen – verantwoord vindt, laat zij weten dat dit ‘geen verboden combinaties’ zijn. 

    Wel geeft de Raad van Beheer aan deze praktijken niet wenselijk te vinden: ‘Veel van de bij de Raad van Beheer aangesloten rasverenigingen [hebben daarom] in hun Verenigingsfokreglement een aanvullend verbod opgenomen, waarbij halfbroer-halfzus-combinaties uitgesloten worden. Fokkers die via de rasvereniging fokken mogen in dat geval een dergelijke combinatie niet inzetten voor de fokkerij. Meer dan 95 procent van de fokkers van stamboomhonden fokt via de rasvereniging.’ De Raad wijst er eveneens op dat dankzij de verhuizing van de Van Raamsdonk-familie naar België zij deels buiten de Nederlandse regelgeving vallen: ‘[hierdoor] geldt de Belgische regelgeving en kan de fokker geen stambomen in Nederland aanvragen.’ 

    (Als een hond vaker dan een keer in de stamboom voorkomt, is deze door middel van een individuele kleur gekenmerkt. Door middel van de kleuren is te zien dat de ouders van bijvoorbeeld Karoline de la Parure zowel halfbroer en -zus als achterneef en -nicht van elkaar zijn. Informatie over ouderdieren is opgehaald op http://ingrus.net/frbull/en )

    Zowel halfbroer en halfzus als achterneef en achternicht. Het is niet verboden, maar is het wel gezond voor de dieren? ‘Nee,’ zegt Hille Fieten, Europees specialist interne dierengeneeskunde en genetisch epidemioloog aan de Universiteit Utrecht. Ze beaamt dat bij het afgeven van stambomen in Nederland niet alle combinaties worden uitgesloten, maar alleen de zogeheten ‘directe’ kruisingen tussen een teef en haar grootvader, vader, broer, zoon of kleinzoon. ‘Wanneer we spreken over inteelt gaat het over de mate van verwantschap tussen individuen. Zo delen eeneiige tweelingen 100 procent van hun genetische informatie met elkaar, en heb je voor 50 procent hetzelfde DNA als je ouders en broers en zussen. Wanneer je gaat kruisen met dieren die sterk aan elkaar verwant zijn, werk je inteelt in de hand.’  

    Hoewel het gebruik van valse stempels en gerommel met vaccinatieboekjes duidt op consumentenmisleiding en fraude, blijkt inteelt een wijdverbreid probleem te zijn in de rasfokkerij. Daarnaast hebben sommige rashonden, waaronder de Franse bulldog, te maken met gezondheidsproblemen die zijn veroorzaakt door het fokken op uiterlijke kenmerken. 

     

    Wat houdt inteelt precies in?

    Inteelt is een gevolg van het kruisen van genetisch nauw verwante individuen. Een toename van inteelt krijg je door te kruisen met individuen die meer aan elkaar verwant zijn dan de gemiddelde coëfficiënt van de populatie. De mate van inteelt binnen een populatie kan op twee manieren worden vastgesteld:

    Via berekening van de ‘inteeltcoëfficiënt’

    De inteeltcoëfficiënt geeft een indicatie van de kans dat in een individu de twee exemplaren van een willekeurig genenpaar identiek zijn én van dezelfde voorouder komen. ‘Wanneer een reu vaak wordt gebruikt om verschillende nestjes mee te fokken, heb je als pup een grotere kans een stukje identiek DNA via zowel de moeder als de vader te krijgen. Als die reu drager is van een bepaalde afwijking, dan heb je dus een veel grotere kans dat twee van diezelfde mutaties in het DNA bij elkaar komen in een pup en ziekte veroorzaken,’ zegt Fieten. 

    Bij het erven van genetisch materiaal krijgen pups (net als mensen) een chromosoom van zowel moeder en vader. Deze chromosomen raken soms beschadigd, wat leidt tot genetische mutaties zoals een andere kleur vacht, of bepaalde ziektes. Als maar een van de twee chromosomen een mutatie heeft, is dat geen probleem, omdat het (gen op het) andere chromosoom zal compenseren door de benodigde eiwitten te produceren. Maar uit twee dragers van dezelfde afwijking die allebei een gemuteerd gen doorgeven, wordt een pup met een afwijking geboren. Hoe vaker dus een reu wordt ingezet om nestjes mee te fokken, hoe groter de kans dat pups in een volgende generatie (die weer met elkaar gekruist worden) drager zijn van hetzelfde gemuteerde gen.


    Via berekening van het inteeltpercentage

    Een genoom is de complete genetische samenstelling van een organisme (zoals een pup), cel of virus. Wanneer genetici kijken naar de mate van inteelt in een individu, kijken zij naar de mate van gelijkheid in genetische samenstelling van het genoom. Dit is een behoorlijk technische exercitie.

    Sinds de mogelijkheid voor DNA-analyse kunnen wetenschappers vaststellen welke delen van het DNA ‘homozygoot’ zijn (twee identieke kopieën van een gen op een chromosomenpaar) of ‘heterozygoot (twee verschillende kopieën van een gen op een chromosomenpaar). Homozygositeit wordt door genetici gebruikt als maat voor inteelt. 

    De mate van homozygositeit kan gemeten worden door het typeren van DNA-variaties. De mate waarin deze variaties voor een bepaalde eigenschap (zoals de kleur vacht of een ziekte) homozygoot zijn, geeft aan hoe ingeteeld een individu is. ‘Wanneer sprake is van veel inteelt, dan is er geen variatie: als je twee A’tjes hebt op het chromosomenpaar, kun je alleen maar een A’tje doorgeven aan je nakomelingen. Goed voorbeeld hiervan is het fokken op uiterlijke kenmerken die uiteindelijk raskenmerken zijn geworden. In die delen van het DNA is geen variatie meer en het kenmerk is dan vastgelegd, denk aan vachtkleur,’ aldus Fieten.

    Onderstaande tabel illustreert hoe de mate van inteelt (homozygositeit) wordt bepaald aan de hand van de mate van gelijkheid van een genoom. Oftewel: in hoeverre er verschillen bestaan in de DNA-bouwstenen. Indien er gelijkheid is, zien wij dubbele letterreeksen: zoals AA, CC of GG. In de praktijk betekent dit bijvoorbeeld ‘zwarte vachtkleur’ en ‘zwarte vachtkleur’ (tweemaal eenzelfde mutatie), en is er dus geen variatie meer op deze specifieke eigenschap. Als alle variaties gelijk zijn – zoals in de eerste rij – dan is er sprake van 100 procent inteelt. Als van de vijf variaties er maar drie gelijk zijn, is er sprake van 60 procent inteelt. Op deze manier berekenen genetici het inteeltpercentage (in genetische termen: de mate van gelijkheid van het genoom). Hoewel dit in werkelijkheid wordt gedaan met minimaal twintiguizend variaties, wordt het principe in de tabel geïllustreerd aan de hand van vijf.

    Fieten wijst erop dat deze laatste methode nauwkeuriger is dan de berekening aan de hand van stambomen: ‘Met inteeltschattingen door middel van stambomen ga je ervan uit dat het berekende ouderpaar ongerelateerd is. Dat is vrijwel nooit het geval; drie generaties terug zijn ze dit misschien wel – maar verder terug niet. Hierdoor zijn deze inteeltberekeningen vaak onderschattingen. Daarnaast bereken je hier voor het hele nest een coëfficiënt, maar als je het DNA bekijkt, kun je het precies meten per individu.’ Aangezien het leeuwendeel van de inteeltberekeningen voor honden wordt gedaan aan de hand van de eerste methode, betekent dit dat de mate van inteelt onder (ras)honden de afgelopen jaren systematisch is onderschat.

    Lees verder Inklappen

    Gezondheidsproblemen

    Follow the Money vroeg aan dierenarts Kelly Kessen van Stichting Dier & Recht met welke gezondheidsproblemen honden te maken krijgen wanneer deze worden ‘doorgefokt’ op bepaalde uiterlijke kenmerken: ‘Bij heel kleine hondenrassen, de zogeheten toy breeds, zie je allerlei pijnlijke aandoeningen doordat er te veel druk op de te krappe schedels staat. Voor mensen zijn dit een van de meest pijnlijke aandoeningen die je kunt hebben, maar veel mensen hebben helemaal niet door dat hun hond pijn lijdt,’ constateert Kessen.

    Bij sommige honden, zoals Franse buldogs en mopshonden, is de snuit letterlijk weggefokt. ‘Maak maar eens een wandeling met een theedoek voor je mond en een neusknijper op,’ zegt Kessen. ‘Dan kun je je inleven in hoe deze honden zich voelen. De slijmvliezen zijn namelijk niet mee gekrompen met de neus, en die hangen dus in de weg. Ook zien we vaak traanbuizen die stuk zijn en gebrekkig gevormd door de te platte schedel, waardoor de dieren continu last hebben van tranende ogen.’

    Hille Fieten geeft aan dat deze schadelijke raskenmerken niet hetzelfde zijn als erfelijke ziektes: ‘Deze dieren ondervinden last van hun extreme uiterlijke kenmerken, zoals de korte neuzen. Dat is een direct gevolg van het fokken op uiterlijke kenmerken, en is wat anders dan een erfelijke ziekte. Het is wel zo dat erfelijke ziektes kunnen meeliften op het kenmerk waarop wordt geselecteerd. Zo is de dalmatiër gefokt op het leuke stippenpatroon, maar het gen dat dicht in de buurt ligt van het stippenpatroon zorgt ook voor de vorming van blaasstenen. En genen die dicht bij elkaar liggen zijn vaak overdraagbaar, dus honden met dat stippenpatroon hebben ook vaak last van blaasstenen.’

    Door het fokken op uiterlijke kenmerken, de zogeheten rasstandaarden, en deze op steeds striktere wijze te handhaven, hebben enkele hondenrassen buitenproportioneel veel gezondheidsproblemen. Deze zijn onder te verdelen in twee soorten. Door te fokken met een slinkende subpopulatie om de steeds striktere uiterlijke kenmerken te bewaren, krijgen honden ten eerste last van erfelijke afwijkingen door inteelt. Ten tweede zijn door het relatief snel wegfokken van bepaalde uiterlijkheden andere organen niet voldoende meegegroeid om dit op te kunnen vangen. Zo is bij kleinere honden (zoals de spaniels) de herseninhoud te groot voor de te krap gefokte schedels, waardoor de herseninhoud richting de ruggenwervel wordt gedrukt en een continue zenuwpijn veroorzaakt.

    Levenskwaliteit

    Bij honden die worden gefokt op uiterlijke kenmerken, gaat ‘de levenskwaliteit aantoonbaar achteruit’, zegt Kessen. ‘Mensen houden een Franse buldog rustig omdat hij anders buiten adem raakt, maar de vraag is of dat nou zo leuk is voor die hond. Fokkers denken vaak dat ze het juiste doen, maar hebben vaak ook niet de informatie over de juiste genetische combinaties. Want ze denken: “We halen toch zaad uit Amerika”. Maar dat het van ver komt, wil niet zeggen dat het genetisch gezien ook van ver komt.’ 

    ‘Vroeger was het allemaal “ongeveer”,’ vervolgt Kessen. ‘Een paar kenmerken en dan had je een Franse buldog. Nu mag er geen lijntje anders zijn, dus de verzameling genen van de hondenpopulatie wordt steeds kleiner. Dan kun je wel allerlei testen hebben voor de meest voorkomende afwijkingen, maar [door hierop te selecteren] sluit je mogelijk weer heel veel goede, nieuwe genen uit. Bijvoorbeeld een hond die je uitsluit van fokken vanwege een bepaalde aandoening, zoals knie- en heupproblemen, heeft misschien wel weer andere goede eigenschappen. Zoals een iets grotere neus zodat nakomelingen kunnen ademhalen. Door dit soort eigenschappen niet af te wegen vanuit dierenwelzijn, maar door vast te houden aan de rasstandaarden en blind te staren op de “grote” erfelijke afwijkingen wordt de variatie van genen kleiner en kleiner. Met alle gevolgen van dien.’

    Fokkerijprogramma

    Hille Fieten constateert hetzelfde als Kessen en pleit voor begeleiding van fokkers: ‘Het is belangrijk om een goede match te zoeken, zodat je nakomelingen krijgt met een grotere genetische variatie. Aan de Universiteit Utrecht ontwikkelen we een fokkerijprogramma waarmee fokkers de beste combinaties kunnen maken, en rekening kunnen houden met zowel ziektes als afstammingsgegevens. Veel fokkers willen goed fokken, maar hebben hier ondersteuning bij nodig. Erfelijke afwijkingen kunnen namelijk verdwijnen als je het slim aanpakt.’ Ze wijst er wel op dat dierenwelzijn hier een grote rol in speelt en prioriteiten nodig zijn. Soms hebben de gezondheidsproblemen die worden veroorzaakt door het fokken op uiterlijke kenmerken voorrang: ‘Je moet [als fokker] een selectie [uit afwijkingen] maken. Zo is het voor rassen met een korte snuit een prioriteit dat deze langer wordt, want dit geeft grotere welzijnsproblemen”.

    Door een selectie te maken en kritisch te kijken naar welke gezondheidsproblemen de grootste schade hebben voor dierenwelzijn, kunnen (erfelijke) afwijkingen waar honden de meeste problemen van ondervinden het eerst worden aangepakt. Om dit te kunnen doen zullen fokkers verder moeten kijken voor potentiele vader- en moederhonden dan de rashonden die shows winnen: ‘Zo wordt een populaire reu veel gebruikt omdat hij er mooi uitziet, maar ondertussen wordt een groot deel van de (honden)populatie uitgesloten. Er wordt maar 10 procent van de rashondenpopulatie gebruikt om de volgende generatie voort te brengen. In ons fokkerijprogramma berekenen wij de hele populatie door in plaats van alleen de showhonden, zodat fokkers kunnen kiezen welke hond voor een grotere genetische variatie en dus gezondere honden kan zorgen,’ concludeert Fieten.

    Verantwoordelijkheid

    Niet alleen de consument heeft een verantwoordelijkheid om zichzelf goed te laten voorlichten voor aanschap van een pup. Ook erkende rasfokkers zullen zich beter moeten verdiepen in de negatieve gevolgen en risico’s van doorfokken met bepaalde stamboomlijnen. Zolang fokkers vasthouden aan een te rigide handhaving van uiterlijke kenmerken en onvoldoende rekening houden met de negatieve effecten hiervan op zowel de gezondheid als het welzijn van honden delft de pup het onderspit. 

    De rol van de familie van Raamsdonk binnen de Belgische en Nederlandse Franse-buldoghandel is tekenend voor het gebrekkige zelfreinigende vermogen van enkele rasverenigingen. Hoewel de intenties van erkende rasfokkers over het algemeen van zuiverder aard zijn dan die van hondenhandelaren, blijft het resultaat hetzelfde: een ongezonde pup. Fokkers en keurmeesters zouden elkaar hierop moeten aanspreken en corrigeren. Want waar de illegale importpuppy heeft te lijden onder het snelle geld, hebben raspuppen te lijden onder de uiterlijke kenmerken die keurmeesters ‘mooi’ vinden. 

    Follow the Money heeft gedurende enkele weken op diverse momenten en via diverse wegen contact gezocht met zowel Dimitry van Raamsdonk (van kennel de La Parure) als zijn vader Victor van Raamsdonk (voorzitter van de Nederlandse rasvereniging, de Hollandse Bullendoggen Club), maar vooralsnog geen enkele reactie mogen ontvangen.

    Over de auteur

    Dieuwertje Kuijpers

    Gevolgd door 293 leden

    Geopolitiek junkie. Statistiek-pieler. Niet geïnteresseerd in politieke poppetjes, wel in mechanismes die deze voortbrengen.

    Lees meer

    Volg deze auteur
    Dit artikel zit in het dossier

    In het spoor van de clandestiene puppyhandel

    Gevolgd door 226 leden

    De handel in zieke pups levert jaarlijks tientallen miljoenen op en is na drugshandel Europa's meest lucratieve business. Ook...

    Lees meer

    Volg dossier

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid