© Namesake expert

    Economische groei is over de hele wereld een doel met de allerhoogste prioriteit. We staren ons daarmee blind op cijfers die weinig zeggen over het daadwerkelijke verschil tussen armoede en welvaart. Bovendien riskeren we meer kapot te maken dan ons lief is. We noemen het groei, maar dat is het in veel gevallen niet.

    ‘Douchen 5.000 roepie,’ staat er op het bordje naast het toiletgebouw. Ik snak naar een zoetwaterstraal om het plakkende zeezout van me af te spoelen, maar heb geen geld op zak. ‘Vorige week was het nog gratis,’ roep ik verontwaardigd tegen mijn surfleraar Putu. Op zijn gezicht verschijnt een grote grijns. ‘Ga jij je portemonnee maar halen, want ze beginnen hier jullie westerse manier van leven te begrijpen: vanaf vandaag moet jij betalen.’ Hij draait zich om en loopt zelf door. Balinezen mogen nog wel gratis douchen.

    De regering in Jakarta zet vol in op toerisme als motor voor economische groei en Bali is dé toeristische trekpleister van het Indonesische eilandenrijk. Die inzet werpt zijn vruchten af: de Balinese economie groeide het afgelopen jaar met 6 procent. Een groeicijfer waar we in Nederland al 20 jaar niet meer bij in de buurt zijn gekomen.

    Economische groei is over de hele wereld, van Europa tot aan China, een doel met de allerhoogste prioriteit. Dat is opmerkelijk want economische groeicijfers zeggen betrekkelijk weinig over de welvaart in een land. Om grip te krijgen op het leven drukken wij het liefst alles in cijfers uit; ook zaken die eigenlijk niet zo eenvoudig in getallen zijn te vatten. Vervolgens gaan de cijfers er met de werkelijkheid vandoor — de manier waarop economische groei een doel op zichzelf is geworden, is daar een typisch voorbeeld van.

    Economische groei

    Economische groei in perspectief

    Economie is een sociale wetenschap. Binnen de economie bestuderen we hoe mensen bezig zijn met het bevredigen van hun behoeftes door goederen te produceren en diensten aan elkaar te leveren. Zowel het bouwen van een huis als het uitserveren van een cappuccino zijn onderdeel van onze economische activiteit.

    Economische activiteit drukken we uit in het cijfer van het bruto binnenlands product (bbp): de totale geldwaarde van alle geproduceerde goederen en diensten in een land over de periode van een jaar. De jaarlijkse toename van het bbp hebben we bestempeld als onze economische groei en drukken we uit in procenten. 1 procent groei van een grote economie kan dus meer zijn dan 6 procent groei van een kleine economie. Economische groei is daarom makkelijker te realiseren voor een kleine economie, zoals op Bali, dan voor de reeds ontwikkelde economie van Nederland.

    Het is ook nuttig om te kijken naar het aantal inwoners van een land. Indonesië produceert met 257 miljoen inwoners meer dan Nederland met 17 miljoen inwoners, maar pas als je de omvang van een economie per persoon uitdrukt, krijg je inzicht in de betekenis van de cijfers voor het individu. Het Balinese bruto binnenlands product (bbp) per persoon bedroeg slechts 3.210 dollar in 2015 en lag daarmee onder het gemiddelde van Indonesië. Ook al groeide de Balinese economie veel harder, het Nederlandse bbp per persoon is meer dan 12 keer zo groot als het Balinese.

    Lees verder Inklappen

    Armoede

    De economische groei is op Bali veel groter dan in Nederland, maar we moeten niet vergeten dat de Balinese economie ook een stuk kleiner is. Een kleine economie wil echter niet per se zeggen dat de mensen arm zijn. Op Bali woont men traditioneel met de hele familie in kleine huizen — hutjes vergeleken met een Nederlandse woning – tussen de rijstvelden, of strak tegen elkaar aan gebouwd in het dorp. Grote huizen zie je nauwelijks want het leven speelt zich vooral buiten af — op Bali schijnt iedere dag de zon.

    Het eiland is groen en vruchtbaar en je bent er nooit ver van de zee. De uitgestrekte rijstvelden produceren genoeg voedsel om alle monden te voeden en de maaltijd wordt aangevuld met visvangst en vlees van eigen kippen. Hoewel de economische cijfers anders doen vermoeden, is armoede dus niet het juiste woord om de leefomstandigheden te beschrijven.

    Informele economie

    Waarom betekent een kleine economie niet automatisch dat mensen in armoede leven? Dat komt doordat er in de economische cijfers slechts een deel van de economische activiteit van mensen wordt meegenomen. We meten alleen de uitwisseling van goederen en diensten waarbij geld wordt gebruikt en waarover belasting wordt afgedragen — de transactie-economie.

    In economische cijfers wordt slechts een deel van de economische activiteit van mensen meegenomen

    Naast deze formele transactie-economie bestaat er een informele economie. Een economie waar mensen niet voor geld, maar vanuit andere drijfveren iets voor elkaar doen, zoals het oppassen van oma op de kleinkinderen, of een vriend helpen met verhuizen. Soms is er sprake van een wederdienst, maar vaak is het ook gewoon onderdeel van het sociale leven. Als je iemand op straat de weg wijst, vraag je ook niet om een beloning.

    De kunst van het boekhouden

    Surfleraar Putu is 30 jaar oud en komt uit één van de 537 families in het Balinese dorp Gangga. Hij vertelt hoe er in zijn jeugd nauwelijks geld werd gebruikt. Dorpelingen hielpen elkaar met het bouwen van een huis in ruil voor rijst of aardappels. Als je tegenwoordig je huis wil verbouwen huur je een bouwbedrijf in. De formele economie groeit, want er worden transacties geregistreerd. De bouwvakkers ontvangen een salaris waarmee zij op hun beurt de rijst afrekenen.

    Maar is hier wel sprake van groei? Voorheen bouwde men ook huizen en in ruil voor rijst, maar dan als onderdeel van de informele economie. De formalisering van de economie — het registreren van transacties — wordt zo verkocht als groei, maar is in feite alleen een boekhoudkundige toevoeging.

    De informele economie speelt nog steeds een grote rol in het Balinese leven. Mensen spenderen een groot deel van hun tijd aan het voorbereiden van religieuze ceremonies, het bereiden van maaltijden en het zorgen voor kinderen of grootouders — allemaal onbetaald. Op papier ligt er een enorm economisch groeipotentieel in het formaliseren van deze economische activiteit.

    "Het formaliseren van de economie wordt verkocht als groei, maar is in feite een boekhoudkundige toevoeging"

    Verschuiving

    In Nederland heeft de formalisering van de economie al plaatsgevonden. De meeste Nederlandse gezinnen bestaan uit tweeverdieners, van wie de kinderen naar een kinderdagverblijf gaan. Hun grootouders worden, wanneer de tijd rijp is, in een verzorgingstehuis ondergebracht. Dit is absoluut een verbetering voor eenieder die een ambitieuze carrière nastreeft, lastige kinderen heeft, of er niet aan moet denken zijn hulpbehoevende ouders te moeten verzorgen. Anderen beschouwen het als een verschraling van sociale wisselwerking en familiebanden.

    Of hier sprake is van louter vooruitgang valt te betwisten. Maar daarover hoeven we geen oordeel te vellen om vast te kunnen stellen dat er op economisch vlak in ieder geval een verschuiving van activiteit heeft plaatsgevonden — we zijn ons gaan specialiseren. Waar vroeger ieder Nederlands gezin zijn eigen kinderen opvoedde, werken nu beide ouders buitenshuis om met het verdiende geld een professionele kinderleidster in te huren die voor de kinderen zorgt.

    Specialisatie heeft – ook als we technische innovatie buiten beschouwing laten – op allerlei vlakken efficiëntiewinst opgeleverd. We rekenen ons echter rijk wanneer we uitsluitend spreken van groei. Als je iemand betaalt voor een klus die je anders zelf zou uitvoeren, is dat economische verschuiving in plaats van groei. Ook al noemen we het wel zo.

    Voor de een is de formalisering van de economie een vooruitgang, voor de ander een verschraling van sociale contacten

    In de Nederlandse zorg zien we momenteel de keerzijde daarvan en probeert men de formalisering ongedaan te maken. Omdat de zorgbudgetten de pan uitrijzen moeten we ineens terug naar een participatiesamenleving. Mantelzorg leveren terwijl het hele gezin ondertussen meedraait in de formele economie is alleen niet zo eenvoudig.

    Transactiedenken

    Daar bovenop speelt nog iets anders mee: zodra mensen voor hun sociaal-economische interacties geld gaan gebruiken, doet het transactiedenken zijn intrede en schuift de intrinsieke motivatie om iets te doen naar de achtergrond. Persoonlijk gewin wordt belangrijker en sociale waarden krijgen een kleinere rol in de samenleving dan voorheen, zo blijkt uit onderzoek van onder andere de Amerikaanse econoom Samuel Bowles. Waar voorheen een glimlach genoeg voldoening gaf om iets voor elkaar te doen, zijn voortaan keiharde pegels nodig om wat gedaan te krijgen.

    Op Bali domineren de sociale drijfveren vooralsnog het transactiedenken, dus surfleraar Putu mag gratis blijven douchen. De economische formalisering is echter ook op Bali ingezet; als westerling moet je voortaan betalen voor een douchebeurt. De lokale onderneemster pikt zo slim een graantje mee van het surftoerisme dat voor haar strandhuisje is ontstaan. Ondanks mijn initiële verontwaardiging vind ik het niet zo erg om op deze manier bij te dragen aan de Balinese economie. Misschien heeft ze volgend jaar zelfs wel het douchegebouw gerenoveerd!

    Economische groei als hoogste doel stellen is daarentegen een kortzichtig streven. De formalisering van de economie is een feest voor boekhouders, maar brengt in veel gevallen niets anders teweeg dan economische verschuiving. Bovendien kleven er negatieve kanten aan het transactiedenken die we voor het gemak maar even negeren als we naar de cijfertjes kijken. We rekenen ons rijk door dit allemaal onder de noemer van groei te schuiven.

    Over de auteur

    Thomas Bollen

    Gevolgd door 505 leden

    Onderzoekt als financieel econoom de 'economische religie' om nuttige inzichten van dogma's te scheiden.

    Lees meer

    Volg deze auteur
    Dit artikel zit in het dossier

    De economische religie

    Gevolgd door 453 leden

    'De economie groeit, dus het gaat goed met Nederland.' Dit soort uitspraken hoor je vast wel eens voorbij komen. Maar klopt d...

    Lees meer

    Volg dossier

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid