Van wie is ons geld?

Waarom is de creatie van geld in handen van – particuliere – banken? En moet dat altijd gepaard gaan met schuld? Ofwel: kunnen we ons monetaire systeem op een eerlijkere manier organiseren? Lees meer

Het zijn vragen waar menig econoom zijn tanden op stuk gebeten heeft. Toneelgroep De Verleiders zette een brede discussie in gang door op te roepen tot een burgerinitiatief. Met 120.000 handtekeningen moest de politiek wel reageren en nadenken over de aard en wezen van ons geld en de manier waarop het wordt gecreëerd. Dat leidde tot een opdracht voor Wetenschappelijk Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) om onderzoek naar geldschepping te doen.

Op Follow The Money begon in 2015 het debat toen voormalig bankenlobbyist en auteur Robin Fransman reageerde met een open brief aan het toneelgezelschap, die werd beantwoord door Martijn Jeroen van der Linden, bestuurder van de Stichting Ons Geld. Daarnaast gaven tientallen lezers in het discussieforum hun visie op wat misschien wel dé vraag van het moment is: van wie is ons geld eigenlijk?

De WRR is inmiddels al enige tijd bezig met een onderzoek naar geldcreatie. We wachten met spanning af naar de verschijning van het rapport. Ondertussen gaat op FTM de fundamentele discussie over geld verder.

62 Artikelen

Reserves revisited

2 Connecties

Onderwerpen

reserves

Werkvelden

Centrale banken
53 Reacties

Vorige week pleitte Richard van der Linde voor het wijzigen van de terminologie voor de gelden die banken bij de centrale bank aanhouden. Het hiervoor gebruikte begrip ‘reserves’ zou onjuist zijn en daarom beter kunnen worden vervangen door een nieuwe term. Econoom Ewoud Jansen kan deze redenering volgen, maar betrapt Van der Linden wel op een fout.

Richard van der Linde snijdt in zijn artikel van 24 augustus een Babylonische spraakverwarring aan. De tegoeden die banken als ING aanhouden bij de centrale bank kunnen we beter geen ‘reserves’ meer noemen, zo betoogt hij.

Van der Linde stelt terecht dat die tegoeden bezittingen zijn, die dus terug te vinden zijn aan de activazijde van de balans. Deze bezittingen ‘reserves’ noemen is verwarrend, vindt hij, omdat hierdoor onterecht het beeld kan ontstaan dat die tegoeden vergelijkbaar zijn met posten als ‘winstreserve’ en ‘agioreserve’ die we op bedrijfsbalansen kunnen vinden.

Zo’n noodvoorraad is natuurlijk een voorbeeld van bezit, te vinden op de activazijde van de balans

Activa versus passiva

Tot zo ver ben ik het met hem eens. Maar zijn uitleg van wat die laatstgenoemde reserves precies inhouden is ook weer verwarrend en tegenstrijdig. Winstreserves zijn inderdaad onderdeel van het eigen vermogen, zoals Van der Linde aan het eind van zijn stuk stelt. Ze vormen dus een post op de passivazijde van de balans. Maar aan het begin van zijn betoog vergelijkt hij diezelfde winstreserves met ‘een potje waaruit in mindere tijden geput kan worden’. Als concreet voorbeeld haalt hij de reservetank op zijn vroegere bromfiets aan, met een laatste restje brandstof waar je in noodgevallen op kunt terugvallen. Maar zo’n noodvoorraad is natuurlijk een voorbeeld van bezit, te vinden op de activazijde van de balans. Iets anders dus dan een winstreserve.

Tijd voor een voorbeeldje. Een nieuw bedrijf wil starten met een handelsvoorraad van 80 producten die €125 per stuk kosten. Er is dus een vermogensbehoefte van €10.000. Als €4000 hiervan kan worden geleend, moeten de eigenaren gezamenlijk €6.000 inleggen. We nemen aan dat er 100 aandelen worden uitgegeven tegen €60 per stuk. De balans ziet er als volgt uit:

BALANS 1
Activa Passiva
Voorraad: 80 x €125 = €10.000 Aandelenkapitaal: 100 x €60 = €6.000
  Lening: €4.000
Totaal: €10.000    Totaal: €10.000
Lees verder Inklappen

Vervolgens verkoopt het bedrijf 30 producten tegen €175 per stuk en realiseert dus een winst van 30 x (€175 – €125) = €1.500. Onmiddellijk na deze verkoop en betaling door de klant ziet de balans er als volgt uit:

BALANS 2
Activa Passiva
Voorraad: 50 x €125 = €6.250 Aandelenkapitaal: 100 x €60 = €6.000
Kas 30 x €175 = €5.250 Gerealiseerde winst: €1.500
  Lening: €4.000
Totaal: €11.500 Totaal: €11.500
Lees verder Inklappen

"Als de winst niet wordt uitgekeerd, volgt automatisch toevoeging aan de reserves, ongeacht hoe de winst intern wordt aangewend"

Volgens van der Linde zijn er nu drie dingen die het bedrijf met de winst kan doen: uitkeren (aan de eigenaren), herinvesteren of toevoegen aan de reserves. Dat klopt niet. Er is geen keuze tussen ‘herinvesteren’ of ‘toevoegen aan de reserves’. Als de winst niet wordt uitgekeerd, volgt automatisch toevoeging aan de reserves, ongeacht hoe de winst intern wordt aangewend. Zou de winst in contanten aan de eigenaren worden uitgekeerd dan krijgen we de volgende balans:

BALANS 3
Activa Passiva
Voorraad: 50 x €125 = €6.250 Aandelenkapitaal: 100 x €60 = €6.000
Kas: €5.250 – €1.500 = €3.750 Lening: €4.000
Totaal: €10.000 Totaal: €10.000
Lees verder Inklappen

Besluiten de eigenaren de winst niet uit te keren, dan wordt de gemaakte winst formeel op een aparte post geboekt die we ‘winstreserve’ noemen. De balans is nu als volgt:

BALANS 4
Activa Passiva
Voorraad: 50 x €125 = €6.250 Aandelenkapitaal: 100 x €60 = €6.000
Kas 30 x €175 = €5.250 Winstreserve: €1.500
  Lening: €4.000
Totaal: €11.500 Totaal: €11.500
Lees verder Inklappen

Of de €1.500 vervolgens gewoon in kas blijft zitten, gebruikt wordt om extra voorraden te kopen of iets heel anders maakt niet uit. In al die gevallen blijft de winstreserve gewoon staan en zien we alleen een verandering in de activazijde. Nogmaals, de keuze tussen herinvesteren of toevoegen aan de reserves bestaat niet. Er is wat dit betreft alleen een keuze tussen uitkeren of niet. De winstreserve wordt samen met het aandelenkapitaal tot het eigen vermogen van de onderneming gerekend en op balans 4 bedraagt dat dus €7.500.

Laten we tenslotte eens aannemen dat onmiddellijk na volledige uitkering van de winst (het vertrekpunt is dus balans 3) de eigenaren het bedrag weer terugstorten door het kopen van 25 nieuwe aandelen tegen €60 per stuk. De balans zou er dan zo uitzien:

BALANS 5
Activa Passiva
Voorraad: 50 x €125 = €6.250 Aandelenkapitaal: 125 x €60 = €7.500
​Kas 30 x €175 = €5.250 Lening: €4.000
Totaal: €11.500 Totaal: €11.500
Lees verder Inklappen

Het enige verschil met balans 4 is dat het eigen vermogen nu geheel als aandelenkapitaal wordt gepresenteerd en dat we geen winstreserve meer zien. De reservetank-analogie van Van der Linde volgend, zou je nu kunnen concluderen dat balans 4 gezonder is omdat daar een ‘reserve’ te zien is. Maar hopelijk is nu duidelijk dat dit onzin is. Het eigen vermogen is in beide gevallen €7.500, en de omvang en kwaliteit van de activa is ook in beide gevallen identiek. De boekhoudkundige presentatie van het eigen vermogen in deelcomponenten als aandelenkapitaal en winstreserve is eigenlijk niet zo relevant.

Onhandig

Ik weet het, Van der Linde’s verhaal was primair bedoeld om verwarrende terminologie aan te kaarten. Maar als hij uitlegt wat een winstreserve is, moet het verhaal natuurlijk wel kloppen. Zelf vind ik het onhandig om ingehouden winsten of agio’s met de term ‘reserve’ op de balans te presenteren. Hierdoor kan onterecht de indruk ontstaan dat het om potjes gaat waaruit geput kan worden, zoals Van der Linde dus denkt. Wel of geen winstreserve, het zegt helemaal niets over de vraag of er nog een reservevoorraadje geld of benzine in de kelder ligt. Dat hangt ervan af hoe de activakant van de balans eruit ziet. Misschien dat we de term ‘reserves’ voor tegoeden bij de centrale bank beter kunnen laten zoals die is en iets anders moeten vinden voor het benoemen van ingehouden winsten.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Richard van der Linde

Dit artikel zit in het dossier

Van wie is ons geld?

Gevolgd door 2457 leden

Waarom is de creatie van geld in handen van – particuliere – banken? En moet dat altijd gepaard gaan met schuld? Ofwel: kunne...

Volg dossier