© ANP / Bart Maat

Voor wat hoort wat: schimmige deals aan de Hogeschool van Amsterdam

    De commissie-Elias bestudeerde in 2014 in een parlementair onderzoek fraude en omkoping in de ICT-wereld. Gereputeerde consultants die voor Elias werkten, lijken nu zelf betrokken te zijn bij corrupte betalingen. Dat staat althans in e-mails die in handen zijn van Zembla. Een klare zaak, volgens fraudedeskundigen; de betrokkenen houden vol dat er he-le-maal niets aan de hand is.

    Ton Elias (VVD) was het tijdens zijn werk als voorzitter van de parlementaire onderzoekscommissie ‘ICT-projecten bij de overheid’ niet tegengekomen: fraude en corruptie. Elias deed de geruchten over malversaties en integriteitsschendingen in de ICT- sector af als onzin. ‘Ik vind het merkwaardig dat er zo hardnekkig wordt gesproken over omkoping en corruptie en feestjes en wat al niet, maar als je vraagt man en paard te noemen dan komt er niks,’ schamperde hij bij de presentatie van zijn rapport in oktober 2014. 

    Voor de mensen die het nieuws rond ICT-bedrijven een beetje volgen, klonken de woorden van Elias mogelijk vreemd in de oren. De Nederlandse automatiseringsindustrie wordt al sinds haar ontstaan door schandalen geteisterd, die in sommige gevallen — denk aan Baan en World Online — zelfs internationale aandacht trokken.

    Het tv-programma Zembla had zelfs kort voor Elias’ presentatie nog een uitzending gewijd aan misstanden in diezelfde ICT-sector: de verkoopafdeling van het beursgenoteerde automatiseringsbedrijf Ordina was betrokken bij meerdere gevallen van aanbestedingsfraude, zo bleek uit tienduizenden interne e-mails en documenten die Zembla kreeg toegespeeld.

    De uitzending leidde tot integriteitsonderzoeken bij verschillende ministeries en in Rotterdam dook de Rijksrecherche op de zaak. Het 219 pagina’s tellende rapport van Elias maakte er echter geen woord aan vuil: de commissie fileerde vooral de manier waarop de overheid ICT-projecten beheert. Transparantie is ver te zoeken, haalbaarheid wordt niet onderzocht en aanbestedingen verlopen ondoorzichtig, zo luidde de conclusie. Maar, zo schreef Elias, de onderzoekers hebben ‘geen harde bewijzen van machtsmisbruik, omkoping, smeergeld of wat dies meer zij boven tafel gekregen.’ 

    Fraude-expert Cees Schaap

    "Dat is in strijd met alle regels. Normaliter is dit ontslag op staande voet"

    Bij het opstellen van het rapport maakte de naar de VVD’er vernoemde commissie in 2014 gebruik van de diensten van het Rotterdamse adviesbureau Policy Research Corporation: een bureau dat naar eigen zeggen een ‘unieke track record in dienstverlening voor internationale, nationale en lokale overheden’ heeft. Het bedrijf beschikt ook over een eigen ‘Internationaal Wetenschappelijk Comité’. Daarin zitten prominenten als voormalige ministers Karla Peijs (CDA) en Annemarie Jorritsma (VVD), voormalig staatssecretaris Henk van Hoof (VVD), defensie-expert Rob de Wijk en filosoof Ad Verbrugge, zo valt op de website van het bedrijf te lezen.

    Alleen, zo blijkt uit e-mails in handen van Zembla: enkele consultants van Policy Research die destijds helpen bij het parlementaire onderzoek, zouden het later zelf niet zo nauw nemen met een elementair beginsel van het zakendoen: de ethiek.

    Kickback fee

    Zembla heeft e-mails in handen waarin één van de adviseurs die de commissie-Elias ondersteunden, schrijft dat hij betrokken is bij betalingen aan een manager van zijn opdrachtgever. Dat komt neer op ambtelijke omkoping: een misdrijf waar maximaal vier jaar cel op staat. Het gaat om een consultant die momenteel een opdracht uitvoert voor de Hogeschool en de Universiteit van Amsterdam. Daarbij is volgens de gelekte e-mails met een manager van de onderwijsinstellingen afgesproken dat aan hem een zogeheten ‘kickback fee’ zal worden betaald, omdat hij heeft gezorgd dat Revnext de lucratieve opdracht kreeg.

    Chris Jansen, hoogleraar privaatrecht aan de VU en gespecialiseerd in aanbestedingen, heeft de zaak voor Zembla bekeken. Hij is resoluut: ‘Dit is absoluut over de rand.’ Fraude-expert Cees Schaap van SBV Forensics sluit zich daarbij aan: ‘Er lijkt sprake van een voor-wat-hoort-wat constructie, dat is in strijd met alle regels. Normaliter is dit ontslag op staande voet.’

    ‘Als dit waar is, dan is het ongehoord’

    Ton Elias is verrast als we hem over de e-mails vertellen: ‘Ik heb professioneel met Policy Research kunnen werken. Die consultants deden onderzoek in ambtelijke stukken, schreven rapporten voor ons. Ze hebben fatsoenlijk werk geleverd, ik kan niet anders zeggen.’ Datzelfde horen we van Chris Peeters, directeur van Policy Research, de oud-werkgever van de betrokken adviseurs. Hij reageert geschrokken: ‘Ik heb nooit integriteitsproblemen met ze gehad. Maar als dit waar is, dan is het ongehoord.’

    Djohan en Revnext

    Policy Research leverde drie adviseurs aan de commissie-Elias. Een van hen was Steven Djohan. Hij is de man achter de e-mails die we krijgen toegespeeld over de corrupte betalingen aan een Amsterdamse manager. Djohan is een hardwerkende onderzoeker, herinnert ICT-deskundige René Veldwijk zich. Veldwijk was nauw betrokken bij de commissie-Elias en had in die rol ook met Steven Djohan te maken: ‘Steven voerde alle gesprekken. Het was duidelijk dat de teksten die we bespraken van hem kwamen. Hij kwam over als een bescheiden jongen. Ik twijfelde op dat moment absoluut niet aan zijn integriteit.’ 

    Twee jaar na de presentatie van het rapport-Elias vertrekt Djohan bij Policy Research Corporation. Samen met onder andere zijn collega Anouk Vos begint hij een eigen consultancybureau: Revnext. Een ‘strategisch adviesbureau voor high tech vraagstukken’, ronkt hun website. Revnext ‘adviseert het topmanagement van overheden, beursgenoteerde bedrijven en NGO’s’. Microsoft, Tesla, TNO en de gemeente Rotterdam staan vermeld als klant. Geen klein bier.

    Revnext timmert aan de weg, en de ster van Djohan en consorten rijst dan ook snel. In 2015 wint Vos, nu 33, de Lof Spotlightprijs voor Female Leadership. Twee jaar later wordt ze uitgeroepen tot Aanstormend Talent bij de verkiezingen voor Rotterdamse Zakenvrouw van het jaar. Revnext is jong en richt zich op nieuwe thema’s. De website staat bol van termen als cyber, clean tech en e-health

    ‘Hij zei tegen me dat hij daar een mannetje had zitten’

    Steven Djohan is de man die bij het nieuwe bedrijf de portefeuille ‘forensics’ beheert: hij leidt de fraude- en integriteitsonderzoeken. Zijn grootste wapenfeit op dat terrein behaalt hij bij de gemeente Rotterdam. Daar onderzoekt hij in 2017 de Waterfront-affaire, een grote fraudezaak waarbij de gemeente Rotterdam acht miljoen euro betaalde voor nooit uitgevoerde verbouwingen. 

    Win-winsituatie

    In het najaar van 2017 staat Revnext op het punt een nieuwe opdracht binnen te halen, ditmaal bij de Hogeschool van Amsterdam (HvA). Die heeft dringend privacy-experts nodig. Eind mei 2018 worden nieuwe Europese privacyregels van kracht en ook de Hogeschool moet daaraan voldoen. De afdeling Studentenzaken van de Hogeschool verwerkt immers gevoelige persoonsgegevens: studenten die medische problemen hebben of bij een psycholoog lopen, melden dat bij deze afdeling; paspoorten van internationale studenten worden gekopieerd en opgeslagen. Alle reden dus om kritisch naar het beheer van de studentengegevens te kijken. 

    Revnext maakt kans op de opdracht, maar er is één probleem: Revnext heeft geen experts in huis die ervaring hebben met het implementeren van de nieuwe privacyregels. Om de opdracht toch binnen te slepen, zoekt het bedrijf iemand met kennis van zaken. Zzp-er Ahmed Aarad, tevens auteur bij Follow the Money, wordt als privacydeskundige ingehuurd om namens Revnext bij de Hogeschool aan de slag te gaan.

    Het lijkt een win-winsituatie: Aarad zit op dat moment praktisch zonder werk en kan een opdracht goed gebruiken; Revnext kan sier maken met zijn expertise. En wie weet kan het bedrijf daarna ook elders geld verdienen aan de verscherpte regelgeving. 

    Volgens Aarad komt de offerte voor de Hogeschool vooral uit zijn koker. Djohan zorgde voor de contacten bij de Hogeschool: ‘Hij zei tegen me dat hij daar een mannetje had zitten.’ 

    "X. heeft ervoor gezorgd dat Revnext in aanmerking kwam voor de opdracht. Daar mag kennelijk best iets tegenover staan"

    Maar als Aarad vervolgens afspraken wil maken met Revnext over zijn uurtarief, gebeurt er iets vreemds. Djohan mailt dat Revnext 18 euro zal inhouden van de 120 euro per uur die de Hogeschool voor Aarad moet neerleggen. Dat is niet ongewoon. Wat Djohan vervolgens aan Aarad mailt, is dat wel: ‘Qua tarief wil ik de volgende afspraak maken: Een uurtarief voor dit traject van € 75. De afdracht is hoger dan normaliter omdat de lead via X. komt (oud-partner bij mijn vorige werkgever). Hiervoor heeft Revnext afgesproken ruim 15% aan hem af te dragen.’

    X. is een oud-collega van Djohan en heeft volgens Djohan gezorgd dat Revnext in aanmerking kwam voor de opdracht van de Hogeschool. En daar mag kennelijk best iets tegenover staan. Revnext houdt de beloning voor X. in op het uurtarief dat de HvA voor Aarad betaalt.

    Meer in de pijplijn

    In het Rotterdamse WTC, waar Revnext kantoor houdt, spreekt Aarad met Djohan en Vos over de vreemde gang van zaken. Aarad: ‘Anouk [Vos, red.] verzekerde me dat het een tijdelijke constructie was. X. zou een oud-collega of partner van Djohan zijn geweest. Ze zei er niet bij waar ze elkaar precies van kenden. Ik heb er verder ook niet naar gevraagd. Oud-collega’s die elkaar opdrachten toespelen, dat is business as usual in de ICT-wereld. Ik wist toen nog niet hoe de zaak echt in elkaar zat en welke positie X. bekleedde.’

    Voor Revnext en Aarad zitten wellicht meer opdrachten in de pijplijn: ook de Universiteit van Amsterdam heeft consultants nodig met kennis van privacyregels. De Hogeschool en de Universiteit delen een ICT-afdeling, dus het ligt voor de hand dat Revnext ook bij de Universiteit aan de slag gaat. Aarad gaat ervanuit dat hij nu meer zal verdienen. De afspraak met X., de voormalig collega van Djohan, is hier immers niet van toepassing — denkt hij. Maar Djohan en Vos maken hem duidelijk dat ze ook bij de UvA niet om X. heen kunnen. 

    Djohan mailt Aarad: ‘Voor opdrachten voor de HvA en UvA gelden dat deze via oud-collega X.  zijn gekomen (...) en daar zijn afspraken mee gemaakt. Als we opdrachten doen voor bijv. andere scholen/universiteiten (…), waar we niet aan X. vastzitten dan willen we andere afspraken.’

    ‘Revnext lijkt onterecht bevoordeeld te zijn’

    X. komt, net als Djohan en Vos, uit de stal van Policy Research Corporation. Djohan en X. hebben samengewerkt bij de ondersteuning van de commissie-Elias; Aarad krijgt nu ook te horen dat X. een manager is bij de HvA en de UvA. Hij is dus niet alleen een oud-collega, maar ook de opdrachtgever van Revnext. Voor hem gelden alle integriteitsregels die op medewerkers van de academie van toepassing zijn. 

    Fraude-expert Cees Schaap: ‘Dit lijkt kickback-fraude te zijn. Bedragen die worden afgeroomd voor eigen gewin van een opdrachtgever in een publieke organisatie. Dan heb je het over corruptie en oplichting. Dit levert normaal gesproken ontslag op staande voet op.’ Hoogleraar privaatrecht Chris Jansen is het daarmee eens: ‘Volgens de e-mails is sprake van zelfverrijking ten koste van de hogeschool en de universiteit.’ Jansen ziet ook overtredingen van de aanbestedingsregels: ‘Revnext lijkt onterecht bevoordeeld te zijn ten opzichte van andere bedrijven.’

    Face to face

    Aarad is woedend als hij de mogelijke omkoping ontdekt. ‘Ik wilde dit face to face met Djohan bespreken. Ik heb hem gezegd dat hij hiervoor vervolgd zou kunnen worden.’ Volgens Aarad wuift Djohan zijn bezwaren weg: ‘Geen zorgen, zei hij. In de toekomst zou dit niet meer voorkomen. Hij zou het gaan oplossen.’ Gefrustreerd besluit Aarad het Openbaar Ministerie in te seinen. Hij meldde de affaire afgelopen februari bij het parket Noord-Holland. Maar wanneer hij hoort dat het OM eerst per mail alle bewijsstukken wil ontvangen voordat hij met een Officier van Justitie kan spreken, haakt Aarad af. Hij schrikt terug voor de mogelijke gevolgen: ‘Ik was bang voor een civiele procedure door Revnext. De kosten daarvan zou ik nooit kunnen dragen.’

    De oplossing waarmee Revnext komt, is niet precies waar Aarad op hoopte. Het bedrijf weigert simpelweg om hem nog te betalen, zegt hij. ‘Ze wilden van me af. Ik kreeg te horen dat twee maanden niet uitbetaald werden omdat ik veel minder uren zou hebben gemaakt.’ Volgens Revnext heeft Aarad gesjoemeld met zijn werktijden, kwam hij soms niet op afspraken en viel het niveau van zijn werk tegen. Aarad spreekt dat tegen. De Hogeschool en de Universiteit zouden geen klachten hebben gehad. Sterker nog, ze waren zeer tevreden, zegt Aarad.

    X. zelf ontkent elke vorm van corruptie

    Omdat de zzp’er financieel in zwaar weer zit, gaat hij uiteindelijk akkoord met de uitbetaling van de helft van zijn uren. Naar de rest van zijn geld kan hij fluiten, vertelt hij.

    Privédetectives

    De Hogeschool en de Universiteit zitten met de kwestie in hun maag. Met bijna hoorbare opluchting laat de persvoorlichter na een paar dagen weten dat er in elk geval geen aanbestedingsregels zijn overtreden. Maar op de vraag hoe eigenlijk is onderzocht of manager X. Revnext heeft bevoordeeld, krijgen we geen antwoord. In een officiële reactie van de Hogeschool en de Universiteit lezen we: ‘De e-mails zijn aanleiding voor ons om een en ander nader te laten onderzoeken door een onafhankelijk, extern expert. Afhankelijk van de conclusies van het onafhankelijk onderzoek zullen wij passende maatregelen nemen.’ 

    Die onafhankelijk expert is Hoffmann Bedrijfsrecherche. De privédetectives van Hoffmann is gevraagd uit te zoeken of er illegale betalingen zijn gedaan. Hoffmann neemt op verzoek van de Hogeschool en de Universiteit vooral X. onder de loep: ‘Die werkt voor ons, dat geldt niet voor Revnext.’ En, meldt de woordvoerder er opgetogen bij: ‘X. geeft vrijwillig volledige openheid van zaken.’ 

    X. zelf ontkent elke vorm van corruptie. ‘Ik heb geen afspraken gemaakt met Revnext over ontvangst van een percentage van het uurtarief van Revnext of enige andere vorm van commissie. Dergelijke afspraken heb ik ook niet met andere bedrijven gemaakt.’ Hij zegt geen enkele invloed te hebben gehad op de selectieprocedure. De HvA en de UvA stellen dat anderen de definitieve keus voor Revnext hebben gemaakt. 

    Naïef geweest

    Djohan klinkt zenuwachtig wanneer we hem telefonisch met de e-mails confronteren. Hij wil de zaak graag toelichten. We spreken af in een café bij het Rotterdamse World Trade Centre. Djohan en een collega zitten klaar met een Cola Light en een stapel documenten naast zich. E-mails, contracten en bankafschriften. Die zouden moeten bewijzen dat er nooit steekpenningen zijn betaald. 

    "Heeft Djohan, die nota bene de fraudeonderzoeken leidt, nu echt niet door dat hij de schijn van omkoping op zich laadt?"

    ‘Ik ben naïef geweest’, zegt Djohan. Omstandig legt hij uit dat Revnext Aarad graag een kans wilde geven, maar niet zeker was van zijn expertise. Aarad bleek geen afgestudeerd jurist te zijn, en had hij wel de juiste ervaring? Djohan wilde een groter deel van het uurtarief afromen om zo een buffer te creëren voor eventuele tegenvallers. Lees: als Aarad door het ijs zou zakken, zou Revnext budget hebben om andere mensen in te huren. Maar, zo zegt de consultant, omdat hij Aarad niet voor het hoofd wilde stoten, verzon hij een smoes om de hogere afdracht aan Revnext te verklaren. ‘En daarom zei ik dat we X. moesten betalen.’

    Maar waarom zou je een zzp’er inhuren wanneer je denkt dat je met hem een mislukte opdracht riskeert? En waarom zou je dan niet gewoon zeggen dat je hem minder betaalt omdat je risico’s moet afdekken? En vooral: heeft Djohan, de man die nota bene bij Revnext de fraudeonderzoeken leidt, nu echt niet door dat hij de schijn van omkoping op zich laadt, compleet met een paper trail, met zijn teboekgestelde opmerkingen over X.? ‘Daar heb ik ook spijt van, terugkijkend zou ik dat natuurlijk nooit weer doen,’ stelt Djohan. 

    Twee weken later zijn de conclusies van Hoffmann Bedrijfsrecherche binnen: van corruptie is hen niets gebleken. De e-mails van Revnext zijn geschreven omdat het bedrijf een hogere marge wilde vangen op de inhuur van Aarad. Er is niets illegaal betaald en niets illegaal afgesproken. Dat heeft Djohan tegen Hoffmann gezegd, en tegen de Hogeschool en Universiteit. De speurders van Hoffmann hebben geen aanwijzingen gevonden dat Djohan hierover zou liegen. Wel krijgt Revnext per direct zijn congé. De Hogeschool en Universiteit noemen de handelswijze van het bedrijf kwalijk. Maar X. treft geen blaam, zeggen de onderwijsinstellingen. Hij mag dus blijven. 

    Niet geloofwaardig

    Ondanks onze herhaalde verzoeken weigeren Hogeschool en Universiteit te vertellen hoe diepgravend het onderzoek van Hoffmann was. Zijn bijvoorbeeld alle transacties van de betrokken partijen bekeken? En hun onderlinge communicatie in e-mails en WhatsApp? Ook Hoffmann doet daarover geen mededelingen. 

    ‘Dit lijkt een smoes achteraf’

    Of we nu afzien van publicatie, vraagt de persvoorlichter. Er is immers niets aan de hand? Maar hij wil ons geen inzage geven in het onderzoeksrapport.

    Het verhaal van Revnext klinkt niet geloofwaardig, vindt fraude-expert Cees Schaap: ‘Dat lijkt een smoes achteraf om iets dat eerder is misgegaan te rechtvaardigen’. Chris Jansen, hoogleraar privaatrecht: ‘Dit klinkt als een noodsprong. Het komt me niet geloofwaardig voor dat je iemand waarvan je denkt dat-ie gaat falen munitie geeft om je kapot te maken. Door zoiets op te schrijven kun je in grote problemen komen.’ 

    Die problemen komen inderdaad wanneer de e-mails uitlekken en we Ahmed Aarad vragen zijn verhaal te vertellen. Volgens Revnext handelt Aarad uit rancune, maar die stelt dat hij niet het type is om te zwijgen over misstanden en dat hij aandacht wil genereren voor de schimmige praktijken in de consultancybranche. ‘Als ik dat niet doe, wie doet het dan wel?’

    Ton Elias staat nog steeds achter zijn conclusies. Alle geruchten over corruptie in de ICT-wereld ten spijt, hij heeft de bewijzen nooit gezien. Op de vraag aan Elias hoe hij ‘met de kennis van nu’ terugkijkt op het werk van Djohan en consorten, zegt hij: ‘Als er indertijd sprake was geweest van niet integer gedrag, dan had ik dat als voorzitter van de commissie zeker gemerkt. Ik ben niet doof of blind.’

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Sander Rietveld

    Onderzoeksjournalist bij het BNNVARA-programma Zembla.

    Volg Sander Rietveld
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren