De dood of de gladiolen

    In zijn columns voor Follow the Money zal politicoloog Sander Boon zich buigen over de twee belangrijkste begrippen van onze tijd: schuld en vertrouwen. 'Zonder vertrouwen is schuld niets waard.'

    Schuld en vertrouwen. Het zijn de twee belangrijkste begrippen van onze tijd. In mijn columns voor FTM zal ik analyseren hoe het ervoor staat met zowel de schuld als ons vertrouwen erin. 
     
    De reden voor mijn focus? Schuld vormt het fundament van onze welvaart. Het vertrouwen in schuld is essentieel voor een goede werking van ons financiële systeem. Waarom? Omdat in ons op schulden gebaseerde monetaire en financiële systeem de schuld van de een het bezit van de ander is. Zonder schuld geen handel, zonder schuld geen bezit, zonder schuld geen welvaart.
     
    Wat maakt schuld waardevol? Het vertrouwen dat we hebben in de waarde ervan. Zolang het vertrouwen in de verdiencapaciteit van de schuldenaar groot is, vertrouwen beleggers erop dat de verschuldigde rente zal blijven binnenkomen en de schuld aan het einde van de looptijd zal worden afgelost. Decennialang was in de reële en financiële economie het vertrouwen in de toekomst zo groot, dat er een grote bereidheid was om steeds meer te lenen en meer schulden te maken. Het grote vertrouwen in schuld maakte dat we een groot deel van ons spaargeld erin hebben belegd. Paradoxaal genoeg werden we door meer schulden te maken dus steeds rijker.
     
    Systeemcrisis 
    De crisis van 2007 markeerde een kentering, een mentaliteitsverandering. De populariteit van het aangaan van, sparen in en verhandelen van schulden daalde snel. Omdat het economische vertrouwen in de toekomst en daarmee het vertrouwen in eerder gemaakte leningen wegviel, denk aan de sub-prime hypotheekleningen, is er een schuldencrisis ontstaan. Het vertrouwen in de waarde en daarmee de verhandelbaarheid van schuld is sterk gedaald. Door het langzamerhand wegvallen van het vertrouwen is de crisis verworden tot een systeemcrisis die aan de fundamenten van onze welvaart raakt. Een belangrijke factor hierin is het feit dat er in de financiële sector een groot gebrek is ontstaan aan leningen van hoge kwaliteit.
     
    Tot het begin van de kredietcrisis werden zowel staatsobligaties als obligaties uit de private sector gebruikt als onderpand voor verdere kredietcreatie of voor het verzekeren tegen en speculeren op prijsverschillen van valuta, aandelen of andere vermogenstitels. De crisis maakte een abrupt einde aan het gebruik van schulden uit de private sector, die waren besmet en daardoor onbruikbaar geworden. Alleen ‘risico vrije’ staatsobligaties voldoen sindsdien aan de hoogste standaard om te kunnen gebruiken bij doorrollen van bestaande schulden en bij speculeren of het creëren van nieuwe kredieten. Alleen landen met een hoge kredietwaardering zijn nog in staat om aan de vraag van de financiële sector te voldoen en schuld van hoge kwaliteit te ‘produceren’.
     
    Maar aan de productie van nieuwe staatsschuld komt een eind, omdat ook daarin door gebrek aan economische groei langzamerhand het vertrouwen wegvalt. En als het vertrouwen in deze schuld wegvalt, vervalt de basis onder onze welvaart, omdat we collectief ons spaargeld erin hebben belegd. De paradox is nu dat bezuinigen zowel moet als niet kan.
     
    Sander Boon 
     
     
    Animal spirits 
    Omdat bezuinigen of stimuleren niet mogelijk is en economische groei door de hoge collectieve schuldenlast moeilijk is te realiseren, reageren centrale bankiers door het noodgedwongen aanzetten van "de geldpers". Door het opkopen van schuld houden ze prijs ervan hoog en door deze tactiek proberen ze het vertrouwen in de waarde van schuld te herstellen. Dat het aanzetten van de geldpers noodzakelijk is om het vertrouwen in schuld te herstellen laat zien dat we in een ongekende crisis verkeren. Het vertrouwen dat we nog hebben in ons geld wordt hiermee in de waagschaal gesteld, met als gevaar dat het vertrouwen in zowel geld als schuld verloren gaat. Toch hebben beleidsmakers geen andere keuze. De populariteit van het aangaan van, sparen in en verhandelen van schulden moet weer terug naar de periode van voor 2007.
     
    Slechte schulden (hypotheekobligaties), ongewilde schulden (langjarige staatsobligaties) of voor monetair beleid strategische schulden (korte staatsobligaties) worden door centrale bankiers opgekocht om de rente laag te houden, het banksysteem te ontdoen van slechte schulden, het monetaire systeem te stabiliseren, valuta te devalueren en het financiële systeem te voorzien van kwalitatief hoogwaardig cashgeld. Door te signaleren dat schulddeflatie geen optie is, proberen ze het publiek ervan te overtuigen dat het geld weer kan (en moet) rollen. De zogenaamde ‘animal spirits’ moeten weer terug! Inflatie en een hogere omloopsnelheid van geld is wat ze nu vurig wensen.
     
    Vuurgevaarlijk
    Het is echter spelen met vuur. Onze schulden zijn dermate hoog, dat een eventueel snel oplopende inflatie niet kan worden beteugeld met hogere rente. Schuldenaren kunnen dat niet betalen. Een combinatie van hogere omloopsnelheid en lage rente leidt in dat klimaat al snel tot hogere prijsinflatie en afnemend vertrouwen in ons geld. Niet de gladiolen, maar de dood kan dan volgen, want in ultimo resulteert het verlies van vertrouwen in geld tot een implosie van het op vertrouwen gebaseerde monetaire en financiële systeem. Dat hoeft overigens niet verkeerd uit te pakken. De weg naar een beter fundament voor het systeem ligt dan namelijk open.
     
     

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Sander Boon

    Sander Boon (1971) is politicoloog. Na zijn studie werkte Sander bij politieke denktanks en hij specialiseerde zich in financ...

    Lees meer

    Volg deze auteur en blijf op de hoogte via e-mail

    Volg Sander Boon
    Verbeteringen of aanvullingen?   Tip de auteur Annuleren