Beeld © JanJaap Rypkema

Scientology versus internet, deel 2: Inval bij XS4all

In 1995 brak een internationaal conflict uit op het toen nog prille internet. De inzet: wie is aansprakelijk voor wat gebruikers online doen? In Nederland hielp Karin Spaink die kwestie te definiëren. De tien jaar durende rechtszaak die Scientology tegen haar en XS4all voerde over wat zij op internet publiceerde, heeft grote invloed gehad op het internetrecht in Nederland. Vijfentwintig jaar na dato doet Spaink verslag van de zaak. In dit deel: Scientology doet een inval bij XS4all en claimt auteursrechtschending.

Over deze serie
  • Dit is deel 2 van een serie. In de eerste aflevering (‘Doom’) beschreef ik de opkomst van het publieke internet, een dan nog vrijwel ongereguleerd medium. Het beviel Scientology totaal niet dat critici en oud-leden daar vrijuit hun kennis over en hun ervaringen met de sekte konden delen. Toen er bovendien delen van ‘geheime’ cursussen van de sekte op nieuwsgroepen werden gedeeld, sloeg Scientology hard terug – zo hard, dat ze daar vooral nieuwe vijanden mee schiep. In dit deel beschrijf ik hoe die internationale ruzie oversloeg naar Nederland.
  • Er volgen nog vier afleveringen; op 1 januari publiceert Follow the Money het laatste deel.
Lees verder

Op 5 september 1995 verscheen een onrustbarend bericht van Rop Gonggrijp, een van de oprichters van XS4all, op de nieuwsgroep nl.hacktic.heibel:

‘Op dit moment vindt ten kantore van XS4ALL in Amsterdam een gerechtelijke beslaglegging door gerechtsdeurwaarder (Dhr. Braan) plaats. Deze beslaglegging houdt verband met een vermeende inbreuk op het auteursrecht en geschiedt met verlof van de president van de rechtbank en wordt onderbouwd door artikel 444 lid 1 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering. De eiser is de Scientology-sekte die claimt dat er copyright schendingen plaatshebben, onder andere in de WWW-directory van de gebruiker “fonss”.
Meer nieuws volgt snel.....’

In gewone taal: een abonnee van XS4all had volgens Scientology stukken van de sekte op zijn website staan. Daarom was er nu een inval bij de provider, en liet de sekte beslag leggen op de boedel van XS4all. Minder gewoon: Amerikaanse vertegenwoordigers van de sekte vergezelden de deurwaarder en waren bij de inval aanwezig.

Terwijl de deurwaarder serienummers noteerde, begon Scientology zelf alvast de stekkers uit de computers van medewerkers te trekken

Later hoorde ik hoe die beslaglegging was verlopen. Noch de deurwaarder, noch de vertegenwoordigers van Scientology wisten hoe een internetprovider feitelijk in elkaar steekt. Nadat iedereen was binnengelaten en het doel van het ‘bezoek’ was toegelicht, noteerde de deurwaarder braaf alle serienummers van de computers van de kantoormedewerkers. (Niemand sloeg acht op de aanpalende serverruimte, die het hart van XS4all vormde, en waar het werkelijke kapitaal van de isp zacht zoemend zijn werk deed.)

Terwijl de deurwaarder serienummers noteerde, begon Scientology zelf – vermoedelijk ingegeven door hun gewenning aan de Amerikaanse justitiële mores – alvast de stekkers uit de computers van medewerkers te trekken, met het plan die mee te nemen. De deurwaarder moest ze tegenhouden: dit was een conservatoir beslag, ze konden alleen een inventaris laten opmaken. Verder was het devies: handen thuis.

De steen des aanstoots: het Fishman Affidavit

Net als veel andere Nederlandse internetters keek ik na Gonggrijps alarmerende bericht subiet wat voor vreselijks er op de website van die Fonss stond. Het bleek te gaan om een deel van de FACTnet kit, een verzameling documenten van en over Scientology. Die had ik op internet inmiddels al vaker voorbij zien komen, na de poging van de sekte in januari 1995 om de nieuwsgroep over hen om zeep te helpen.

FACTnet was een vrij jonge Amerikaanse organisatie van voormalig Scientology-leden, die anderen wilden waarschuwen en informeren over de tactieken van de sekte. FACTnet vreesde een inval van Scientology en verspreidde haar archief over de sekte uit voorzorg via internet. Iedereen die dat wilde, kon dat downloaden, en desgewenst zelf publiceren. 

Onderdeel van de FACTnet-kit was het zogeheten Fishman Affidavit. Oud-sektelid Steven Fishman had bij een notaris een beëdigde verklaring afgelegd over zijn behandeling door de sekte – hij claimde er te zijn ‘gehersenspoeld’ – en had ter adstructie delen van interne stukken van de sekte toegevoegd, die tot het cursusmateriaal voor de elite binnen Scientology behoorden. Wie zich dat materiaal terdege had eigen gemaakt, werd Operating Thetan (OT): iemand die tijd, ruimte, materie en energie naar believen kon manipuleren.

Fun fact 1: Het Fishman Affidavit was onderdeel van een rechtbankdossier, en daarmee publiek toegankelijk. Maar de sekte deed er alles aan om die toegankelijkheid te dwarsbomen. Ze zette jarenlang een mannetje bij de betreffende rechtbank, die elke ochtend het dossier opvroeg om dat vervolgens de hele dag niet te gaan lezen, puur om te voorkomen dat anderen er toegang toe kregen.

Maar het was etalagepolitiek: je kon het dossier gewoon schriftelijk opvragen bij het secretariaat. Voor het luttele bedrag van 36,50 dollar kreeg je dan een kopie thuisgestuurd. Langs die weg had FACTnet een kopie van het Fishman Affidavit in handen gekregen, die het op kleine schaal verspreidde. Waarna iemand het op internet postte – einde geheim.

Fun fact 2: Steven Fishman citeerde in zijn verklaring een aantal pagina’s uit de OT-cursussen. Wie alle acht OT-cursussen met goed gevolg wilde afleggen, was bij elkaar ten minste 365 duizend dollar kwijt, volgens Scientology’s prijslijst uit de winter van 1994/95. Geen wonder dat de sekte koste wat kost wilde voorkomen dat delen van dit materiaal gratis uitlekten.

Fun fact 3: Terwijl Scientology openlijk belijdt dat haar doel is mensen te leren beter te functioneren en hun hersens en mentale capaciteiten beter te gebruiken – ‘scientology’ betekent volgens de sekte: ‘de wetenschap van kennis en van het leren zelf’ – claimt ze ook een kerk te zijn, met een eigen geloof. De inhoud van dat geloof wordt echter pas duidelijk bij de studie van de OT-cursussen. Wie nog niet zover is, weet van niets. Het is alsof de Rooms-Katholieke Kerk mensen lokt met de belofte van wierook en mooie psalmen, en je pas na tien jaar (en tegen betaling van een paar ton) voor het eerst hoort over God, de Heilige Drie-eenheid, de schepping en hemel en hel.

OT3, de belangrijkste en meest gelauwerde van de acht OT-cursussen, vertelt in tweehonderd handgeschreven pagina’s een bizar scheppingsverhaal. Zo bizar, dat veel leden die eindelijk aan OT3 toekomen, grandioos afknappen wanneer ze de tekst eenmaal onder ogen krijgen. OT3 zou ze immers tot een verlicht en bovenmenselijk wezen maken en hun brein bevrijden, zo was ze jarenlang voorgehouden.

Maar OT3 leert ze dat Xenu, de dictator van de Galactische Confederatie, met overbevolking in zijn planetenstelsel kampte. 75 miljoen jaar geleden propte hij daarom een deel van zijn volk in vliegtuigen (om precies te zijn: in DC-8-achtigespace crafts’) en liet ze daarmee naar de aarde (‘Teegeeack’) vervoeren, waar ze in vulkanen werden opgesloten. Daarin werden vervolgens waterstofbommen tot ontploffing gebracht. De miljarden zielen van deze mensen (‘Thetanen’) werden daarna gevangen, en 36 dagen voor grote tv-achtige schermen gezet om ze te indoctrineren met implants.

OT3 leert je vervolgens dat je al die body thetans de komende jaren stuk voor stuk via ‘auditing’ moet weg-therapieën, in dure cursussen

Sindsdien zwerven die zielen, nu totaal gedegenereerd, doelloos rond en nestelden zich als een soort regressieve bacteriën in en op ons lichaam, in de vorm van body thetans. Deze body thetans houden ons dom en klein.

OT3 leert je vervolgens dat je, nu je dat weet, al die body thetans de komende jaren stuk voor stuk via ‘auditing’ moet weg-therapieën, in dure cursussen, om weer de fully operating thetan te worden die je ooit was, op de planeet waar wij mensen volgens Hubbard oorspronkelijk vandaan komen.

Xenu zelf werd uiteindelijk door een groep loyale officieren afgezet. Hij werd gevangen genomen en verblijft sindsdien in een ‘elektronisch beveiligde berg’. De locatie daarvan is onbekend.

Inderdaad: slechte science fiction.

Not-so-much-fun fact 4: Scientology claimt dat de OT-cursussen nooit zijn gepubliceerd en angstvallig worden bewaakt, zodat zelfs een paar woorden eruit citeren volgens hen al als auteursrechtinbreuk kwalificeert. Voor niet-gepubliceerd materiaal geldt namelijk geen citaatrecht. The Washington Post citeerde ooit in een lang artikel tweeëneenhalve zin uit de tweehonderd pagina’s tekst van OT3, een passage waarin Xenu wordt geïntroduceerd, en kreeg prompt een auteursrechtszaak aan de broek. (De sekte verloor.)

De stukken waarin het verhaal over Xenu en de body thetans wordt verteld, zaten in de FACTnet kit – en Fonss had die op zijn website bij XS4all staan.

Op 21 augustus 1995 deed Scientology een inval bij de twee FACTnet-oprichters thuis en nam hun computers mee (een kantoor had de organisatie niet). Kennelijk was Scientology nu ook buiten de Verenigde Staten op jacht naar exemplaren van de FACTnet kit. Vandaar de inval bij XS4all, nog geen twee weken na die bij FACTnet.

‘Onder andere’

Maar dat was niet de enige reden waarom Scientology het op XS4all had voorzien. Er zwierven immers andere exemplaren van de FACTnet kit rond op internet, zowel in Europa als elders, die Scientology ongemoeid liet. Rop Gonggrijp zei het al in zijn usenet-bericht: ‘…de Scientology-sekte [..] claimt dat er copyright schendingen plaatshebben, onder andere in de WWW-directory van de gebruiker “fonss”.’

Scientology was bovenal op jacht naar remailers. Ook bij XS4all draaiden er twee: Utopia en Replay, beide beheerd door cryptografie-kenner Alex de Joode. Anders dan penet.fi was Utopia volledig anoniem: zelfs de beheerder kon niet achterhalen wie wat had gepost of gemaild. Ook Utopia en Replay werden door critici gebruikt om stukken op alt.religion.scientology te posten. Er lagen inmiddels al diverse advocatenbrieven over Utopia en Replay bij XS4all op de mat, die steeds dringender van toon werden.

Gonggrijp vermoedde dat de remailers de werkelijke aanleiding voor de inval waren, en dat het Fishman Affidavit vooral een handige fall-back optie voor de sekte was

Kort voor de inval had De Joode besloten zijn remailer bij XS4all weg te halen; hij draaide die sindsdien elders. Maar dat wist niemand, buiten De Joode en XS4all – en zij waren niet van plan dat Scientology aan de neus te hangen. Rop Gonggrijp vertelde me jaren later dat hij vermoedde dat de remailers de werkelijke aanleiding voor de inval waren, en dat de aanwezigheid van het Fishman Affidavit op de systemen van XS4all vooral een handige fall-back optie voor de sekte was.

Grenzen aan burgerrechten

Tegen die tijd kende ik zowel Rop Gonggrijp als Felipe Rodriquez, de beide oprichters van XS4all, al enigszins. Ik mailde ze na de inval of ik wellicht kon helpen. Ze reageerden vriendelijk maar terughoudend. ‘Je verzint vast wel iets,’ schreef Rop, of woorden van gelijke strekking. Ik mailde ook Fonss, maar die gaf geen sjoege.

Inmiddels had een andere gebruiker van XS4all, Johan Wevers (een stamgast van nl.eeuwig.september), een mirror van de FACTnet-kit op zijn website bij XS4all gezet. En iemand die vroeger actief was op het oude Hacktic-bbs, Newkid, had een mirror op zijn website bij Cistron gezet, een kleine isp uit Alphen aan de Rijn die in april 1995 was begonnen. Fonss had zijn pagina bij XS4all inmiddels verwijderd, kennelijk geschrokken van de dreiging.

Pas een paar dagen later drong tot me door wat ik kon doen. Scientology’s inval bij XS4all had uitgebreid het nieuws gehaald, maar werd steevast beschreven als een dispuut tussen een vrijheidslievende isp en een boze sekte. Maar dit ging niet alleen over een mogelijke auteursrechtenschending versus de vraag of auteursrecht hier werd ingezet als middel om anderen te censureren. Dit ging ook over welke rechten internetgebruikers hebben inzake hun vrijheid van meningsuiting. En dat is een kwestie die het belang van een individuele isp of gebruiker verre overstijgt.

Juist om de rechten van gebruikers te beschermen, was het belangrijk dat de gebruiker verantwoordelijk werd gesteld, en niet diens isp

Want inmiddels snapte ik dat, wanneer bedrijven (of sektes) providers verantwoordelijk konden houden voor wat hun abonnees op internet deden, de marges voor individuele gebruikers akelig smal zouden worden. Onder zo’n stelsel zouden isp’s zich immers genoodzaakt voelen om hun abonnees te beknotten, al was het maar uit voorzorg en zelfbescherming. Ze zouden de grenzen van de vrijheid van meningsuiting van gebruikers een stuk nauwer trekken dan het wetboek of de grondwet deed, simpelweg om te voorkomen dat zijzelf de ene rechtszaak na de andere moesten verduren.

Deze zaak raakte zodoende aan iets groters: juist om de rechten van gebruikers te beschermen, was het – het lijkt paradoxaal – belangrijk dat de gebruiker verantwoordelijk werd gesteld, in plaats van diens isp. Want die laatste optie zou leiden tot angstige en behoudende providers, die de grenzen van de vrijheid van meningsuiting van hun abonnees zo beperkt mogelijk zouden interpreteren. 

Deze zaak betrof dus ook de rol van providers op internet: waren ze een soort van high tech uitgeverij, die aansprakelijk is voor alles wat er op haar servers gebeurt, of waren ze – net als telefoonmaatschappijen – common carriers?

Common carriers zijn in principe gevrijwaard van rechtszaken. In nauw omschreven gevallen – en door een vooraf vastgelegde procedure te doorlopen – kan een gedupeerde de naam van een zich misdragende klant bij een telefoonmaatschappij opvragen. De klager moest het vervolgens zelf uitzoeken met die klant, desnoods via de rechter. De telefoonprovider ging vrijuit: die was slechts doorgeefluik. Voor internetproviders was zo’n set regels er niet: niemand wist wie aansprakelijk was voor wat.

Ineens moest ik terugdenken aan dat potje Doom. Ik vroeg Francisco het rechtstreekse telefoonnummer van zijn baas, de directeur van Planet Internet.

Een nieuwe bondgenoot

‘Ha Michiel, Karin hier. Ik wilde je iets vragen. Ik zou graag een account bij Planet Internet willen.’

‘Dat kan natuurlijk, maar waarom bel je mij daarvoor?’ zei Frackers.

‘Om je te vertellen wat ik met dat account van plan ben. Ik wil mijn website bij jullie gebruiken om daar die stukken van Scientology op te zetten.’

Frackers viel even stil. Na tien of vijftien seconden schraapte hij zijn keel en zei: ‘Hm. Tsja. Oké.’ Weer een pauze, korter ditmaal. Toen: ‘Ik denk dat je wel een gratis account bij ons kunt krijgen.’

En dat was dat: de grootste internetprovider van Nederland had me zojuist toestemming gegeven hen in het dispuut te betrekken, wetend dat een rechtszaak ophanden was. Nu was het niet langer een fittie tussen Scientology en XS4all, maar een gevecht tussen Scientology en het Nederlandse deel van internet.

Op 18 september zette ik de stukken op mijn nieuwbakken website bij Planet. Francisco schreef daags erna in The Daily Planet dat het gevecht zich had verbreed. Een paar dagen later maakte ik een soortement van persbericht dat ik in een paar Nederlandse nieuwsgroepen postte, en vroeg daar of anderen mijn voorbeeld wilden volgen.

Haast nooit durfde iemand door te zetten na de eerste aanschrijving door de sekte. Maar in Nederland was, na de inval bij XS4all, precies het omgekeerde gebeurd

Andere deelnemers meldden zich – waaronder veel mensen uit nl.eeuwig.september – en zetten het Fishman Affidavit op hun website. Iemand bij XS4all maakte een scriptje dat je alleen maar hoefde aan te roepen om het Affidavit op je website te plaatsen. Op 25 september meldde ik in alt.religion.scientology dat er iets gaande was in Nederland.

Daar wisten ze niet wat ze hoorden. In Engeland en de Verenigde Staten was de reputatie van Scientology van dien aard dat zowat iedereen bleek om de neus werd bij de eerste aanschrijving door de sekte. Slechts een enkeling durfde door te zetten. Maar in Nederland was, na de inval bij XS4all, precies het omgekeerde gebeurd: de provider gaf geen krimp en andere internetters sloten zich in de weken daarna aan. Weekblad De Groene Amsterdammer zette na mijn oproep de stukken op zijn website, omroeporganisatie TROS deed dat ook, en er deed zelfs een Kamerlid mee: Oussama Cherribi, lid van de VVD. Alt.religion.scientology stond paf. ‘Even a member of parliament is participating!?’

Ik begon een (aanvankelijk dagelijkse) mailinglijst voor alle deelnemers om ze de laatste ontwikkelingen te melden en hield alt.religion.scientology op de hoogte. Pas na een week had ik voor het eerst tijd om dat Fishman Affidavit – de kern van de FACTnet kit – zelf eens goed te lezen.

Een kerk met een eigen inlichtingendienst

Al na twee pagina’s van om het even welk Scientology-document uit dat Fishman Affidavit duizelde het me. Niet alleen was elk stuk vergeven van afkortingen (die ik geen van alle kende), ook barstte het van ondoordringbaar jargon – alles leek expliciet bedoeld te zijn om een strikt gesloten gemeenschap te bedienen. Dit was een wereld waarin men doelbewust in code sprak. Er werd een taal gebezigd die als oogmerk had om de bokken van de geiten te scheiden: het waren de insiders tegen de outsiders. Wie iets niet snapte, hoorde er niet bij: U gaat terug naar af, U bent geen OT.

Vervolgens probeerde ik eromheen te lezen: wat was de geschiedenis van die club, hoe gingen ze te werk, hoe waren andere zaken verlopen die Scientology over haar auteursrechtenclaims had gevoerd, en welke argumenten gebruikten ze daarin? Hadden ze zelf eigenlijk iets op hun kerfstok? Klopten die naargeestige berichten over de sekte?

Alt.religion.scientology – in de wandeling: ars – werd mijn toevluchtsoord, vraagbaak en bibliotheek. Wat ik daar leerde, was niet mis. Scientology had een eigen inlichtingendienst, het Office of Special Affairs (OSA). De woordvoerder van de Nederlandse afdeling van Scientology, Julia Rijnvis, was er lid van. OSA was een behoorlijk grote en doortrapte organisatie; Rop Gonggrijp concludeerde al snel dat een gemiddeld Oostblokland jaloers op een inlichtingendienst van die omvang zou zijn geweest.

OSA had allerlei perfide acties op touw gezet. Er waren er twee waarvan mijn mond openviel: Operation Snow White en Operation Freakout.

Leden van Scientology wisten zich binnen te werken bij ten minste 136 overheidsinstanties, ambassades en consulaten in zeker dertig landen

In de jaren ’70 vatte Scientology het plan op om ‘iets te doen’ aan het negatieve beeld dat overheden van hen hadden. OSA – toen nog het Guardian’s Office geheten – besloot tot een omvangrijke operatie: het zou infiltreren bij tal van overheidsinstanties om daar negatieve informatie te laten verdwijnen. De operatie kreeg de naam Snow White: het blazoen zou worden schoongepoetst. Het was een immense onderneming.

Leden van Scientology wisten zich binnen te werken bij ten minste 136 overheidsinstanties, ambassades en consulaten in zeker dertig landen. In de Verenigde Staten infiltreerden ze onder meer bij de Belastingdienst en het ministerie van Justitie. Hun opdracht: ‘foutieve’ informatie over Scientology ‘corrigeren’. De order voor Operation Snow White kwam rechtstreeks van Hubbard zelf. De infiltranten plaatsten er telefoontaps, ze stalen, kopieerden en vernietigden documenten, en voegden hun eigen versies aan archieven of dossiers toe.

Het was de grootste infiltratie-operatie die de Verenigde Staten ooit hebben meegemaakt. De toenmalige echtgenote van L. Ron Hubbard, Mary Sue, werd uiteindelijk met zeven andere hooggeplaatste sekteleden veroordeeld en verdween achter de tralies; Hubbard zelf, die inmiddels was gevlucht, werd in het vonnis beschreven als een ‘unindicted co-conspirator’.

Door de invallen bij verschillende hoofdkwartieren van de sekte die volgden nadat de Amerikaans overheid doorhad wat er speelde, kwam een andere affaire boven tafel: Operation Freakout.

Journalist Paulette Cooper had in 1968 een scherp artikel over de sekte gepubliceerd, later gevolgd door een boek, The Scandal of Scientology (1971). Cooper werd het onderwerp van een grootscheepse laster- en intimidatiecampagne en werd meermaals door Scientology gedaagd wegens smaad.

Op zeker moment beschuldigde Scientology haar er zelfs van dat ze de kerk – nota bene schriftelijk – met bomaanslagen had gedreigd. Haar vingerafdrukken werden op het briefpapier gevonden. Cooper werd door de politie opgepakt, er volgde een inval bij haar thuis, en ze kwam enige tijd vast te zitten.

In de herfst van 1977, nadat de FBI een inval bij Scientology had gedaan, ontdekte die het interne dossier over Operation Freakout. De man die Cooper na de publicatie van haar boek had ontmoet, op wie ze verliefd was geworden en met wie ze inmiddels samenwoonde, was lid van de sekte en was door de organisatie op haar afgestuurd om haar een loer te draaien. Haar eigen vrijer had haar niet alleen jarenlang bespioneerd, maar was ook instrumenteel geweest in de fabricage van al het ‘bewijs’ tegen Cooper.

De manier waarop Scientology Cooper te grazen had genomen, bleek geen incident te zijn: het was beleid. Wie door de sekte tot ‘vijand’ wordt verklaard – een enemy of Suppressive Person – is vogelvrij: met of tegen SP’s en ‘enemies’ mag elk Scientology-lid straffeloos werkelijk alles doen. De kerk schrijft dat een vijand ‘may be deprived of property or injured by any means by any Scientologist without any discipline of the Scientologist. May be tricked, sued or lied to or destroyed.’ De praktijk staat intern bekend als Fair Game: wild waar je rechtmatig op mag jagen.

Van alt.religion.scientology leerde ik dat ook ik inmiddels een SP was, en Scientology had me al herhaaldelijk (en openlijk) een copyright terrorist genoemd. Ik besloot de remmen van mijn gehandicaptenautootje voortaan goed te controleren voordat ik erin wegreed.