Senator Kees de Lange staakt

3 Connecties

Onderwerpen

Bedreiging democratie

Organisaties

Overheid Eerste Kamer
16 Bijdragen

Senator Kees de Lange is maandag 15 en dinsdag 16 december in staking. Dat is in de Eerste Kamer niet zeer gebruikelijk en mogelijk uniek. Door een opeenstapeling van zogenaamd spoedeisende wetsvoorstellen is een zorgvuldige voorbereiding daarop onmogelijk. Niettemin worden hoogst gevoelige onderwerpen er door de coalitie en de Gedweeë Drie om partijpolitieke redenen overhaast door gejast. De burger verdient beter. De brief van De Lange aan de Kamervoorzitter volgt hier:

  Mevrouw Mr. A. Broekers-Knol                                                                                                             Voorzitter Eerste Kamer Monnickendam, 13 december 2014 Betreft: agenda Eerste Kamer op 15 en 16 december 2014   Geachte mevrouw de voorzitter, beste Ankie,   Onlangs ontving ik de definitieve agenda voor de vergadering van de Eerste Kamer die aanvangt op maandag 15 december om 14.00 uur en die naar verwachting zal eindigen in de vroege uren van  woensdag 17 december om 02.15 uur. De excessieve duur van deze vergadering zou het gevolg zijn van de noodzaak om diverse spoedeisende wetsvoorstellen nog voor de jaarwisseling af te ronden. Deze situatie leidt bij mij tot een aantal vragen: 1. Zijn alle voorstellen die nu geagendeerd zijn wel zo spoedeisend als beweerd wordt, of spelen partijpolitieke overwegingen een doorslaggevende rol? 2. Laat het tijdschema mij als volksvertegenwoordiger voldoende voorbereidingstijd om mijn controlerende rol zorgvuldig en verantwoord, dus naar behoren, uit te voeren? In het navolgende zal ik op beide vragen ingaan en van mijn antwoorden voorzien. Dat het om wetsvoorstellen zou gaan die stuk voor stuk geen uitstel tot na 1 januari 2015 kunnen velen, is aantoonbaar onjuist. Op dinsdag 9 december werd de behandeling van een als spoedeisend aangekondigd wetsvoorstel tot nader order opgeschort. Maandenlang is de Eerste Kamer door de regering voorgehouden dat de behandeling van het Belastingplan 2015 in elk geval vóór 1 januari 2015 diende te zijn voltooid. In recente contacten met de regering bleek de gesuggereerde urgentie opeens heel wat minder groot. Zo was het plotseling mogelijk  het spoedeisende begrotingsdebat V&J te verdagen tot een datum ergens laat in januari 2015. Een aantal andere wetsvoorstellen die zeer grote gevolgen hebben voor enorme aantallen burgers hebben geleid tot overhaast samengestelde lijvige aanvullende documenten van de zijde van de regering die ons soms pas gistermiddag bereikten. Niettemin is definitieve afhandeling van de betreffende wetsvoorstellen reeds voor over een paar dagen voorzien. Doordat de Eerste Kamer per definitie pas aan het einde van het behandelingstraject optreedt, is altijd het risico aanwezig dat eventuele tijdsproblemen in de Senaat het meest tot uiting komen. Dat is op zichzelf normaal, zoals het ook normaal is dat de leden van de Senaat enige flexibiliteit betrachten. Die flexibiliteit heb ik tot dusver ook altijd opgebracht. Om problemen op dit vlak te voorkomen zijn met de regering dit jaar zeer tijdig afspraken gemaakt over de deadlines die ten behoeve van een ordentelijke en verantwoorde behandeling in acht genomen zouden dienen te worden.
de behandeling van enkele wetsartikelen zou zonder grote problemen over de jaarwisseling heen getild kunnen worden. Dat daarvoor niet gekozen is, heeft helaas alles te maken met partijpolitieke overwegingen
In het College van Senioren is daar ook steeds met grote hardnekkigheid op aangedrongen. Van die afspraken is helaas weinig over gebleven. Bovendien is in een aantal gevallen de urgentie helemaal niet zo groot als gesuggereerd en zou de behandeling ervan zonder grote problemen over de jaarwisseling heen getild kunnen worden. Dat daarvoor niet gekozen is, heeft helaas alles te maken met partijpolitieke overwegingen. Een tweetal voorbeelden maakt dit duidelijk. Het zeer controversiële wetsvoorstel over de aanpassing van het financiële toetsingskader werd tot vorige week in de Vaste Commissie voor SZW niet als bijzonder urgent beschouwd. Door diverse partijen is betoogd dat het veel logischer zou zijn om dit voorstel pas te behandelen na afloop van de Nationale Pensioendialoog. Pas nadat overduidelijk achter de schermen een aantal partijen behorende tot de coalitie en de gewillige gedogers onder grote druk was gezet, veranderde de opstelling van partijen diametraal van richting. Graag wordt betoogd dat onafhankelijke standpuntbepaling in de Eerste Kamer een groot goed is. Kennelijk is het dienen van vermeende partijbelangen in de praktijk toch een groter goed dan het vertegenwoordigen en zorgvuldig wegen van de belangen van de burger. Zodra de zweep gehanteerd wordt, wordt het masochistische stemvee onmiddellijk terug in de grazige wei der politieke gehoorzaamheid gedreven. En ditmaal is het hek goed op slot. Een tweede voorbeeld kon zich een plek in het daglicht verwerven tengevolge van het digitale onbenul van één onzer Senatoren. Hierdoor werd pijnlijk duidelijk dat bij de vraag of een wetsvoorstel voor het einde van dit jaar afgehandeld moest worden niet het belang van de burger voorop stond, maar veeleer de wijze waarop mogelijk slechte publiciteit op een andere partij kon worden afgeschoven. U zult het mij niet kwalijk nemen dat deze gang van zaken mijn weerzin opwekt. Nu de spoedeisendheid van de behandeling van een aantal wetsvoorstellen met recht en reden betwijfeld kan worden, rijst de vraag in hoeverre onder de gegeven tijdsdruk nog sprake kan zijn van een verantwoorde, zorgvuldige en inhoudelijk goed voorbereide behandeling. Reeds in het College van Senioren op dinsdag 9 december heb ik in niet mis te verstane bewoordingen aangegeven dat onder de nu gecreëerde omstandigheden het voor mij onmogelijk is mijn rol als volksvertegenwoordiger te vervullen op een wijze die ik zelf als verantwoord beoordeel. Het gaat hier niet om een gebrek aan flexibiliteit, maar om overmacht. Onder de huidige tijdsdruk is het zelfs fysiek onmogelijk alle relevante stukken te lezen, laat staan om er een zorgvuldige mening over te formuleren. Evenzo is het onmogelijk om over wetsvoorstellen met een enorme impact op het leven van de gemiddelde burger zorgvuldig advies bij deskundigen uit mijn netwerk in te winnen. Diverse stukken komen daarvoor simpelweg veel te laat binnen en zijn te veel omvattend. De Eerste Kamer beroemt zich er graag op om binnen de volksvertegenwoordiging als 'Chambre de Réflection' te fungeren. Tot dusver heb ik het als een voorrecht beschouwd er deel van uit te mogen maken. Tot dusver heb ik me nooit beklaagd over de vaak grote werkdruk die dikwijls op de schouders van vertegenwoordigers van kleine fracties belandt. De ontwikkelingen van de laatste weken geven echter aan dat de Eerste Kamer zijn rol van 'Chambre de Réflection’ niet waarmaakt, en verwordt tot een 'Chambre de Manipulation'. Om tot de conclusie te komen dat die ontwikkeling ongewenst is, is dunkt mij geen Staatscommissie van staatsrechtgeleerden nodig. Ik meen oprecht dat wat zich thans afspeelt voor de positie en het gezag van de Eerste Kamer bij de burger buitengewoon ondermijnend werkt. Dat is dunkt mij zo ongeveer het laatste wat we in het huidige tijdsbestek nodig hebben.
onder de huidige omstandigheden kan ik mijn verantwoordelijkheid als volksvertegenwoordiger onmogelijk waarmaken
De conclusie moge duidelijk zijn: onder de huidige omstandigheden kan ik mijn verantwoordelijkheid als volksvertegenwoordiger onmogelijk waarmaken. Voor iemand die de hoogste prioriteit toekent aan inhoud, zorgvuldigheid  en onafhankelijkheid, en wiens stem bovendien niet te koop is, is de vergaderagenda van volgende week niet aanvaardbaar. Mij rest dan ook geen andere keus dan volgende week niet bij deze charade aanwezig te zijn. Graag verzoek ik u de overige leden van de Eerste Kamer van de gedetailleerde inhoud van dit schrijven op de hoogte te stellen. Aangezien ik ongetwijfeld over mijn afwegingen om niet aan de vergadering van komende week deel te nemen van veel kanten benaderd zal worden, beschouw ik de inhoud van deze brief als openbaar. Het staat u uiteraard vrij dat ook te doen. Ook verzoek ik u om een ontvangstbevestiging van deze brief. Een door mij ondertekend exemplaar van deze brief wordt u separaat toegezonden. Tenslotte rest mij nog u prettige feestdagen en een voorspoedige jaarwisseling te wensen.   Met vriendelijke groet   Prof. Dr. C.A. (Kees) de Lange www.cadelange.nl   c.c. Mr. G.J. Hamilton, griffier    

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Kees de Lange