© ANP / Bart Maat

    De 75 leden van de Eerste Kamer hebben in totaal 439 nevenfuncties. Volgens de senatoren zelf zijn deze functies noodzakelijk: op deze manier staan ze ‘met één been in de samenleving’. Die samenleving blijkt echter vooral te bestaan rondom de boardroom.

    Dit is het derde deel van onze serie over de Eerste Kamer. De eerste twee verhalen lees je hier.

    Wie goed zoekt op de site van de Eerste Kamer, vindt een schat aan informatie. Zo heeft SGP’er Peter Schalk vijf kinderen, wandelt Mary Fiers graag in de natuur en houdt VVD’er Menno Knip van vliegen. Ook kun je zien welke cadeautjes de senatoren krijgen: SP’ers Tiny Kox en Henk Overbeek ontvingen ieder een fles whiskey uit Armenië; de Taiwanese ambassade schonk PVV’er Marjolein Faber een ‘single malt whiskey’ van het merk Kavalan en CDA’er Anne Flierman een fles champagne van Moët & Chandon. Voor VVD-fractievoorzitter Annemarie Jorritsma geen drank vanuit Taiwan: zij moest het doen met een orchidee.

    Een schat aan weetjes dus, maar de echt interessante zaken zijn lang niet altijd in het register te vinden. Want hoewel Eerste Kamerleden nevenfuncties moeten openbaren, nemen ze het invulwerk niet altijd serieus. Zo ontdekten we in het handelsregister dat Joop Atsma ‘vergat’ zijn commissariaat bij Seaports Groningen en zijn voorzitterschap van de stichting Afrekenen met Winkeldieven op te geven. Paul Schnabel (D66) blijkt te huur voor lezingen en bij Ria Oomen (CDA) dook een bestuursfunctie bij de Oud-Limburgse Schuttersfederatie op. Zelfs na wederhoor bij de senatoren en fracties wordt niet altijd duidelijk op welke datum senatoren zijn begonnen (of juist gestopt) met bepaalde nevenfuncties. 

    Tegelijkertijd is het soms puzzelen om erachter te komen wat senatoren precies doen, en in welke sector ze dan werken. Zo is Jorritsma volgens de website van de Eerste Kamer commissaris bij Brandblock Global BV. Wat dat voor een bedrijf is, of in welke sector dat valt, staat er echter niet bij. Na intensief speurwerk kwamen we erachter dat Brandblock Global BV. aandeelhouder is van HG Groep, de fabrikant van (chemische) schoonmaakmiddelen als ‘stinkende wasmachinereinigers’ en ‘schimmelsprays’.

    Het verkrijgen van een actueel en volledig overzicht van alle nevenfuncties blijkt, kortom, meer voeten in aarde te hebben dan het downloaden van het Eerste Kamer-register. 

    Met de voeten in de modder

    En dat is opmerkelijk. Want niet alleen gaat het hier om een vertegenwoordigend orgaan dat transparant zegt te zijn over zaken als nevenfuncties, het zijn juist al die (bij)banen die de Eerste Kamer zo bijzonder maken.

    Althans, dat zeggen de leden van de Eerste Kamer zelf. Op een zomerse dag in 2014 spreken de senatoren over hun eigen integriteit in de grote vergaderzaal. Dankzij de nevenfuncties staan ze midden in de samenleving, zo luidt de communis opinio. ‘Met hun voeten in de modder’, noemt Greetje de Vries-Leggedoor van het CDA het. Haar collega Marijke Vos (GroenLinks): ‘Met de kennis en ervaring die je elders opdoet, kun je wetsvoorstellen beoordelen. Dat heeft een bijzondere meerwaarde.’

    De werkelijkheid blijkt weerbarstiger. Onderzoek van Follow the Money wijst uit dat van de 439 (bij)banen die de 75 senatoren gezamenlijk bezitten, het in 261 gevallen (59 procent) een bestuurlijke of toezichthoudende functie betreft. Nog eens 78 baantjes (18 procent) hebben als functieomschrijving ‘adviseur’. Al met al zijn er veel meer bestuurs- en adviesfuncties dan senatoren in de Eerste Kamer.

    De meeste senatoren hebben dan ook niet één of twee bijbanen in de bestuurskamer. Wat heet: bijna een derde van de Eerste Kamer bekleedt vijf of meer functies als bestuurder of toezichthouder. Dit zijn overigens niet allemaal even zware functies: zo is Mary Fiers (PvdA) voorzitter van het Jeugdsportfonds Eindhoven, terwijl haar andere functie als toezichthouder bij een stichting voor begeleid wonen (SMO Helmond) waarschijnlijk meer tijd en energie kost. Senatoren hoeven niet aan te geven hoeveel tijd ze aan een nevenfunctie besteden; dat was voor ons dus niet te achterhalen.

    Stapelen van bestuursfuncties

    Het tegelijkertijd bekleden van meerdere bestuursfuncties staat bekend als ‘stapelen’. Na een reeks affaires in het openbaar bestuur ging de Tweede Kamer eind 2009 akkoord met een wetsvoorstel van SP-Kamerlid Ewout Irrgang om het aantal nevenfuncties te beperken tot maximaal vijf. Een functie als voorzitter telde dubbel. Deze regel was al gewoonte in het bedrijfsleven, maar moest ook gaan gelden voor de semi-publieke sector zoals ziekenhuizen, hogescholen en woningcorporaties.

    Saillant detail: op aandringen van de Eerste Kamer werden er uitzonderingen opgenomen in de wet. Zo tellen bestuursfuncties bij culturele en kerkelijke instellingen en goede doelen niet mee. Het wettelijk maximum van vijf bestuursfuncties geldt dus alleen voor grote instellingen binnen Nederland. 

    NRC Handelsblad maakte vier jaar geleden een inventarisatie van bestuurders die door deze uitzonderingsregels alsnog bestuursfuncties konden stapelden: ‘De wetgeving van Irrgang was destijds hard nodig om de machtsconcentratie van het old boys network tegen te gaan, met oud-politici als Loek Hermans (VVD) en Elco Brinkman (CDA)’, verklaarde Goos Minderman, hoogleraar public governance aan de Vrije Universiteit, destijds tegenover het NRC: ‘Die beschikten over tientallen toezicht- en andere nevenfuncties.’ Minderman constateerde eveneens dat ‘door de vele uitzonderingen twee doelstellingen van de wet in het gedrang komen: het vrijmaken van meer tijd voor toezicht en het verder openbreken van de old boys networks.’

    Lees verder Inklappen

    Vooral bij de VVD, het CDA, D66 en de PvdA stapelen senatoren met klussen als toezichthouder of bestuurder. Oud-staatssecretaris Joop Atsma (CDA) heeft bijvoorbeeld 17 bestuursfuncties. Daarnaast heeft hij nog twee adviesklussen en is hij directeur van zijn eigen adviesbedrijf Comoraat BV. Zijn collega Alexander Rinnooy Kan (D66) telt 17 bestuurs- en toezichthoudendefuncties, op een totaal van 29 (bij)banen. Janny Vlietstra van de PvdA telt 11 voorzitterschappen en andere bestuurlijke klussen en Frank de Grave (VVD, net vertrokken naar de Raad van State) 9.

    Een grotere fractie betekent logischerwijs meer senatoren en ook meer (bestuurs)functies. Daarom hebben we ook gekeken naar het gemiddelde aantal banen per senator. Ook hier blijken CDA en D66 ‘bestuurskampioen’. De tweekoppige SGP-fractie heeft in totaal 12 bestuursfuncties, met name in (lokale) kerkbesturen en christelijke-maatschappelijke organisaties.

    Experts

    Het argument voor de bijbanen is steevast hetzelfde: vakkennis en ervaring in andere sectoren maakt de senatoren beter geschikt om te reflecteren op wetgeving uit de Tweede Kamer. Het échte leven buiten Den Haag zie je immers dankzij alle (bij)banen, zo stellen de senatoren.

    Maar uit ons onderzoek blijkt niet alleen dat een ruime meerderheid van de senatoren vooral actief is in de boardroom; ze zijn ook nog eens in slechts enkele sectoren actief. Zo hebben wij geen enkele senator gevonden met een nevenfunctie in bijvoorbeeld de horeca, de industrie of detailhandel. De leden van de Eerste Kamer hebben vooral banen in Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (35%), Volksgezondheid (13%) en Landbouw, Natuur en Vee (9%).

    Bovendien zijn de meeste (bij)banen in Onderwijs, Cultuur en Wetenschap vooral te vinden in de culturele sector (denk aan debatcentra en concertgebouwen) en de academische wereld (zoals universiteiten en wetenschappelijk bureaus). De O van onderwijs raakt hierdoor ondergesneeuwd in de Senaat. We vonden geen senatoren die voor de klas stonden in het basis- of voortgezet onderwijs.

    ‘De Eerste Kamer staat niet een beetje uit het lood, ze helt vervaarlijk voorover’

    ‘De Eerste Kamer hangt uit het lood’, stelt Wim Voermans, hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Leiden, na inzage in onze database en cijfers. ‘Dat is in beginsel niet erg. Niemand verwacht dat de Eerste Kamer een een-op-een afspiegeling van de samenleving is. Maar de Eerste Kamer staat niet een beetje uit het lood, ze helt vervaarlijk voorover.’

    Voermans legt uit dat er altijd een oververtegenwoordiging van bepaalde sectoren en uit bestuurlijke gremia was. ‘Maar wie deze cijfers leest en dat kruist met de veelal academische achtergrond van de senatoren, ziet een enorme oververtegenwoordiging van de bestuurlijk-academische onderwijselite.’ 

    Dat is niet zonder risico’s. Voermans: ‘Ik ben als geen ander voor Nederland kennisland en bepleit aandacht voor academisch onderzoek en onderwijs, maar met deze oververtegenwoordiging van de academische kennissector en het onderwijsland wordt de Senaat meer en meer een soort Vereniging van Universiteiten.’ Hij wijst op de achtergrond van de senatoren: ‘Zelf zeggen ze dat ze al die nevenfuncties hebben om goed worteling te houden in de samenleving. Maar welk segment is dat eigenlijk? De top 5 procent van het inkomens- en opleidingsgebouw? De senatoren zijn bijna allemaal academisch opgeleid. Er zijn ook weinig hbo’ers, en maar acht senatoren hadden in 2015 een lagere opleiding.’

    Er is nog een ander probleem met het ‘poten-in-de-modder’-argument: is er nog sprake van expertise als een Eerste Kamerlid in drie of meerdere sectoren werkt? Of dik vijf, zoals de gemiddelde CDA-senator?

    Neem Joop Atsma (CDA): hij beschikt over nevenfuncties in de media, financiën, infrastructuur bouw, landbouw, verzekeringen en ontwikkelingssamenwerking. Ook Atsma’s christendemocratische collega Ria Oomen is van meerdere markten thuis: haar nevenfuncties zijn te vinden in het onderwijs, pensioenen, vastgoed, woningbouw en natuur. Janny Vlietstra (PvdA) houdt zich professioneel bezig met afval, zorg, onderwijs, cultuur, natuur en aardbevingen in Groningen. 

    Alexander Rinnooy Kan (D66) is niet alleen hoogleraar, maar heeft ook banen in de culturele sector, lokaal bestuur, goede doelen, vermogensbeheer en gezondheidszorg. Ook buigt hij zich professioneel over elektronica en kunstvezels (vanuit Japan). Wanneer Follow the Money Rinnooy Kan belt en hem vraagt hoe hij dat agendatechnisch allemaal voor elkaar krijgt –16 bestuursfuncties in 9 sectoren – geeft hij aan het ‘een beetje vage vraag’ te vinden. Hoewel hij ons zelf terugbelt, komt dat gesprek hem ‘heel ongelukkig uit’: hij komt net uit een vergadering.

    Tegelijkertijd zijn er ook senatoren met een duidelijk profiel. Zo heeft Wouter Zandbrink (PvdA) zich toegelegd op de visserij. Hij zit niet alleen in de vereniging Mosselhandel, maar houdt zich eveneens bezig met de kwaliteit van schelpdieren. Een ander voorbeeld is Annelien Bredenoord (D66): als hoogleraar medische ethiek houdt zij zich vooral bezig met medisch-ethische kwesties (zoals stamcellenonderzoek) en zetelt in diverse wetenschappelijke adviesraden.

    VVD-senator en oud-generaal der mariniers Frank van Kappen heeft twee nevenfuncties: hij geeft af en toe les aan Het Nederlands Instituut voor Internationale Betrekkingen ‘Clingendael’ en is als adviseur verbonden aan The Hague Center for Strategic Studies.

    Onvolledige registers

    Zoals uit ons vorige artikel bleek, is maar van 46 procent van de functies bekend of die betaald worden, en zo ja voor hoeveel. Zodoende is het niet altijd duidelijk voor de buitenstaander of een senator met baantjes in negen sectoren een ‘baantjesjager’ is, en of een senator die zich duidelijk specialiseert in een sector de belangen van zijn werkgever kan scheiden van het algemene belang. 

    Maar juist deze transparantie over nevenfuncties is onontbeerlijk, zo constateerde Greco, het Europese samenwerkingsverband voor preventie van corruptie, in juni 2013. De Nederlandse volksvertegenwoordigers in de Eerste en Tweede Kamer kenden te weinig regels om de integriteit goed te bewaken; er werd teveel aan de fracties van politieke partijen zelf overgelaten. ‘Politici bepalen zelf of sprake is van belangenverstrengeling,’ concludeerde Greco. Maar er werd ondertussen nooit gedebatteerd over het thema integriteit.

    Greco deed daarom een aantal aanbevelingen: voor de Eerste Kamer was het vooral van belang een register te maken dat volledig up to date is en eenvoudig publiekelijk te raadplegen is. Daarin staan nevenfuncties en een omschrijving van werkzaamheden binnen een sector, als ook geschenken van boven de 50 euro en reizen die als senator zijn gemaakt. Tevens adviseerde het Europese samenwerkingsverband een intensieve integriteitstraining voor alle volksvertegenwoordigers, een register waarin alle lobbyisten staan die de Senaat bezoeken én het openbaren van het salaris dat in een nevenfunctie wordt verdiend. 

    Het openbare salaris werd subiet van tafel geveegd. In mei 2014, ruim een jaar na het rapport van Greco, oordeelde een speciale commissie van senatoren dat het opgeven van inkomsten niet nodig is, omdat het lidmaatschap van de Eerste Kamer een deeltijdfunctie is. Deze commissie, onder leiding van senator Willem Bröcker, zag ook niets in een lobbyregister zoals de Tweede Kamer dat kent. Senatoren vergaderen slechts één dag per week, en ontmoeten lobbyisten vooral buiten de muren van de Eerste Kamer, was het argument.

    Wat schuiven die (bij)baantjes eigenlijk?

    Oud-burgemeester Annemarie Jorritsma (VVD, geboren in 1950) krijgt AOW en pensioen. Maar ze is, zegt ze overal, niet echt het type om achter de geraniums te zitten. Dat klopt: als commissaris bij PwC ontving Jorritsma 62.500 euro, aldus het laatste jaarbericht van het accountantskantoor. Daarnaast toucheerde Jorritsma vorig jaar 27 duizend euro als president-commissaris bij nutsbedrijf Alliander. Voor haar werk in de Eerste Kamer krijgt ze 31.600 euro, als fractieleider verdient ze iets meer dan een gewone senator (29.800 euro). Wat ze verdient als voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Participatiemaatschappijen is onbekend, net als haar andere functies.

    Voor zover mogelijk hebben we proberen te achterhalen hoeveel senatoren verdienen met hun (bij)banen. Het salaris van bestuursfuncties in de (semi)publieke sector is altijd openbaar, maar adviesfuncties weer niet. Zo konden we achterhalen dat Thom de Graaf (D66) 22 euro terugbetaalde aan de Vereniging van Hogescholen om tot de eurocent aan de Balkende-norm te voldoen. Hij is daar voorzitter en verdient er 162.900 euro. We schreven al eerder over de worsteling van de Senaat met de Balkende-norm

    Daarnaast heeft De Graaf (die binnenkort vice-voorzitter wordt van de Raad van State) nog 17 betaalde en onbetaalde functies. Bij Transdev, een transportbedrijf, toucheerde hij als commissaris 14 duizend euro. Maar wat hij als adviseur bij de Orde van Advocaten krijgt, is niet te achterhalen.

    Naar aanleiding van onze vorige publicatie gaven twee senatoren — allebei van de SP — zelf openheid over hun salaris. Meta Meijer is bij haar partij personeelsfunctionaris en verdiende volgens haar loonstrookje vorig jaar 31.930 euro; haar collega Hans-Martin Don is sinds eind vorig jaar landelijk directeur Jeugdbescherming & Reclassering bij het Leger des Heils en krijgt daarvoor 86 duizend euro. Daarnaast heeft hij nog wat bestuursfuncties, bijvoorbeeld bij de voedselbank. Dat doet hij onbezoldigd, of het geld gaat naar het Leger des Heils.

    De salarissen die we vonden hebben we in onze dataset verwerkt. We staan echter nog steeds open voor meer informatie:

    Tip de redactie

    Lees verder Inklappen

    Over het opstellen van een gezamenlijke gedragscode was de commissie kort: ‘Te veel gedetailleerde regels kunnen verstikkend werken, problemen geven met uitvoering en handhaving en zelfs misbruik in de hand werken.’ Integriteitsvragen, aldus de commissie, betreffen ‘morele oordelen over persoonlijke belangen die in de tijd kunnen veranderen’. Daarom valt er volgens Bröcker niets centraal vast te leggen. ‘Het hebben van bepaalde belangen vormt op zichzelf geen probleem, het gaat erom dat de leden van de Eerste Kamer prudent omgaan met die belangen.’ Wat prudent is, bepalen de senatoren en politieke partijen zelf.

    Tijdens een debat hierover, een maand later, waren vrijwel alle senatoren het eens met de commissie. Het Reglement van Orde, zeg maar de regels van de Eerste Kamer, werd wel aangepast: ‘Ieder lid geeft zich rekenschap van de belangen die hij anders dan als lid van de Kamer heeft en waakt ervoor dat deze belangen niet leiden tot het op oneigenlijke wijze uitoefenen van zijn functie,’ staat er nu. Voorts moeten senatoren voortaan geschenken  boven de 50 euro en reizen opgeven.

    In het debat kraakten alleen senatoren Jan Nagel (50Plus) en Niko Koffeman (Partij voor de Dieren) een aantal harde noten. ‘Het heeft iets ongemakkelijks, in een gezelschap van louter nette mensen de eigen integriteit bespreken,’ betoogde de laatste ietwat ironisch. Hij verwees naar wijlen oud-minister Ien Dales (PvdA), die als eerste begon over het grote taboe. In 1992 wees zij op het probleem dat zij ‘machtsbederf’ noemde en dat breder is dan duidelijke gevallen van fraude en corruptie: ‘Machtsbederf draagt het element van ontbinding, verval en vervaging van normen an sich.’

    Kofferman toonde, net als Nagel, het ongemak dat kleeft aan het Senatorschap als deeltijdfunctie aan. ‘Nergens is vastgelegd met hoeveel andere deeltijd- of voltijdsfuncties het lidmaatschap van de Eerste Kamer te verenigen valt,’ stelde hij. En: ‘In de Eerste Kamer kan ongelimiteerd worden verdiend, zonder dat daar enige opgave van hoeft te worden gedaan.’ Ook merkte Kofferman op dat er geen limiet is aan het aantal commissariaten dat een senator mag hebben: ‘Je kunt nog zo veel cadeautjes en reisregisters voor leden van de Eerste Kamer bijhouden, maar als leden straks uit hoofde van een andere nevenfunctie kosteloos naar de finale WK voetbal gaan om Van Persie en Robben toe te juichen, blijft het register van de Eerste Kamer leeg.’ 

    ‘De Eerste Kamer moet uitkijken geen Regentenkamer te worden’

    Dat register blijft sowieso angstaanjagend leeg. Sinds december 2015 zijn slechts negen geschenken opgegeven: een kerstpakket, een paar flessen drank en de orchidee waarvan we eerder in dit artikel melding maakten. Twee senatoren registreerden een dienstreis: André Postema (PvdA) ging op kosten van het Beneluxparlement naar een Expo in Milaan (ter promotie van de Benelux) en Tiny Kox (SP) sliep drie nachten in hotel Oekraïne om in Moskou deel te nemen aan de conferentie van de democratisch socialistische partij Rechtvaardig Rusland. De partij betaalde. 

    Terwijl het reis- en geschenkenregister leeg blijft, trekt Greco nog steeds aan de bel. Zeven aanbevelingen deed het Europese samenwerkingsverband vijf jaar geleden aan de Tweede en de Eerste Kamer; slechts drie ervan werden overgenomen. Vooral bij de Senaat ‘waren er weinig ontwikkelingen’, bijvoorbeeld waar het de lobby betreft.

    Het doel was niet een register, waar de commissie-Bröcker en de Senaat uitvoerig over spraken. ‘Het doel is om de parlementariërs passende richtsnoeren te bieden over de “geboden en verboden” in hun contacten met lobbyisten, binnen en buiten het parlement,’ aldus Greco afgelopen juni.

    Duidelijke gedragsafspraken en transparantie, dus. Zaken waar ook hoogleraar Voermans op hamert: ‘Die senatoren zitten er niet voor zichzelf, of voor hun eigen sector. Net als de Tweede Kamer vertegenwoordigt de Eerste Kamer volgens artikel 50 van de Grondwet “het gehele Nederlandse volk”. En elke kiezer die naar de Eerste Kamer kijkt, ziet dat dat niet het geval is.’

    Volgend jaar maart stemt Nederland bij de provinciale statenverkiezingen; vanuit de provinciale staten worden de leden van de Eerste Kamer weer aangewezen via een stelsel van zogeheten ‘getrapte verkiezingen’.

    ‘Je niet vertegenwoordigd te weten door zo'n scheef samengestelde Kamer van de volksvertegenwoordiging voedt sentimenten van vervreemding en frustratie bij kiezers,’ zegt Voermans. ‘Mijn stemt telt toch niet, er verandert toch niets, mijn belang telt niet: dat soort gevoelens. En het is nog waar ook. De Eerste Kamer moet goed uitkijken geen Regentenkamer te worden. Als dat te ver doorschiet, zal de Nederlandse politieke democratie daar een hoge prijs voor betalen.’

    Wederhoor

    In de periode tussen 23 juli en 10 september hebben wij meermaals contact gehad (of geprobeerd te leggen) met zowel de individuele senatoren als hun Kamerfracties. Zodra er onduidelijkheden waren over de functies, hebben wij in eerste instantie contact opgenomen met de senator en in tweede instantie met de fractie. 

    Op zondagavond 9 september ontving Follow the Money via de D66-fractie een vriendelijkere en meer uitgebreide reactie van senator Alexander Rinnooy Kan over zijn 29 (bij)banen: ‘Het tijdsbeslag van elk van mijn nevenfuncties beperkt zich op jaarbasis tot een klein aantal vergaderingen. Dat is dus met betrekking tot tijd, in combinatie met mijn nul-uren-aanstelling aan de UvA, heel goed te doen. Het overgrote deel is adviserend of toezichthoudend en levert geen vergoeding op.’

    Hij vervolgt: ‘Ik accepteer alleen nevenfuncties als ik een inhoudelijke bijdrage denk te kunnen leveren vanuit opgedane kennis of eerdere ervaring. De basis daarvoor werd onder meer gelegd in mijn hoogleraarschap en rectoraat aan de Erasmus Universiteit, mijn voorzitterschap van VNO-NCW en SER en mijn bestuursfunctie bij ING. In het bijzonder het werkterrein van VNO-NCW en SER is bijzonder breed en overdekt zeer vele terreinen van overheidsbeleid.’

    Als ‘PS’ meldt hij dat zijn voorzitterschap van de Koninklijke Hollandsche Maatschappij der Wetenschappen inmiddels is beëindigd. ‘Het voorzitterschap van de jaarlijkse Avond van Wetenschap en Maatschappij is inmiddels ook doorgegeven aan de Eerste Kamer.’

    Deze laatste aanpassingen zijn niet meegenomen in de database – omdat het meetpunt augustus 2018 is, kunnen wij (door ontbreken van een einddatum) niet zeker weten wanneer ‘inmiddels’ is ingegaan. Daarnaast is bij aanvang van het project besloten de ‘sluitdatum’ van onze dataverzameling te stellen op 1 september 2018.

    ‘Het is belangrijk transparant te zijn over je nevenfuncties,’ benadrukt VVD-fractievoorzitter Annemarie Jorritsma in een schriftelijke reactie. ‘Dat begint met het correct opgeven in het register, maar eindigt daar niet. Ik zal ook mijn collega’s nogmaals wijzen op het belang van het juist invullen van het register.’ Een regel voor het aantal nevenfuncties dat een senator mag hebben, kent de VVD niet. ‘Je moet altijd afwegen hoeveel tijd het je kost om iets goed te doen en of het kan botsen met andere belangen.’ 

    In een reactie laat PvdA-senator Vlietstra (11 bestuurlijke klussen) weten dat veel leden van een fractie ‘specialisten en generalisten’ zijn. De politica ziet ook zichzelf als generalist: ‘Vanuit mijn politiek-bestuurlijke achtergrond en de expertise die ik daarin heb opgedaan op meerdere beleidsterreinen ben ik lid en vaak voorzitter  van maatschappelijke organisaties op diverse terreinen.’ Vlietstra was onder andere wethouder en gedeputeerde voordat ze lid werd van de Eerste Kamer.

    Elco Brinkman, fractievoorzitter van het CDA, kwam maandagmiddag tot de conclusie dat ‘bij controle inderdaad is gebleken dat enkele banen niet op tijd zijn doorgegeven. Dat is niet de bedoeling en de missende functies zijn alsnog doorgegeven.’ En: ‘De CDA-fractie heeft het streven over alle functies en nevenfuncties van Eerste Kamerleden zo transparant en open als mogelijk te zijn.’ Brinkman had overigens zelf zijn adviesbureau Zijlraad BV. niet opgegeven.  

    Lees verder Inklappen

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Dieuwertje Kuijpers

    Gevolgd door 625 leden

    Geopolitiek junkie. Statistiek-pieler. Niet geïnteresseerd in politieke poppetjes, wel in mechanismes die deze voortbrengen.

    Lees meer

    Volg deze auteur en blijf op de hoogte via e-mail

    Volg Dieuwertje Kuijpers
    Verbeteringen of aanvullingen?   Tip de auteur Annuleren
    Over de auteur

    Kim van Keken

    Gevolgd door 463 leden

    Onderzoeker & straatrat. Struint het liefste Nederland door op zoek naar de mooiste verhalen. Controleert ook graag de macht.

    Lees meer

    Volg deze auteur en blijf op de hoogte via e-mail

    Volg Kim van Keken
    Verbeteringen of aanvullingen?   Tip de auteur Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    De #Lobbycratie

    Gevolgd door 707 leden

    Leven we in een lobbycratie of is lobbyen een wezenlijk element van een gezonde democratie? Zeker is dat de lobbywereld wordt...

    Lees meer

    Volg dit dossier en blijf op de hoogte via e-mail

    Volg dossier