© CC0 (Publiek domein)

    Vandaag mag je voor de laatste keer je mening geven via een raadgevend referendum. Één probleempje: de vraag die daarbij gesteld wordt — 'willen we de nieuwe Wiv, ja of nee?' — is eigenlijk de verkeerde. Wat we ons beter kunnen afvragen: mógen we die nieuwe Wiv wel invoeren?

    Vandaag vindt, tegelijkertijd met de gemeenteraadsverkiezingen, het raadgevend referendum over de Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (Wiv) plaats. Het publieke debat is de afgelopen maanden logischerwijs gegaan over de vraag die we vandaag als burgers mogen beantwoorden: willen we deze wet, ja of nee?

    Het debat spitst zich dus hoofdzakelijk toe op de noodzakelijkheid van de wet en de mogelijke gevaren ervan. Hiermee gaan we echter voorbij aan een minstens even belangrijke vraag: kúnnen (of mogen) we deze wet eigenlijk wel invoeren? Het antwoord op deze vraag blijkt ‘nee’ te zijn.

    En dat niet alleen: het massaal verzamelen van gegevens, of deze nou kabelgebonden zijn of niet, heeft al tientallen jaren plaats kunnen vinden. Met de invoering van de nieuwe Wiv op 1 mei gaat er dus eigenlijk maar weinig veranderen.

    Dit stuk in 1 minuut
    • Vandaag stemt Nederland over de nieuwe Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (Wiv). De vraag: willen we deze wet, ja of nee?
    • Maar eigenlijk wordt daarmee de verkeerde vraag gesteld. De vraag die we zouden moeten stellen: kunnen we deze wet wel invoeren? En als we dat doen, verandert er dan in de praktijk iets? Het antwoord hierop is twee keer 'nee'.
    • Verschillende Europese gerechtshoven hebben in eerdere zaken uitspraken gedaan die ook relevant zijn voor de Wiv. In het kort: de hoven besloten dat massasurveillance zoals die in de Wiv staat, in strijd is met de Europese wet. Ook de Raad van State betwijfelt of de Wiv voldoet aan de Europese regels.
    • De Wiv geeft de overheid geen nieuwe mogelijkheden. De inlichtingendiensten hebben zelf verklaard dat ze al vanaf 2005 in staat zijn om elektronisch verkeer op grote schaal af te tappen; ook hebben ze in 2012 verklaard een systeem te hebben dat massasurveillance mogelijk maakt.
    • Door de Snowden-onthullingen staat het vast dat er van deze capaciteit ook daadwerkelijk gebruik is gemaakt. Er is dus al op grote schaal getapt in Nederland. Ook weten we dat deze gegevens ongezien gedeeld werden met een buitenlandse inlichtingendienst; dit is in 2014 door minister Plasterk bevestigd.
    Lees verder

    Waarom de Wiv eigenlijk niet ingevoerd mocht worden

    We mogen het in het debat over de sleepwet voor het gemak vergeten, maar boven de Nederlandse wet- en regelgeving hebben we nog een andere wet: als lidstaat van de Europese Unie dienen we ons ook aan de Europese wet te houden.

    En wat blijkt: niet alleen is de nieuwe Wiv duidelijk in strijd met Europese wetgeving, ook strijkt deze in tegen fundamentele democratische waarden en de rechtsorde. Ik zal dit uitleggen aan de hand van vier uitspraken: drie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) en één van het Europees Hof van Justitie (EHvJ).

    Zaak 1: Szabo en Vissy tegen Hongarije

    Er bestaat in Europa een verbod op massasurveillance. Dit werd bekrachtigd door de zaak die Màtè Szabò en Beatrix Vissy in 2014 tegen hun thuisland Hongarije aanspanden.

    Szabo en Vissy werkten destijds bij de burgerrechtenorganisatie Tasz. Hun zaak ging specifiek over de TEK: de contraterrorisme-afdeling van de Hongaarse politie. Die drong clandestien huizen binnen en onderschepte brieven of e-mails. Daarbij hoefde de afdeling niet aan te tonen dat het doelwit onder verdenking stond; ook hoefde de politie het doelwit niet van het onderzoek op de hoogte te stellen.

    Szabo en Vissy kregen gelijk: het Hof kwam unaniem tot de conclusie dat massasurveillance in strijd is met het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens (EVRM). Volgens het Hof moet surveillance voldoen aan twee voorwaarden: er moet sprake zijn van een specifieke verdenking tegen een persoon of groep personen, en er moet bewezen worden dat de surveillance strikt noodzakelijk is om een specifieke dreiging te doen stoppen.

    Je kunt deze uitspraak opvatten als een de facto verbod

    Ook verwierp het Hof de constructie waarmee een minister zelfstandig kon besluiten om een persoon of groep onder surveillance te plaatsen. Volgens het Hof dient er toezicht te zijn dat  onafhankelijk is van de regering: een taak die in de praktijk door niemand anders dan de rechterlijke macht vervuld kan worden.

    Omdat massasurveillance zoals mogelijk is onder de nieuwe Wiv de eerste voorwaarde overduidelijk schendt, en er ook nog eens geen onafhankelijk toezicht plaatsvindt vanuit de rechterlijke macht met betrekking tot de personen die gesurveilleerd worden, kun je deze uitspraak opvatten als een de facto verbod.

    Zaak 2: Zakharov tegen Rusland

    In 2006 stapte de Russische uitgever Roman Zakharov naar het EHRM. Zijn klacht: in zijn land was sinds 1995 het System for Operative Investigative Activities (SORM) in gebruik. Dat systeem geeft Russische veiligheidsdiensten als de FSB toegang tot alle data- en telecommunicatie binnen het land.

    Na een procedure die bijna een decennium duurde, werd Zakharov in december 2015 in het gelijk gesteld. Bovendien oordeelde het Hof dat Zakharov niet hoefde te bewijzen dat hij persoonlijk risico liep dat zijn communicatie werd onderschept: aangezien het nationale systeem geen effectief rechtsmiddel bood aan personen die vermoedden dat ze aan geheim toezicht waren onderworpen, was de wet een belemmering van zijn mensenrechten.

    Hiermee onderschreef het Hof dat alleen over specifieke verdachte personen inlichtingen gewonnen mogen worden. Ineta Ziemele, één van de rechters van het Hof, voegde daaraan toe dat geheime surveillance zoals die zou worden uitgevoerd met de SORM ‘tot in haar diepste essentie in strijd is met de rechtsorde en de fundamentele principes van de democratie.’

    Zaak 3: Rotaru tegen Roemenië

    De derde uitspraak is uit 2000 en komt uit de zaak Rotaru v. Roemenië. AurelRotaru stapte naar het het EHRM met de klacht dat de Roemeense inlichtingendiensten data van en over hem bewaarden, zonder dat hij ooit de wet had overtreden.

    Het verzamelen van gegevens van niet-verdachte personen mág domweg niet

    De aanleiding voor de surveillance: Rotaru was in 1948 veroordeeld tot een jaar gevangenisstraf. Hij had twee brieven verstuurd naar de prefect van zijn district, waarin hij protesteerde tegen het afschaffen van de vrijheid van meningsuiting door het nieuwe communistische regime. In 2000, meer dan 50 jaar later, hadden de Roemeense inlichtingendiensten nog altijd beschikking over zijn data.

    Het Hof kwam tot de uitspraak dat het opslaan van informatie over het privé-leven van een persoon in een geheim register tegen de wet is. Bovendien valt openbare informatie binnen dit bereik als het het privé-leven van de persoon betreft.

    Zaak 4: Davis en Watson tegen het Verenigd Koninkrijk

    Dat brengt ons tot de vierde, meest recente, en misschien wel belangrijkste zaak: die van Europarlementariër David Davis en Tom Watson, vice-voorzitter van Labour, over de juridische haalbaarheid van Britse Snooper’s Charter. De politici stapten naar het Europees Hof van Justitie (EHvJ) omdat ze vonden dat de wet in strijd was met de Europese wet.

    Ook hier oordeelde het Hof — dit maal het hoogste gerechtshof van de EU — dat het willekeurig verzamelen van e-mails en andere elektronische communicatie door overheden illegaal is. Alleen gerichte verzameling van gegevens ter bestrijding van zware criminaliteit (inclusief terrorisme) is gerechtvaardigd. Bovendien stelde het Hof dat gegevens van niet-verdachte personen niet mogen worden opgeslagen en dat er onvoldoende onafhankelijk toezicht was op de uitvoering van de wet.

    Met andere woorden: het verzamelen en/of opslaan van gegevens van niet-verdachte personen mág domweg niet. Ook alle de rechters van het Britse Court of Appeal vonden dat de Snooper’s Charter in zijn huidige vorm ‘niet verenigbaar is met EU-wetgeving’. Dit opnieuw vanwege het gebrek aan waarborgen voor privacy en toezicht.

    Het gevolg: de wet moest aangepast worden, en eventuele onduidelijkheid over de vraag of massasurveillance nou wel of niet is toegestaan, is sinds begin dit jaar uit de wereld geholpen.

    Wat opmerkelijk is: normaal gesproken heeft Europa niets te vertellen over zaken die de nationale veiligheid aangaan. Toch heeft het EHvJ de zaak toegelaten. De reden: de fundamentele mensenrechten staan boven de nationale veiligheid.

    Uit deze vier uitspraken wordt één ding kristalhelder: het massaal aftappen van burgers zonder dat er tegen deze burgers individuele verdenkingen bestaan, mag niet. Op z'n smalst is het in strijd met de wet; op z'n breedst gaat het in tegen de fundamentele principes van onze democratische rechtsstaat.

    Ook de Raad van State is er niet gerust op dat de Wiv voldoet aan de Europese wet

    Dat ook de Raad van State er niet gerust op is dat de Wiv op alle onderdelen voldoet aan de geldende Europese wetgeving, blijkt wel uit haar advies:

    Daarnaast is de Afdeling met betrekking tot de proportionaliteit van met name de grootschalige gegevensverzameling (Big Data) er voorshands niet van overtuigd dat het voorstel en de motivering in de memorie van toelichting op alle punten daadwerkelijk voldoet aan de vereisten die voortvloeien uit het EVRM. 

    In het bijzonder heeft de Afdeling ernstige twijfels over de verenigbaarheid met het EVRM als het gaat om de bewaartermijn van drie jaar [...] Op het laatste punt adviseert zij om in het wetsvoorstel een substantieel kortere bewaartermijn op te nemen.

    Er zijn dus verschillende uitspraken op basis waarvan een zaak kan worden aangespannen tegen de Wiv. In combinatie met de twijfels die in het advies Raad van State reeds zijn verwoord, kan ik het me niet voorstellen dat zowel het Europees Hof van Justitie als het Europees Hof voor de Rechten van de Mens anders over de Wiv zouden oordelen dan zij in vergelijkbare zaken keer op keer hebben gedaan.

    Andere experts over de Wiv

    Het is evenwel niet met zekerheid te zeggen hoe een oordeel van het EHvJ of EHRM over de Wiv precies uit zou pakken. Dit omdat de Wiv nog steeds vaag is over de vraag waaróm deze bevoegdheden van surveillance noodzakelijk zijn. Ook ontbreekt het volledig aan onderbouwing die laat zien of de maatregelen wel effectief zijn.

    Precies op die punten roept de wet veel vragen op over zijn levensvatbaarheid. Eerder hebben diverse colleges van juristen, de Raad van State en een aantal hoogleraren die twijfel al geuit. Daarbovenop komt nog eens het rapport Mass Surveillance van Pieter Omtzigt, namens de Commissie Juridische Zaken en Mensenrechten van de Raad van Europa (waar 47 landen van deel uitmaken). Dat rapport trekt de duidelijke conclusie dat ‘massasurveillance een fundamentele bedreiging is voor de mensenrechten’.

    De Raad erkent dat er behoefte is aan ‘effectieve gerichte surveillance van verdachte terroristen en georganiseerde criminelen’. Tegelijkertijd wijzen zij op het feit dat onafhankelijk onderzoek in de VS aantoont dat er weinig aanwijzingen zijn dat massasurveillance een effect heeft gehad op terroristische dreigingen. Bovendien merkt de Raad op: ‘In plaats daarvan worden middelen die aanvallen kunnen hadden voorkomen afgeleid naar massasurveillance, waardoor potentieel gevaarlijke personen vrij kunnen handelen.’ Iets wat wij keer op keer op keer terug hebben zien komen.

    Jurist en privacy-expert Brenno de Winter stelt hierover het volgende: ‘We hebben gezien dat bevoegdheden van surveillance in het Verenigd Koninkrijk en Rusland uiteindelijk bij het Europese Hof sneuvelen. Ook minder vergaande bevoegdheden hebben in het verleden al geleid tot ingrijpen op basis van het recht op een persoonlijke levenssfeer. De kernvraag voor het opgeven van vrijheden is of het middel proportioneel is tot het doel en of je iets vergelijkbaars niet met mindere bevoegdheden kunt bereiken. Als die toets niet goed doorstaan kan worden dan zal de wet niet een lang leven beschoren zijn, omdat het niet door de mensenrechtentoets komt.’

    Matthijs Pontier, onderzoeker aan de Vrije Universiteit, voegt hieraan toe: ‘Er zijn al rechtszaken in voorbereiding voor als het kabinet de sleepwet na het referendum niet (voldoende) aanpast. Het kabinet zou er goed aan doen deze rechtszaken te voorkomen en nu direct al waarborgen in te bouwen, zodat deze rechtszaken niet meer nodig zijn.’

    Het Directoraat-Generaal Intern Beleid van het Europees Parlement verwoordde het misschien wel het beste in haar conclusie van het onderzoek Nationale programma's voor massasurveillance van personen in EU-lidstaten en hun verenigbaarheid met het Europees recht in 2013: ‘In any case, it appears clear that, in a democracy, large-scale surveillance restructures the very notion of security and protection of human beings as well as the conception we have of freedom and fundamental rights. The types of profiling that large-scale surveillance generates is highly discriminatory and disrupts social cohesion.

    Lees verder Inklappen

    Waarom er met de nieuwe Wiv niets gaat veranderen

    De Rijksoverheid stelt dat de nieuwe Wiv noodzakelijk is om het ‘kabelgebonden verkeer’ te kunnen aftappen. Op de informatiepagina staat bijvoorbeeld het volgende: ‘Het gaat dan vooral om het verzamelen van gegevens van telefoon-, e-mail- en internetverkeer. Of dit nu via de ether gaat of via de kabel.’

    Hiermee wekt de regering de schijn dat dit aftappen van kabelgebonden verkeer tot dusverre niet heeft plaatsgevonden. Sterker nog: dat dit zelfs helemaal niet kón plaatsvinden.

    Maar dat is niet helemaal waar.

    Iedereen die ooit in het serverhok van een internet- of telecomprovider heeft gewerkt, kan je de serverkast aanwijzen die daar op last van de overheid staat. Het doel: om het data- en telefoonverkeer op te vangen.  Sterker nog, de Telecommunicatiewet schrijft het volgende voor: ‘Aanbieders van openbare telecommunicatienetwerken en openbare telecommunicatiediensten stellen hun telecommunicatienetwerken en telecommunicatiediensten uitsluitend beschikbaar aan gebruikers indien deze aftapbaar zijn.’ 

    Belangrijk is ook te melden dat in de Telecommunicatiewet geen enkele beperking staat die het massaal aftappen tegen moet houden. Met andere woorden: het massaal onderscheppen en opslaan van data kan de overheid dus allang. 

    In Europa werd al voor 1998 alle email-, telefoon- en fax-communicatie routinematig onderschept

    De bewering dat het aftappen van kabelgebonden verkeer vóór de nieuwe Wiv niet mogelijk was, staat daarnaast haaks op wat we al weten over de geschiedenis van Signals Intelligence (Sigint) in Europa.

    Het Echelon-netwerk

    In de tweede helft van de twintigste eeuw kwamen er met enige regelmaat berichten naar buiten over het bestaan van een zogeheten ECHELON-netwerk. Dit wereldwijde systeem was ontworpen om persoonlijke en economisch berichtenverkeer te onderscheppen; het was ontwikkeld door de landen die het zogeheten UKUSA-akkoord hadden getekend (naast Nederland onder andere ook de VS, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland).

    Rond de eeuwwisseling besloot het Europees Parlement stappen te ondernemen om inzicht te krijgen in dit netwerk. Dit resulteerde in een tweetal onderzoeken: één in 1998 en één in 2001. Hoewel deze onderzoeken tal van interessante inzichten bevatten voor insiders, is in deze context vooral artikel 4 van hoofdstuk 4 van het ATPC-onderzoek uit 1998 relevant. Dit onderdeel, getiteld 'National & International Communications Interceptions Networks', stelt vast dat in Europa alle email-, telefoon- en fax-communicatie routinematig werd onderschept door de Amerikaanse NSA en het Britse GCHQ.

    In het onderzoek uit 2001 staat daarnaast dat de gegevens die men vandaag de dag metadata noemt ten tijde van het onderzoek al jaren werden verzameld en gedeeld met partners — iets wat in 2012 nog steeds aan de gang bleek te zijn. Ook bleken de gegevens voordat ze werden gedeeld niet onderzocht te worden door de nationale inlichtingendiensten — hetgeen in Nederland pas met de nieuwe Wiv wordt toegestaan.

    1,8 miljoen afgetapte telefoongesprekken

    In Nederland is in 2003, naar aanleiding van de aanslagen op 11 september 2001, een instantie opgericht die zich bezighoudt met het verzamelen van dit soort Signals Intelligence: de Nederlandse Sigint Organisatie (NSO), inmiddels deel van de Joint Sigint Cyber Unit (JSCU).

    "We weten dat kabelgebonden verkeer in Nederland is getapt vóór dit met de nieuwe Wiv legaal werd"

    In artikel 7 van het zogeheten ‘Convenant samenwerking AIVD en MIVD’ uit 2005 wordt toegelicht hoe de NSO is opgebouwd en hoe deze zal functioneren:

    ‘Sinds 2003 wordt door AIVD en MIVD gezamenlijk gewerkt aan de formele oprichting van de NSO. De organisatie van de NSO wordt in een aantal fasen opgebouwd. In de eerste fase wordt een organisatiedeel opgericht voor de aansturing en exploitatie van de satellietinterceptiecapaciteit. Dit deel zal voor 1 november 2005 gereed zijn. Vervolgens zal dit organisatiedeel worden uitgebouwd naar een NSO waarin ook de interceptie van hoogfrequent radioverkeer alsmede de interceptiecapaciteiten met betrekking tot e-mailverkeer met bijbehorende direct gerelateerde activiteiten zullen worden ondergebracht.’ (Nadruk door auteur).

    Uit deze laatste zin blijkt dat de tapbevoegdheid van de NSO zowel van toepassing is op ‘niet-kabelgebonden verkeer’ als op dataverkeer dat wél ‘kabelgebonden’ is. De diensten spreken hier immers over ‘interceptiecapaciteiten met betrekking tot e-mailverkeer’; e-mailverkeer is enkel mogelijk over het internet en is dus per definitie kabelgebonden. Deze mogelijkheid wordt pas onder de nieuwe Wiv van 1 mei 2018 wettelijk toegestaan

    Inmiddels weten we dankzij de Snowden-onthullingen dat dergelijk kabelgebonden verkeer in Nederland ook daadwerkelijk is afgetapt vóór dit met de nieuwe Wiv legaal werd. De NSA bleek in december 2012 namelijk al beschikking te hebben over 1.8 miljoen sets ‘metadata van telefoonverkeer in relatie tot Nederland’.

    Aanvankelijk leek het erop dat de NSA deze gesprekken zelf had onderschept, iets dat door toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Ronald Plasterk werd onderschreven in het tv-programma Netwerk. Later bleek dat echter onjuist: de gesprekken waren door de AIVD onderschept ‘in het kader van terrorisme-onderzoek in het buitenland’. Dat gaf Plasterk toe in een brief aan de Tweede Kamer over deze affaire, op 10 februari 2014.

    Het systeem is zo ontworpen dat het ook gebruikt kan worden voor andere bronnen

    Met deze brief bevestigde Plasterk tevens dat kabelgebondentelefoongesprekken en fax-communicatie inderdaad op grote schaal waren verzameld. Als antwoord op de vraag of hij met de uitspraak ‘Ik heb al eerder gezegd dat Nederland dat niet heeft gedaan’ tijdens het Algemeen Overleg op 6 november 2013 enkel doelde op ‘door Nederlandse diensten op Nederlandse bodem vergaarde metadata van gesprekken van Nederlanders met andere Nederlanders’, schreef de minister: ‘Ja. Om precies te zijn doelde [Plasterk] op kabelgebonden telefoongesprekken in of vanuit Nederland.’ Een goede aanleiding om nog eens te kijken naar wat men weet over de handelswijze van de AIVD en MIVD, en de rol van de 1.8 miljoen in Nederland onderschepte gesprekken daarin.

    Nieuw licht

    In het jaarverslag over 2012, dat kort voor de onthullingen van Edward Snowden werd gepubliceerd, staat een passagedie nieuw licht doet schijnen op de mogelijkheden die de inlichtingendiensten al hebben ontwikkeld en reeds hebben ingezet. Specifiek op pagina 62 staat onder de kop ‘Bulkdata: verwerving en analyse’ het volgende:

    'De AIVD heeft een systeem ontwikkeld waarin zeer snel nieuwe bronnen ontsloten en doorzoekbaar gemaakt kunnen worden. Hoewel het systeem opgezet is voor Sigint-data, is het zo ontworpen dat het ook gebruikt kan worden om grote hoeveelheden data uit andere bronnen snel op te slaan en doorzoekbaar te maken. Voor nadere analyse van deze grote hoeveelheden data heeft de AIVD applicaties ontwikkeld die rapportages en statistieken over specifieke trends kunnen produceren. Op het gebied van de analyse van Sigint-data zijn wij samenwerkingsverbanden aangegaan met buitenlandse collega-diensten.'

    Dit systeem blijkt al in gebruik te zijn, zoals we lezen op dezelfde pagina: 

    'Voor het verwerken en analyseren van informatiestromen heeft de AIVD in 2012 een nieuw systeem in gebruik genomen waarin targetgegevens uit verschillende bronnen kunnen worden geïntegreerd. Het doel hiervan is om vroegtijdig informatie te kunnen filteren en selecteren en om op een efficiënte manier de gedragingen van targets te kunnen analyseren. In 2012 is dit systeem als eerste ingezet voor het analyseren van reisbewegingen.'

    De AIVD is al sinds 2012 in staat om gegevens op grote schaal op te slaan en te analyseren

    Met andere woorden: de AIVD stelt zelf dat zij sinds 2012 in staat is om gegevens op grote schaal op te slaan en te analyseren — wederom iets dat pas met de nieuwe Wiv toegestaan is.

    Een volgende belangrijke ontwikkeling vond plaats op 3 juli 2014, toen de Convenant Joint Sigint Cyber Unit (JSCU) werd opgericht. In de Kamerbrief van minister Plasterk vinden we de taakomschrijving van de JSCU. Dat lijkt een bijna exacte samenvatting van de zaken die met de nieuwe Wiv worden gelegaliseerd: 

    ‘De JSCU is een gezamenlijke ondersteunende eenheid van de AIVD en de MIVD die in opdracht en onder verantwoordelijkheid van de AIVD onderscheidenlijk de MIVD zorg draagt voor:

    a. het verwerven van gegevens uit technische bronnen;
    b. het ontsluiten van gegevens uit technische bronnen opdat deze doorzoekbaar zijn en correlatie binnen en tussen deze bronnen mogelijk is;
    c. ondersteuning bij analyse, met name in de vorm van data-analyse, onderzoek naar cyberdreigingen en taalcapaciteit;
    d. het leveren van Sigint en Cyber capaciteit ten behoeve van de inlichtingenbehoefte van de AIVD en de MIVD, eventueel op locatie;
    e. innovatie en kennisontwikkeling op de taakvelden van de JSCU.’

    Het massaal aftappen van data kan dus allang. Vóór de invoering van de nieuwe Wiv was het simpelweg een publiek geheim dat de overheid die mogelijkheid had. Logisch ook: hoe kon de politie, die minder juridische capaciteiten heeft dan de inlichtingendiensten, anders al in de jaren ‘80 de vaste telefoon of faxmachine tappen?

    "We voeren het debat over de Wiv eigenlijk vanuit een verkeerde insteek"

    Waarom we dit debat met de verkeerde insteek voeren

    De nieuwe Wiv voegt niets toe dat de opsporings- en inlichtingendiensten eerder ontbrak — noch aan juridische, noch aan praktische mogelijkheden. We kunnen dus een aantal conclusies trekken:

    1. De Raad van State is niet overtuigd en heeft ernstige twijfels dat de Wiv op alle onderdelen voldoet aan de Europese wet- en regelgeving;
    2. Het EHRM en EHvJ hebben uitspraak gedaan in verschillende zaken die vergelijkbaar zijn met de ter discussie staande onderdelen van de huidige Wiv, en hebben bevonden dat deze in strijd zijn met de huidige Europese wet- en regelgeving en het EVRM.
    3. De inlichtingendiensten hebben zelf verklaard dat ze al vanaf 2005 in staat zijn om elektronisch verkeer, waaronder e-mail, grootschalig af te tappen. Ook hebben de inlichtingendiensten in 2012 verklaard dat er een systeem operationeel is dat massasurveillance mogelijk maakt.
    4. Door de Snowden-onthullingen en de nasleep van de affaire in 2013 en 2014 rondom de 1,8 miljoen onderschepte telefoongesprekken staat het vast dat er al op grote schaal in Nederland getapt is. Ook weten we dat deze gegevens ongezien gedeeld werden met een buitenlandse inlichtingendienst.
    5. De minister heeft in 2014 aan de Tweede Kamer bevestigd dat het op grote schaal verzamelen van kabelgebonden verkeer reeds heeft plaatsgevonden.

    We voeren het debat over de Wiv dus eigenlijk vanuit een verkeerde insteek. We bediscussiëren de wenselijkheid van de wet en hebben het over de voordelen en nadelen, alsof dit een hypothetisch scenario is. 

    Waar het debat over zou moeten gaan, is over de vraag of de nieuwe Wiv juridisch gezien wel mogelijk is, en of deze überhaupt iets toevoegt dat er niet al lang was.

    Symptoombestrijding

    Dan is er tot slot nog dit. In het kader van het oplossen van het terrorisme-probleem — waar deze wet officieel voor dient — werd ik door de Internet Society (ISOC) gevraagd om in debat te gaan met voorstanders van de Wiv. In het panel zat onder andere brigade-generaal Paul Ducheine.

    Mijn advies zou zijn: stem tegen

    Vlak voor het einde van het debat stelde ik Ducheine de vraag wat nou beter werkt tegen radicalisme en terrorisme: de Wiv, of harde maatregelen tegen een aantal landen in het Midden-Oosten die al vele decennia miljarden steken in de verspreiding van extremistisch gedachtengoed. Het financieren van terroristische organisaties als ISIS, Boko Haram en Al-Nusra door deze staten, is immers meerdere malen aangetoond.

    Helaas greep de debatleider direct in en gaf aan dat deze kwestie geen onderdeel was van het debat-onderwerp van die avond. En zo hebben we het, of je nou voor- of tegenstander bent, over symptoombestrijding — terwijl de daadwerkelijke oorzaken van terrorisme ongemoeid blijven.

    We gaan vandaag stemmen over een wet die vanaf dag één strijdig is met geldende wet- en regelgeving, die de diensten bevoegdheden geeft waar ze de facto al jaren gebruik van maken, en die op zijn best puur een vorm van symptoombestrijding is.

    Een willekeurige Nederlandse rechter kan op basis van de eerdere uitspraken tot dezelfde conclusie komen. In plaats van direct naar het gerecht te stappen, zijn we echter aan het discussiëren over de vraag of deze wet noodzakelijk is — een discussie die zinloos is op het moment dat die hele wet door een rechter verworpen wordt.

    Nu ja: het referendum is er toch gekomen, en vandaag mag u uw mening geven over deze wet. Mijn advies zou zijn: stem tegen. Een wet die strijdig is met Europese wet- en regelgeving, een wet die volgens meerdere rechters een gevaar zou vormen voor onze democratische verworvenheden, dat is een slechte wet. Zo’n wet kan de regering beter intrekken, anders brandt ze er in een later stadium haar vingers aan. En daar wordt niemand beter van.

    Correctie

    In de oorspronkelijke versie van die stuk werd gesteld dat nieuwe Wiv per 1 januari 2018 is ingegaan. Dat is incorrect: de nieuwe Wiv is uitgesteld tot 1 mei. Het artikel is aangepast.

    Lees verder Inklappen

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Ahmed Aarad

    Aanbestedingsjurist, freelance ICT'er, certified biologische cyberfarmer.

    Volg Ahmed Aarad
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    Referendum Sleepwet

    Gevolgd door 1604 leden

    Op 21 maart stemt Nederland over de Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten, in de volksmond ook wel de Sleepwet genoe...

    Volg dossier