Waarom moet er wel/niet gesneden worden in spoedeisende hulpposten?

    Zorgverzekeraars nemen de spoedeisende hulpposten in Nederland op de schop onder het motto 'less is more'. Maar is dat wel zo? Wetenschappers trekken de effectiviteit van een concentratiebeleid ernstig in twijfel.

    Nee, het draait niet om het geld. Belangenbehartiger Zorgverzekeraars Nederland benadrukt dat het concentreren van de spoedzorg in de eerste plaats een kwestie van kwaliteit is. Dat er meteen wat geld bespaard wordt is mooi meegenomen. En dat er wat eerste hulpposten zullen verdwijnen.. dat ligt wat lastiger. Ook al draait de communicatiemachine van Zorgverzekeraars Nederland overuren op dit dossier, het is en blijft een moeilijke boodschap. Het nieuws dat door deze concentratie van spoedzorg een aantal spoedeisende hulpposten (SEH's) gesloten zal worden - waaronder die van het Langeland ziekenhuis - riep de afgelopen maanden veel weerstand op. In het hele land maken gemeenten zich zorgen: gaat het sluiten van een SEH levens kosten? Zorgverzekeraar DSW stelt in ieder geval van wel. En ook ziekenhuizen komen in opstand. Wat is de beredenering achter de hervormingen in de regionale spoedzorg en waarom zou minder eerste hulp eigenlijk beter zijn? Een zoektocht naar de onderbouwing van de huidige hervormingen in de spoedzorg leidt al snel naar serieuze kritiek. De wetenschappers Teun Zuiderent-Jerak en Jeroen Postma van de Erasmus Universiteit Rotterdam stelden in 2013 in een onderzoeksrapport 'De Kwaliteit van spoedzorg' dat de onderbouwing 'concentratie = kwaliteit' zeker niet opgaat voor de hele spoedzorg. 'De discussie over de kwaliteit van de spoedzorg (…) wordt beheerst door een te smalle definitie van ‘spoed’. (…) Hiermee dreigt dat beleid, gezien haar smalle conceptuele en empirische basis, tot een forse verschraling van de zorg voor andere repertoires te leiden.'

    Kwaliteitsvisie

    Het idee om te gaan snijden de spoedzorg ontstond nadat zorgverzekeraars in 2011 met het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS) afspraken dat de zorg in Nederland geconcentreerd en gespreid zou moeten worden. Het idee: complexe behandelingen die weinig uitgevoerd worden zouden meer en meer in specialistische ziekenhuizen moeten plaatsvinden. Een principe dat wellicht ook voor de spoedeisende zorg op zou kunnen gaan. De zorgverzekeraars lieten het uitzoeken door KPMG met als resultaat de Kwaliteitsvisie Spoedzorg dat in 2013 openbaar werd gemaakt. Het onderzoek richtte zich op vijf hoogcomplexe aandoeningen. Het soort verwondingen dat je in een aflevering van ER zou verwachten zoals gescheurde buikslagaders, hartinfarcten en ernstige trauma's. Wat bleek? Grote gespecialiseerde traumacentra presteerden beter op dit soort zorg en wisten de patiënt in meer gevallen te redden dan kleinere hulpposten. Zorgverzekeraars Nederland concludeerde daaruit dat het voor de veiligheid van de patiënt dus altijd beter is om naar een gespecialiseerd traumacentrum te gaan.

    Geen winst

    Het onderzoek van KPMG wordt over het algemeen als gedegen gezien. Postma en Zuiderent-Jerak vallen het onderzoek in hun rapport ook niet direct aan, maar bevelen wel een zorgvuldige peer review aan 'omdat de vraagstukken soms selectief lijken te zijn beantwoord, terwijl verschillende gehanteerde aannames direct weersproken worden door de wetenschappelijke literatuur.'
    'Beloofde winst van concentratie-initiatieven op maatschappelijk- en patiëntniveau voor deze andere zorgtypen blijkt zelden aantoonbaar'
    Ze stellen dat het veel te beperkt is om enkel te kijken naar die handvol complexe behandelingen en noemen de aanname dat concentratie van zorg ook voor het overgrote deel van de spoedzorg tot betere kwaliteit en lagere kosten leidt 'problematisch'. Want buiten de vijf aandoeningen waar de Kwaliteitsvisie zich op richt, wordt de relatie tussen volume en kwaliteit nergens bewezen. Sterker nog. 'Beloofde winst van concentratie-initiatieven op maatschappelijk- en patiëntniveau voor deze andere zorgtypen blijkt zelden aantoonbaar wanneer er zorgvuldig casusonderzoek wordt uitgevoerd,' aldus Zuiderent-Jerak en Kool. De wetenschappers geven in hun rapport aan dat de ernstige spoedgevallen sowieso al weinig bij kleinere SEH's binnenkomen, omdat ambulancepersoneel de weg naar de grotere traumacentra al heel goed weet te vinden. Het risico om op een te lichte spoedpost te belanden valt voor een patiënt dus in de praktijk wel mee. Een kleine spoedpost wordt soms door de ambulance aangedaan om een patiënt eerst te stabiliseren voor verder vervoer naar een groter centrum. Of mensen melden zich er zelf met klachten die ernstig blijken te zijn. Zij worden dan eerst in de kleinere SEH behandeld en eventueel daarna naar een grotere spoedpost gebracht. Door de kleinere spoedeisende hulp uit te kleden, dreigt volgens Postma en Zuiderent-Jerak het totale aanbod te verschralen. Als 'lichtere' gevallen in het vervolg ook naar een grote eerste hulp verwezen worden dan brengt dat lange wachttijden met zich mee voor bijvoorbeeld een gebroken enkel.

    Onderhandelen

    De Erasmus-onderzoekers Postma en Zuiderent-Jerak zijn niet de enigen met kritiek op de manier waarop de grote zorgverzekeraars omgaan met de spoedzorg. Gezondheidseconoom Guus Schrijver ziet desgevraagd een nadelig economisch effect van het rücksichtslos snoeien van SEH's. 'Het is logisch dat ziekenhuizen in opstand komen als hun eerste hulppost gesloten dreigt te worden, want daarmee raken ze heel wat omzet kwijt. Dat kan de sluiting van een ziekenhuis tot gevolg hebben.' Ter info: de opbrengst van een eerste hulp zorgt voor grofweg een derde van de totale omzet van een ziekenhuis.
    Gebruik spoedzorg als wisselgeld
    Volgens Schrijver doen verzekeraars er om die reden goed aan om de spoedzorg als 'wisselgeld' te behandelen in bredere onderhandelingen over het zorgpakket. 'Je kunt dan bijvoorbeeld als een eerste hulp echt overbodig blijkt te zijn, aanbieden om die te ruilen voor een bepaalde behandeling uit een groter ziekenhuis. Het liefst een die veel uitgevoerd wordt en niet heel complex is. Dat is voor het ziekenhuis mooi, want het zorgt voor een nieuwe inkomstenstroom en zo wordt ook meteen voorkomen dat grote ziekenhuizen te groot worden.'   Zorgverzekeraars Nederland laat in een korte reactie weten bekend te zijn met het rapport, maar wil er verder niet over uitweiden.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Eelke van Ark

    Gevolgd door 1187 leden

    Eelke vond vanuit de Achterhoek de weg naar Follow the Money. Ze heeft zich vastgebeten in het Nederlandse zorgstelsel.

    Volg Eelke van Ark
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren