Strijd om medisch beroepsgeheim gaat onverminderd door

    Minister Edith Schippers van Volksgezondheid zet haar voet tussen de deur bij de spreekkamer. Door een wetswijziging zijn zorgverleners bij vermoeden van fraude straks verplicht privégegevens te delen. Het verzet tegen de voorgenomen wetswijziging zwelt aan. Staat het medisch beroepsgeheim op het spel?

    Minister Edith Schippers van Volksgezondheid wil het artsen gemakkelijker maken om medische gegevens te delen, want, zo stelt zij, ‘het medisch beroepsgeheim mag geen schuilplek zijn voor fraudeurs’. Bij het vermoeden van fraude dienen verzekeringsartsen en medisch adviseurs hun dossiers te overhandigen. Schippers werkt al sinds 2013 samen met haar collega’s van Justitie en Sociale Zaken om het wetsvoorstel rond te krijgen. De minister greep onder andere de schietpartij in Alphen aan den Rijn in 2011 aan om naar meer inzage in medische gegevens te streven. Het verzet tegen dit voorstel neemt toe, van zorgverleners maar ook van patiënten. Zo heeft patiënte Judica Berkelaar een klacht neergelegd bij de Nationale ombudsman. Ze vraagt de ombudsman om het wetsvoorstel in de prullenbak te werpen om te voorkomen dat de overheid straks alle persoonsgegevens in één database kan zetten. Ook is zij een petitie gestart onder de naam ‘vrije patiënt’. Verschillende prominenten in de zorg, waaronder Edwin Brugman, de directeur van de VvAA, en de Vereniging Praktijkhoudende Huisartsen, roepen op om de petitie te tekenen. Dat kan tot het einde van de maand. Daarna laat de ombudsman weten of hij werk gaat maken van deze kwestie.

    Alle persoonsgegevens in één database

    Overheidsinstanties krijgen met de wetswijziging de mogelijkheid om persoonsgegevens van burgers bijeen te brengen in één database. Dat is onderdeel van een aanpassing van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen. Het is een flinke lijst die onder andere bestaat uit zorgverzekeringsgegevens en informatie over persoonlijke bezittingen. Alle losse gegevens komen samen in het Systeem Risico-Indicatie. Van elke burger ontstaat zo een profiel, dat wordt getoetst aan vooraf bepaalde risicoprofielen zodat afwijkende personen eruit gefilterd kunnen worden. De inlichtingeneenheid is vrij om zelfstandig filters in te stellen. Aanvankelijk droeg het indicatiesysteem de naam ‘Systeem anonieme risico indicatie’. Op aanraden van de Raad van State is die naam gewijzigd, omdat ‘de naam Systeem anonieme risico indicatie een onjuiste indruk kan wekken. Uit dat systeem kunnen persoonsgegevens op naam worden verstrekt; de gegevens zijn dus niet anoniem, alleen versleuteld.’

    Medisch beroepsgeheim een groot goed

    Het medisch beroepsgeheim is een groot goed voor zorgverleners omdat het de vrije toegang tot gezondheidszorg waarborgt. Omdat het beroepsgeheim mogelijk maakt dat de patiënt alle relevante informatie met zijn hulpverlener kan delen, vanuit het vertrouwen dat persoonlijke informatie de spreekkamer niet verlaat. Sinds 1878 leggen alle medische studenten de artseneed af op het moment dat zij hun artsenbevoegdheid krijgen. In die eed staat letterlijk: 'Ik zal geheim houden wat mij is toevertrouwd'. Is een wijziging van de wet die hier tegeningaat noodzakelijk om fraude te bestrijden?
    Bestaande wetgeving biedt voldoende ruimte om fraude te bestrijden.
    Nee, zeggen onderzoekers van de Erasmus Universiteit. In opdracht van de minister onderzochten zij de verhouding tussen het medisch beroepsgeheim en maatschappelijke belangen. De bestaande wetgeving biedt volgens de onderzoekers voldoende ruimte om misstanden te bestrijden. Hierbij wordt verwezen naar de Hoge Raad, die consequent constateert dat doorbrekingen van het beroepsgeheim beoordeeld dienen te worden ‘in de concrete omstandigheden van het geval.’ Schippers stelt in een reactie op het rapport dat zij een wetswijziging wél noodzakelijk vindt, omdat zij de ruimte in bestaande wetgeving te beperkt vindt.

    De bevoegdheden van de verzekeraars

    De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) gaat nog een stap verder. Vanwege het belang van het opsporen van fraude achten zij het gerechtvaardigd dat ‘verzekeraars niet alleen dossiers mogen onderzoeken als er een vermoeden van fraude is, maar ook bij wijze van standaardcontrole.’ Daarvoor is het volgens de autoriteit nodig de privacyregeling scherp tegen het licht te houden. Zorgverzekeraars kunnen het beroepsgeheim inperken om controles uit te oefenen, iets dat zelfs de opsporingsautoriteiten niet mogen. Follow The Money deed hier recentelijk een onderzoek naar en dat leidde tot een uitzending van het KRO-programma De Monitor. Hier werd in beeld gebracht hoe zorgverleners die qua declaraties afwijken van het gemiddelde uiteindelijk in het verdachtenbankje belanden. Om hun onschuld aan te tonen worden zorgverleners gedwongen medische gegevens met de verzekeraar te delen.
    Om hun onschuld aan te tonen worden zorgverleners gedwongen medische gegevens met de verzekeraar te delen.
    Dit staat in schril contrast met de positie van het Openbaar Ministerie, dat buitengewoon voorzichtig te werk moet gaan om het beroepsgeheim niet te schenden. Strafzaken in de zorg zijn daarom complex en tijdrovend. Zo staakte het OM na twee jaar een strafrechtelijk onderzoek naar een Rotterdamse huidkliniek. Om fraude aan te tonen was het nodig om dossiers in te zien en zowel de FIOD als het OM hebben die bevoegdheid niet. Recent bleek dat de NZa de anonimiteit van persoonsgegevens niet kan garanderen. Volgens de NZa kunnen er ‘randen in de database zitten’, waardoor medische informatie toch herleidbaar kan zijn tot personen. Dit werd duidelijk tijdens een hoorzitting op 27 augustus bij de rechtbank Amsterdam tussen de NZa en de Open State Foundation.

    Grijpt de ombudsman in?

    De Raad van State is buitengewoon kritisch over het voorstel van Schippers. 'Zelfs wanneer een persoon voldoet aan twee kenmerken die duiden op een verhoogde kans op fraude is de daadwerkelijke kans op fraude klein'. Risicomelding zou daarom een onevenredig zware inmenging in het privéleven betekenen. Daarmee voldoet het niet aan de eis dat een inperking van een grondrecht proportioneel moet zijn. Wederom negeert Schippers de kritiek. Ook verschillende andere organisaties hebben zich tegen het voorstel gekeerd. Zo stelt de Vereniging Voor Verzekeringsgeneeskunde het een slecht idee te vinden omdat verzekeringsartsen geen onderdeel moeten uitmaken van de fraudebestrijding. Artsenfederatie KNMG kondigde eerder al aan in verweer te gaan wanneer het voorstel bij het parlement wordt ingediend. Raakt het wetsvoorstel aan de vrije toegang tot zorg en zet het de relatie tussen patiënt en arts onder druk? De groep ongeruste zorgverleners stelt van wel. Eind oktober wordt duidelijk of de ombudsman ontvankelijk is voor de klachten.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Jeffrey Stevens

    Gevolgd door 702 leden

    Jaagt op mensen en systemen die de Nederlandse zorg schade toebrengen.

    Volg Jeffrey Stevens
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren