Mensen maken een inburgeringsexamen op een toetslocatie van Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO), maart 2018.
© ANP Marco de Swart

Taalscholen spellen fraude tot op de letter

  • Ook die intaketoets kan frauduleus worden ingezet: extra streng toetsen, zodat de cursist veel uren moet maken voor het eindniveau

Taalscholen moeten nieuwkomers Nederlands leren, zodat ze inburgeren. Niet alle taalscholen opereren met die intentie, blijkt uit meldingen bij de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Zijn die gegrond, dan maakt ruim eenderde van de taalscholen op allerlei manieren misbruik van kwetsbare inburgeraars. Follow the Money brengt het verhaal achter de cijfers. ‘Ondernemers in deze scene zien alleen wandelende goudmijntjes.’

Op papier heeft de Syrische Nur een dossier vol kennis verzameld in haar Oriëntatie Nederlandse Arbeidsmarkt (ONA), een verplicht onderdeel van haar inburgering: ze kent de Nederlandse arbeidsmarkt, schreef sollicitatiebrieven, stelde een cv op. In werkelijkheid deed een taalschool dat voor haar, in ruil voor een paar honderd euro. ‘Ze hebben alles voor me gedaan, ik heb de onderdelen zelfs niet eens gezien of gelezen.’

Dat klinkt berekenend, en dat is het ook. Nur is niet de enige nieuwkomer die voor deze makkelijke weg kiest. Genoeg medecursisten krijgen ook nog een cadeaubon van MediaMarkt thuisgestuurd. Bedoeld voor een laptop, maar ze kunnen er net zo makkelijk een breedbeeld-tv van kopen. Niemand die dat controleert.

Eerste gedachte: ‘Dat is misbruik.’ Maar hoe gerechtvaardigd is dat? Uit onderzoek van Follow the Money en uit een brief van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan de Tweede Kamer blijkt dat kwaadwillende taalscholen maximaal profiteren van de marktwerking en eigen-verantwoordelijkheidgedachte die het inburgeringsstelsel sinds 2013 domineren.

Eenderde frauduleus

Het ONA-portfolio is niet het enige onderdeel waarmee gesjoemeld wordt. Vervalste handtekeningen onder officiële documenten, declaraties van lesuren die nooit hebben plaatsgevonden en onderdrukking en misleiding voor eigen gewin. In een brief aan de Tweede Kamer uit december 2018 blijkt dat minister Wouter Koolmees (D66) van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heel wat meer misstanden tegen is gekomen. Hij schrijft dat de Inspectie SZW in anderhalf jaar tijd 269 meldingen over 87 taalscholen ontving. Als alle meldingen gerechtvaardigd zijn, betekent dit dat ruim een derde van alle 227 gecertificeerde taalscholen zich met frauduleuze praktijken bezighoudt.

Dat is geen verrassing voor de tientallen taalschool-eigenaren, taaldocenten en cursisten die Follow the Money sprak. Zij zien al jaren hoe cowboys, voor wie cursisten niets meer zijn dan wandelende portemonnees, de inburgeringsmarkt overnemen. En hoewel het eerste geval van fraude bij toezichthouder Blik op Werk al in 2013 bekend was, richt die zich pas sinds september 2018 op het bestrijden van fraude.

Inspectie: Misstanden komen veelvuldig voor

In het Kamerstuk, dat als bijlage van de brief van minister Wouter Koolmees aan de Tweede Kamer werd gepubliceerd, merkt de Inspectie SZW op dat misstanden en fraude bij inburgering veelvuldig lijken voor te komen. Een groot aantal taalscholen lijkt op meerdere manieren ernstig misbruik te maken van gelden en de kwetsbare inburgeraar. Tussen mei 2017 en 28 november 2018 heeft de Inspectie 269 meldingen ontvangen. Bij vijftien taalscholen bestaat ‘een sterke tot zeer sterke indicatie’ dat er fraude plaatsvindt. Over 38 procent van het totaal aantal gecertificeerde taalscholen is minstens één melding bij de Inspectie gedaan.

Dat het hier om meldingen gaat, is van belang. Achter een melding gaat immers niet altijd een aantoonbare en bewijsbare misstand schuil. Daar staat tegenover dat niet alle misstanden worden gemeld, ook omdat inburgeraars vanwege hun kwetsbare positie niet snel tot melden overgaan. Daarom is het aannemelijk dat het aantal misstanden in werkelijkheid hoger is dan de analyse doet vermoeden.

Slechts 11 procent van de meldingen komt van instanties als DUO (9 procent) en Blik op Werk (2 procent). De meeste meldingen gaan over oneerlijke wervingsmethoden, met lokkertjes als cadeaubonnen en laptops. Die blijken gefinancierd te zijn uit het lesgeld van de cursist, terwijl dat geld daar niet voor mag worden gebruikt. De tweede grote groep klachten betreft declaraties voor lessen die deels of helemaal niet zijn gegeven. Die leveren het grootste financiële voordeel voor de taalscholen op.

Lees verder Inklappen

Keurmerk is kwaliteit

Nur kwam in de zomer van 2015 in Noord-Holland terecht. Ze was één van de bijna 20 duizend vluchtelingen die dat jaar naar Nederland kwam. Zo’n grote instroom had Nederland niet meer meegemaakt sinds Joegoslavië in een burgeroorlog belandde.

Twee jaar voor Nurs komst wijzigde de overheid het immigratiebeleid: voortaan was het de eigen verantwoordelijkheid van de inburgeraar om een taalschool te vinden. Statushouders krijgen een budget van tienduizend euro, uitgesmeerd over drie jaar, om de taal onder de knie te krijgen. Halen ze in die periode hun inburgeringsexamen, waarvan Nederlands het belangrijkste onderdeel vormt, dan zet het DUO deze lening om in een gift. Halen ze het niet, dan moeten ze dat geld in principe terugbetalen.

Inburgeraars krijgen het geld niet direct op hun rekening gestort, maar kunnen de facturen van hun taalschool bij DUO vooraf declareren. Op die manier wil de overheid voorkomen dat nieuwkomers het geld voor andere doeleinden gebruiken.

Ook moet een aantal regels de zwakke positie van de inburgeraar beschermen. Zo kunnen ze met hun lening alleen terecht bij taalscholen die het keurmerk van de stichting Blik op Werk hebben. Instellingen met het keurmerk leveren volgens deze toezichthouder bewezen kwaliteit.

Teken het contract en wij regelen alles voor je, zeggen ze

Dat alles resulteert in een puinhoop, constateren taalschool-eigenaar Ad Appel en taaldocent Natasha Huiberts in mei 2018 op Radio 1. Volgens berekeningen van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid waren er op dat moment bijna 85 duizend inburgeringsplichtigen. Daarmee is de potentiële schaal van de fraude snel uitgerekend: elke statushouder kan tienduizend euro DUO-geld in het laatje van een taalschool brengen. ‘Iedere ondernemer die zich in deze scene stort, ziet wandelende goudmijntjes,’ zegt Huiberts. Volgens haar gaat het sommige taalscholen niet om het helpen van mensen bij het inburgeren: ‘Het is pure business.’

Nur onderschrijft dat: ‘Ze willen dat je steeds opnieuw een contract tekent, ook als je niet tevreden bent over de kwaliteit. ‘Teken het contract en wij regelen alles voor je,’ zeggen ze dan.’

Laptop hier, cadeaubon daar

Dat cursisten zelf hun school kunnen kiezen, betekent ook dat ze bij slecht onderwijs van instelling kunnen wisselen. Mede daardoor lijkt er tussen taalscholen een ware strijd om de cursist losgebarsten, zo wordt zichtbaar in de meldingen die de Inspectie SZW ontving. Van de veertien gesignaleerde vormen van fraude kwam de ‘oneerlijke financiering van wervingsmiddelen zoals laptops en cadeaubonnen’ het meest voor.

Flevotaal-directeur Van Iperen hoort dergelijke verhalen ook van zijn cursisten. Sterker nog, hij ziet er zelfs cursisten door van zijn taalschool vertrekken. ‘Cursisten vragen mij regelmatig hoeveel geld ze nog van hun lening over hebben. Als hun lening bijna op is, vertrekken ze naar scholen die laptops aanbieden. Zo scoren ze met hun lening nog even snel een laptop, want bij mij krijgen ze die niet.’

Stichting Interculturele Participatie en Integratie (SIPI) zet zulke lokkertjes in. De taalschool stelde geld beschikbaar aan cursisten met het doel daar laptops van te kopen. Omdat de school dat financierde vanuit de DUO-lening trok Blik op Werk het keurmerk van SIPI negen maanden in. SIPI spande daarop een kort geding aan.

Of het aanbieden van laptops wel of niet is toegestaan laat de voorzieningenrechter in het midden. ‘Waarvoor het geld uiteindelijk ook was bedoeld, SIPI heeft erkend dat zij cursisten giraal en contant geld heeft verstrekt vanuit de DUO-leningen,’ luidt het vonnis. Hiermee handelt SIPI in strijd met artikel 16 lid 2 van de Wet inburgering, waarin staat dat het bedrag van de lening wordt betaald aan de door de inburgeringsplichtige aangewezen cursusinstelling. ‘De wetgever heeft dus uitdrukkelijk niet bedoeld dat de lening verstrekt zou worden aan de inburgeringsplichtige zelf,’ concludeert de rechter. Hij stelt Blik op Werk in het gelijk en SIPI is het keurmerk voor negen maanden kwijt.

Cadeaubonnen verstrekken mag volgens de regels van Blik op Werk

Advocaat Nadia Adnani van Palthe Oberman reageert namens SIPI. Ze is het niet eens met de uitspraak. ‘Er is een hele goede reden waarom we geld verstrekt hebben aan de cursisten,’ zegt ze. ‘Maar die kan ik niet noemen, omdat we nog overwegen vervolgstappen te nemen.’ Welke stappen dat zijn, is nog onduidelijk. ‘Juridisch of in overleg met Blik op Werk. De rechtszaak was een civiele zaak, geen strafzaak. Dus we zijn nog on speaking terms.’

In de strijd om cursisten zijn sociale media een belangrijk wapen voor taalscholen. In zowel openbare als besloten Facebookgroepen staan berichten die doen denken aan wervende marketingteksten.

In bovenstaand bericht − geplaatst door een medewerker − geeft cursusaanbieder ABC-taal een cadeaubon van 350 euro weg. Het is een van de tientallen reclameachtige berichten in de Facebookgroep. Eigenaar van ABC-taal Waiel Shaker bevestigt dat hij cadeaubonnen gebruikt om cursisten te verleiden naar zijn taalschool te komen, maar benadrukt dat dit in zijn geval geen fraude is. ‘Volgens de regels van Blik op Werk mag dat, mits we het niet uit de DUO-lening van cursisten betalen. Daarom betalen we dat van onze winsten.’

Blik op Werk bevestigt dat de regels zo in elkaar zitten. ‘Het is een vrije markt. Als taalscholen cadeaus willen aanbieden, mag dat. Pas als een taalschool dat financiert met geld van DUO spreken we van fraude.’

Shaker probeert met het plaatsen van zulke berichten te overleven op deze ‘lastige markt’. ‘Veel scholen sluiten omdat ze verlies lijden,’ zegt hij. ‘Andere scholen geven cursisten contant geld of helpen hen met het halen van hun rijbewijs.’ Zonder wervingsmiddelen verwacht Shaker dat zijn taalschool uiteindelijk ten onder gaat.

Concurrentie op de inburgeringsmarkt

Sinds de Europese vluchtelingencrisis is het aantal inburgeringsplichtigen in korte tijd flink gegroeid. Daarmee nam het aantal keurmerkhoudende taalscholen ook fors toe: sinds 2015 is dat aantal ongeveer verdubbeld.

In Nederland piekte de vluchtelingencrisis in 2016. Inmiddels is de uitstroom aan inburgeringsplichtigen groter dan de instroom en sinds mei 2018 daalt het aantal inburgeringsplichtigen.

De data over het aantal keurmerkhoudende taalscholen komt van gearchiveerde webpagina’s van keurmerk Blik op Werk. Daarom hebben we niet over elke periode gegevens: in 2016 waren er negen meetpunten, terwijl in 2017 slechts één meetpunt beschikbaar was. Door met de muis over de lijn te bewegen zijn de exacte meetpunten te zien.

Lees verder Inklappen

Geen eindgesprek

De vrijstelling van 64 uur waar ABC-taal het op Facebook over heeft, slaat op de tijd die een statushouder krijgt om zijn Oriëntatie Nederlandse Arbeidsmarkt (ONA) af te ronden. ONA werd in januari 2015 als nieuw onderdeel van het inburgeringsexamen geïntroduceerd. Via deze oriëntatie maakte de inburgeraar al in een vroeg stadium kennis met de Nederlandse arbeidsmarkt en doet hij kennis en vaardigheden op die nodig zijn om een baan te vinden en te houden. Met een volledig portfolio, waarin ook sollicitatiebrieven en een cv zit, kan de kandidaat zich aanmelden voor een eindgesprek bij DUO. In dat eindgesprek krijgt de cursist vragen over de opgedane kennis en de gemaakte onderdelen.

Met de grote instroom, die in 2015 op gang kwam, kwam de hele asielprocedure in de knel. Wachttijden voor het ONA-eindgesprek, vaak de laatste horde richting een status, liepen begin februari 2018 op tot vijftien weken. De oplossing vond minister Koolmees in het afschaffen van dat verplichte eindgesprek. Nu kunnen cursisten kiezen tussen het reguliere traject met eindgesprek, of een 64 uur durende ONA-cursus zonder eindgesprek.

Als een cursist kiest voor optie twee, moet de taalschool 64 uur onderwijs geven en dat vervolgens declareren bij DUO. ‘Daar zijn taalscholen massaal op gedoken,’ zegt Jessica de Rooij, eigenaar van Zaantraining. ‘Cursisten moeten binnen drie jaar inburgeren. Door lange wachttijden overschrijden sommige cursisten die termijn misschien. Dat willen ze niet.’ Hoewel cursisten met B2-niveau ONA binnen een middag kunnen invullen, kiezen ze toch voor het 64-uurs traject, zegt De Rooij. Daar betalen ze rond de 1250 euro voor, het maximale bedrag dat taalscholen per kwartaal aan DUO kunnen declareren. ‘Dat is toch uit de zak geld die wordt kwijtgescholden.’

Taalscholen kunnen in principe zelf uitmaken hoe ze de aanwezigheid van cursisten bijhouden. Zo maakt de ene school per cursist een presentiedossier en doet de andere dat per les voor de gehele groep. Wel eist Blik op Werk dat ze een handtekening van de docent en de cursist op de presentielijst zetten. Dat is al strenger dan voorheen: eerst moest in plaats van de docent de taalschool-eigenaar een handtekening zetten. Daardoor kon de taalschool-eigenaar zonder tussenkomst van een docent frauderen. Nu is een samenzwering van drie personen nodig: de cursist, de docent en de eigenaar van de school. Toch blijven twee handtekeningen genoeg om een presentielijst geldig te verklaren.

Zo kunnen die 64 uur, nodig voor het ONA-portfolio, vrij gemakkelijk afgetekend worden. Ook al zet de inburgeraar geen voet in het klaslokaal, zoals Nur: ‘Ik heb veel contact met andere vluchtelingen in Noord-Holland. Via via hoorde ik dat een taalschool vluchtelingen hielp met de ONA. Vanwege mijn werk had ik geen tijd om lessen te volgen, dus vroeg ik of ik bij hen ONA kon doen. Dat kon. Ik tekende een contract en dat was alles. Een paar weken later kreeg ik een brief dat ik ONA had afgerond.’

Nu ook financiële audit

Volgens Blik op Werk is het vervalsen van urenregistraties ingewikkeld om aan te pakken. ‘Als je wilt kun je alles vervalsen,’ zegt Blik op Werk-directeur Lidy Schilder. ‘Dat is juist de reden dat we drie paar ogen bij de taalschool naar het document laten kijken. Tegelijkertijd weten we ook dat de inburgeraar heel kwetsbaar is. Dat maakt dat we doorlopend zoeken naar hoe het beter moet.’

Geheel machteloos tegenover fraude met presentielijsten staat Blik op Werk niet. ‘In het recente verleden hebben we twee scholen het keurmerk ontnomen op basis van het verstrekken van onjuiste presentielijsten,’ zegt Schilder. Sinds september 2018 is een nieuw soort inspectie ingevoerd, de financiële audit, waarbij inspecteurs mogen kijken of docenten daadwerkelijk uitbetaald worden voor de geregistreerde uren en of er een locatie gehuurd is − indicaties dat de lessen hebben plaatsgevonden. Schilder: ‘Ook buiten de financiële audit om kunnen we deze vorm van fraude signaleren. Vaak zien we bijvoorbeeld dat bij ‘twijfelachtige’ scholen de presentielijsten geheel ontbreken. En we gaan langs op de locatie om te kijken of er daadwerkelijk les wordt gegeven. Bij twijfel kunnen we andere onderzoeksmethodes inzetten, maar omwille van de effectiviteit daarvan kunnen we er niet te veel over vertellen.’

Lees verder Inklappen

Wachten op de 600-uurs-bel 

De manier waarop de fraude bij het ONA-traject plaatsvindt, kan ook prima op het reguliere inburgeringstraject worden toegepast, vooral als het om een ontheffing gaat. Lukt het inburgeraars niet om binnen zeshonderd lesuren en vier examenpogingen per onderdeel te slagen, dan kunnen ze op basis van ‘aantoonbaar geleverde inspanning’ ontheven worden. Ze hoeven het inburgeringsexamen dan niet te maken en burgeren alsnog in.

Die ontheffing werkt volgens Flevotaal-directeur Van Iperen goed voor analfabete cursisten, die in hun land van herkomst nooit een pen hebben vastgehouden. ‘Zonder leercapaciteiten moet er een punt komen waarop je de cursist bedankt voor de inzet. Daar is niets mis mee. Pas als scholen en cursisten aansturen op ontheffing is er iets mis.’

Als het even niet loopt, kun je altijd nog naar de zozo-school

Cursisten zijn goed op de hoogte van de uitzonderingsmaatregelen en weten precies bij welke taalschool ze moeten aankloppen. ‘Iedereen weet ervan,’ zegt Nur. Zulke taalscholen worden volgens directeur van Taalcentrum Europoort Adrienne de Jong door cursisten ook wel zozo-scholen genoemd. ‘Als het even niet loopt, kun je altijd nog naar de zozo-school. Er gaan verhalen dat daar Arabisch wordt gesproken en dat vooral de laagopgeleiden en uitzichtlozen er hun cursus volgen.’ De Jong, die zelf ook met zulke cursisten te maken heeft, ziet hen vertrekken naar scholen die met de regels spelen. ‘We proberen de lessen voor cursisten zo leuk mogelijk te maken, maar als er weinig vooruitgang is, kan dat lastig zijn. Uitzichtloze cursisten vertrekken dan soms naar scholen waar ruim in uren wordt geschreven of maken bij ons hun zeshonderd uur vol.’

Van Iperen merkt ook bij zijn taalschool dat cursisten wachten tot ‘de 600-uurs-bel luidt’. ‘Om de zoveel tijd vragen cursisten aan mij op hoeveel uur ze zitten. Als ik dan vertel dat ze over de zeshonderd uur heen zijn, kappen ze met de inburgering en vragen ontheffing aan.’

Volgens de Syrische Nur zijn uitzonderingen voor niemand goed: niet voor de nieuwkomer en ook niet voor Nederland. ‘We zijn allemaal mensen, dus soms kiezen we de makkelijke weg. Maar dat is niet goed voor onze toekomst in Nederland. Uiteindelijk moeten we meedraaien in de Nederlandse maatschappij. Momenteel zijn veel vluchtelingen in theorie ingeburgerd, maar ligt dat in de praktijk anders.’

Controle op fraude

Had Blik op Werk al die makkelijke routes niet simpelweg kunnen afkappen door beter te controleren? De stichting bepaalt immers welke scholen het keurmerk krijgen, is belast met het toezicht op de keurmerkhoudende taalscholen en voert inspecties uit. En maar vijf van de 269 fraudemeldingen die het ministerie ontving, waren een gevolg van de inspecties van Blik op Werk. Dat lijkt een laag aantal. Functioneren de inspecties van Blik op Werk wel?

Directeur van Blik op Werk Lidy Schilder zegt de situatie die de Kamerbrief schetst ‘ernstig’ te vinden, maar bestrijdt het beeld dat de inspecties hun doel voorbij schieten. ‘Onze oorspronkelijke controles waren helemaal niet bedoeld om fraude tegen te gaan.’

Inderdaad kreeg Blik op Werk pas in juni vorig jaar van het ministerie de opdracht ‘de geldelijke kant en de rechtmatige verdeling van de DUO-gelden te bekijken’. Daarvoor controleerde het keurmerk alleen of taalscholen voldoende presteerden en of administratief alles in orde was, door bijvoorbeeld te kijken of de school voldeed aan het slagingspercentage, of er voldoende docenten werkten en of er privacyreglementen waren.

Toch: al in 2013 kwam de eerste melding van fraude bij het ministerie binnen. Zes jaar daarna kreeg de toezichthouder pas de opdracht daadwerkelijk op fraude te gaan inspecteren. Waarom kwam die opdracht zo laat? ‘In eerste instantie hadden we vooral zorgen over de snelle groei van het aantal taalscholen en de gevolgen daarvan op de kwaliteit van het onderwijs,’ schrijft een woordvoerder van het ministerie SZW in een reactie. ‘Maatregelen waren met name daar op gericht.’ Wel kwam er al een klachtenlijn en toezicht in de klas. Maar pas toen het aantal meldingen van fraude in de loop van 2017 toe begon te nemen veranderde de focus echt. ‘Toen zijn we met Blik op Werk en DUO tot de conclusie gekomen dat er een versterkte samenwerking tussen Blik op Werk, DUO en de Inspectie SZW, die over opsporingsbevoegdheden beschikt, nodig was. In mei 2018 hebben we een gezamenlijke werkgroep opgericht om fraude te bestrijden.’

Te laat, zo blijkt nu. ‘Achteraf kunnen we concluderen dat sommige aanscherpingen niet snel genoeg zijn gekomen om een stijging van fraudemeldingen te kunnen voorkomen.’ Schilder is het daarmee eens. ‘Achteraf gezien hadden sommige maatregelen eerder moeten komen. Maar de schaal van de fraude is pas laat duidelijk geworden.’

Blik op Werk aangescherpt

De bevoegdheden van Blik op Werk staan in een handleiding die ook bij de taalscholen bekend is. Blik op Werk en het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bepalen in overleg de inhoud van die handleiding en werken die een paar keer per jaar bij. ‘In 2016 hebben we een forensisch accountant ingezet na een melding van handtekeningenfraude,’ zegt Schilder. ‘Naar aanleiding van het rapport van die accountant is de handleiding een aantal keer aangescherpt. Zo komt er tegenwoordig bij nieuwe keurmerkhouders al na drie maanden een inspecteur langs in plaats van na een jaar en moeten cursisten een intaketoets maken om hun leerniveau van tevoren te bepalen.’

Ook in de handleiding voor 2019 verandert er een hoop. Zo maakt de toezichthouder serieus werk van het voorkomen van fraude met het ONA-portfolio.  

Lees verder Inklappen

In september vorig jaar is Blik op Werk begonnen met de ‘financiële audit’ − een inspectievorm die wél gericht is op het ontdekken van fraude. Schilder kan niet veel vertellen over de inhoud van de audits. ‘Anders kunnen kwaadwillende taalscholen daar misbruik van maken.’ Wel is bekend dat deze inspecties onverwachts kunnen plaatsvinden. In dezelfde week dat minister Koolmees zijn Kamerbrief verstuurde, maakte Blik op Werk bekend dat bij acht van de twintig inburgeringsscholen na een financiële audit fraude is geconstateerd. Blik op Werk heeft deze acht scholen het keurmerk afgenomen.

In 2020 gaat het hele systeem op de schop en wordt de gemeente opnieuw verantwoordelijk voor het inburgeringstraject. Voor Nur is dat niet meer relevant. Zelf is ze er goed vanaf gekomen: ze spreekt Nederlands, heeft werk en kan een ONA-portfolio waarschijnlijk met haar ogen dicht invullen. Volgens de laatste cijfers uit september 2018 is ze daarmee in de minderheid binnen haar ‘lichting’. Van de 18.709 asielgerechtigden die in 2015 inburgeringsplichtig hebben 5.821 aan hun inburgeringsplicht voldaan en kregen 1.179 een ontheffing. De overige 11.709 nieuwkomers zullen het inburgeringspapiertje nog moeten halen.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Arjan van der Linden

Gevolgd door 111 leden

Afstuderend journalist. Onderzoekt de rafelranden van de arbeidsmarkt en maatschappelijke instellingen.

Volg Arjan van der Linden
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren
Over de auteur

Bart Nietveld

Gevolgd door 118 leden

Student Journalistiek aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Richt zich op witteboordencriminaliteit.

Volg Bart Nietveld
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren