Chemiebedrijf Chemours, gezien vanaf de overkant van de Merwede bij Sliedrecht
© ANP

    Eerst was het de lucht, toen het grondwater, daarna volgde het drinkwater. En nu blijken ook de sla en sperzieboontjes in de omgeving van Dordrecht vervuild met stoffen die gebruikt worden bij de productie van teflon. Hoe lang komt chemiebedrijf Chemours daar nog mee weg?

    In de omgeving van Dordrecht en Sliedrecht kun je op dit moment je eigen geteelde sla en sperzieboontjes maar beter niet eten, ontdekten toxicologen van de Vrije Universiteit. Zij hebben relatief hoge concentraties van de stoffen GenX en PFOA op de planten aangetroffen, hulpstoffen die noodzakelijk zijn voor de productie van teflon. 

    Dat de omgeving rond de fabrieken van DuPont in Dordrecht vervuild zijn met die stoffen, stelde Follow the Money in september 2015 als eerste aan de kaak. Tot dan toe was daar  nog nooit onderzoek naar gedaan. Verbazingwekkend, want bij een technisch identieke teflonfabriek van DuPont in de Verenigde Staten werd gesproken van ‘het grootste milieuschandaal in de geschiedenis’. Dat gegeven had bij de Nederlandse toezichthouders en de vergunning verstrekkende overheden op zijn minst tot verhoogde waakzaamheid moeten leiden. Al sinds eind jaren '90 werd er in vakliteratuur regelmatig gesproken over de risico’s van de stoffen die vrijkomen bij de productie van teflon. Dit betreft met name PFOA, of C8 zoals het ook wordt genoemd. Maar in Nederland kon DuPont zonder enige belemmering of kritische vragen doorgaan, vergunningen werden probleemloos verstrekt. De rapportageverplichtingen waren miniem. Bij de Amerikaanse milieu-autoriteit EPA was meer informatie over de bloedwaardes van de werknemers bekend dan bij de Nederlandse arbeids- en milieu-inspectie. 

    Ons artikel van 2015 'Hoe DuPont met teflon een ongekende milieuramp veroorzaakte. Ook in Nederland?' leidde tot Kamervragen en vervolgens tot een onderzoek door het RIVM, dat vorig jaar werd gepubliceerd. En begin dit jaar werd er een grootschalig bloedonderzoek onder de omwonenden opgezet. Eindelijk werd het recht van de bevolking en (ex-)werknemers om te weten welke risico’s zij mogelijk lopen erkend.

    Lees hier alle artikelen die we over de PFOA-affaire publiceerden.

    Wondermiddel

    Al sinds 1970 wordt teflon geproduceerd in een van de fabrieken van DuPont, die gevestigd zijn aan de linkeroever van de Merwede onder de rook van Rotterdam. In 2015 heeft DuPont zijn chemische divisie verkocht aan Chemours, een beursgenoteerde spinoff. Chemours is daarmee de rechtsopvolger van DuPont.

    Teflon is een stof met fantastische eigenschappen. Het is glad, stoot water en vet af en kent vele toepassingen. Teflon is vooral bekend van de anti-aanbakpannen, maar zit eveneens in tandfloss, pizzadozen, cupcakes, tapijtstoffen, kabels en smeermiddelen. Voor de productie van teflon werd PFOA tot 2012 gebruikt. In de VS werd die stof toen al niet meer gebruikt vanwege de gezondheidsrisico’s die eraan verbonden zijn. De met PFOA vergelijkbare stof PFOS zit nog steeds in veel brandblusmiddelen, vanwege de brandwerende eigenschappen.

    DuPont bleek jarenlang op de hoogte te zijn geweest van de risico's van blootstelling aan PFOA, maar hield die onder de pet

    PFOA komt van nature niet in het milieu voor. Een van de eigenschappen is dat het nauwelijks afbreekt en jarenlang in het menselijk lichaam blijft zitten. Zo werd het tot in de verste uithoeken van de aarde aangetroffen in het bloed van levende wezens. Zelfs bij pasgeboren baby’s op de milieutechnische maagdelijke Faeröer-eilanden komt de stof voor, soms nog meer dan bij hun moeder. Tijdens de rechtszaken die in de VS speelden, is naar voren gekomen dat DuPont al jarenlang op de hoogte was van de risico's van blootstelling aan PFOA. Maar het bedrijf hield de resultaten van zijn eigen onderzoek onder de pet. Een voormalige werknemer van DuPont in Dordrecht – die wegens het tekenen van een vaststellingsovereenkomst niet met naam wil worden genoemd – bevestigde mij dat al in de jaren '90 bekend was dat PFOA gevaarlijk spul is. 'Het was kankerverwekkend, dat wisten we. Soms ging het fout en dan had je wolken wit poeder in de fabriek. Dat zetten we de ventilator op de hoogste stand en werd de PFOA naar buiten geblazen.'

    GenX in de sla

    Rond 2012 verving DuPont PFOA door het zogenoemde GenX. Dat bevat onder meer een andere fluorkoolstofverbinding, C6. Die zou volgens Chemours niet schadelijk zijn voor levende wezens en verdwijnt snel uit het lichaam. Dat laatste is waar, maar dat GenX niet schadelijk zou zijn wordt in verschillende onderzoeken tegengesproken. Hoe dan ook is er nog weinig duidelijkheid over die vraag.  

    In een artikel dat de Volkskrant vrijdag over de geconstateerde vervuiling publiceerde, spreekt VU-toxicoloog Jacob de Boer zijn verbazing uit over het feit dat in de planten rond de fabriek nog steeds PFOA wordt aangetroffen. ‘Doordat gras en bladeren afsterven en gemaaid worden, zou je PFOA na vijf jaar alleen maar in lage concentraties terug moeten vinden. Op basis van de resultaten lijkt het er nu op dat Chemours mogelijk helemaal niet gestopt is met PFOA,’ zegt De Boer. 


    "De aanwezigheid van PFOA vijf jaar na dato kan er op duiden dat de vervuiling van het grondwater ernstiger is dan werd aangenomen"

    Dat laatste is onwaarschijnlijk, maar dient zeker te worden onderzocht. Als dit toch het geval blijkt, dan zijn er buitengewoon ernstige en strafbare feiten gepleegd. Het zou betekenen dat er gerommeld is met papieren en dat Chemours zich bewust niet heeft gehouden aan de verleende vergunningen. De aanwezigheid van PFOA vijf jaar na dato kan er echter ook op duiden dat de vervuiling van het grondwater ernstiger is dan tot nu werd aangenomen. Er is nog een andere mogelijkheid. De stof GenX komt via de lucht en het afvalwater in het milieu terecht. GenX breekt onder invloed van zuurstof en licht gemakkelijker af dan zijn voorganger C8/PFOA, maar vervalt daarbij deels in PFOA. Ook dat verdient nader onderzoek.

    Illegale lozingen

    Onlangs werd bekend dat Chemours de stof GenX rechtstreeks heeft geloosd in de Merwede, zonder het afvalwater eerst te zuiveren. Naar aanleiding daarvan riep demissionair minister van Infrastructuur Melanie Schultz op tot ‘hard optreden’. Het was voor het eerst dat een kabinetslid dat deed. Niet bekend is of zij ook de daad bij het woord heeft gevoegd. 

    Intussen wordt de stof, weliswaar in zeer kleine hoeveelheden, aangetroffen in het drinkwater van het zuidelijke deel van Zuid-Holland. Voor waterleidingbedrijven vormt GenX een lastig probleem: de stof C6 is door zijn specifieke moleculaire structuur heel moeilijk uit het water te filteren. Door GenX in de lucht uit te stoten en ook nog eens te lozen in het oppervlaktewater, schuift Chemours zijn verantwoordelijkheid af op de samenleving. Het is niet ondenkbaar dat de stof via het oppervlaktewater ook terechtkomt bij de tomaten en paprika's die in het Westland worden gekweekt. 

    Wat krom is, kan zelfs Jack de Vries als commissaris van Chemours niet recht breien

    De oproep van Schultz is volkomen terecht, maar komt veel te laat. Het probleem van de PFOA-vervuiling is jarenlang gebagatelliseerd. Eerst door DuPont, toen door de lokale en provinciale autoriteiten, en daarna opnieuw door Chemours. Zelfs op een drukbezochte informatieavond die Chemours vorig jaar organiseerde, beweerde de bedrijfsarts dat PFOA ‘de meest onderzochte stof ter wereld was’ en dat de effecten op de gezondheid nooit waren aangetoond. Tijdens die avond vertelde een flink aantal ex-werknemers – soms hartverscheurende – verhalen over de problemen die zij, of hun intussen overleden dierbaren, met hun gezondheid hadden. 

    Toezicht

    De illegale lozingen van GenX door Chemours, de regelmatige ‘ongelukjes’ in de fabrieken en het voortdurende bagatelliseren van de gezondheidsproblematiek van werknemers en omwonenden tonen aan dat de onderneming het bedrijfsbelang nog steeds ver boven dat het belang van zijn omgeving stelt. Chemours blijkt hardleers. Van het goede imago dat DuPont ooit had, is bij Chemours bitter weinig over. 

    En dat ondanks het feit dat het bedrijf eind 2015 voormalig CDA-spindokter Jack de Vries aantrok als lid van de raad van commissarissen. De Vries werd binnengehaald vanwege zijn politieke expertise, zijn netwerk en natuurlijk zijn vaardigheden op het gebied van communicatie. Maar wat krom is, kan zelfs De Vries niet recht breien. Het is tijd voor een ongebruikelijke maatregel. Chemours moet onder verstrengd toezicht worden gesteld. De vraag is alleen: door wie? En welke instantie is in staat om dat uit te voeren?

    Over de auteur

    Arne van der Wal

    Gevolgd door 221 leden

    Mede-oprichter van Follow the Money. Houdt zich onder meer bezig met technologie-ontwikkeling en de voedingsindustrie.

    Lees meer

    Volg deze auteur
    Dit artikel zit in het dossier

    Chemours & DuPont

    In de Verenigde Staten wordt de PFOA-vervuiling door het Amerikaanse chemiebedrijf DuPont omschreven als een van de grootste...

    Lees meer

    Volg dossier

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid