© Reinout Dijkstra en Micha Huigen

De toekomst van thuiswerken: je baas kan alles registreren, controleren en disciplineren

1 Connectie

Relaties

surveillance
19 Bijdragen

Je gezichtsuitdrukking als graadmeter voor je productiviteit en je bureaustoel als stille verklikker: bedrijven denken serieus na over technologieën die werknemers tot in detail monitoren en analyseren. Dat blijkt uit octrooien die ze tijdens de coronapandemie hebben aangevraagd. Meten en monitoren spelen daarbij een belangrijke rol, net als gegevens uit de privélevens van gebruikers.

Dit stuk in 1 minuut
  • Onderzoekers van de Universiteit van Chicago ontdekten dat het aantal octrooiaanvragen voor thuiswerktechnologieën tussen januari en september 2020 verdubbelde. Veel octrooiaanvragen gaan over oplossingen die thuiswerken gemakkelijker moeten maken.
  • De octrooien werden aangevraagd door kleine bedrijven naast bekende namen zoals Apple en Facebook. Ze lopen uiteen van ICT-oplossingen om ‘opstoppingen’ te voorkomen wanneer medewerkers massaal vanuit huis op het bedrijfsnetwerk inloggen tot virtuele omgevingen waarin collega’s als hologrammen door een digitaal bedrijfspand lopen en waar gebruikers zichzelf naartoe kunnen ‘teleporteren’.
  • Er wordt veel gemeten – van je oogopslag en gezichtsuitdrukking tot je lichaamstemperatuur. Uit sommige aanvragen spreekt wantrouwen: aanvragers schrijven dat hun technologie moet voorkomen dat thuiswerkers de hele dag gamen of op bed blijven liggen als hun werkgever geen toezicht houdt.
  • Andere octrooiaanvragen betreffen oplossingen voor op kantoor. Een sensor in een bureaustoel moet inzicht bieden in het gebruik van werkplekken en de hiërarchie op het werk. En via een ‘observatieplatform’ kunnen managers in realtime gesprekken van werknemers beluisteren.
  • Octrooiaanvragen zeggen niet per se iets over de toekomst, maar het is opvallend dat ze al in een vroeg stadium werden gepubliceerd.
  • Technologiebedrijven zetten de laatste stap: het ontdekken van de menselijke emotie. Dat levert hen een monopolie op – en daarmee een machtspositie.
  • Zijn al die productiviteit en efficiëntie verhogende thuiswerkregistratie-oplossingen wel legaal? Volgens universitair docent privacy en big data Bart van der Sloot leiden ze in ieder geval tot wantrouwen op het werk.
Lees verder

Hoe zorg je ervoor dat werknemers bij de les blijven tijdens een vergadering? En hoe weet je of die vergadering echt wat heeft opgeleverd? In augustus 2020 krijgt technologiebedrijf Microsoft een octrooi toegekend dat werkgevers antwoord kan bieden op die vragen.

Een systeem met camera’s, sensoren en software meet onder andere hoe intensief werknemers deelnemen aan een vergadering op kantoor. Door hun gezichtsuitdrukkingen en lichaamstaal te monitoren, concludeert het systeem of medewerkers niet worden afgeleid. Een ‘inzichtengenerator’ berekent daarna een kwaliteitsscore voor de productiviteit en het sentiment van betrokkenen.

Daarbij wordt ook naar factoren gekeken die het comfort in de vergaderomgeving beïnvloeden, zoals de temperatuur. Vervolgens kan het systeem op basis van alle gegevens suggesties doen voor wie wel of juist niet moet worden uitgenodigd voor een zo productief mogelijke vergadering.

Technologiebedrijven ontwikkelen systemen die gebruikers onder permanent toezicht kunnen plaatsen

Dit Microsoftproject is maar één voorbeeld van de systemen die technologiebedrijven ontwikkelen om gezichtsuitdrukkingen, oogopslag, lichaamstaal, bewegingen en de intensiteit van stemmen te meten en analyseren – en die gebruikers daarbij min of meer onder permanent toezicht plaatsen. 

De coronacrisis bood tal van visionairs en slimme softwarebedrijven een buitenkans om octrooien aan te vragen voor dergelijke technologieën.

Uit onderzoek van het Becker Friedman Institute for Economics van de Universiteit van Chicago blijkt dat alleen al tussen januari en september 2020 het aantal octrooiaanvragen met termen als ‘thuiswerken’ (‘working from home’), ‘telewerken’ (‘teleworking’) en ‘virtueel kantoor’ (‘virtual office’) verdubbelde.

Onderzoekscollectief Scarabee ploos voor Follow the Money tientallen van die technologieën uit. Het levert een beeld op van technologische oplossingen die praktisch alles meten en becijferen. Technologiebedrijven schromen daarbij niet om te spitten in de privélevens van hun gebruikers, waardoor de grens tussen thuis en kantoor flinterdun wordt.

Monitoring van minuut tot minuut

Terug naar de vergadertechnologie van Microsoft. Die bestond lange tijd alleen op papier, maar krijgt tijdens de coronacrisis een gezicht. In mei 2021 publiceert de techreus uit Redmond namelijk de resultaten van een onderzoek naar een ‘bot’ in het populaire vergaderprogramma Teams. 

Deze bot – een speciaal programmaatje met de naam AffectiveSpotlight – registreert de gezichtsuitdrukkingen van deelnemers aan een virtuele presentatie in Microsoft Teams. De uitdrukkingen worden daarna op een server geanalyseerd.

Welke emoties laten deelnemers zien? Tijdens de analyse concludeert de technologie welk gezicht de sterkste positieve of negatieve emotie vertoont. Dat beeld wordt een tijdlang aan de presentator getoond als ‘feedback’. Lijkt een deelnemer in opperste verwarring, dan kan de presentator proberen het verhaal wat te verduidelijken. Ziet de presentator een enthousiaste blik, dan is dat een signaal dat ze op de goede weg is.

Technologie analyseert welk gezicht de sterkste positieve of negatieve emotie vertoont en geeft dat door aan de presentator als feedback 

AffectiveSpotlight zou volgens de onderzoekers een goede oplossing kunnen zijn voor de vele beperkingen van videovergaderingen. Deze oplossing betekent voor gebruikers echter dat ze voortdurend worden gemonitord en geanalyseerd.

Microsoft is niet het enige bedrijf dat een oplossing presenteert die in de praktijk neerkomt op een ingrijpende controle van veel gebruikers. Dat blijkt onder meer uit de octrooiaanvragen voor ‘virtuele kantoren’ die tijdens de coronalockdowns werden ingediend door Chinese bedrijven.

Sinds Facebook – pardon, Meta – eind vorig jaar de metaverse aankondigde, zijn veel ogen in het Westen gericht op die ‘digitale wereld van de toekomst’ – en op de praktische toepassingen daarvan. 

Maar het metaversum is geen typisch Westerse aangelegenheid. Ook in China zien bedrijven een toekomst in het digitale parallelle universum. Het Chinese bedrijf Shanghai Shangshi Longchuang Intelligent Technology bedacht bijvoorbeeld een oplossing voor een virtueel kantoor in de cloud. Thuiswerkers kunnen zich met behulp van een virtual reality-bril ‘teleporteren’ naar kantoor, zodat het lijkt alsof ze fysiek tussen hun collega’s zitten. 

Bij een ander Chinees octrooi moeten holografische presentaties de kloof tussen werknemers op kantoor en thuis verkleinen. Dieptelenzen en geluidsopnameapparatuur bij de thuisgebruiker zorgen ervoor dat er een 3D-omgeving ontstaat waarin werknemers vrij kunnen rondbewegen.

Deze concepten komen niet uit de lucht vallen. In een van de octrooiaanvragen verwijzen de bedenkers expliciet naar het SARS-virus dat in 2003 de Aziatische wereld op zijn kop zette, en naar het coronavirus dat sinds 2020 de wereld opschudt. 

In de Chinese metaversumvarianten worden werknemers van minuut tot minuut in de gaten gehouden

Enig wantrouwen tegenover thuiswerkende werknemers is de ontwikkelaars niet vreemd. Zo moet het virtuele kantoor de concentratie van de werknemers bevorderen en voorkomen dat ze bezwijken voor de verleiding van slapen, relaxen en gamen wanneer er geen leidinggevende over hun schouder meekijkt. In de Chinese metaversumvarianten worden werknemers dan ook van minuut tot minuut in de gaten gehouden.

Flinterdunne grens werk en privé

Hetzelfde gebeurt in een systeem waarop Google octrooi aanvroeg. Door continu lichaamstaal en gezichtsuitdrukkingen te monitoren, kan de technologie helderheid scheppen in ongemakkelijke situaties. Constateert het systeem bijvoorbeeld verwarring bij een gebruiker wanneer een collega een telefoonnummer opdreunt, dan kan Google dat nummer laten zien.

Noemt een deelnemer tijdens een vergadering een adres, dan kan Google dat adres op een kaart tonen of een routebeschrijving geven. Om te herkennen welk deel van de gesproken zin belangrijk is, kijkt de technologie of bepaalde zinsdelen met meer nadruk worden uitgesproken. Begeleidende opnamen van lichaamstaal en gezichtsuitdrukkingen helpen de technologie om de emotie te interpreteren – en de best mogelijk actie te ondernemen.

Meta broedt op een methode die videobellers identificeert aan de hand van gegevens die op Facebook te vinden zijn

Ook Meta wil gebruikers van minuut tot minuut in de gaten houden, al is dat met een ander doel. Volgens een octrooiaanvraag broedt het bedrijf op een methode die videobellers identificeert aan de hand van gegevens die op het sociale medium te vinden zijn. Om te weten wie wie is en welke deelnemer een hogere functie heeft dan anderen, zoekt de technologie met behulp van gezichtsherkenning de Facebook-accounts van de videobellers op. Deelnemers met een belangrijker functie worden vervolgens prominenter in beeld gebracht dan andere.

Die toepassing mag op het werk dan zijn voordelen hebben, in de praktijk vervaagt daardoor de grens tussen werk en privé (als werkgevers privé Facebook-accounts van werknemers doorspitten).

Voordeel werkgevers en techbedrijven

Het is opvallend dat veel aanvragers van octrooien de term ‘oplossing’ in de mond nemen. Inderdaad bieden ze houvast in de soms verwarrende wereld van kantoorwerken en thuisarbeid. Ze bevorderen de productiviteit, voorkomen ongemakkelijke situaties en kunnen ook nog eens de kosten voor werkgevers drukken.

Maar ondertussen lijken ze ervoor te zorgen dat de machtsbalans onevenredig uitslaat in het voordeel van de techindustrie – met de werkgever in haar kielzog. De vele vormen van monitoring leveren namelijk een schat aan informatie op over werknemers en gebruikers, zo reageert Bart van der Sloot. ‘Bedrijven willen ons kennen en herkennen voordat we er zelf erg in hebben,’ stelt de universitair docent privacy en big data van de Tilburg University.

‘Bedrijven willen ons kennen en herkennen voordat we er zelf erg in hebben’

‘Vroeger had je een paragnost. Die keek naar kleine signaaltjes die je afgeeft met je ogen en mondhoeken en die je zelf niet eens doorhebt. Deze nieuwe technologieën gaan nog veel verder. Door emoties af te leiden uit bijvoorbeeld de wijdte van je pupillen en de trekjes om je mond, kan een systeem feedback geven om de productiviteit van werknemers te verbeteren. Dat kan goedaardig, door een werknemer te vertellen dat deze beter een andere taak kan doen, maar ook kwaadaardig, waardoor een werknemer van een taak wordt gehaald omdat die te zwaar zou zijn.’

‘Werknemers die weten dat ze worden gemonitord, zullen steeds minder initiatief nemen’

Van der Sloot constateert dat de oplossing van de techbedrijven een probleem veroorzaakt op de werkvloer. ‘Controle door systemen levert werkgevers informatie waarop ze in actie komen. Dat veroorzaakt een chilling effect: werknemers die weten dat ze worden gemonitord, zullen steeds minder initiatief nemen. De sfeer verandert van initiatiefrijk en vertrouwensvol naar controle en wantrouwen.’

Sowieso mag een werkgever niet zomaar monitoren op de werkvloer, stelt de privacydeskundige. ‘Standaard mag de werkgever alleen de werknemer monitoren als daar aanleiding toe is. Dat geldt al op het werk, waar alleen in de gangen en dus niet op werkplekken mag worden gefilmd. Laat staan dat het in een thuisomgeving is toegestaan.’


Bart van der Sloot, universitair docent privacy en big data

Softwarebedrijven hebben de wereld in kaart gebracht, nu volgt het ontdekken van de menselijke emotie: dat volledige monopolie op informatie levert ze een machtspositie op.’

Schat aan informatie voor gebruikers

Pech dus voor kantoormeubelfabrikant Herman Miller, die een octrooi aanvroeg voor een office productivity structure. Daarin worden onder meer sensoren in ‘slimme bureaustoelen’ gebruikt om inzichtelijk te maken of een werkplek wordt bezet.

En passant verzamelt het systeem echter ook gegevens over hoe lang werknemers op een werkplek zitten en wat de (informele) hiërarchie binnen een organisatie is. Door bij te houden waar vergaderingen plaatsvinden – en te meten welke werkplekken drukbezet of juist leeg zijn – kan het systeem daarmee vergaand inzicht bieden in de relatie tussen werknemers.

Managers kunnen in realtime gesprekken van werknemers beluisteren

Het softwaresysteem voor officemanagement van het Chinese Shenzhen Webs Technology biedt vergelijkbare inzichten over werknemers. Een observatieplatform van het Amerikaanse Theatro Labs gaat zelfs nog verder. Managers kunnen daarmee in realtime gesprekken van werknemers beluisteren en zien waar apparaten (en mogelijk hun gebruikers) zich ten opzichte van elkaar bevinden. Beheerders kunnen daarmee hun personeel ‘controleren, limiteren en disciplineren’, zoals de aanvragers het verwoorden.

Topje van de ijsberg

Maar wat is uiteindelijk de waarde van dergelijke octrooien? Wacht kantoormedewerkers een dystopische toekomst waarin technologiesystemen hun gangen letterlijk volgen, of loopt het niet zo’n vaart? 

Peter Blok, hoogleraar octrooirecht aan de Universiteit Utrecht en raadsheer bij de afdeling Intellectueel eigendom van het gerechtshof Den Haag, ziet in de aanvragen de toekomstvisie terug van de aanvragers. Blok: ‘Een octrooiaanvraag toont waarin bedrijven de afgelopen tijd hun onderzoeks- en ontwikkelingsgeld hebben gestoken en laat zien dat ze verwachten dat die technologieën in de toekomst worden toegepast. Als je verwacht dat een idee niks zal opleveren, zul je er niet zo snel octrooi op aanvragen.’

Een octrooiaanvraag wil niet zeggen dat de beschreven technologie rechtmatig is

De octrooideskundige benadrukt dat een octrooiaanvraag niet wil zeggen dat de beschreven technologie rechtmatig is: ‘Octrooibureaus toetsen vooral of een aanvraag een innovatieve bijdrage levert aan de techniek.’

Hij plaatst daarbij de kanttekening dat octrooiaanvragen per land worden verleend. ‘Een bedrijf kan bijvoorbeeld een octrooi in de Verenigde Staten aanvragen en niet in Europa omdat het niet zeker weet of het gebruik van de techniek in Europa rechtsgeldig is.’

Wel noemt hij het ‘opvallend’ dat de octrooien die aan het begin van de coronapandemie werden aangevraagd al in een vroeg stadium openbaar werden gemaakt. ‘Een aanvraag is in principe de eerste achttien maanden geheim, zodat bedrijven er feedback op kunnen ontvangen. Meestal maken bedrijven van die gelegenheid gebruik, zo kunnen ze leren hoe kansrijk hun aanvraag is. Het is daardoor goed mogelijk dat de gepubliceerde aanvragen het topje van de ijsberg vormen.’

Een graantje meepikken

Dat de door onderzoekscollectief Scarabee gevonden en geanalyseerde octrooiaanvragen gepubliceerd en dus openbaar zijn, betekent dat andere bedrijven geen vergelijkbaar octrooi meer kunnen aanvragen. Tegelijkertijd genieten de aanvragers volgens Blok al een vorm van bescherming.

Bedrijven die een octrooi aanvragen, hebben op grond van het octrooirecht recht op een ‘redelijke vergoeding’ tot het moment waarop hun aanvraag wordt gehonoreerd. Daardoor kunnen zij met terugwerkende kracht een vergoeding krijgen wanneer concurrenten hun technologie al verwerkten in eigen producten.

Bedenkers pikken al een graantje mee van de thuiswerkcultuur die tijdens de coronacrisis een impuls kreeg

Dat zou volgens Blok een reden kunnen zijn om de aanvragen al vroeg te publiceren. ‘Hun technologie was tijdens de lockdown immers heel interessant en werd mogelijk breed toegepast.’

Met andere woorden: door hun innovatieve ideeën niet langer onder de pet te houden, kunnen bedenkers al een graantje meepikken van de thuiswerkcultuur die tijdens de coronacrisis een impuls kreeg. 

Volgens privacydeskundige Van der Sloot leveren de technologieën softwarebedrijven nog iets anders op: ‘Zij proberen op grote schaal zo veel mogelijk informatie te verkrijgen. Eerst hebben ze de wereld in kaart gebracht, nu volgt voor hen de laatste stap – het ontdekken van de menselijke emotie. Het volledige monopolie op informatie dat ze hierdoor krijgen, levert hen een machtspositie op.’