© Dennis Mijnheer

Op bezoek in Transnistrië: een financiële schaduwwereld aan de Russische gaskraan

    FTM-redacteur Dennis Mijnheer zoekt graag de rafelranden van de wereld op en belandde afgelopen zomer in Transnistrië. Een ‘zwart gat’ in Europa waar Lenin nog letterlijk op een voetstuk staat, de economie aan het infuus van Vladimir Poetin hangt en monopolisten het voor het zeggen hebben.

    Zodra de buschauffeur plankgas geeft om een heuvel op te komen, lijkt het wel alsof er brand ontstaat in het achterste gedeelte van de reeds zwartgeblakerde bus. Geen enkele andere passagier lijkt zich echter zorgen te maken over de rookpluimen, die uit een lekkende uitlaat afkomstig blijken te zijn.

    Veel uitwijkmogelijkheden zijn er toch al niet: de hele bus is vol en ik zit ingeklemd tussen het busraam en een baboesjka – de Russische benaming voor een oude vrouw met een traditionele hoofddoek. Vanwege haar niet-geringe omvang houdt ze niet alleen de stoel maar, ook het halve gangpad bezet; tussen haar benen staat nog een boodschappentas gepropt. Mijn stoel is bovendien kapot, waardoor achterover leunen meteen betekent dat ik in de schoot van de passagier achter me val.  

    We zijn onderweg van de Moldavische hoofdstad Chisinau naar Tiraspol, de hoofdstad van de onafhankelijke regio Transnistrië, en het zijn de ongemakken van het soort die je in voormalige Sovjet-landen snel gewend raakt. Na ongeveer 60 kilometer langs maïs- en zonnebloemvelden te hebben gereden, komt bij de rivier Dniester eindelijk de eindbestemming in zicht.

    Transnistrië, een smal strookje land ter grootte van Noord-Holland, telt ongeveer een half miljoen inwoners en ligt ingeklemd tussen Moldavië en Oekraïne. De regio, die zwaar op de hand van Rusland is, heeft zich in 1992 afgescheiden van Moldavië. De onafhankelijkheid wordt door geen enkel land — Rusland incluis — erkend. Ook de Verenigde Naties erkennen het ‘landje’ niet. De Europese Unie — dat in 2014 wel een associatieverdrag met Moldavië afsloot — idem dito.

    Dergelijke regio’s zijn politiek en militair hooggevoelig

    En daardoor is er een bizarre geopolitieke situatie ontstaan, want Transnistrië valt dus óók onder het EU-verdrag. ‘Zwarte gaten, noemen we die hier bij de Raad van Europa,’ zei Pieter Omtzigt in 2009 in Trouw al over de status aparte van Transnistrië en soortgenoten Abchazië en Zuid-Ossetië: staten die zich met hulp van Russische legertroepen hebben losgewrikt van hun Europa- en Navo-georiënteerde moederlanden.

    Dergelijke regio’s zijn politiek en militair hooggevoelig, zo erkende ook voormalig Navo-baas Jaap de Hoop Scheffer vorige week in Nieuwsuur. Hij gaf aan dat hij de reactie van Rusland op westerse inmenging in zijn achtertuin had onderschat en erkende dat het destijds niet verstandig was om Oekraïne en Georgië een Navo-lidmaatschap aan te bieden. Het was een brug te ver.

    En dus behoudt Transnistrië zijn uitzonderingspositie, evenals de reputatie van vrijstaat waar Interpol geen grip op heeft, waar volop zou worden witgewassen en de illegale handel in wapens en vrouwen welig tiert. Vanity Fair bestempelde het land in 2014 nog als een ‘obscure Communist-Mafia outpost’.

    Hamer en sikkel

    We zullen zien. Aangekomen bij het grensgebied, vlakbij de plaats Bender, is er eerst een Moldavische grenspost; die wordt door de buschauffeur echter zonder te stoppen gepasseerd. Dan volgt een paar honderd meter niemandsland: een hobbelige weg, met langszij rijen bomen. Door de bomen is er weinig van te zien, maar hier moet zich ook een deel van de troepenmacht bevinden die sinds de jaren negentig — toen er bij een korte onafhankelijkheidsoorlog honderden doden vielen — de lieve vrede bewaakt.

    Bij de Transnistrische grenspost moet iedereen de bus uit en een wit gebouwtje in, om een tijdelijke 'verblijfsvergunning' te halen. Na het tonen van een paspoort, de boekingsbevestiging van Hotel Russia aan de Strada Sverdlov in Tiraspol en drie vingers (het aantal dagen verblijf), wordt een papiertje toegeschoven. Lastige vragen blijven uit: het is tegenwoordig niet meer dan een administratieve handeling.

    Transnistrië werd internationaal nooit officieel erkend

    De bus rijdt verder, door een rood-groene toegangspoort met het Transnistrische wapenschild erop. We zien een rode Sovjet-ster, een hamer en sikkel, en de lokale producten: mais, graan, klaver en druiven.

    Het wapen is een verwijzing naar de oude Sovjet-tijden, toen Transnistrië nog onderdeel uitmaakte van de ‘Moldavische Socialistische Sovjetrepubliek’ (MSSR), en werd in 1992 weer in ere hersteld toen Transnistrië zich na een korte oorlog van Moldavië wist af te scheiden. Het staatje kreeg hierbij hulp van het nog in Transnistrië gestationeerde Russische 14e legerkorps.

    Uiteindelijk slaagde de opzet gedeeltelijk: Transnistrië werd internationaal nooit officieel erkend, maar het gebied wist wel een verregaande autonomie te verkrijgen. Het Russisch werd behouden als officiële taal; ook kreeg Transnistrië een eigen vlag, grondwet, valuta, politie, leger en inlichtingendienst — die nog gewoon de naam KGB draagt.

    En, belangrijk: er is steun vanuit de bevolking die grofweg voor een derde bestaat uit Russen, een derde uit Moldaviërs, en voor de rest uit Oekraïners en Bulgaren. In 2006 gaf deze bevolking bij een referendum bijna unaniem (96 procent) aan dat ze afgescheiden wilde blijven van Moldavië; ook gaf 97 procent van de stemmers aan dat ze weer onderdeel willen worden van Rusland.

    Strada Lenin

    Wandelend door de straten van Tiraspol, met namen als ‘Strada Karl Marx’, ‘Strada Lenin’ en ‘Bulevardul Gagarin’, lijkt de economie weinig hinder te ondervinden van de merkwaardige status aparte. Zeker vergeleken met Chisinau, de hoofdstad van Moldavië, zijn de wegen in Tiraspol opvallend schoon en goed onderhouden. In café’s zijn er werkende wifi-netwerken, en in de hippe ‘Smokehouse bar’ nippen studenten aan een café latte terwijl een priester vanaf zijn tablet luidkeels zijn liederen repeteert. Buiten op straat vullen oude vrouwtjes hun pensioen (ongeveer 50 dollar per maand, plus een Russische aanvulling van 10 dollar als ze in het bezit zijn van een Russisch paspoort) aan met de verkoop van plastic bekertjes kvas – het populaire Oost-Europese drankje, gemaakt van gefermenteerd brood. 

    Ook opvallend: de verkeersregels worden nageleefd. Nochtans schieten de marshrutka-busjes — een populair openbaar vervoermiddel in Oost-Europa — overal voorbij. De chauffeurs rijden bovendien heel economisch: ze nemen zoveel mogelijk passagiers mee — zelfs het dashboard mag fungeren als zitplaats.

    Monopolist Sheriff

    Op straat valt nog een ding op: de oververtegenwoordiging van het lokale concern Sheriff. De supermarkten met Sheriff-logo duiken overal in Transnistrië op. De schappen zijn rijkelijk gevuld met luxeproducten; de winkels doen niet onder voor de gemiddelde Westerse hypermarché. Dat is echter niet het enige: naast een supermarktketen bezit Sheriff in Transnistrië verder ook benzinepompen, bouwbedrijven, een tv-zender, en het volledige telecomnetwerk — zowel vast als mobiel. De bijna klassieke monopolist heeft volgens het Poolse onderzoeksinstituutCentre for Eastern Studies daarnaast de helft van de bouw- en aannemers-markt in handen, en maar liefst 90 procent van de brandstofmarkt.

    Het instituut baseert zich weliswaar op onofficiële cijfers, maar onderweg valt toch op dat het Sheriff-logo op vrijwel iedere supermarkt en tankstation prijkt.

    "In ruil voor politieke steun kreeg het Sheriff-concern korting op belastingen en invoerheffingen"

    Dat logo — een gele Amerikaanse sheriff-ster — verwijst naar het curriculum vitae van de twee oprichters Viktor Gushan en Ilya Kazmaly: allebei zijn ze voormalige medewerkers van de inlichtingendienst KGB. Na de onafhankelijkheidsstrijd in de jaren ‘90 richtte het duo het Sheriff-concern op. De twee wisten een gouden deal te sluiten met (destijds) president Igor Smirnov: in ruil voor politieke steun kreeg Sheriff korting op belastingen en invoerheffingen. Een mooi één-tweetje; de zoon van de president stond aan het hoofd van de douane.

    Inmiddels telt het concern 12 duizend medewerkers en daarmee is het de grootste werkgever van Transnistrië. Dat het nog steeds veel politieke invloed heeft werd wel duidelijk bij de verkiezingen in 2016: Smirnov’s opvolger, Yevgeny Shevchuk, had in 2012 de belastingvoordelen ingetrokken. Daarmee raakte hij de steun van het concern kwijt en bij de verkiezingen van december 2016 legde hij het af tegen een nieuwe kandidaat: Vadim Krasnoselski, voormalig Hoofd Beveiliging bij Sheriff. Uiteindelijk is Shevchuk zelfs aangeschoten wild geworden: hij vluchtte vorig jaar het land uit en staat momenteel op de nationale opsporingslijst wegens vermeende corruptie.

    Oud-Spartaan

    Zoals het een goed monopolist betaamt, bemoeit Sheriff-baas Gushan zich niet alleen met politiek, maar ook met voetbal. Het concern heeft zelfs een eigen voetbalclub: FC Sheriff Tiraspol. Het voor 200 miljoen dollar gebouwde voetbalcomplex van de club is 40 hectare groot en bevat onder andere een indoor (trainings)veld, zwem-en atletiekbanen, een 5-sterrenhotel in aanbouw en een Mercedes- en Skoda-autodealer. Het hoofdstadion biedt plek aan ruim 14 duizend toeschouwers en voldoet aan alle eisen van wereldvoetbalbond FIFA. Op het veld staan meerdere buitenlandse spelers, waaronder oud-Sparta-speler Jeremy de Nooijer.

    Afgelopen seizoen behaalde FC Sheriff Tiraspol ook de groepsfase van de Europa League, want ondanks de politieke spanningen tussen de Moldavische regering en de separatisten in Transnistrië speelt FC Sheriff Tiraspol wél gewoon in de Moldavische competitie. Ook de FIFA erkent de onafhankelijkheid van Transnistrië immers niet, wat betekent dat Sheriff Tiraspol alleen via Moldavië een ticket voor Europese wedstrijden kan bemachtigen. Ook dit jaar mag dat evenwel geen al te groot probleem vormen: FC Sheriff Tiraspol is het afgelopen decennium vrijwel onafgebroken kampioen van Moldavië geweest.

    Extreem instabiel

    Hoewel Transnistrië in naam een vrije markt kent, lijkt hier in de praktijk dus weinig van terecht te komen. En dat is niet het enige probleem waar de economie mee kampt: het Transnistrische bruto nationaal product bedraagt slechts 1 miljard dollar, wat de regio tot het armste ‘land’ van Europa maakt.

    ‘Ik schat dat maar een kwart geregistreerd wordt; de rest van de handel verloopt zwart’

    Dat getal van 1 miljard moet evenwel met een korreltje zout worden genomen: ‘Ik schat dat maar een kwart geregistreerd wordt; de rest van de handel verloopt zwart,’ zegt inwoner Tim. Tim is een joviale vrijbuiter, die in 2008 de Verenigde Staten verruilde voor Tiraspol. Tegenwoordig runt hij een hostel en maakt hij de schaarse toeristen en buitenlandse journalisten wegwijs. Verhalen over handel in wapens en vrouwen wuift hij weg: ‘Dat is een verzinsel van Westerse media. Wél zijn er heel veel smokkelroutes, naar zowel de Oekraïne als Moldavië, maar het gaat dan vooral om Kvint-cognac en sigaretten. Zelfs bus- en taxichauffeurs werken eraan mee: ze doen het om wat extra cash te verdienen.’

    En cash is alles in Tiraspol. Zeker voor buitenlandse bezoekers, want pinnen is hier geen optie: de eigen valuta, de Transnistrische roebel, wordt verder nergens ter wereld erkend. Lokale banken zijn dan ook niet aangesloten op het SWIFT-systeem voor internationaal betalingsverkeer, wat westerse bankpasjes nutteloos maakt. De enige optie is om overdag bij een lokale bank eurobiljetten te ruilen voor een stapel Transnistrische roebels. De wisselkoers daarbij ligt vast en wordt gecontroleerd door de Transnistrische overheid.

    De beperkte internationale geldigheid van de lokale munt leidt ertoe dat burgers voor internationale bankzaken de grens over moeten: ‘Binnen 25 minuten ben je in een Moldavisch dorp over de grens, waar ze wél internationale banken hebben. Mensen houden daar een rekening aan. Zo kunnen ze toch internationale betalingen doen met een Visa of Mastercard. Ze kunnen die dan ook gebruiken als ze in het buitenland op vakantie gaan,’ zegt Tim.

    Lokale ondernemers staan voor dezelfde monetaire uitdagingen, want ze doen hun inkopen vooral over de grens: op de populaire containermarkt 7km, vlakbij Odessa. ‘Ze hebben daar dan wel euro’s of dollars nodig om te betalen,’ zegt Tim. ‘Er is daarom een heel grote zwarte markt voor het wisselen van verschillende valuta voor kleine ondernemers. En bijna iedereen heeft een normale bankrekening aan de andere kant van de Moldavische grens.’

    ‘De euro’s zijn soms uitverkocht’

    De ‘kinderziektes’ rondom de alternatieve munt zijn de laatste tijd — na 25 jaar onafhankelijkheid — eindelijk wat verlicht. Tim: ‘Ondernemers kunnen nu ook in Transnistrië euro’s en dollars bij de bank kopen, tegen een officiële wisselkoers. De euro’s zijn alleen soms uitverkocht.’

    De economische situatie is echter zorgwekkend. Het Centre for Eastern Studies noemde de Transnistrische economie in haar rapport (2013) ‘extreem instabiel en inefficiënt’. De toch al kleine bevolking bestaat voor een derde uit gepensioneerden; veel jongeren zetten hun carrière voort in het buitenland, waardoor er een grote braindrain ontstaat.

    Een andere oorzaak is dat veel fabrieken na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie zijn gesloten. De helft (!) van het bruto nationaal product van Transnistrië komt momenteel op conto van vier bedrijven: de staalfabriek Moldova Steel Works; Tirotext, een textielfabriek; een cementfabriek, en de energiecentrale Moldavskaya GRES. Alle vier zijn ze in Russische handen; zo’n 95 procent van de productie wordt geëxporteerd. De overige bijdragen aan het bbp zijn afkomstig van een kaviaarkwekerij en van de nationale trots: de Kvint-fabriek, die ook is afgebeeld op het briefgeld.  

    Russisch gas-infuus 

    Bovendien ligt de regio al jarenlang aan het infuus van Rusland. Zo droeg de Russische staat de afgelopen jaren bijvoorbeeld voor 100 miljoen dollar bij aan de bouw van scholen en ziekenhuizen. De grootste steun komt echter in de vorm van spotgoedkoop gas, geleverd door de Russische energiegigant Gazprom. In de Moldavskaya GRES-energiecentrale wordt dit gas omgezet in elektriciteit, waarna 80 procent (uiteraard winstgevend vanwege de lage inkoopprijzen) wordt doorverkocht aan de rest van Moldavië. 

    Transnistrië kon zodoende jarenlang de staatskas spekken door te fungeren als hofleverancier van Moldavische stroom. Rusland sloeg ondertussen twee geopolitieke vliegen in één klap: het controleert direct de Moldavische elektriciteitsvoorziening én stimuleert de economie van het goedgezinde Transnistrië. Transnistrië hoefde de gasleveringen ook jarenlang niet af te rekenen, waardoor de openstaande rekening inmiddels is opgelopen tot bijna 6 miljard dollar. Het voordeel voor Rusland: omdat het de onafhankelijkheid van Transnistrië nooit heeft erkend, komt de torenhoge schuld alsnog op conto van Moldavië.

    Begin vorig jaar probeerde Moldavië zich uit deze houdgreep te worstelen door de schuld te herstructureren en af te schuiven op Transnistrië. Gazprom ging echter niet akkoord, mogelijk vanwege de geopolitieke belangen, maar zeker omdat Moldavië een meer kredietwaardige debiteur is dan Transnistrië (let wel: de gas-schuld is 6 keer het bnp van Transnistrië).

    Bovendien leek Moldavië in dezelfde periode plots afscheid te nemen van de Russisch-Transnistrische elektriciteitstoevoer, door het afsluiten van een nieuw leveringscontract met de Oekraïense energiegigant Dtek Trading. Slecht nieuws voor de regering in Tiraspol, maar zover kwam het niet. Na interventie van de Russische vice-premier Dmitry Rogozin beloofde Moldavië trouw te blijven aan de Transnistrische stroom.

    Moldavische spagaat

    Met het associatieverdrag met de Europese Unie aan de ene kant en de afhankelijkheid van Rusland aan de andere kant, zit Moldavië zodoende in een spagaathouding. De Moldavische president, Igor Dodon, is pro-Russisch. Hij kent echter een stevige tegenpool in de persoon van Vlad Plahotniuc, een in Nederland belasting ontwijkende oligarch en voorzitter van de Democratische Partij — een van de machtigste partijen in het Moldavische parlement. Dat Moldavische parlement is pro-Europees, en ligt daarmee op ramkoers met Dodon.

    "Dat is even absurd als Denemarken dat Nederland binnenvalt"

    Het leidt tot schizofrene taferelen: zo werd de Russische vice-premier Rogozin afgelopen zomer door de regering bestempeld als persona non grata en mocht zijn vliegtuig niet landen in Chisinau. President Dodon keurde deze acties tegen Rusland echter juist weer af, flirtte vervolgens openlijk met Rusland en bleek zelfs bereid om het associatieverdrag met de Europese Unie op te zeggen.

    Vladimir Poetin, die zich weer verkiesbaar heeft gesteld bij de Russische presidentsverkiezingen op 18 maart, haalde onlangs dan ook de banden met Dodon aan. Poetin beloofde een oplossing voor de Transnistrische kwestie en probeerde tegelijkertijd Moldavië te interesseren voor de Russische tegenhanger van de Europese Unie: de zogeheten Euraziatische Economische Unie. Deze pro-Russische handelsunie telt al meer voormalige Sovjetlanden, zoals Kazachstan, Wit-Rusland en Armenië.

    Absurd

    De sterke band tussen Transnistrië en Rusland, evenals de Russische troepen in Transnistrië, leidde na de Russische annexatie van De Krim in 2014 tot de vraag of Transnistrië misschien het volgende doelwit was. Ook Navo-generaal Philip Breedlove waarschuwde voor dit scenario.

    De Amerikaan Tim gelooft daar niet in, al was het alleen al vanwege de afstand tussen Rusland en Transnistrië. ‘Dat is even absurd als Denemarken dat Nederland binnenvalt,’ zegt hij.

    Een Russische aanval vond wél plaats in Georgië in 2008. Ook dat land zat destijds in een spagaat: het vond enerzijds aansluiting bij zowel de Europese Unie als de Navo, maar aan de andere kant waren er ook pro-Russische sentimenten binnen de grenzen. Het leidde tot spanningen in de grensgebieden van de afgescheiden staten Abchazië en Zuid-Ossetië, een geschoffeerde Poetin, en uiteindelijk een bloederige oorlog waarin Rusland en Georgië in Zuid-Ossetië met elkaar de strijd aangingen.

    ‘Er zijn veel samenwerkingen, gesprekken en initiatieven tussen Tiraspol en Chisinau’

    Maar: ‘Ik voorzie dat scenario niet in Moldavië,’ zegt Frederik Lange, een onderzoeker naar de facto staten. Lange is werkzaam bij de Graduate School voor Oost-en Zuidoost Europese Studies in Regensburg, Duitsland en is een van de weinige westerlingen die ik in Tiraspol tegenkom. ‘Georgië en de zuidelijke Kaukasus worden door Rusland gezien als hun achtertuin, met een direct Georgisch-Russische grens. De Navo bedreigde de “vitale belangen” van Rusland veel meer dan de toetredingsgesprekken van de EU met Moldavië dat doen: dat land ligt minder in de Russische sfeer.’

    Ook de vrij recente annexatie van de Krim en de gevechten in Oost-Oekraïne spelen nog een rol, zegt Lange: ‘De spanning tussen de EU, Navo en Rusland is hoog. Een Russische interventie in Moldavië is riskant en “is het niet waard”.’ Ook stelt hij dat de kloof tussen Moldavië en Transnistrië niet zo groot is als in de Kaukasus het geval is. ‘Er zijn veel samenwerkingen, gesprekken en initiatieven tussen Tiraspol en Chisinau.’

    Dit bleek ook vlak voor Kerst, toen er door Moldavische en Transnistrische politici overeenkomsten werden getekend om het leven in Transnistrië te verlichten. Zo gaat Moldavië onder meer de diploma’s van de Transnistrische universiteit erkennen en wordt het weer mogelijk om via een vaste lijn te bellen naar de ‘andere kant’. In ruil mogen Moldavische boeren hun landbouwgronden in Transnistrië weer betreden.

    Tim hoopt dat de grens in de toekomst zal verdwijnen: ‘Het beste voor de burgers is dat Transnistrië onafhankelijk blijft, maar dat de grens met Moldavië langzaam verdwijnt zodat mensen en goederen makkelijker heen en weer kunnen gaan. De mensen in Transnistrië en Moldavië willen echt geen problemen met elkaar, dit conflict speelt zich af op politiek niveau.’

    Spanningen

    De situatie in Transnistrië blijkt wat gespannen te zijn tijdens de voorbereidingen van de Transnistrische Onafhankelijkheidsdag op 2 september. Ondanks dat Westerse cameraploegen verslag zullen gaan doen van de militaire parade op het Soevorov-plein in het centrum, blijkt er niet gefotografeerd te mogen worden. Het fotograferen wordt opgemerkt door een obese kolonel in een camouflagepak die ons schreeuwend achterna loopt. De vijftiger ziet eruit als een karikatuur - dikke buik, borstelsnor en twee gouden tanden - maar hij is serieus zodra hij aangeeft dat ik mee moet naar het politiebureau. Fotograferen van militairen is ten slotte verboden in Transnistrië. Mijn Transnistrische tolk Roman gaat vol in verweer en wijst op het brandpunt van de foto - het (achtergelegen) standbeeld van de Russische generaal Alexander Soevorov. En nadat ik een paar foto’s pro-actief heb gewist, loopt het met een sisser af. De militaire parade zelf kan ik helaas niet meemaken, want de drie dagen Transnistrië zitten er alweer op en de volgende bestemming is in zicht: Odessa, de havenstad in Oekraïne die 100 kilometer verderop ligt.

    Over de auteur

    Dennis Mijnheer

    Gevolgd door 589 leden

    Ontspoorde Bedrijfskundige die alles wil weten van mannen en vrouwen met witte boorden. Tags: fraude, witwassen, omkoping

    Lees meer

    Volg deze auteur en blijf op de hoogte via e-mail

    Volg deze auteur
    Verbeteringen of aanvullingen?   Tip de auteur Annuleren