© CC0 (Publiek domein)

Het einde nadert voor de beruchtste belastingparadijzen ter wereld

    Bermuda, de Kaaimaneilanden en de Britse Maagdeneilanden: hun dagen als belastingparadijs lijken geteld. Met een onlangs aangenomen wet pakt de Britse regering eindelijk door in de bestrijding van belastingontduiking. Tegelijk dienen zich de eerste ontsnappingsroutes al weer aan.

    Het kwam een beetje uit de lucht vallen: vorige week dinsdag nam het Britse Lagerhuis een wet aan die de veertien Britse overzeese gebieden gaat dwingen om openbare ubo-registers aan te houden. Het is een doorbraak in het jarenlange getouwtrek van het moederland om zijn belastingparadijzen — zoals Bermuda, de Kaaimaneilanden en de Britse Maagdeneilanden — te bewegen om een transparanter Handelsregister te voeren.

    ‘Ubo’ staat voor ultimate beneficial owner: de uiteindelijke belanghebbende achter een bedrijf. Op dit moment is die informatie niet voorhanden. 

    En dat maakt dat de Britse overzeese gebieden populaire bestemmingen zijn voor spookachtige brievenbusmaatschappijen.Hoewel er op de Kaaimaneiland bijvoorbeeld maar zo’n 60 duizend mensen wonen, zijn er 149 banken gevestigd, die samen zo’n 1000 miljard dollar aan bezittingen hebben uitstaan. Ook zijn er 146 trustmaatschappijen en circa 100 duizend bedrijven te vinden. In de Financial Secrecy Index 2018, een lijst opgesteld door de Britse onderzoekers van Tax Justice Network die onderzoek doen naar de transparantie van financiële sectoren, staat het gebied op de derde plaats

    De Britse Maagdeneilanden staan lager, op nummer 16. Het aantal schimmige bedrijfjes per hoofd is hier echter nog veel hoger: hoewel er maar zo’n 23 duizend mensen wonen, zijn er ruim 400 duizend vennootschappen in het gebied gevestigd. Samen hebben die circa 1500 miljard dollar aan buitenlandse bezittingen.

    Ongeveer de helft van de vennootschappen uit de Panama Papers zat op de Britse Maagdeneilanden

    De ongekende populariteit van de Britse Maagdeneilanden bleek ook uit de Panama Papers. Ongeveer de helft van alle 240 duizend vennootschappen die door de Panamese juridische dienstverlener Mossack Fonseca waren opgericht, was gevestigd op de Britse Maagdeneilanden.

    Discretie

    De gemene deler van de Britse gebieden is dat ze een grotere mate van discretie bieden. Zo geldt er een beperkte publicatieplicht in (openbare) registers en kunnen de echte belanghebbenden, de ubo’s, zich verschuilen achter zogeheten nominees: lokale advocaten die alleen op papier directeur of eigenaar zijn. De naam van hun opdrachtgever, de rijke Chinees of Oekraïense oligarch, wordt zodoende afgeschermd.

    Deze ubo’s kunnen echter wél volop gebruik maken van de zakelijke bedrijfsrekening en de company card, of bijvoorbeeld een deel van het bedrijfskapitaal aanwenden om zoonlief een hypotheek te geven voor zijn appartement in Londen of dure auto’s te leasen. Bijkomend voordeel: de afgeschermde constructie is lastig te doorgronden voor Belastingdienst, de overheid of pakweg de ex-vrouw die in gemeenschap van goederen is getrouwd.

    Met enige regelmaat komt Follow the Money bij het volgen van geldstromen dan ook uit bij bedrijven die op één van de eilanden gevestigd zijn. Van Mitt Romney, tot een Chinese partner van FrieslandCampina, tot de directie van een Nederlandse stichting rondom een Venezolaans olieveld.

    Maar als het aan de Britse overheid ligt, is het daarmee nu dus gedaan. Als de nieuw aangenomen wet wordt uitgevoerd, moeten de eilanden per 2020 openbaar bij gaan houden wie de uiteindelijke belanghebbenden achter de brievenbussen zijn.

    "De premier van de Britse Maagdeneilanden noemde de nieuwe wet 'oneerlijk en discriminatoir'"

    Doortrappen op de grond

    ‘Dit komt onverwachts en is daarom mooi meegenomen,’ zegt europarlementariër Judith Sargentini (GroenLinks) desgevraagd. De Nederlandse politica was namens het Europees Parlement één van de onderhandelaars met de Raad van Europese ministers en wist een meerderheid achter het ubo-register in de Europese Unie te krijgen. ‘De Britten waren daar ook mee bezig, maar het is hartstikke goed dat ze dat nu ook uitbreiden naar hun overzeese gebieden.’

    Op de eilanden is de euforie afwezig: daar zien ze met lede ogen aan hoe hun vestigingsklimaat verzwakt. De Organisatie voor Oost-Caribische Eilanden (OECS, een gouvernementeel samenwerkingsverband waar ook de Britse Maagdeneilanden onderdeel van uitmaken) verwees in een gezamenlijke verklaring naar de verwoestende klap van de orkanen Irma en Maria in 2017. Nóg een financiële klap, dit keer door het opheffen van de discretie, zou oneerlijk zijn: ‘Het is het uitdelen van een trap terwijl we al op de grond liggen,’ zo stelde de regering van de Britse Maagdeneilanden tegen de Financial Times.

    Orlando Smith, de premier van de Britse Maagdeneilanden, noemde de nieuwe wet ook ‘oneerlijk en discriminatoir’. Dit omdat volledige openbaarheid nog niet de wereldwijde standaard is. En om staatsrechtelijke redenen gaat de nieuwe wet bijvoorbeeld ook niet gelden voor de Britse Kanaaleilanden en het Isle of Man. Dit terwijl ook deze eilanden te boek staan als belastingparadijzen waar geen plek is voor dividend-, vermogens- en erfbelasting.

    Panacee?

    Maar of de nieuwe wet ook echt een einde zal maken aan de offshore-praktijken, is nog maar de vraag. Het centrale register is geen panacee voor alle misstanden: de Britse wet voorziet alleen in een openbaar bedrijvenregister waarin de zogeheten ‘trust’ niet wordt meegenomen.

    'Ik had liever een meldplicht van 10 procent gezien, maar ja, dat heeft het niet gehaald'

    Voor Sargentini is het geen verrassing dat de trust met rust wordt gelaten: ‘Discutabel genoeg wilde [premier David] Cameron de trust al niet meenemen in het eigen ubo-register. Door de Brexit zullen ze waarschijnlijk de dans ontspringen.’

    Vrije ondernemers op de Maagdeneilanden kunnen dus kijken naar de ontsnappingsmogelijkheden die kleven aan het Europese ubo-register. De meldplicht voor ubo’s gaat daar gelden als iemand 25 procent of meer van de aandelen van een bedrijf heeft.

    Met enig creatief ondernemerschap zal deze grens — eventueel met hulp van familieleden en vrienden — te omzeilen zijn. Als er bijvoorbeeld sprake is van vijf keer een belang van 20 procent, dan hoeft er niks gemeld te worden: gevestigde bedrijven kunnen claimen dat ze geen ubo hébben, omdat er meerdere aandeelhouders zijn die allemaal niet meer dan 25 procent van de aandelen in bezit hebben.

    ‘Ik had het graag anders gezien', zei Sargentini ten tijde van het EU-akkoord in 2015 tegen FTM. ‘Ik had liever een meldplicht van 10 procent gezien, want onder die 10 procent blijven zou wel erg ingewikkeld worden. Maar ja, dat heeft het niet gehaald.’

    De ontsnappingsmogelijkheden doet volgens Sargentini geen afbreuk aan de meldplicht: ‘Het risico bestaat dat mensen het ubo-register gaan ontwijken, maar dat is geen argument om het níét te doen.’

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Dennis Mijnheer

    Gevolgd door 651 leden

    Ontspoorde bedrijfskundige die alles wil weten van mannen en vrouwen met witte boorden. Tags: fraude, witwassen, omkoping

    Lees meer

    Volg deze auteur en blijf op de hoogte via e-mail

    Volg Dennis Mijnheer
    Verbeteringen of aanvullingen?   Tip de auteur Annuleren