© CC0 (Publiek domein)

Een duurzame economie

Onze economie is in zijn wezen niet duurzaam. Was ze dat wel, dan zou de wereld er een stuk beter uitzien. Het goede nieuws is dat dat mogelijk is, als de economie een echte wetenschap wordt. Maar daar is nogal wat voor nodig. Een omslag in denken, om te beginnen. En een boek. Lees meer

Onze wereld wordt geteisterd door grote structurele problemen. Klimaatverandering, armoede, instortende economieën, om er een paar te noemen. We beschikken over tal van middelen om deze op te lossen. Dat de problemen desondanks blijven bestaan, is volgens wetenschapper Niko Roorda een kwestie van economie. Vrijwel alle grote tragedies in de wereld, meent hij, zijn er doordat we economisch gezien niet begrijpen wat we doen. We moeten toe naar een economisch systeem dat intrinsiek duurzaam is, en hebben een economische wetenschap nodig die dat ontwerpt en invoert. Hierover schrijft Niko Roorda zijn nieuwste boek, en dat wil hij samen met de lezers van FTM doen.

55 Artikelen

Update: zo staat het ervoor met mijn boekproject

Ruim twee maanden is Niko Roorda nu bezig met zijn boekproject over een duurzame economie. De volgende aflevering verschijnt volgende week. Vandaag even een evaluatie: hoe staat het ervoor?

Ik schrijf een boek over economie en duurzaamheid. Doordat het boek, terwijl ik het schrijf, al in afleveringen op Follow the Money geplaatst wordt, is het een project geworden waaraan veel leden van FTM meedoen. Omdat nogal wat mensen aan het forum deelnemen, is het een prachtig project geworden. 

Veel van jullie discussiëren intensief via het forum, dat gemakkelijk bereikbaar is dankzij het dossier dat voor het boek is aangelegd. Andere forumleden benaderen me rechtstreeks via de email. Regelmatig bieden deskundigen me hun hulp aan, waarna ik hen ontvang op mijn kantoor of naar hen toe ga. En er is ook de Denktank die al een aantal keren bijeen is geweest. 

De redactie van FTM heeft me gevraagd om over de voortgang van het project eens iets op te schrijven. Dat is een prima idee, want het geeft de FTM-leden die aan het project deelnemen inzicht in wat er zoal gebeurt en wat ik met jullie input doe. Tegelijk heb ik wat vragen aan jullie.

Het ‘normale’ proces

Laat ik beginnen met de ‘normale’ gang van zaken. Sinds het project bij FTM startte, begin november, zijn er acht afleveringen geplaatst. De eerste was nog geen boekgedeelte maar een inleiding, dus er zijn nu zeven delen van het boek gepubliceerd. Dat gaat met een vast ritme, zoals ik met de redactie heb afgesproken. Elke vrijdag gebeurt er iets, en dat gaat om en om: op de ene vrijdag lever ik een aflevering in bij de redactie; op de volgende vrijdag wordt die geplaatst. (Soms een dag eerder of later, als er redenen zijn om af te wijken.)

Het mooie van dat ritme is dat ik zo, iedere keer nadat een aflevering geplaatst is, een week lang kan zien wat voor reacties die oproept en ook op die reacties kan reageren, waarna ik erover kan schrijven in de volgende aflevering. Tegelijk geeft het de redactie steeds een week om mijn aflevering vorm te geven ten behoeve van de website. 

Zo’n aflevering ziet er als volgt uit. Ik neem als uitgangspunt het gedeelte van het boek dat aan de beurt is. Meestal is dat net mooi een paragraaf. Soms kies ik, om op een aardige lengte te komen, meer dan één paragraaf per keer of pak juist een halve paragraaf. De redactie heeft me gevraagd om per aflevering tot circa 2000 woorden te gebruiken, maar ik moet bekennen dat me dat doorgaans niet zo goed lukt: het zit er over het algemeen wel wat boven. Dat komt mede doordat ik er een ‘kop’ en een ‘staart’ aan toevoeg. Dat zijn de stukken waarin ik kan ingaan op jullie commentaren op de vorige aflevering, en waarin ik kort de nieuwe tekst aan de vorige vastknoop (voor wie dat niet meer levendig in het hoofd heeft). In de ‘staart’ maak ik alvast een verbinding naar de volgende keer en leg ook vaak een paar concrete vragen aan jullie voor.

De publicaties vormen een rijdende trein, en met mijn nieuwe schrijfwerk ren ik over de rails voor de trein uit

Dat ritme van één publicatie per twee weken is vanaf november netjes volgehouden, behalve toen we ervoor kozen om in de kerstperiode een week over te slaan vanwege de vakantie van veel lezers. Het is mijn bedoeling om het tempo voort te zetten tot aan de zomervakantie, en daar weer even pas op de plaats te maken. Hoe lang, dat gaan de redacteuren en ik tegen die tijd wel overleggen. 

Dat brengt me wel op een kwetsbaar punt. Want er is een soort wedstrijdje gaande tussen het schrijven van nieuwe hoofdstukken en de publicatie ervan. Je kunt het je wel voorstellen: het is mijn taak om ervoor te zorgen dat ik vóór blijf! De publicaties vormen een rijdende trein, en met mijn nieuwe schrijfwerk ren ik over de rails voor de trein uit. Om je een idee te geven: de publicaties zijn gevorderd tot en met paragraaf 2.3. De rest van hoofdstuk 2, dat over waarde en geld gaat, is (in concept) klaar voor publicatie. Volgens mijn planning verschijnt de slotaflevering van dat hoofdstuk op 11 mei. Intussen werk ik momenteel aan hoofdstuk 3. Ik zit daar ergens middenin, en de tot nu toe geschreven teksten zijn goed voor nog eens vier (iets te lange, sorry) afleveringen.

De afstand tussen de in concept voltooide teksten en de publicaties is mijn ‘buffer’, en ik streef ernaar om de omvang van die buffer ongeveer constant te houden. Tot nu toe lukt dat.

De Denktank

‘In concept voltooid’, schreef ik zojuist. Want nadat ik mijn teksten heb geschreven, gebeurt er nog heel wat – mede met jullie hulp. Het is aardig om dat eens te beschrijven. 

De eerste die mijn teksten kritisch beoordeelt is altijd mijn vrouw. Zij levert scherpe commentaren, zowel tekstueel als inhoudelijk. “Dat stuk sluit niet goed aan op het voorafgaande”, kan ze dan zeggen, of: “die zinnen daar, die begrijp ik niet. Wat wil je nu eigenlijk zeggen?” “Waarom vertel je dit?” of “hoe weet je dat?” Of ook: “Die afbeelding voegt niets toe.” (Jammer, het was zo’n leuk plaatje, maar ze heeft wel gelijk…)

Zolang ik haar reacties nog niet heb, beschouw ik de paragrafen nog niet eens als ‘in concept voltooid’. Ook mijn zoon springt zo nu en dan bij; hij heeft vaak waardevolle suggesties voor aanvullingen.

Vervolgens leg ik een voltooid hoofdstuk voor aan de Denktank. Dat is een groep jonge academici. De meesten zijn masterstudenten of promovendi, anderen zijn kort geleden afgestudeerd en hebben een mooie baan. De groep bestaat nu uit vijftien mensen, en daarmee is de grens wel bereikt: als het er meer zouden worden, wordt het bijeenkomen lastig en de organisatie onoverzichtelijk. Het is een prachtige groep mensen, met zeer uiteenlopende disciplines. Er zijn enkele economen en financieel deskundigen bij. Maar ook een politiek wetenschapper, enkele communicatie-experts, een filosoof, een complexiteitswetenschapper, een kunstmatige intelligentie-onderzoeker, een neerlandica, een software developer, een mathematisch bioloog, en meer.

Ongeveer eens in de zes weken komt de Denktank — waarvan ook mijn vrouw en mijn zoon deel uitmaken — bijeen. Tussendoor wordt gediscussieerd via WhatsApp en email. We hebben levendige discussies over de doelen en de doelgroepen van het project, over het verloop, en natuurlijk ook over de teksten die ik produceer. Voor de komende bijeenkomst, over een paar weken, heb ik toegezegd dat ik een overzichtspresentatie ga verzorgen waarin ik, in overeenstemming met de laatste ideeën die de groep en ik hebben ontwikkeld, het geheel samenvat. Het doel is om na alle heen-en-weer discussies alles weer eens even op een rij te krijgen. Vanzelfsprekend zal de presentatie ook wel weer de nodige gespreksstof opleveren.

Experts

De feedback vanuit de Denktank levert vanzelfsprekend wijzigingen op, uiteenlopend van tekstuele verduidelijkingen tot wezenlijke bijstellingen. Maar daar blijft het niet bij.

In de afgelopen maanden is mij spontaan hulp aangeboden door diverse mensen. Veel van hen deden dat naar aanleiding van de publicaties op FTM. Dat betreft onder meer een associate professor economie aan de Erasmus Universiteit, een senior econoom van een van de Nederlandse systeembanken, een duurzaamheidsdeskundige, een consultant bij een internationaal managementadviesbedrijf en een systeemtheoreticus. 

Hun inbreng levert boeiende gesprekken op, waarin we het beslist niet altijd eens zijn. Dat levert me weer nieuwe inzichten op, die maken dat ik bij bepaalde facetten van het voorgenomen boek mogelijke nieuwe benaderingen verken. In enkele gesprekken is bijvoorbeeld al stevig gediscussieerd over mijn bewering dat de economistiek (zoals ik het vakgebied in elk geval tot nu toe nog noem, zie de vorige aflevering) nog geen wetenschap is maar een protowetenschap. Ik vind het heel spannend om te gaan ontdekken in hoeverre ik dat standpunt met behulp van onderbouwing (die ik in mijn hoofd heb maar nog moet opschrijven) ga volhouden, nuanceren, of loslaten. Je gaat het wel merken. Dat er een grootscheepse vernieuwing nodig is van de economie, daar is iedereen die ik sprak het wel over eens.

De gesprekken met experts zijn niet alleen inspirerend en uitdagend, ze leveren een mooie kans op om mijn teksten op juistheid te controleren. Zo is hoofdstuk 2 (over waarde en geld) in zijn geheel door een paar deskundigen voor mij gecheckt, en behoudens een paar kleine verbeteringen hebben ze me verzekerd dat ik het correct heb opgeschreven. Dat is prettig om te weten.

In de komende weken heb ik onder meer gesprekken met het hoofd Corporate Affairs van een van de grootste internationale producenten van computers en communicatiemiddelen, met een jurist in Amsterdam, en met een journalist en collega-auteur bij FTM.

Het forum op Follow the Money

Nou ja, na al die vormen van overleg volgt dus de publicatie op FTM, met direct daarop jullie commentaren. Ik vind het prachtig om te zien hoe jullie intensief met de materie omgaan: op het moment dat ik dit typ, zijn er op de laatste aflevering (nummer 8, vier dagen geleden) al 175 commentaren. Er worden allerlei opmerkingen gemaakt: kritische kanttekeningen bij mijn teksten, suggesties voor ontbrekende inhoud, aanbevelingen voor volgende delen, en natuurlijk heel veel reacties op reacties.

Daarnaast zijn er ook veel verwijzingen naar boeken, artikelen, websites, filmpjes. De meest daarvan blijken zeer zinvol, meestal voor toekomstige hoofdstukken, en die noteer ik dan ijverig in mijn aantekeningen voor dat hoofdstuk. Zo heb ik voor ieder toekomstig hoofdstuk al een grote verzameling notities. Ik zeg het nog maar eens: je kunt de voorlopige inhoudsopgave downloaden via de website die bij het project hoort, net als de immer groeiende literatuurlijst waarin je veel van je suggesties zult terugvinden. 

Het is natuurlijk mijn bedoeling dat het boek niet alleen in afleveringen gepubliceerd wordt via FTM, maar ook als een compleet boek

De kritische reacties op FTM leiden veelal tot bijstellingen van mijn teksten. Dat laat ik in het forum weliswaar regelmatig weten – daar heb je natuurlijk ook recht op – maar in de tekst van de reeds gepubliceerde afleveringen kun je dat vanzelfsprekend niet terugzien. Immers, als ik die met terugwerkende kracht zou gaan bijstellen, zou dat een soort geschiedvervalsing zijn. 

Wat heeft het dan voor zin, dat jullie bijstellingen aanbevelen? Wel, het is natuurlijk mijn bedoeling dat het boek niet alleen in afleveringen gepubliceerd wordt via FTM, maar ook, na voltooiing, als een compleet boek. Met FTM is vastgelegd dat de rechten van dat boek bij mij blijven, zodat ik de vrijheid heb om daarvoor een boekuitgever te vinden. Je begrijpt dat we liefst willen dat er een uitgave komt vanuit een samenwerking van drie partijen: Follow the Money, een uitgeverij en ik. Mocht FTM in de tussentijd zelf een boekuitgever worden, dan ligt daar een voor de hand liggende optie.

Publicatie als boek: uitgever gezocht

Het mooiste zou het trouwens zijn als er nu al, ruimschoots voordat het boek voltooid is, een uitgever gevonden wordt. Die kan dan al tijdens het verdere ontstaansproces van het boek een belangrijke rol spelen. Dat zou goed zijn, omdat het boek uiteindelijk niet een doel is maar slechts een middel. Het uiteindelijke lange-termijndoel is (een bijdrage aan) de totstandkoming van een intrinsiek duurzame macro-economie: voor de details, zie mijn afleveringen van 1 en 15 december. Een voorname tussenstap is het opzetten van een nieuwe economische wetenschap. Voor die doelen is een brede beweging nodig, zowel binnen de wetenschap als in de samenleving. Het boek levert daartoe een fundament, dat deels wetenschapsfilosofisch van aard is en deels maatschappelijk georiënteerd. 

Een drietal belangrijke elementen van zo’n beweging is nu reeds tot stand gekomen: de Denktank; meedenkende experts uit wetenschap en praktijk; en de discussie via het forum van FTM. De logische volgende stap is een gestructureerd communicatieplan, met onder meer: contacten met uiteenlopende media; een website; audiovisuele middelen; en voordrachten en live discussies. Als een uitgever daarbij al vroeg in het proces betrokken is en niet pas na afloop, is dat voor alle partijen aantrekkelijk. Dus: als je een uitgever bent of vertegenwoordigt en je hebt interesse: laat het me weten. Ken je een uitgever: geef die dan eens een tip.

Engels

Het zou zeker ook helpen als het boek, liefst eveneens in afleveringen, tegelijk in het Engels zou worden gepubliceerd. In het begin heb ik mijn teksten daarom simultaan in twee talen geschreven, maar dat werd veel te tijdrovend. Ik zal je een idee geven van wat ik verder nog doe.

Over ongeveer een maand komt mijn eerstvolgende boek uit (bij uitgeverij Routledge, UK) dat ik samen met een coauteur in de afgelopen twee jaar heb geschreven. Het boek heet ‘The Seven Competences of the Sustainable Professional’. Dat leverde in de laatste maanden van 2017 en de eerste van dit jaar veel werk op in de vorm van drukproeven controleren, voorkant ontwerpen, alfabetische index maken en allerlei andere dingen. 

Binnen een paar maanden komt er bovendien bij de Deense uitgeverij River Publishers een boek uit getiteld ‘Corporate social responsibility in management and engineering’. Hoofdstuk 2 daarvan, ‘Future-Focused Entrepreneurship Assessment (FFEA)’, is van mijn hand. Ook dat nam in de afgelopen paar maanden tijd in beslag vanwege drukproeven, contracten en meer.

Verder ben ik akkoord gegaan met een verzoek van uitgeverij Routledge voor een hoofdstuk in een boek met de naam ‘Higher Education and Sustainability: Opportunities and Challenges for Achieving Sustainable Development Goals’. Mijn hoofdstuk ga ik vermoedelijk noemen ’Sustainability in the Classroom: Learning about the SDGs with the textbook ‘Fundamentals of Sustainable Development’. Deadline voor inlevering van het hoofdstuk: eind maart. Publicatie van het boek: begin 2019.

Tenslotte: ik ben in mei ten behoeve van de promotie van een PhD-kandidaat aan de TU Delft lid van de ‘oppositie’, dat wil zeggen van de promotiecommissie die de kandidaat voor het doctoraat scherp gaat ondervragen tijdens een plechtige ceremonie die traditioneel gaat eindigen met de door de pedel uitgesproken woorden: “Hora est.” Als voorbereiding bestudeer ik nu het proefschrift van bijna 400 pagina’s A4. Dat is veel werk, maar ik mag niet klagen, want mijn eigen proefschrift was in 2010 net zo lang. Deadline voor mijn oordeel over het proefschrift: eind maart.

Je ziet: ik verveel me niet. En toch is mijn hoofdtaak, waaraan ik bijna al mijn tijd besteed, het project ‘Duurzame Economie’. Ik besteed veel uren per week aan schrijven, maar ook aan het lezen van boeken en artikelen, net als aan kranten en websites: veel van de cases in het boek zijn gebaseerd op recente nieuwsartikelen, die ik in de loop van de maanden bij elkaar spaar. Ook de tips van FTM-leden spelen daarbij een belangrijke rol.

Daarnaast neemt het publiceren op FTM veel tijd in beslag, vooral dankzij de waardevolle discussies in het forum en de eruit voortvloeiende persoonlijke gesprekken met experts.

Om terug te komen op een mogelijke Engelse editie: ik kom er niet aan toe om de vertaling zelf te verzorgen. Het zou mooi zijn als er vrijwilligers zijn die dat werk op zich zouden willen nemen. Het alternatief is natuurlijk een professionele vertaler, maar dat kost nogal wat geld, en zoals gezegd: een budget heb ik niet. 

Als het lukt om een Engelse vertaling te maken, openen er allerlei nieuwe mogelijkheden. Om te beginnen is er dan een kans om de boekafleveringen ook in het Engels online gepubliceerd te krijgen. Misschien zou FTM dat zelf kunnen doen, of wellicht kan een verwante organisatie in Engeland of de VS dat in samenwerking met FTM oppakken.

Vervolgens kan ik, als dat gebeurt, contact opnemen met experts in het buitenland. Bijvoorbeeld met Kate Raworth, om maar eens een naam te noemen.

Wensen

Al met al heb ik wat dingen op een verlanglijstje staan. Ik heb er al een paar genoemd, waaronder uitnodigingen voor lezingen; een uitgever; en een vertaler.

Met de Denktank hebben we een paar weken geleden een bijzondere bijeenkomst gehad, geheel gewijd aan het op gang brengen van een publieke beweging. Persoonlijk heb ik daar geen enkele ervaring mee. Als iemand dat wel heeft en ons wil helpen, zou ik dat heel graag vernemen. Vertegenwoordigers van allerlei soorten media zijn vanzelfsprekend eveneens van harte welkom.

Verder spreekt het vanzelf dat een hoop van de beoogde activiteiten een stuk gemakkelijker zouden zijn als we over een budget zouden beschikken. Misschien kan zoiets via crowdfunding, maar binnen de Denktank heeft niemand daar ervaring mee. Als je ons daarmee kunt helpen zou dat mooi zijn; als je een andere weg weet om budget te genereren (subsidies, sponsoring, persoonlijke ondersteuning), laat het weten.

Is er iemand (een persoon of een bedrijf) die voor ons een website kan ontwerpen en onderhouden, ook als we niet slagen in het vinden van een budget?

En stel dat het lukt om een stevige beweging op gang te brengen: is er een mogelijkheid voor wat organisatorische of secretariële ondersteuning, of wellicht in de vorm van projectleiding? Is er misschien een stichting of een andere organisatie die ons wil ‘adopteren’?

In ieder geval zijn belangrijke eerste stappen gezet. Dat is te danken aan de Denktankleden en aan de diverse experts die bereid zijn om mee te werken. En het is zeer zeker te danken aan de redactie en de leden van Follow the Money. Ik dank hen allen daarvoor en kijk uit naar het vervolg.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Niko Roorda

Gevolgd door 765 leden

Niko Roorda is spreker, schrijver en consultant. Hij promoveerde in sociale wetenschappen en is specialist in duurzaamheid.

Dit artikel zit in het dossier

Een duurzame economie

Gevolgd door 1870 leden

Onze economie is in zijn wezen niet duurzaam. Was ze dat wel, dan zou de wereld er een stuk beter uitzien. Het goede nieuws i...

Volg dossier