Van Zuidas naar ZuiderDam

    Beton, glazen gevels, hebzucht en blinde ambitie bepalen het beeld van Zuidas. "Voor de verdere ontwikkeling wordt het tijd dat de mensen weer het leidende motief worden," zegt Ron Voskamp

    Het Rijk en de gemeente Amsterdam hebben 9 februari jongstleden een besluit genomen om ringweg A10 ter plaatse van Zuidas in tunnels onder de grond te leggen en station Zuid grondig te verbouwen. Directeur Klaas de Boer van Dienst Zuidas is een heel tevreden ambtenaar. In een interview op de website van Zuidas motiveert hij het besluit met "Ik ben heel tevreden dat het er van komt, want hoewel het plan 1,4 miljard kost, is dat juist in deze economisch moeilijke tijd een verstandige investering."

    Wat is verstandig als dat ten koste gaat van bestaande maatschappelijke waarden? Het Beatrixpark en voetbalvereniging AFC komen te liggen aan vervuilende tunnelmonden, Amstelveen wordt afgesloten van de metro en een slordige 190 miljoen euro maatschappelijk geld wordt verkwanseld aan een tijdelijk station. Het Dokmodel, het sluitstuk tussen het ‘Zuid’ van Berlage en het ‘Buitenveldert’ van Van Eesteren, zal en moet er komen voor Amsterdam. Deze obsessieve benadering leidt onherroepelijk tot een stad die niemand eigenlijk wil. Alles draait in Zuidas om geld, heel veel maatschappelijk geld. Waar het werkelijk over zou moeten gaan zijn de mensen. Niet de dingen, maar mensen bepalen met hun gebruik en beleving de waarde van een stad. Een aanpak vanuit menselijke waarden zou ontegenzeglijk tot een ander plan leiden. Het kan nog altijd anders. Zuidas is immers nog niet in beton gegoten. Hieronder wordt een aanzet gegeven hoe het anders zou kunnen.

     

    Animatiebeeld Zuidas

    Waarom bestaat Zuidas eigenlijk?
    Na 15 jaar plannen maken, worstelt Zuidas nog altijd met zijn identiteit. Eerst was het ‘een integraal plan voor een toplocatie voor kantoren’, vervolgens ‘een hoogwaardige toplocatie met een gemengd stedelijk milieu’ en in het persbericht van 9 februari presenteert wethouder Maarten van Poelgeest Zuidas als ‘een echte stadswijk’. Afhankelijk van de waan van de dag wordt een andere betekenis aan Zuidas gegeven. Verkeersborden op de A10 duiden Zuidas aan als een bedrijventerrein. Geen mens die er nog wat van begrijpt. De miljarden vliegen in het rond. Maar waarom eigenlijk? Om te wortelen in de samenleving, zal Zuidas een menselijke identiteit moeten hebben. Het geworstel komt voort uit de afspraak in het Masterplan van 1998 dat ‘de functiemenging in de Zuidas niet te koste mag gaan van de binnenstad van Amsterdam’. Dat is hét probleem. Zuidas mag geen ‘nieuw stedelijk centrum’ genoemd worden. En dat is het wél. Tussen het ‘historische centrum’ en het ‘stadshart Amstelveen’ ontbeert Amsterdam een multifunctioneel centrum. De diverse stedelijke functies liggen in dit tussengebied verspreid. Zuidas ligt precies in het midden, vier kilometer verwijderd van beide centra. Binnen twee kilometer van Zuidas wonen circa 130.000 mensen op een comfortabele loop- en fietsafstand. Zuidas is dé natuurlijke plek om dit nieuwe stedelijke centrum te laten ontstaan. Een centrum waar mensen elkaar ontmoeten en waar van alles te beleven valt. Geen toplocatie, geen stedelijk milieu, geen stadswijk, maar een nieuw stedelijk centrum voor de lange duur. Dat erkennen en daar consequent naar handelen is de belangrijkste stap die Amsterdam nu moet maken. Dan begrijpt het publiek waarom Zuidas gecreëerd wordt en kan het wortel schieten in de samenleving.

    Uitgangspunten: weg in tunnel en sporen op dijk
    Om een stedelijk centrum in Zuidas te kunnen laten ontstaan, is de ondertunneling van de ringweg A10 essentieel. Alleen door de geluidsoverlast, luchtverontreiniging én de visuele barrière van 12 rijbanen weg te nemen, kan een stedelijk klimaat ontstaan dat mensen aantrekt. Echter het Centraal Planbureau (CPB) beoordeelt de ondertunneling van de ringweg A10 als onrendabel.

    CPB komt tot deze conclusie omdat de baten (120 miljoen euro) in de verste verte niet opwegen tegen de kosten van een tunnel (528 miljoen euro). Deze economische analyse heeft voor maatschappelijke functies weinig waarde. Niet in geld uit te drukken belevingswaarden worden hier niet in meegenomen. En die zijn nou net onontbeerlijk voor het functioneren van een stedelijk centrum, waar het gaat om plezier en ontspanning van mensen. Wanneer alleen geld hét criterium is dan zouden recreatieve functies zoals een park en sportvelden er nooit komen.

    Amsterdam wil naast de A10 later ook de trein- en metrosporen in ondergrondse tunnels, om daarboven kolossale gebouwen met immense parkeergarages te bouwen. Dit is een volstrekt onzinnig plan dat de maatschappij nog eens vele miljarden zal kosten en geen enkele toegevoegde waarde heeft. Alleen al de bouw van tunnels onder het bestaande station door, zal minstens nog eens tien jaar duren. Daar bovenop komt dan nog eens tientallen jaren bouwoverlast door de realisatie van bijna een miljoen vierkante meters aan gebouwen. Bouwen is echt geen feest, maar geeft een enorme rotzooi. Bedrijven, bewoners en reizigers zullen Zuidas eerder de rug toekeren dan dat ze er plezier aan beleven. Overigens treinen en metro’s zijn bij uitstek symbolen van een dynamische stad, en dat mag in een stedelijk centrum best gezien worden.

    Metro naar Uithoorn en tram naar Amsterdamse Bos
    In het 9 februari gepresenteerde plan wordt de metroverbinding naar Amstelveen opgeheven. Daarvoor in de plaats komt een ‘hoogwaardige’ tramverbinding met minder halteplaatsen dan nu het geval is. Reizigers van en naar Amstelveen zullen in de toekomst op station Zuid moeten overstappen tussen tram en metro. De vervoerswaarde van en naar Amstelveen wordt zo alleen maar minder, en dat kan toch niet de bedoeling zijn. Ook de nieuwe NoordZuidlijn zal dus niet kunnen doorrijden naar Amstelveen. Dit is een uit maatschappelijk oogpunt onwaarschijnlijk besluit. In de zuidelijke agglomeratie van Amsterdam wonen nu al meer dan 150.000 mensen, en dat aantal zal in de toekomst alleen maar toenemen.

     

    Het bovengrondse Station Zuid

    Wanneer Amsterdam zichzelf serieus neemt als metropool, dan zou het veel logischer zijn om de metroverbinding in de toekomst juist te verlengen naar Uithoorn. Mensen verbinden, daar gaat het om. En wat te denken van het idee van Cees Geldof van Dienst Ruimtelijke Ordening (DRO) om een tramverbinding te maken tussen het centrum van Amsterdam en het Amsterdamse Bos. Via station Zuid, langs de universiteit en het medisch centrum, naar de Bosbaan en sportaccommodaties in het Bos. De oude maar nog altijd bestaande Museumspoorlijn kan daarvoor worden benut. Het Amsterdamse Bos met de vele recreatieve functies worden daarmee van nog grotere waarde voor en door de inwoners van Amsterdam.

    Meer waardering voor Beatrixpark en AFC
    In de oorspronkelijke plannen voor Zuidas werden het Beatrixpark en AFC nog van grote waarde geacht voor de stad. In het huidige door geld gedreven plan worden ze minzaam behandeld als een noodzakelijk kwaad. Uit kostenbesparing zijn de autotunnels verkort en komen deze waardevolle recreatieve functies in de toekomst te liggen aan verstikkende tunnelmonden. Werkelijk onvoorstelbaar is hoe omgegaan wordt met de belangen van het bijna 120 jaar oude en nog altijd florerende Amsterdamsche Football Club (AFC).

    Met vijf op elkaar gepakte velden wordt AFC in een hoek weggedrukt. Op die manier kan het nooit van waarde zijn voor de omgeving en zal het langzaam afsterven. En dat lijkt ook de bedoeling. Amsterdam is AFC liever kwijt dan rijk. Hoe meer gebouwen hoe meer geld om de obsessie van Amsterdam voor het Dokmodel te bevredigen. Als ‘genereus’ gebaar heeft wethouder Maarten van Poelgeest AFC een plek op het achterafgelegen Loopveld in Amstelveen aangeboden. Een plek die vanuit Amsterdam schier onbereikbaar is. AFC wordt zo voor de keuze gesteld ‘take it or leave it’. Wanneer Amsterdam sportief is, dan zou het oprecht meewerken aan een duurzame oplossing. Als het dan toch niet mogelijk is om AFC fatsoenlijk in Zuidas op te nemen, dan geeft AFC er de voorkeur aan om te verhuizen naar het bestaande sportlocatie aan de rand van het Amsterdamse Bos. Met een nieuwe tramverbinding naar dit gebied kunnen AFC en alle andere sportverenigingen daar van bijzondere waarde zijn voor alle Amsterdammers.

    Een menselijke stad voor de lange duur
    Amsterdam heeft het onzalige plan opgevat om aan de zuidkant van het station, óp de toekomstige tunnel voor de A10, een tram- en busterminal te maken. De hieronder staande computeranimatie laat een open ruimte met een tram en vier bussen zien. In werkelijkheid zullen er op ieder moment van de dag tientallen ronkende bussen rijden. In plaats van een hoogwaardige openbare ruimte met groen komt er een onsmakelijke barrière van asfalt en verkeer. Deze aan de zonkant gelegen plek is juist in potentie de beste ontmoetingsplek voor mensen.



    Veel beter zou het zijn wanneer de bussen aan de minder aantrekkelijke noordkant van het station heen en weer rijden. Voor de tram is de zuidkant de beste plek. Het heeft onmiskenbaar een stedelijke uitstraling en het verbindt, mits goed uitgevoerd, de diverse recreatieve functies tussen het historische centrum en het Amsterdamse Bos. Een echte win-win: mensen zullen met het gebruik van de tram zowel de waarde van de tram als de waarde van de ontmoetingsplek in Zuidas verhogen. Essentieel daarbij is dat het station en de ruimte daaromheen een warme menselijke uitstraling heeft met voorzieningen die het leven in een stedelijk centrum veraangenamen. Geen monotone kille spiegelende glazen gevels, zoals het ontwerp nu laat zien, maar veel meer een architectuur die past bij de menselijke maat. De diverse voorzieningen moeten hun identiteit, hun betekenis voor het publiek kunnen uitstralen. Architect Bob van Reeth, voormalig stadsontwerper van Zuidas, heeft zelfs geopperd om de onderste laag van de onpersoonlijke gebouwen aan het Mahlerplein aan de zuidkant van het station ‘er uit te klappen’ en te vervangen door gevels die mensen uitnodigen om die gebouwen binnen te gaan. Hij beoogde daarmee de publieke ruimte van de straat door te laten lopen in de gebouwen. Bob van Reeth, die juist naar Zuidas was gekomen om een menselijke sfeer te creëren, heeft Zuidas achter zich gelaten. Zijn ‘cri de coeur’ is niet gehoord. Wanneer Amsterdam de mensen in de stad serieus neemt, dan zou het zijn gedachtengoed als leidraad moeten nemen voor de verdere ontwikkeling.

    Weg met die nietszeggende naam 'Zuidas'
    Met de fantastische ligging en de geweldige bereikbaarheid zou Amsterdam Zuidas moeten gaan profileren als ‘the best meeting place’. Deze schitterende karakterisering komt van John Turzynski, topadviseur van ingenieursbureau Arup uit Londen. Het zegt in vier woorden alles waar Zuidas voor zou moeten staan. Met Schiphol op nog geen tien minuten afstand is Zuidas makkelijk vanuit de hele wereld bereikbaar. Amsterdam heeft nu nog de kans om dat te accentueren met het station als een iconisch bouwwerk. Een verschijning dat in vorm en functie ‘the best meeting place’ uitstraalt en wereldwijd als zodanig wordt herkend. Een beeld waar Amsterdam en haar inwoners trots op kunnen zijn.

    Wanneer Amsterdam overal en bij iedereen dit beeld wil uitstralen dan zal het ook de nietszeggende naam Zuidas moeten veranderen. Nu wordt het vooral geassocieerd met kantoren, geldverslinding en vastgoedfraude. Zuid-As was zo’n twintig jaar geleden niet meer dan een werktitel voor een studie van Amsterdam naar banaanvormige as tussen Schiphol en Amsterdam Zuid-Oost. De focus werd gelegd op het hart van dat gebied en werd voor het gemak maar Zuidas genoemd. Behalve ‘zuid’ zegt het verder niets over de betekenis. Buitenlanders vragen zich voortdurend beschamend af waar ‘saus-ass’ voor staat. Zoveel aansprekender zou ‘ZuiderDam’ zijn. Berlage, de stadsbouwmeester van Zuid, voorzag in zijn plannen het Zuiderstation op de plek van het huidige station. Dam is van oudsher de centrale plaats waar mensen bij elkaar komen en waar handel wordt gedreven. Met ZuiderDam weet iedereen gelijk waar het om gaat: een stedelijk centrum voor mensen.

    Loslaten van vastgeroeste ideeën
    Zuidas krijgt alleen betekenis voor Amsterdam en haar inwoners wanneer daadwerkelijk mensen het leidend motief zijn voor de verdere ontwikkeling. Niet de dingen maar mensen geven en beleven met hun gebruik waarde aan de stad. Lege straten, restaurants en kantoorgebouwen hebben intrinsiek geen waarde, ze nemen ruimte in en kosten alleen maar geld. Het zijn de mensen die met hun bewegingen, interacties en activiteiten een stad tot leven brengen. Iedereen die bij de ontwikkeling van Zuidas betrokken is moet dit bij alles wat ze doen aanvoelen, onderkennen en overbrengen.

    Voor standpunten en obsessies die voortkomen uit een gedateerd gemeenteraadsbesluit over het Masterplan in 1998 is hierbij geen plaats. Vastgeroeste ideeën moeten worden losgelaten. Dat is lastig voor bestuurders en ambtenaren die ervan overtuigd zijn dat alleen hun werkelijkheid goed is voor de samenleving. Die eenzijdige werkelijkheid heeft de maatschappij nu al meer dan 150 miljoen gekost zonder dat het wat heeft opgeleverd voor de mensen in en om Zuidas. Dat geld is in rook opgegaan aan onzinnige studies en oeverloos overleggen om het Dokmodel koste wat het kost haalbaar te maken. Na vijftien jaar dwangmatige focus op het Dokmodel wordt het nu tijd voor een meer menselijk perspectief: een transformatie van Zuidas naar ZuiderDam.



    Persoonlijk
    Met drie artikelen over Zuidas heb ik mijn bijdrage geleverd aan een andere kijk op de ontwikkeling van dit gebied. Anders dan de werkelijkheid die de samenleving wordt voorgehouden door bestuurders en ambtenaren, die als enig doel het Dokmodel met tunnels en kolossale gebouwen voor ogen hebben. Mijn doel hiermee is een verandering in denken en doen op gang te brengen. Een verandering van een focus op geld en dingen naar een focus op het welzijn van mensen. Alleen dan kan volgens mij een stad ontstaan die leeft.

    Ik onderzoek voortdurend de betekenis en toepassing van waarde bij diverse maatschappelijke ontwikkelingen. Mijn werk is te volgen op www.waardebril.nl en zal medio dit jaar worden gepubliceerd met het boek ‘Waardebril’. 

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Ron Voskamp

    Volg Ron Voskamp
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren