Te grote ambities, designfouten en gebrek aan overheidstoezicht maken de JSF het duurste wapensysteem ooit. De beloftes van de alleskunner bestaan alleen nog op de tekentafel.

    De regering wil 37 straaljagers kopen waarvan het nog maar de vraag is of deze ooit vliegen. Uitgerekend in de week van het kabinetsbesluit deelt Vanity Fair, de glossy der glossy's, een keiharde klap uit aan de JSF. ‘Het duurste wapensysteem dat ooit ontwikkeld is. Geteisterd door designfouten en uit de pan rijzende kosten. Het vliegt alleen met goed weer. De computer die het vliegtuig bestuurt, ontbeert de software voor een luchtgevecht. Niemand kan met zekerheid zeggen wanneer de straaljager in gebruik genomen kan worden,’ vat Vanity Fair de opeenstapeling van ellende samen. Wat gaan we nu precies kopen? De longread 'Will it Fly?' van Vanity Fair neemt de lezer mee naar Eglin. De luchtmachtbasis in Florida waar de Amerikanen de JSF testen en waar de op te volgen F-16’s en F-15’s hun thuis vinden. Deze vierde generatie straaljagers vliegen af en aan, in tegenstelling tot de beoogde opvolger. De F-35, ook wel JSF, van de vijfde generatie is meer aan de grond dan in het luchtruim te vinden. De JSF komt later en is duurder. Vanity Fair's Adam Ciralsky loopt even verwonderd op Eglin rond als de lezer de neergepende problematiek van de JSF geschokt tot zich zal nemen. Ciralsky laat alle belanghebbenden aan het woord, waardoor een evenwichtige historie ontstaat. Op chirurgische wijze ontleedt de auteur van Vanity Fair het drama van de JSF-casus. De mankementen van de JSF, de vertragingen en hoe de kosten zo uit de pan hebben kunnen rijzen.

     

    JSF heeft F-16 nodig

    Één van de problemen die Vanity Fair aansnijdt, is dat de JSF afhankelijk is van software, waarvan het testproces hopeloos achterloopt. Als het zo doorgaat dan kan deze vliegende computer mogelijk niet zelfstandig opereren, vertrouwde hoofd wapentester van het Pentagon Michael Gilmore in juni van dit jaar toe aan het Congres. Dat zou betekenen dat de JSF geholpen moet worden door vliegtuigen die het eigenlijk dient te vervangen, zoals de F-16. Naast softwareproblemen gaat er meer fout. JSF programmaleider Luitenant Generaal Christopher Bogdan spreekt in Vanity Fair over een lijst van vijftig onderdelen die vaker dan beoogd kapot gaan. In januari van dit jaar ging het bijna fout. Een piloot taxiede richting startbaan voor take off, toen een alarmlichtje ging branden. ‘We should count our blessings that we caught this on the ground,’ vertelt Bogdan opgelucht over het testvliegtuig dat op het laatste moment niet het luchtruim koos, omdat de brandstofdruk niet klopte. ‘It would have been a problem. A catastrophic problem.’
    'A total fuck up from start to finish'
    'A total fuck up from start to finish,' beklaagt Pierre Sprey zich over de helm van de JSF. Sprey heeft zelf decennia lang bijgedragen aan het ontwikkelen en testen van vliegtuigen, zoals de F-16. Het beeld is slecht en kan leiden tot desoriëntatie van de piloot. Het design van de cockpit helpt ook niet. De piloot heeft geen zicht op wat er achter hem gebeurt. Een piloot die de F-35 testte, liet niks aan duidelijkheid over: ‘The pilot will get gunned [down] every time.’ Bijkomend probleem is dat door technische problemen de JSF voorlopig alleen met mooi weer mag vliegen. Dus niet in het donker en niet bij kans op onweer. Wat kan de JSF wel? ‘The only military mission these planes can execute is a kamikaze one,’ hoort Vanity Fair's Ciralsky in het geheim van een goed ingevoerde bron. 
    'JACK OF ALL TRADES, AND MASTER OF NONE'
    Hoe kon dit alles gebeuren? Ciralsky wijst allereerst naar het Pentagon, dat in 2001 aan Lockheed Martin de opdracht gaf om een alleskunner te bouwen. Een straaljager van de volgende generatie, niet alleen voor de Verenigde Staten zelf, maar ook voor haar bondgenoten, zoals Groot-Brittannië en Nederland.  De luchtmacht, marine en mariniers moesten alle drie een eigen versie krijgen. Deze stealth, supersonische en ‘multi-service’ straaljager moest vier bestaande vliegtuigen vervangen. In de praktijk moest de JSF één tegen één luchtgevechten uitvoeren, als bommenwerper dienstdoen en grondtroepen van luchtsteun voorzien. ‘Jack of all trades, and master of none.’ Het hielp ook niet mee dat de Amerikaanse overheid amper toezicht hield op het proces. Een erfenis uit de jaren ’90, waarin deregulering gemeengoed was. Toezicht was alleen maar lastig en kostbaar. Lockheed kreeg in 2001 de verantwoordelijkheid voor het design, ontwikkelen, testen en de productie van de JSF. Het Pentagon gaf de vliegtuigproducent een pot met geld en algemene richtlijnen over het resultaat.

     

    Lockheed Martin koos voor prijzige kostenbesparingen

    Lockheed Martin ging niet goed om met de geboden vrijheid. De vliegtuigbouwer wilde kosten besparen door zoveel mogelijk onderdelen voor alle drie de verschillende versies te gebruiken. Commonality in vaktaal. Best handig, maar niet altijd. Zo zitten piloten opgescheept met functionaliteiten die ze niet nodig hebben, maar die ze wel kunnen beperken. Neem stealth, het paradepaardje van de JSF. Voor het ongezien rond vliegen moet het design van het multifunctionele gevechtsvliegtuig bijvoorbeeld vloeiend zijn. Waardoor wapensystemen en brandstoftanks binnenboord moeten blijven, met als gevolg een beperkt aantal wapensystemen en minder kilometers door de beperkte hoeveelheid brandstof. En dat terwijl stealth niet voor alle versies nodig is. Eveneens uit kostenoverwegingen kozen ze er voor om de JSF tegelijkertijd te ontwikkelen, te testen en te produceren. Concurrency. De fouten die in de simulatie naar voren kwamen, zouden voor het productieproces nog verholpen worden. Maar nee, fouten kwamen pas aan het licht nadat er al straaljagers de fabriek uitkwamen. Herstel van de fouten vergrootte de kostenpost. It would drive me nuts, and I wouldn’t be in this job very long,’ vertelt Bogdan over het terugkijken op de gemaakte fouten. Luitenant Generaal Christopher Bogdan moet het project namens de Amerikaanse overheid vlot trekken. Hij moet zorgen dat de JSF gebouwd wordt en dat de kosten niet verder omhoog schieten. Hij lijkt realistisch over zijn rol: I can’t change where the program’s  been. I can only change where it’s going,’
    'IT’S QUITE FRANKLY A BRILJANT STRATEGY'
    It’s quite frankly a briljant strategy,’ moet projectleider Bogdan bekennen over hoe andere krachten de JSF in de lucht houden. De productie van de JSF zou bewust geografisch verspreid plaats vinden, door meer dan duizend onderaannemers. Het project biedt emplooi in 46 Amerikaanse staten. Stoppen met de JSF heeft economische consequenties voor de staten, waar de congresleden hun electoraat hebben. Door deze vorm van ‘political engineering’ is er amper oppositie tegen de JSF, noch in het parlement, het Witte Huis of defensiewereld. Ondanks de grote bezuinigingen in de VS op defensie blijft de JSF voorlopig gespaard. Door het project uit te voeren met andere landen en de productie ook over die landen te verspreiden, is ook daar een lobby werkzaam. Volgens Vanity Affair hebben de Amerikaanse congresleden hun zetel in het parlement ook te danken aan miljoenen dollars aan campagnegelden uit de JSF-industrie. Alleen hoofdaannemer Lockheed geeft al 15 miljoen dollar uit aan lobbyactiviteiten. De veelal voormalig hooggeplaatste defensieambtenaren die als lobbyist werken, laten geen kans ongelegen om te vertellen dat de JSF economisch heel veel oplevert.

     

    JSF-lobby

    In Nederland zien we ook een JSF-lobby, maar dan op kleinere schaal. Oud-staatssecretaris van Defensie Jack de Vries maakte zich in de kabinetten van Balkenende hard voor de komst van de JSF. Nu werkt De Vries voor lobbykantoor Hill & Knowlton, namens wie hij werkt voor NIFARP, de Nederlandse JSF-lobby. Voormalig Commandant Der Strijdkrachten Dick Berlijn werkt voor defensieproducent Thales en pleit in de media veelvuldig voor de F-35. De argumenten zijn vergelijkbaar. Banen, en omzet voor de ‘BV Nederland.’ Dit valt helaas tegen.
    'UPCLOSE IT IS A DARK AND COMPELLING WORK OF ART'
    Terug naar Eglin, waar Nederlandse straaljagerpiloten decennialang trainen met hun Amerikaanse collega’s en de Nederlandse testvliegtuigen stof vangen. De auteur van Vanity Fair is onder de indruk van het fysieke voorkomen van de F-35, ondanks de tekortkomingen en hoge kosten. ‘Upclose it is a dark and compelling work of art.’ Ook de Nederlandse luchtmacht is onder de indruk van de supersonische straaljager. ‘Door de toepassing van nieuwe technologieën is het toestel de komende decennia opgewassen tegen nieuwe dreigingen,’ laat Generaal buiten dienst Dick Berlijn de lezers van de opiniepagina’s weten. Berlijn wil het niet over kosten hebben, hij hoopt dat ‘net als in 1975 ook nu kwaliteit het doorslaggevende argument gaat zijn.’ Voorlopig bestaan de beoogde kwaliteit en technologische revolutie alleen op de tekentafel, want vliegen doet de JSF nog niet. En de Tweede Kamer en Eerste Kamer moeten nog instemmen. 

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Krijn Schramade

    Gevolgd door 216 leden

    Krijn Schramade (1980) krijgt een jaar na de val van Lehman Brothers (2008) de tegenwoordigheid van geest om zijn veilige lev...

    Volg Krijn Schramade
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    JSF

    Gevolgd door 117 leden

    De Joint Strike Fighter (JSF) is als een black box. Het is onduidelijk wat de beoogde vervanger van onze F-16's gaat kosten. ...

    Volg dossier