© Chris Hondros/Getty Images/AFP

Verbijstering met vertraging: het Lehman-moment van Jean Wanningen

    Jean Wanningen was tien jaar geleden als ondernemer werkzaam in de financiële sector toen de Amerikaanse zakenbank Lehman Brothers failliet ging. Toch drong de ernst van de situatie niet direct tot hem door. Integendeel.

    Tien jaar geleden, op 15 september 2008, viel de investment bank Lehman Brothers om. Too much monkey business kostte de voormalige sterspeler op Wall Street de kop. Follow the Money heeft mij gevraagd om terug te blikken op die periode en met u, de lezer, te delen wat die val me heeft geleerd en voor mij persoonlijk heeft betekend. Om daar een goed beeld van te kunnen schetsen, is het nodig dat ik u eerst iets vertel over mijn achtergrond.

    Op het moment dat Lehman omviel, had ik er al een lange carrière in de financiële sector op zitten. Die begon in de jaren tachtig, nadat ik een functie als wetenschapsfilosoof aan de universiteit vaarwel had gezegd omdat ik teleurgesteld was geraakt in de kwaliteit van het academisch onderwijs. De overstap naar de financiële wereld was wellicht wat ongebruikelijk voor iemand met mijn achtergrond, maar het was er een interessante tijd voor. Nederland kroop na het sluiten van het Akkoord van Wassenaar (1982) uit de crisis, en vanaf halverwege het decennium ging het weer hard met de economie.

    Na een voorbereidingstraject kwam ik terecht bij een gerenommeerde zakenbank. Aanvankelijk werkte ik als quant, maar al snel als werd ik commercieel financial engineer. Vier jaar avondstudie economie, elke donderdagavond, werd mijn lot — naast leren in de praktijk. Luttele maanden nadat ik was begonnen, stortte de beurs in. ‘Zwarte Maandag’ (19 oktober 1987) was een leermoment — en niet het laatste.

    Zakenbankieren draaide om zo veel mogelijk geld verdienen; wat er verder gebeurde interesseerde niemand

    Rond die tijd kwam ook de film Wall Street uit, met Michael Douglas in zijn legendarische rol van zakenbankier Gordon ‘Greed is Good’ Gekko. Die film gaf de tijdgeest van het moment goed weer. Het was de tijd van Liar’s Poker van voormalig obligatiehandelaar Michael Lewis. Zakenbankieren draaide om zo veel mogelijk geld verdienen. Wat er gebeurde met de werknemers van overgenomen bedrijven die opgesplitst of doorverkocht werden, interesseerde niemand. Zolang de transaction fee maar betaald werd, en de concurrentie werd afgetroefd. Dát was de sfeer op de werkvloer destijds.

    In de jaren negentig ruilde ik het wereldje van de zakenbanken in voor de veel boeiender wereld van het venture capital: participeren in bedrijven met als doel ze te laten groeien en bloeien. Uiteraard moesten ze daarna met winst worden verkocht — we waren geen liefdadigheidsinstelling.

    Mijn volgende carrièrestap bracht me tijdelijk buiten de financiële wereld, als ceo van een Brits-Nederlandse multinational. Eind jaren negentig keerde ik weer terug in de wereld van het geld, ditmaal als ondernemer met een eigen bureau op het gebied van fusies en overnames in het internationale bedrijfsleven. Ook werd ik actief als informal investor: iemand die een persoonlijk belang neemt in een bedrijf, helpt de prestaties te verbeteren en daarna winst neemt.

    Tunnelvisie

    Dit was mijn professionele situatie op het moment dat Lehman Brothers omviel. Eerlijk gezegd kan ik me niet eens meer precies herinneren wanneer ik daarvan hoorde. Ongetwijfeld op de dag zelf, maar ik haalde toen waarschijnlijk mijn schouders erover op. In die tijd werd ik nogal ‘van de straat’ gehouden door mijn zakelijke activiteiten. Maar hoe en wanneer het nieuws over Lehman me ook bereikte, de ernst ervan drong pas veel later tot me door.

    In september 2008 was ik geheel a-politiek. Ook was ik volstrekt niet geïnteresseerd in subprime hypotheken en hun afgeleide producten, laat staan dat ik belangstelling had voor hypotheekproducten ver ‘overzee’. Ik was er simpelweg niet mee bezig.

    Op zich is dit opmerkelijk voor iemand die zijn financiële carrière juist bij een gerenommeerde investment bank is begonnen en dus dicht op het vuur heeft gezeten. Ook financieel specialisten kunnen kennelijk heel erg gericht zijn op hun eigen ‘markt’. Focus heet dat — je zou het ook een vorm van tunnelvisie kunnen noemen.

    Met dit simpele krantenartikel was mijn interesse gewekt in de oorzaken van de Grote Financiële Crisis 

    Maar in die desinteresse kwam verandering, en wel op 20 augustus 2010, bijna twee jaar na de val van Lehman. Het is nu ruim acht jaar geleden, maar ik herinner het me nog als de dag van gisteren. Ik las een artikel in NRC waarin stond dat Griekenland miljarden euro’s zou ontvangen via Europese noodfondsen. Tweemaal moest ik het lezen om tot me door te laten dringen dat het hier niet om miljoenen, maar om miljarden euro’s ging. De totale som bedroeg de helft van het toenmalige bbp van het landje aan de Egeïsche zee! Naar later bleek, werd het zelfs ruim anderhalf keer dat bbp. Dat zette me aan het denken.

    Dit krantenbericht zette me ertoe aan om eind 2011 als (monetair) econoom naar Brussel te gaan. Na mijn werkzame periode aldaar schreef ik een boek dat in april 2014 werd gepubliceerd voor de Nederlandse en Duitse markt. Maar met dit simpele krantenartikel was ook mijn interesse gewekt in de oorzaken van de Grote Financiële Crisis (GFC) — de crisis die was begonnen met dat faillissement van Lehman Brothers.

    Hoe had het zó ver kunnen komen dat de financiële wereld naar de rand van de afgrond werd gemanoeuvreerd? En hoe was het mogelijk het dat banken niet failliet konden gaan, zoals alle andere commerciële bedrijven die er een puinhoop van maken? Hoe bestond het dat de onbesuisde risico’s die bankbestuurders en hedgefundmanagers hadden genomen, werden beloond met de inhoud van de portemonnee van de belastingbetaler? Waarom werden die mensen niet met pek en veren besmeurd en de laan uitgestuurd?

    Mijn ‘Lehman-moment’ kwam dus pas toen ik de reactie zag van de Europese bestuurlijke elite op de crisis in diverse eurolanden, en vooral de houding van de verantwoordelijke bankiers en hedgefundmanagers daarbij. Het heeft mijn kijk op de sector voorgoed veranderd. Hoe kan het dat je nog een grote mond durft opzetten, nadat je zojuist gered bent met het geld van de belastingbetaler? Wel de lusten, niet de lasten? Die wereld bestaat alleen in sprookjes.

    Terug bij af

    Dat dacht ik althans. Ik had het mis, want de banken-caroussel draaide daarna vrolijk op volle toeren verder. Momenteel wordt in Brussel zelfs de laatste hand gelegd aan de Kapitaalmarkt Unie, die het bundelen van (hypotheek)leningen op Europese schaal weer mogelijk maakt en zelfs stimuleert. Om met Ewald Engelen te spreken: niets geleerd, niets vergeten.

    Want het waren juist déze verpakte en gebundelde hypotheekproducten die uiteindelijk de val van Lehman Brothers inluidden. Het is triest en eigenlijk verbijsterend om te moeten constateren dat we heden ten dage, tien jaar na de val van Lehman, in feite weer terug bij af zijn. Dat wordt nog wat als straks de onvermijdelijke volgende crisis zich aandient.

    Ik hou mijn hart vast.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Jean Wanningen

    Gevolgd door 224 leden

    Jean Wanningen (Weert, 1957) is een veelkleurige persoonlijkheid. Ging na ‘verkeerde’ studies bij een gerenommeerde investmen...

    Volg Jean Wanningen
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren