Vertrouwelijke briefwisseling in matchfixing-zaak roept nieuwe vragen op over integriteit van FIFA-baas Infantino

    Hoe integer is de machtigste voetbalbestuurder ter wereld? FIFA-president Gianni Infantino hielp in 2012 als secretaris-generaal van de UEFA mee bij het in de doofpot steken van een groot omkoopschandaal in het Turkse voetbal. De Turkse kampioen Fenerbahçe kwam zo in eigen land straffeloos weg met matchfixing. Dat blijkt uit documenten in handen van enkele Europese media, waaronder Follow the Money.

    Gianni Infantino is de man die het wereldwijde voetbal moet opschonen. Na zijn uitverkiezing tot nieuwe FIFA-president in februari 2016, als opvolger van Sepp Blatter, beloofde hij plechtig de wereldvoetbalbond ‘een nieuw tijdperk’ in te zullen leiden. ‘We zullen het imago van de FIFA herstellen. De hele wereld zal trots op ons zijn.’

    De belofte kwam niet zonder reden. In de jaren daarvoor stond het woord ‘FIFA’ in nieuwsberichten meestal vlak bij het woord ‘corruptie’. In mei 2015 waren zeven hooggeplaatste FIFA-officials in Zwitserland van hun bed gelicht in het kader van een FBI-onderzoek naar fraude, waarna Blatter zijn aftreden bekendmaakte. De Zwitsers-Italiaanse advocaat Infantino, eerder secretaris-generaal van de Europese voetbalbond UEFA, beloofde bij zijn aantreden aan dit soort praktijken een einde te maken. Dit voornemen kon op grote instemming rekenen van onder anderen Michael van Praag: de KNVB-voorzitter noemde de verkiezing van Infantino ‘grandioos’. ‘Infantino is de aangewezen persoon om het te doen. Hij is een no-nonsense persoon. Hij moet het vertrouwen herstellen.’

    Maar van herstel van het imago is nog bar weinig gekomen. Integendeel: net als zijn voorganger wordt Infantino als hoogste man bij de FIFA veelvuldig met dubieuze activiteiten in verband gebracht. Infantino blijft de Russische WK-organisator Vitaly Mutko steunen, ook nadat deze door het Internationaal Olympisch Comité (IOC) eerder deze maand voor het leven geschorst werd wegens betrokkenheid bij dopingpraktijken. Eerder dit jaar ontsloeg Infantino zowel de voorzitter van het ethisch comité als van het governance committee van de FIFA, nadat ze kritisch waren over de banden tussen Mutko en de wereldvoetbalbond. 

    Daarnaast zou Infantino reizen in privéjets hebben gemaakt op kosten van Rusland en Qatar – volgens de FIFA-regels is dat verboden. En volgens The Guardian deed het ethisch comité van de FIFA onderzoek naar nog twee beschuldigingen: Infantino zou zijn verkiezingscampagne mogelijk hebben gefinancierd met grotere bedragen uit de UEFA-kas dan hij officieel opgaf, en hij zou de verkiezing van een nieuwe president voor de Afrikaanse voetbalbond hebben beïnvloed. Dit onderzoek ligt nu stil omdat Infantino de onderzoekers ontslagen heeft.

    ‘Ik had aanvankelijk de indruk dat Infantino serieuze hervormingen bij de FIFA wilde doorvoeren,’ zegt Joseph Weiler, eerder dit jaar opgestapt als lid van FIFA’s governance committee, tegen Follow the Money. ‘Maar gezien zijn acties heb ik daar nu ernstige twijfels over.’ Weiler, professor rechten aan New York University, diende onlangs een klacht tegen Infantino in bij het ethisch comité van de FIFA. Hij spreekt van ‘een structureel probleem in het bestuur van het voetbal.’ 

    Nu is er een nieuwe zaak die vragen oproept over het handelen van Infantino. Uit documenten in handen van enkele Europese media – waaronder Follow the Money en de kranten The Guardian en Le Monde – blijkt dat Infantino in 2012, als secretaris-generaal bij de UEFA, betrokken was bij het in de doofpot steken van een groot matchfixing-schandaal in Turkije. Officieel voerde de UEFA al jaren een zero-tolerancebeleid tegen matchfixing. Publiekelijk eiste Infantino harde sancties tegen de betrokken clubs. Maar uit een niet eerder gepubliceerde briefwisseling met de Turkse voetbalbond TFF blijkt dat Infantino ermee instemde dat landskampioen Fenerbahçe in eigen land zeer mild gestraft zou worden voor het ‘kopen’ van de landstitel. Tegen de regels van de Turkse voetbalbond in werd Fenerbahçe niet teruggezet naar een lagere divisie. Infantino ging hiermee akkoord. 

    Uiteindelijk werd Fenerbahçe in Turkije helemaal niet gestraft. Zelfs de oneerlijk gewonnen landstitel over het seizoen 2010-2011 hoefde de club niet in te leveren. De nummer twee van dat seizoen, Trabzonspor, diende hierover afgelopen september een klacht in bij wereldvoetbalbond FIFA, na eerdere vruchteloze procedures bij de UEFA en het internationale sporttribunaal CAS. De advocaten van Trabzonspor nemen in de procedure bij de FIFA ook het gedrag van Infantino op de korrel. ‘Wij bevechten het besluit van de Turkse voetbalbond om niet de eigen regels te volgen,’ zegt Trabzonspor-advocaat Erdem Egemen. ‘Wij roepen ertoe op dat Fenerbahçe wordt ontdaan van de landstitel, die aan Trabzonspor toebehoort. De Turkse voetbalbond overtrad haar eigen regels en de UEFA-principes van fair play en zero tolerance. De benadering van Infantino valt voor ons niet uit te leggen of te rechtvaardigen, noch het feit dat de UEFA hieraan heeft meegewerkt.’

    Matchfixing ‘doodt’ het voetbal

    Op het moment dat Gianni Infantino in 2009 aantreedt als secretaris-generaal van de UEFA, is het uitroeien van matchfixing een van de belangrijkste doelen van de Europese voetbalbond. Het manipuleren van wedstrijden door een aantal spelers om te kopen, of de scheidsrechter, kan het einde van de voetbalsport betekenen. Althans, dat is de redenatie van Michel Platini, ex-topvoetballer en in 2007 verkozen tot UEFA-voorzitter. Als de uitkomst van een voetbalwedstrijd niet te vertrouwen is, waarom zouden mensen dan nog kijken?

    Infantino noemt het manipuleren van wedstrijden ‘een kanker die we moeten uitroeien’

    UEFA-bestuurders Platini en Infantino schuwen grote woorden niet. ‘Matchfixing doodt het voetbal,’ zegt Platini in die tijd. Hij noemt het omkopen van voetballers en scheidsrechters ‘het grootste gevaar dat onze sport bedreigt.’ Infantino noemt het manipuleren van wedstrijden ‘een kanker die we moeten uitroeien.’ Als de Duitse justitie eind 2009 een goksyndicaat oprolt dat mogelijk tweehonderd Europese wedstrijden heeft gemanipuleerd, zegt Infantino: ‘We zullen doorgaan met onze strijd tegen elke vorm van corruptie in het Europese voetbal, met een missie van zero tolerance. De UEFA zal voor de bevoegde rechter de hardst mogelijke sancties eisen tegen elke persoon, club of official die betrokken is bij deze wanpraktijken.’ 

    Een van de clubs die hierover kan meepraten is FK Pobeda uit Macedonië: deze club wordt vanwege matchfixing voor acht jaar uit alle Europese competities geweerd. De UEFA verbant de clubvoorzitter levenslang uit het voetbal. 

    Turks schandaal

    Evenzo stevig stelt de UEFA zich op als in de zomer van 2011 in Turkije een van de grootste Europese matchfixing-zaken ooit aan het licht komt. Justitie verdenkt in totaal 93 personen van betrokkenheid bij het op grote schaal ‘fixen’ van voetbalwedstrijden in de twee hoogste divisies van Turkije. De Turkse politie doet in juli 2011 een reeks invallen, tientallen betrokkenen verdwijnen achter de tralies. 

    In dit geval zijn het geen gokkers geweest die verdacht worden van het manipuleren van wedstrijden, maar de clubs zelf. De verdenkingen reiken tot de absolute top van het Turkse voetbal. Topclub Fenerbahçe, kort daarvoor op het nippertje landskampioen geworden na een zenuwslopende titelrace met Trabzonspor, wordt ervan verdacht meerdere wedstrijden in de tweede helft van het seizoen te hebben ‘gekocht’. Van de laatste achttien wedstrijden won ‘Fener’ er zeventien en speelde de club er één gelijk. In een zaak bij het internationale sporttribunaal CAS legt de UEFA het later zo uit: Fenerbahçe heeft zich, ‘om succes te behalen, via haar hoogste functionarissen en gedurende lange tijd beziggehouden met zeer ernstige en vergaande matchfixing-activiteiten. Spelers van andere clubs werden omgekocht, of er anderszins toe aangezet om niet goed te spelen. Strafrechtelijk onderzoek heeft het “fixen” van meer dan een dozijn wedstrijden aangetoond.’ Zes topfiguren van Fenerbahçe worden door de Turkse politie gearresteerd op verdenking van matchfixing en corruptie; onder hen is clubvoorzitter Aziz Yildirim. 

    Met andere woorden: Fenerbahçe heeft de landstitel ‘gekocht’

    Namens de UEFA dreigt secretaris-generaal Gianni Infantino op 23 augustus 2011 met forse sancties. In een brief aan de voorzitter van de Turkse voetbalbond schrijft hij dat de UEFA deze situatie ‘niet kan tolereren’. Infantino: ‘Hoewel we de vorm van de op te leggen straf niet kunnen voorzien, kunnen we melden dat in bepaalde matchfixing-zaken (zoals Pobeda) de betrokken clubs tot acht jaar lang uit alle Europese competities zijn geweerd.’ Hij dringt er bij de Turken op aan kampioen Fenerbahçe niet in te schrijven voor de Champions League, die op het punt staat te beginnen, maar in plaats daarvan nummer twee Trabzonspor te sturen. Een dag later besluit de Turkse bond dat inderdaad.

    Artikel 58: degradatie

    In december 2011 komen de details van een eerste onderzoek door de Turkse voetbalbond naar buiten: Fenerbahçe blijkt in vijf wedstrijden aantoonbaar tegenstanders te hebben omgekocht, en in zes gevallen tegenstanders van rivaal Trabzonspor een prestatiebonus te hebben betaald. Ook dat laatste is in Turkije verboden. Met andere woorden: Fenerbahçe heeft de landstitel ‘gekocht’. In Turkije barst hierop een verhitte discussie los over de te nemen sancties. Een groot deel van deze discussie draait om artikel 58 uit de reglementen van de Turkse voetbalbond: een club die zich schuldig maakt aan matchfixing moet worden teruggezet naar een lagere divisie. Fenerbahçe zal dus moeten degraderen. Maar in Turkije leeft de angst dat de tv-inkomsten fors zullen teruglopen als de populaire club uit Istanbul degradeert.  

    Achter de schermen blijkt Infantino een andere houding te hebben aangenomen

    Op 25 januari 2012 roept Infantino de Turkse bond tijdens een persconferentie op om snel maatregelen te nemen: ‘Het is belangrijk dat de Turkse voetbalbond beslissingen neemt, de juiste beslissingen, met betrekking tot de hele matchfixing-situatie. Het moet snel gaan met de sancties aan de sportieve kant. De integriteit en orde van de competitie moeten zo snel mogelijk gegarandeerd worden.’

    In maart herhaalt Infantino die boodschap nog eens tijdens een UEFA-bijeenkomst in Istanbul: ‘We moeten snel handelen. [...] Turkije is een groot voetballand, maar het heeft een probleem met matchfixing. Het is aan de Turkse voetbalbond om de noodzakelijke disciplinaire maatregelen te nemen,’ aldus Infantino. ‘En ik wil iedereen eraan herinneren dat onze tolerantie voor dit soort zaken zero is.’ 

    Maar achter de schermen neemt Infantino een andere houding aan, zo blijkt nu. Hij is in stilte al een aantal sancties overeengekomen met de Turkse voetbalbond, zo blijkt uit de briefwisseling tussen Infantino en de Turkse bond die FTM en andere Europese media in handen hebben.

    Geheime deal

    Op 19 januari 2012 schrijft secretaris-generaal Ebru Köksal van de Turkse bond aan Infantino dat er tijdens een ‘buitengewoon congres’ op 26 januari maatregelen tegen de frauderende clubs zullen worden vastgesteld. Köksal meldt dat de Turken van plan zijn om ‘voor één keer’ af te wijken van de sancties uit de eigen reglementen. In plaats daarvan wil de bond een aantal andere sancties opleggen. Frauderende clubs moeten hun eventueel behaalde titels inleveren, evenals de behaalde tv-inkomsten op basis van hun positie op de ranglijst. Bovendien krijgen ze in de lopende competitie twaalf punten aftrek, ze mogen één jaar niet meedoen aan Europees voetbal en ze krijgen een geldboete.

    Infantino stemt ermee in dat kampioen Fenerbahçe niet gestraft hoeft te worden met degradatie

    Köksal vraagt in de brief aan Infantino of deze sancties in overeenstemming zijn met de statuten en reglementen van de UEFA.

    Een dag later stuurt secretaris-generaal Infantino een brief terug: ‘Namens de UEFA kunnen we zeggen dat, alle omstandigheden in aanmerking genomen, uw voorstel een redelijk, proportioneel en passend antwoord lijkt om deze kwestie aan te pakken. Wij vertrouwen erop dat u in staat zult zijn de voorgestelde sancties snel in te voeren.’ Infantino voegt eraan toe dat de voorstellen van de Turkse bond ‘geen overtreding [zijn] van de statuten en reglementen van de UEFA’. Hij besluit: ‘Wij zijn de Turkse voetbalbond dankbaar voor de voortdurende constructieve samenwerking om de reputatie en integriteit van onze sport te beschermen, zowel op nationaal als Europees niveau.’ 

    Met die bewoordingen geeft Infantino zijn zegen aan het feit dat de Turkse bond de clubs minder streng straft dan volgens de eigen regels zou moeten. Meer in het bijzonder: Infantino stemt ermee in dat kampioen Fenerbahçe, ondanks het bewezen ‘kopen’ van de landstitel en ondanks artikel 58 uit de reglementen, niet gestraft hoeft te worden met degradatie.

    Gianni Infantino

    "Het track record van de UEFA en mijzelf in de strijd tegen matchfixing spreekt voor zich"

    In naam van het Turkse voetbal

    Mehmet Ali Aydinlar, tijdens de briefwisseling voorzitter van de Turkse voetbalbond en een uitgesproken fan van Fenerbahçe, verklaart in 2014 op een persconferentie dat de bond in januari 2012 een deal heeft gesloten met Infantino. Van deze persbijeenkomst heeft Follow the Money een transcript in handen. ‘In ruil voor sancties als puntenaftrek en geldboetes werd ons toegezegd dat de zaak zou worden gesloten, onder het voorbehoud dat er één jaar schorsing voor Europees voetbal zou worden opgelegd,’ zegt Aydinlar volgens het transcript. ‘We hebben deze onderhandelingen gevoerd in naam van het Turkse voetbal. We zijn daarin geslaagd. Alleen: alle onderhandelingen waren mondeling. Daarom heb ik een geschreven bevestiging van de UEFA gevraagd. Infantino zei: “Stuur mij een brief. En dan bevestig ik je onze mening op schrift."'  

    Gianni Infantino wilde, gevraagd naar deze kwestie, niet uitleggen waarom hij instemde met de afgezwakte sancties, of waarom hij deze in zijn brief 'passend' noemde. Wel stelt hij in een reactie: ‘Het track record van de UEFA en mijzelf in de strijd tegen matchfixing spreekt voor zich. Dit is in het bijzonder het geval met betrekking tot Turkije, waar vier clubs werden uitgesloten van deelname in Europese competities. De UEFA liep op dat moment voorop in het uitbannen van matchfixing, met het opleggen van baanbrekende maatregelen.’ (De volledige originele verklaring van Infantino staat onderaan dit artikel.)

    De UEFA laat in een reactie weten: ‘Er is geen standaardregel in de UEFA-statuten over sancties die worden opgelegd in matchfixing-zaken. Elke zaak moet op eigen merites worden beoordeeld, op basis van de individuele feiten en omstandigheden.’ De UEFA ontkent dat er met de Turkse bond over sancties onderhandeld is ("UEFA has no knowledge of any such agreement, discussion or “bargaining”."). Het opleggen van puntenaftrek was volgens de UEFA inderdaad een maatregel die overeenkwam met de disciplinaire regels van de bond. Ze benadrukt dat het primair de verantwoordelijkheid van de Turkse voetbalbond was om in eigen land sancties aan Fenerbahçe op te leggen: ‘UEFA’s onafhankelijke disciplinaire instanties hebben alleen de bevoegdheid om sancties op te leggen die betrekking hebben op Europese competities.’ Het disciplinair comité van de UEFA legde Fenerbahce uiteindelijk in 2013 de straf op van twee jaar uitsluiting van Europees voetbal.

    Betrokkenheid van Erdoğan

    Dat de Turkse voetbalbond niet zo genegen is om de eigen landskampioen streng te straffen, valt mede te verklaren door de betrokkenheid van de Turkse president (op dat moment nog premier) Recep Tayyip Erdoğan bij het voetbal in zijn land. De premier is oud-voetballer én hartstochtelijk fan van Fenerbahçe. Erdoğan bemoeit zich actief met de matchfixing-zaak. Zo spreekt hij in maart 2012 in Istanbul met UEFA-baas Platini, waarbij hij ervoor pleit wel individuen te straffen wegens matchfixing, maar niet de clubs: daarmee tref je volgens hem vooral duizenden trouwe aanhangers.

    'De hele zaak is weggepoetst door de politiek'

    In Turkije verdwijnt het matchfixing-schandaal in de loop van 2012 in de doofpot. Op 30 april schrapt de Turkse voetbalbond het veelbesproken artikel 58 uit de reglementen: clubs die wedstrijden ‘fixen’, hoeven niet langer verplicht te degraderen. Op 2 mei verschijnt er een tweede onderzoeksrapport door de Turkse bond, waarin matchfixing door Fenerbahçe niet langer bewezen wordt geacht, maar waarin slechts ‘pogingen tot matchfixing’ worden vastgesteld. Enkele dagen later wordt Fenerbahçe door de Turkse bond formeel vrijgesproken van matchfixing. Drie officials van de club worden uiteindelijk bestraft, maar niet voorzitter Yildirim. Enkele omgekochte spelers worden bestraft. In juli 2012 veroordeelt de rechtbank in Istanbul Yildirim tot zes jaar cel en een levenslange schorsing wegens corruptie. Maar in een nieuw proces wordt hij in 2015 vrijgesproken, waarna hij terugkeert als voorzitter van Fenerbahçe. Ook 35 andere betrokkenen worden vrijgesproken.

    De Turkse bond legt bovendien nooit de sancties op die in de briefwisseling met Infantino zijn afgesproken. Sterker nog: Fenerbahçe wordt in Turkije helemaal niet bestraft. De club krijgt geen puntenaftrek, geen geldboete. Fenerbahce is nog altijd de Turkse kampioen van 2011. ‘De hele zaak is weggepoetst door de politiek,’ zegt een Turkse bron tegen Follow the Money op voorwaarde van anonimiteit. ‘Alles is op het conto van de Gülen-beweging geschoven. De beschuldigingen van matchfixing zouden uit die hoek komen, net als de veroordelingen in 2012 door de rechtbank. En het in de hoek van Gülen schuiven betekent in Turkije vaak: case closed.’ 

    Joseph Weiler, professor rechten aan NY University en voormalig lid van FIFA’s governance committee

    "De FIFA kan niet van binnenuit hervormd worden. Dat is de conclusie die we uit de ervaringen van de afgelopen anderhalf jaar kunnen trekken"

    Structureel belangenconflict

    Het is de vraag waarom Infantino als secretaris-generaal van de UEFA instemde met straffen die weinig te maken lijken te hebben met zero tolerance. Namens toenmalig voorzitter Michel Platini zegt een woordvoerder dat Infantino zijn brieven op eigen houtje stuurde: ‘Gianni Infantino was als secretaris-generaal verantwoordelijk voor alle juridische en disciplinaire kwesties. Michel Platini is nooit geïnformeerd over de genoemde briefwisseling.’

    Volgens een insider wilde Infantino de Turken gunstig stemmen met het oog op het UEFA-congres in Istanbul in maart 2012, waar gesproken zou worden over de toewijzing van het EK voetbal in 2020. Turkije was kandidaat-gastland, en in de ogen van de UEFA het enige geschikte gastland: de andere twee kandidaten waren de weinig aansprekende gezamenlijke bids Ierland-Schotland-Wales en Georgië-Azerbeidzjan. Maar tegelijk was Istanbul een belangrijke kandidaat voor het organiseren van de Olympische Zomerspelen van 2020. Turkije kon niet beide evenementen in één jaar organiseren, dus de UEFA wilde de Turkse regering graag laten kiezen voor de organisatie van ‘Euro 2020’. Het land hard aanpakken vanwege matchfixing zou daarbij niet helpen. 

    Daar komt bij: bestuurders van organisaties als UEFA en FIFA hebben belang bij een goede relatie met de nationale voetbalbonden. ‘Daarin zit een structureel probleem voor zowel de UEFA als de FIFA,’ zegt Joseph Weiler, het eerder dit jaar opgestapte lid van FIFA’s governance committee. ‘De hoogste bestuurders zijn afhankelijk van de steun van de nationale bonden, bijvoorbeeld bij hun (her)verkiezing. Daarin zit een belangenconflict.’ Volgens Weiler verklaart het ook waarom Infantino als FIFA-baas nog nauwelijks werk heeft gemaakt van de beloofde hervormingen. ‘De FIFA kan niet van binnenuit hervormd worden. Dat is de conclusie die we uit de ervaringen van de afgelopen anderhalf jaar kunnen trekken.’

    Verklaring van Gianni Infantino

    “UEFA’s and my personal track record on the fight against match fixing speaks for itself. This is in particular the case with regard to Turkey where four clubs were excluded from participating in UEFA competitions. At the time, UEFA was at the forefront in eradicating match-fixing with pioneering measures being put in place. Close cooperation with police and judicial authorities were initiated and implemented throughout Europe. Finally, strong disciplinary decisions were taken, which were subsequently all unconditionally confirmed by the relevant judicial bodies including the Court of Arbitration of Sport. These are the facts and they are clear.”

    Lees verder Inklappen
    Over de auteur

    Stefan Vermeulen

    Gevolgd door 299 leden

    Bijt zich voor FTM vast in schimmige dealtjes, foute gedragingen en geldstromen die het daglicht niet kunnen verdragen.

    Lees meer

    Volg deze auteur

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid
    Verbeteringen of aanvullingen?   Tip de auteur Annuleren