Zorgverzekeren is vorig jaar een stuk minder lucratief geworden. Het resultaat op de basisverzekering is met 25 procent gedaald en de marge op de aanvullende verzekering is vrijwel geheel verdampt. Beleggingswinsten hielden de totale winstdaling nog beperkt tot twaalf procent, blijkt uit een inventarisatie van Follow The Money. 'De vette jaren zijn wel voorbij.'

    Het kon jarenlang niet op bij de zorgverzekeraars: de ene recordwinst volgde op de andere. Sinds 2011 steeg de winst constant, met als hoogtepunt bijna anderhalf miljard euro winst in 2013. Het deed het imago van de zorgverzekeraars geen goed. Verzekerden verweten hun verzekeraars winst te maken over de rug van de zorg. Chris Oomen, de dwarse voorman van de kleine zorgverzekeraar DSW, sprak van ‘onmaatschappelijk hoge winsten’ en besloot een deel van de premie terug te storten. Minister Schippers maakte duidelijk dat de verzekeraars hun overwinsten moesten teruggeven aan de premiebetalers. Maar het tij is nu gekeerd. Verzekeraars hebben een deel van de winst en soms een deel van hun buffer ingezet om de premie in 2014 te verlagen. En dat is te zien in de jaarcijfers van de zorgverzekeraars die Follow The Money naast elkaar legde. De negen zorgverzekeraars hebben vorig jaar afgesloten met een resultaat van 1,3 miljard euro, een daling van 12 procent. In april maakte toezichthouder De Nederlandsche Bank (DNB) al bekend het bedrijfsresultaat van de sector op basis van voorlopige cijfers te ramen op een miljard euro, een daling van 500 miljoen euro. Dat cijfer gaf echter geen inzage in de prestaties van individuele verzekeraars, of waar de winst precies werd gemaakt. Inmiddels zijn die cijfers er wel.

    Splitsing binnen 'Big Four'

    Marktleider Achmea zag de winst van ruim een half miljard euro in 2013 dalen tot 418 miljoen euro een jaar later, blijkt uit het jaarverslag. VGZ, dat in 2013 ook ruim een half miljard euro winst maakte, moest een ruime halvering van de winst, tot 223 miljoen euro, incasseren. De overige twee leden van de 'Big Four' zorgverzekeraars, CZ en Menzis, zagen hun winst wel stijgen. Bij CZ ging de winst omhoog van 191 miljoen euro naar 315 miljoen, bij Menzis van 126 miljoen euro naar 230 miljoen euro.
    Van de grote zorgverzekeraars meldt alleen Achmea een daling van het aantal verzekerden
    Van de Big Four zag alleen Achmea het aantal verzekerden teruglopen, de overige verzekeraars rapporteerden in hun jaarverslag juist een lichte stijging van het aantal verzekerden. In totaal zagen deze vier verzekeraars, die tezamen meer dan 90 procent van de markt in handen hebben, hun winst dalen van 1,36 miljard euro naar 1,19 miljard. De vijf kleinere verzekeraars wisten hun winst iets beter op peil te houden, met een daling van ruim zes miljoen euro tot 111 miljoen euro. Op het eerste gezicht lijkt de daling van 12 procent beperkt. Maar uit cijfers die DNB recent online heeft gezet, blijkt dat de kerntaak van zorgverzekeraars veel minder rendabel is geworden. Het zogeheten 'resultaat technische rekening' daalde veel sneller dan de totale winst. Dit resultaat, dat grofweg kijkt naar hoeveel premie er binnenkomt en daar de hoeveelheid 'schade' (oftewel zorgkosten) en de bedrijfskosten van afhaalt, is met 33 procent geslonken tot 933 miljoen euro. Dat de totale winst in de sector veel minder snel zakte, kwam grotendeels door betere beleggingsresultaten op de buffers die verzekeraars aanhouden. Zo was de netto opbrengst van de beleggingen van CZ 180 miljoen euro, tegenover 66 miljoen euro een jaar eerder. Bij VGZ bedroegen de beleggingswinsten 78 miljoen euro, terwijl een jaar eerder nog vijf miljoen euro verlies werd geleden.
    Waren aanvullende verzekeringen eerst nog de cashcow, nu zijn de rollen omgedraaid
    Was het resultaat technische rekening van de verzekeraars op de basisverzekering in 2013 nog ruim 1,2 miljard euro, een jaar later is daar nog 918 miljoen van over. Bij de aanvullende verzekeringen verdampte 91 procent van het resultaat, en bleef slechts 15 miljoen euro over. In de beginjaren van het nieuwe zorgstelsel waren de aanvullende verzekeringen juist nog de cashcow van de verzekeraars, die de verliezen op de basisverzekering moesten compenseren. Inmiddels zijn die rollen omgedraaid. Diverse verzekeraars, waaronder, CZ, ONVZ en Eno, hadden volgens cijfers van DNB in 2014 te maken met een negatief resultaat op de technische rekening van de aanvullende verzekering, van respectievelijk 36 miljoen. 19 miljoen en 2 miljoen euro.

    Terugloop aanvullende premie

    Volgens een woordvoerder van ONVZ komt het verlies op de aanvullende verzekering door twee zaken. Minder mensen nemen een aanvullende verzekering en de mensen die zo’n verzekering hebben, declareren meer. 'Wij hebben daarom dit jaar voor het eerst in jaren de premie voor de aanvullende verzekering verhoogd. Wij verwachten daardoor niet weer verliezen te draaien. Wij zijn er niet op uit om winst te maken, we willen in principe de premie gelijk houden en tevreden verzekerden hebben.' De negen zorgverzekeraars zagen de premie-inkomsten van de aanvullende verzekering, die in tegenstelling tot de basisverzekering niet verplicht is, voor het tweede jaar op rij dalen tot 4,4 miljard euro. De vier grote zorgverzekeraars hebben het afgelopen jaar allen (licht) in hun eigen kosten gesneden, een trend die al langere tijd gaande is. In 2014 kwamen in totaal 40 miljard euro aan premies binnen. Daarvan ging 1,7 miljard naar de bedrijfskosten van de verzekeraars (onder meer aannota’s afhandelen, onderhandelen met zorgverleners en reclamekosten). Opvallend is dat voor het eerst sinds de invoering van het nieuwe zorgstelsel, de acquisitiekosten dalen. Zorgverzekeraars gaven in de loop der jaren steeds meer geld uit aan reclamespotjes, provisies voor tussenpersonen en ledenblaadjes. Sinds de invoering van het nieuwe zorgstelsel zijn die kosten bijna verdubbeld, tot 481 miljoen euro in 2013. Vorig jaar daalden die kosten echter tot 465 miljoen euro.
    'De echt vette jaren zijn wel voorbij'
    De woordvoerder van ONVZ stelt dat de recordwinsten van de afgelopen jaren vooral het gevolg waren van het verkeerd inschatten van de zorgkosten, die bleken in de praktijk op veel punten lager dan geraamd. 'Bijvoorbeeld de prijzen van geneesmiddelen zijn te hoog vastgesteld. Maar die periode is nu wel voorbij. Het wordt de komende jaren lastig om op dat punt nog veel geld te verdienen als zorgverzekeraar. De echt vette jaren zijn wel voorbij.'

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Joris Heijn

    Joris Heijn (1985) studeerde Internationale Betrekkingen in Groningen, maar wilde eigenlijk liever journalist worden. Deed da...

    Volg Joris Heijn
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    De macht van de zorgverzekeraars

    Gevolgd door 816 leden

    Meer vrijheid was misschien wel de belangrijkste belofte bij de introductie van marktwerking in de zorg. Vrijheid voor nieuwe...

    Volg dossier