'Vestia was een obesitaspatiënt'

    De banken zijn medeschuldig voor de 'financiële ontsporing' van Vestia. En dus moeten ze ook meebetalen aan het derivatenavontuur van de wankelende woningbouwcorporatie, aldus de Vestia-directie.

    Het door een ongekend fraudeschandaal geteisterde Vestia verbreekt het stilzwijgen in de media. De vermoedelijke reden van deze ongewone zet ligt voor de hand: angst voor een financiële catastrofe bij de grootste woningbouwcorporatie van Nederland.

     

    Vandaar dan ook een interview tussen Het Financieele Dagblad en Gerard Erents, interim-bestuursvoorzitter van Vestia. Tegenover de zakenkrant loopt de tijdelijke Vestia-topman leeg met verwijten richting de banken, die betrokken waren bij het desastreuze derivatenavontuur van Vestia.

     

    Erents betoogt in het FD dat minstens vier van deze banken ook moeten opdraaien voor de af te kopen contracten van de derivatenportefeuille van Vestia. Dat tekort is opgelopen tot 1,6 miljard euro. Volgens Erents moeten de banken verdomd goed hebben geweten dat ze Vestia opzadelden met ongebruikelijke beleggingsproducten, 'die je niet zomaar aan een woningcorporatie verkoopt.'


    Snoepwinkel
    Ook wil Erents wat kwijt over de voormalige financiële topman van Vestia. Oud-schatbewaarder van Vestia, Marcel de V., wordt door het Openbaar Ministerie (OM) verdacht van omkoping, corruptie en fiscale fraude en is opgepakt. Vorige maand werd het voorarrest van De V. nog verlengd.

     

    In de ogen van Erents wilde de treasurer van Vestua ‘elk nieuw snoepje uit de snoepwinkel van de banken proberen. De banken voelden dat aan. Dat kan niet anders. Vestia was een obesitaspatiënt.’

    Vervolgens rekent Erents in het FD voor hoe de derivatenportefeuille van Vestia in elkaar stak, eind vorig jaar: 24 miljard euro voor het afdekken van een renterisico van 4,5 miljard euro tot 5 miljard euro aan onderliggende leningen. Dat is een heel verschil met de eigen kapitaalkracht van Vestia, voegt Erents eraan toe. ‘Zet dat eens af tegen een eigen vermogen van maar 700 miljoen euro’.

     

    Eredivisie tegenover hoofdklasse amateurs
    En anders hadden de banken volgens Erents genoeg aan een blik naar hun eigen posities, voor het geval dat ze geen inzicht konden kregen in de totale portefeuille van Vestia: per bank was de de gemiddelde positie 2 miljard euro.

     

    Dat de banken kilo's boter op hun hoofd hadden, staat buiten kijf volgens de interim-bestuurder van Vestia. De banken waren immers getuige van het kaartenhuis dat de semi-publieke instelling opbouwde met de ene na de andere riskante derivatendeal. ‘Ze verkochten als het ware racefietsen aan iemand in een rolstoel. Vestia is geen professionele partij, zoals sommige banken zeggen. Vergelijk het met eredivisie tegenover hoofdklasse amateurs.’

     

    Ook had bij de banken de alarmbellen moeten rinkelen, gelet op het het feit dat zij iedere keer zaken deden met maar één man, Vestia-treasurer Marcel de V. Op grond van deze manier van zakendoen, hadden de banken op zijn minstens kanttekeningen bij de totstandkoming van de derivatendeals kunnen plaatsen, meent Erents.


    Honingpot
    Al met al genoeg reden voor Erents om de banken ook de zwartepiet te geven. ‘Vestia draagt uiteraard schuld aan de financiële ontsporing, maar de banken ook. Vestia was een grote honingpot waar banken als bijen omheen zoemden.’

     

    Op de vraag van Het FD of de banken zelfs nalatig in hun zorgplicht waren, hoeft Erents niet langer over te denken. ‘Ik vind van wel. Het is Vestia heel erg gemakkelijk gemaakt de transacties af te sluiten.’ De derivatenportefeuille van Vestia is de afgelopen twee jaar enorm gegroeid. Dat bracht de grootste woningcorporatie in het najaar van 2011 aan de rand van de afgrond.'

    Vier banken, waaronder Deutsche Bank en ABN AMRO, deden destijds vol mee aan het derivatenavontuur van Vestia. Elke betrokken bank had voor 3 tot 4 miljard euro aan derivaten verkocht aan Vestia. ‘Banken wisten hoe corporaties in elkaar zitten', vertelt Erens, die verder geen namen wil noemen. 'Er zijn inderdaad banken die zijn gestopt, maar andere banken zijn in dat gat gesprongen.’


    Imagoschade
    Afspraken over de afwikkeling van de derivatendeals van Vestia heeft Erens slechts 'mondjesmaat' kunnen maken. In eerste instantie waren er banken die  afkoopkosten in rekening wilden brengen, maar daar zagen ze van af volgens Erents. 'Ze zien ook wel het gevaar van imagoschade. Bovendien beseffen ze dat als Vestia omvalt, ook zij moeten aanschuiven in de rij van crediteuren. Immers, het borginstituut WSW borgt geen derivatentransacties.’ Daarnaast het ministerie van Financiën ook mee, voegt Erents eraan toe. 'Die kan ook aandringen op een redelijke oplossing.’

     

    Maar wel wil Erents de banken via het FGD laten weten dat hij er alle ‘vertrouwen’ in heeft dat de banken uiteindelijk niet onredelijk gaan doen. ‘Ook zij vinden het een gezamenlijk probleem en we verwachten tot een gezamenlijke oplossing te komen’. Maar procederen sluit Erents niet uit. ‘Dat kan altijd nog.’

     

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Redactie

    Gevolgd door 231 leden

    Volg Redactie
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren