© Flickr

Vijf jaar e-healthbeleid, nul resultaat

    Volgens minister Edith Schippers en staatssecretaris Martin van Rijn van VWS gaan de ontwikkelingen op het gebied van e-health razendsnel. Over vijf jaar ziet de wereld er heel anders uit, verzekeren zij de burger. Dat zal dan niet zijn dankzij hun eigen e-healthbeleid, want dat heeft in vijf jaar tijd nauwelijks iets opgeleverd.

    ‘Over vijf jaar is de vraag: wat gaan we doen met al die grote parkeerplaatsen bij de ziekenhuizen.’ Staatssecretaris Martin van Rijn vroeg zich onlangs in een interview met NRC hardop af wat er dan van de ziekenhuizen terechtkomt. Door e-health, het gebruik van communicatietechnologische toepassingen in de gezondheidszorg, zullen mensen namelijk steeds meer zorg thuis krijgen en zullen controles en ziekenhuisopnames veel minder nodig zijn, verwacht hij.

    Zijn collega op het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), minister Edith Schippers, ziet door de opkomst van e-health nog maar weinig toekomst voor grote ziekenhuizen. ‘Ik begrijp helemaal niets van hoe al die grote ziekenhuizen zichzelf nog gefinancierd krijgen,’ aldus Schippers. ‘Over een paar jaar is dat totaal achterhaald. Doodzonde van het premiegeld. Niet doen.’ Volgens haar gaan de ontwikkelingen op het gebied van e-health ‘razendsnel’.

    Technologische revolutie

    Het gedeelde enthousiasme voor e-health past bij de algemene staat van opwinding over een voorziene technologische revolutie in de gezondheidsbranche. Al jaren verkondigen pleitbezorgers dat de doorbraak van e-health nu echt voor de deur staat. De zorg is daarmee de volgende sector die vervalt in de verleiding om start-ups en innovatieve technologie tot ongekende hoogten op te hemelen. Waar hosannaberichtgeving rond nieuwe spelletjes, sociale media of maaltijdbezorg-apps in het ergste geval tot financiële bubbels en gebroken carrières leiden, is een gebrek aan gezonde scepsis bij health-tech echter ronduit gevaarlijk, zo laat de even stormachtige opkomst als ondergang van het Amerikaanse bloedtestbedrijf Theranos zien. De ceo van deze hightech start-up, Elizabeth Holmes, werd de vrouwelijke Steve Jobs genoemd, maar uiteindelijk bleek haar revolutionaire technologie ernstige gebreken te vertonen. Bewierokende techexperts en -journalisten waren blind voor de fundamentele problemen bij Silicon Valley’s bekendste gezondheidsbedrijf.

    Al jaren verkondigen pleitbezorgers dat de doorbraak van e-health nu echt voor de deur staat

    De uitspraken van Van Rijn en Schippers in het kader van de e-healthweek in juni kenmerkten zich evenmin door terughoudendheid. In de laatste maand van het Nederlandse voorzitterschap van de Europese Unie organiseerde VWS een week met 2000 deelnemers, waaronder e-healthondernemers, bedrijven, experts en de overheid, om de laatste innovaties te bespreken en publiek-private samenwerking te stimuleren.

    De positieve vibe rond de e-healthweek lijkt de bewindspersonen nogal naar het hoofd te zijn gestegen. Wie naar het overheidsbeleid op het gebied van e-health kijkt, ziet namelijk geen enkele reden om te geloven dat er binnenkort massaal allerlei nieuwe technologische toepassingen zullen worden gebruikt, laat staat dat ziekenhuisbezoek er drastisch door zal afnemen. Het beleid van VWS heeft de afgelopen vijf jaar nauwelijks vooruitgang geboekt, tot ongenoegen van de minister zelf. Een overzicht.

    E-healthbeleid

    In 2011 wordt e-health voor het eerst opgepakt door VWS. Accountants- en advieskantoor KPMG voert in opdracht van het ministerie een nulmeting uit. Het bureau concludeert dat e-health de kinderschoenen al is ontgroeid, maar dat toepassingen in de praktijk nog nauwelijks worden gebruikt.

    Het ministerie kan maar weinig met de resultaten, want ze zijn slechts ‘richtinggevend‘ en ‘geven geen volledige zekerheid over de stand van zaken met betrekking tot e-health in Nederland,’ aldus de verantwoording bij het KPMG-rapport. Het kantoor adviseert om nader onderzoek te doen om beleid vast te stellen en concrete maatregelen te treffen.


    "Met name de bewustwording van de e-healthmogelijkheden en de benodigde standaardisering van zorginformatie loopt achter"

    Dat beleid doet minister Schippers een jaar later in een Kamerbrief  uit de doeken. Belangrijker dan de nulmeting is daarvoor de Nationale Implementatieagenda E-health van artsenfederatie KNMG, patiëntenfederatie NPCF en Zorgverzekeraars Nederland, de belangenbehartiger van de verzekeraars. Kerndoel van de drie organisaties is vooral het opschalen van e-healthtoepassingen. Om dat te bereiken moet er wel een aantal barrières worden geslecht. Met name de bewustwording van de mogelijkheden en de benodigde standaardisering van zorginformatie loopt achter. Met haar beleid wil Schippers aanhaken bij de Implementatieagenda. Volgens haar is de rol van de overheid vooral het wegnemen ven belemmeringen.

    Schipper stelt 5 miljoen euro beschikbaar om problemen rond informatie-uitwisseling weg te nemen. Daarnaast wil ze patiënten meer inzicht geven in hun medische dossiers. Er ligt dan al een wetsvoorstel bij de Raad van State, maar vier jaar later heeft de Eerste Kamer daar nog altijd niet over gestemd. Bovendien worden de belangrijkste maatregelen in de wet — zoals digitale inzage in dossiers — uitgesteld tot 2019 om alsnog de kritische Eerste Kamer aan de kant van het kabinet te krijgen.

    E-health gaf Meavita het laatste zetje

    Bij zorginstelling Meavita, waar bestuurder en oud-VVD politicus Loek Hermans toezichthouder was, gaf een grootschalig e-healthproject de organisatie het laatste duwtje richting ondergang. Het zogenoemde tv-foonproject leverde de cliënten een pakket ICT-toepassingen waarbij de cliënt thuis zorg moest ontvangen via beeld en geluid, ondersteund door meetgegevens. Voor het realiseren van deze innovatie sloeg de zorgorganisatie de handen ineen met KPN. Overtuigd van het succes, werd een meerjarenovereenkomst gesloten en bestelde Meavita 30.000 kastjes. De organisatie van zorgondernemers ActiZ was dolenthousiast en zag in zorg op afstand ‘de meest veelbelovende innovatie van de toekomst’. ActiZ stond aan de wieg van een landelijk netwerk van zorgorganisaties die zorg op afstand aanbieden, Meavita was een van de belangrijkste vlaggendragers van deze e-healthrevolutie.

    Al snel verdween het enthousiasme over het project, want de animo bleek bijzonder gering. Cliënten zaten er niet op te wachten. Duizenden kastjes bleven ongebruikt in de opslag staan en Meavita leed een miljoenenverlies. In 2009 werd de zorgorganisatie door de rechter failliet verklaard. Eerder dit jaar bleek dat de top van Meavita zich schuldig heeft gemaakt aan wanbeleid.

    Lees verder Inklappen

    Frustratie

    De nieuwe wet is niet het enige dat moeilijk van de grond komt. In 2013 raakt Schippers al aardig gefrustreerd over de trage voortgang op het gebied van e-health: ‘Wij hebben nog zo’n sprong te maken met bijvoorbeeld e-health die dingen mogelijk maakt (...) We zijn nu drie jaar verder, en kijk nu eens hoe traag het gaat. En ik heb eigenlijk gezegd: 2014 moet het jaar worden waarin er schot in komt. Ik ben het echt zat.’

    De ergernis die Schippers eind 2013 laat blijken, kan veroorzaakt zijn door een onderzoek dat enkele maanden daarvoor is gepresenteerd. Daarin worden de bekende problemen opgesomd: er zijn genoeg e-healthtoepassingen maar ze ontstijgen de experimentfase niet en worden in de praktijk nauwelijks gebruikt. Opschaling blijft dus een probleem, net als de financiering, gegevensuitwisseling, inzage in dossiers door patiënten en kennis over de mogelijkheden door zorgverleners. Daarnaast wordt er binnen de sector ook nog eens geklaagd over een gebrek aan regie.


    Minister Edith Schippers in 2013

    "Wij hebben nog zo’n sprong te maken met e-health. We zijn nu drie jaar verder en kijk nu eens hoe traag het gaat"

    Om 2014 het jaar te maken waarin er schot komt in e-health, brengt de minister focus aan en stelt drie concrete doelen die binnen vijf jaar moeten zijn volbracht: 80 procent van de chronisch zieken en 40 procent van alle Nederlanders heeft direct toegang tot bepaalde medische gegevens en kan deze desgewenst gebruiken in mobiele apps of internetapplicaties; van de chronisch zieken en kwetsbare ouderen kan 75 procent zelfstandig metingen uitvoeren, veelal in combinatie met gegevensmonitoring op afstand door de zorgverlener; iedereen die zorg thuis ontvangt, kan via een beeldscherm 24 uur per dag met een zorgverlener communiceren.

    Op het moment waarop de doelstellingen worden geformuleerd, komen deze percentages niet boven de 10 procent uit.

    Niets veranderd

    In de loop van de e-healthweek wordt een tussenrapport gepresenteerd over de voortgang van de doelstellingen. Wie een blik werpt op de cijfers, kan maar één conclusie trekken: er is geen vooruitgang. Ten opzichte van de eerste meting in 2013 zijn de percentages niet of nauwelijks gestegen. Slechts 10 procent van de chronisch zieken kan eigen medische gegevens inzien, en slechts 5 procent van de mensen die thuis zorg ontvangen kan digitaal in contact komen met de huisarts.

    Minister Edith Schippers in 2014 over de rol van de overheid

    Ondanks de eerdere frustratie en het uitblijven van enige vooruitgang, sluit Schippers zich aan bij de positiviteitsgoeroe’s van de e-health. Tijdens de e-healthweek kondigt ze aan 20 miljoen euro te verstrekken aan mkb-bedrijven voor het opschalen van e-healthtoepassingen. Het is twee jaar nadat Schippers bij een andere e-healthweek heeft laten weten dat er juist geen rol is weggelegd voor de overheid: ‘De overheid heeft zich toch ook niet bemoeid met de opschaling van het online boeken van hotels.’ Bovendien eindigen projectgerichte opschalingen ‘zodra de subsidie opdroogt,’ aldus Schippers destijds. Volgens haar komt e-healthinnovatie van grote bedrijven als Apple, Google en Facebook. De nieuwe miljoenensubsidie van de overheid voor het midden- en kleinbedrijf lijkt dus in meerdere opzichten in tegenspraak met haar eerdere standpunt. De vraag is of het iets uitmaakt. Afgaand op het beleid van het ministerie, ziet de wereld er over vijf jaar precies hetzelfde uit.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Pieter van der Lugt

    Gevolgd door 238 leden

    Pieter van der Lugt (1990) studeerde politicologie aan de Radboud Universiteit. Tijdens zijn studie zette hij zijn eerste sta...

    Volg Pieter van der Lugt
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren