Zes vragen over woensdag gehaktdag

De belangrijkste dag in het parlementaire jaar is niet Prinsjesdag, maar Woensdag Gehaktdag. Vandaag wordt bekend of ons geld het afgelopen jaar wel rechtmatig en doelmatig is besteed. Toch is er nauwelijks aandacht voor.

Verantwoordingsdag of Gehaktdag, zoals deze derde woensdag van mei ook wel wordt genoemd, zou hét parlementaire hoogtepunt van het jaar moeten zijn. Alle ministeries laten dan zien wat er van hun plannen - die ze anderhalf jaar eerder feestelijk hebben gepresenteerd tijdens Prinsjesdag - terecht is gekomen. Toch blijft deze dag een ondergeschoven kindje in vergelijking met de derde dinsdag van september. De troonrede, de rijtocht met de gouden koets en het gouden koffertje met de miljoenennota spreken vaak meer tot de verbeelding dan de stapels jaarverslagen vol gedane zaken. Hoe komt dat? Zes vragen over Woensdag Gehaktdag. Wat is Woensdag Gehaktdag? Op de derde woensdag van mei legt het kabinet verantwoording af over het beleid en de uitgaven van het afgelopen jaar. De minister van Financiën, Jeroen Dijsselbloem, gaat dan met het ‘gouden koffertje’ naar de Tweede Kamer om het zogenoemde Rijksverslag te presenteren. Daarin staat per ministerie hoeveel geld er is uitgegeven, waaraan het geld is uitgegeven, maar ook welke concrete doelen ze wilden bereiken en hoeveel van deze doelen er daadwerkelijk zijn bereikt. Is dat alles? Nee. Ook de president van de Algemene Rekenkamer, Saskia Stuiveling, presenteert op Verantwoordingsdag een verslag aan de Tweede Kamer. Hierin informeert zij de Kamer over de kwaliteit van het Rijksverslag en de bedrijfsvoering van de ministeries. Zo krijg het parlement een goed beeld van wat er het afgelopen jaar goed en minder goed is gegaan. Wat gebeurt er met deze verslagen? Nadat de Tweede Kamer alle verslagen heeft ontvangen, vindt het verantwoordingsdebat plaats. Kamerleden krijgen dan de gelegenheid om vragen stellen aan het kabinet over hoe de plannen van de ministeries zijn uitgevoerd. Zijn alle vragen naar tevredenheid beantwoord, dan is het kabinet niet langer verantwoordelijk voor de rijksbegroting en kan het afgelopen jaar worden afgesloten. Oké, een belangrijke dag dus. Waarom horen wij daar dan zo weinig over? Gehaktdag was oorspronkelijk een idee van oud-PvdA-kamerlid Jan van Zijl om de Kamer en het kabinet te dwingen meer aandacht te schenken aan de effectiviteit van het kabinetsbeleid. Maar tot op heden wordt er in de Tweede Kamer nauwelijks iets gedaan met de jaarverslagen. Ter illustratie: vorig jaar nam van alle partijen tijdens het verantwoordingsdebat alleen de fractievoorzitter van de VVD, Halbe Zijlstra, het woord. Een teleurstelling, zo vertelt Van Zijl in een interview aan het Nederlands Dagblad: 'De hoofdreden is dat Kamerleden te weinig aandacht hebben voor het politieke handwerk. Het vraagt van politici te veel huiswerk. Een jaarverslag van een ministerie moet je meenemen naar je zolderkamer en daar moet je uren op zwoegen, ook al is het saai. Maar dat zit er tegenwoordig niet in.'   Maar als de fractievoorzitters er niet wakker van liggen, wie dan wel? De ambtenaren, zo blijkt uit een enquete van adviesbureau ConQuaestor. Het gaat tenslotte om hun werk dat wordt geëvalueerd. Het probleem van Verantwoordingsdag is volgens hen dat parlementariërs onvoldoende kijken naar de financiële cijfers en alleen de passages uit de rapporten gebruiken die interessant zijn voor electoraal gewin. Daarnaast is een veel gehoorde opmerking onder ambtenaren dat Verantwoordingsdag ‘een verplicht nummer’ voor politici is. Waar in aanloop naar Prinsjesdag de media wekenlang berichten over de nieuwe begroting, is in mei nauwelijks aandacht voor de realisatie. Door het gebrek aan media-aandacht heeft Verantwoordingsdag weinig status en uitstraling. Wat kunnen we vandaag verwachten? In ieder geval twee punten van aandacht: fraude en decentralisatie. Dat vertelde de president van de Algemene Rekenkamer vorige week in een interview met de website Public MissionDe exacte invulling daarvan en het Rijksverslag van de minister van Financiën worden echter pas om 13.00 uur op de website van de Rijksoverheid gepubliceerd.