De nieuwe tabaksindustrie

    Meer en meer volksgezondheidswetenschappers waarschuwen dat multinationals in voedsel en alcohol beginnen te lijken op hun illustere voorgangers uit de tabaksindustrie.

    Tweehonderd en zes miljard dollar moest de tabaksindustrie betalen. De betalingsverplichting was onderdeel van een monsterschikking in 1998 tussen de vier grootste tabaksfabrikanten van de Verenigde Staten en een veertigtal Amerikaanse staten. Niet alleen moest de tabaksindustrie een enorme som geld neerleggen, ook moest ze duizenden interne documenten die tijdens het onderzoek aan het licht waren gekomen openbaar maken. Een beerput ging open. In 2005 onthulde een team van drie onderzoekers in het toonaangevende Britse medisch tijdschrift The Lancet bijvoorbeeld dat tabaksgigant Phillip Morris een geheim laboratorium in Duitsland financierde. In dit laboratorium werd onder meer onderzoek verricht naar de effecten van meeroken op de volksgezondheid. Phillip Morris had altijd beweerd dat het wetenschappelijke bewijs onzeker was, maar haar eigen onderzoekers toonden ondertussen aan dat zogenaamde zijstroomrook nog schadelijker was dan gewoon roken. Tussen 1981 en 1989 produceerde het Duitse laboratorium ruim 800 wetenschappelijke rapporten over zijstroomrook. Geen van deze onderzoeken werd ooit gepubliceerd. Wel publiceerde het laboratorium onderzoeken naar onder meer de relatie tussen groene thee en longkanker. De inzet van 'witte jassen' die welgevallig onderzoek publiceren was één van de vele strategieën die de tabaksindustrie gebruikte om maatregelen in het belang van de volksgezondheid tegen te gaan.

    De nieuwe tabaksindustrie

    Steeds meer volksgezondheidsonderzoekers zien parallellen tussen de agressieve wijze waarop de tabaksindustrie haar belangen verdedigde en de methoden van de voedsel- en alcoholindustrie. In The Lancet verscheen vorig jaar een artikel getiteld ‘Winst en Pandemieën’. De acht auteurs roepen de vraag op of winstmaximalisatie door de tabak-, alcohol-, frisdrank- en voedselindustrie en de volksgezondheid wel verenigbaar zijn. Nee, luidt het antwoord onderbouwd met 106 voetnoten. Het idee dat multinationals één van de grootste belemmeringen zijn in de bestrijding van niet-overdraagbare ziektes  (lees: overgewicht en alcohol-, tabak-, en drugsverslaving) is onder volksgezondheidswetenschappers nauwelijks meer een radicale gedachte. ‘Het is niet langer alleen Big Tobacco. De volksgezondheid heeft ook te kampen met Big Food, Big Soda en Big Alcohol,’ zei Margaret Chan, de directeur-generaal van de Wereldgezondheidsorganisatie vorig jaar in een speech. ‘Al deze bedrijfstakken vrezen regulering, en beschermen zichzelf door dezelfde strategieën als de tabaksindustrie te gebruiken.’

    De ongezonde levensstijl

    Een opmerkelijk gegeven in het rijke westen is dat, hoewel we gezonder zijn geworden door de medische innovaties, we in menig opzicht ongezonder zijn gaan leven. De consumptie van alcohol is, nadat campagnes voor alcoholonthouding aan het begin van de twintigste eeuw het verbruik terugbrachten tot een minimum, sinds de Tweede Wereldoorlog weer dramatisch toegenomen. En in de afgelopen twintig jaar is het aantal mensen dat lijdt aan overgewicht, eens een luxe ziekte, eveneens gestegen.     Toch zitten de grootste gezondheidsrisico’s niet langer in rijke landen als Nederland. In Nederland is de tabaksconsumptie al drastisch afgenomen, de alcoholconsumptie begint langzaam af te nemen en de groei in overgewicht vlakt af. En Nederland is niet de uitzondering: in veel rijke landen neemt het aantal doden als gevolg van niet-overdraagbare ziektes af. De groei zit met name bij lage en middeninkomenslanden.     De meest succesvolle formules uit de westerse cuisine, McDonalds, Burger King, de brouwers van onze fijnste bieren, Heineken en InBev, en de frisdrankmakers met de kekste commercials, Pepsi en Cola, hun grootste groeimarkten zitten inmiddels in Azië, Latijns-Amerika zelfs Afrika. Een combinatie van urbanisatie, groei in inkomens, goedkope voedselimport en marketing zorgt ervoor dat het consumptiepatroon flink aan het veranderen is. Inmiddels scoort een land als Mexico bijvoorbeeld al hoger in frisdrankconsumptie per hoofd (163 liter per jaar) dan de Verenigde Staten (118 liter). Martin McKee, professor in de volksgezondheid, laat in een onderzoek zien dat er een sterke relatie is tussen frisdrank consumptie en overgewicht, obesitas en diabetes. De frisdrankconsumptie gaat volgens analisten de komende vijf jaar met 15,7 procent in ontwikkelingslanden en met 9 procent wereldwijd toenemen. Dat betekent, zo waarschuwt McKee, dat er op den duur 2,3 miljard mensen met overgewicht, 1,1 miljard mensen met obesitas en 192 miljoen mensen met diabetes bij komen. Zelfde schadelijke effecten zijn er met betrekking tot het veranderende eetpatroon. Een groter aandeel geïmporteerd voedsel ervoor dat het dieet aanzienlijk verandert en een groter deel van het aantal kilojoules in de vorm van suiker wordt geconsumeerd. En deze hogere suikerconsumptie veroorzaakt op haar beurt weer meer diabetes.

    De politiek van schadelijke waren

    Toch is het moeilijk om beleid van de grond te krijgen dat deze ontwikkelingen tegen gaat. In 2004 nam de Wereld Gezondheidsorganisatie al een resolutie aan over een ‘Global Strategy on Diet, Physicial Activity and Health’. Overheden moesten ervoor zorgen dat hun bevolking minder schadelijke vetten, minder suiker en zout en meer fruit zouden eten. . Lachat et al. laten in een overzicht zien dat er sindsdien weinig is gebeurd. Slechts 14 van de 116 door hun onderzochte landen had beleid ontwikkeld dat al deze punten aanpakte. Ongeveer de helft van de landen had negen jaar na dato op geen van deze punten beleid ontwikkeld. De politieke onwil is deels te wijten aan de effectieve lobby van multinationals. ‘Marktmacht vertaalt zich al snel in politieke macht,’ stelde de directeur-generaal van de wereldgezondheid organisatie. ‘Maar weinig overheden geven een hogere prioriteit aan volksgezondheid dan aan big business.’ Uit onderzoek bleek bijvoorbeeld dat wetteksten in Lesotho, Malawi, Uganda en Botswana een grote gelijkenis vertoonden met documenten vervaardigd door bierbrouwer SAB Miller en het International Centre for Alcohol Policies, een door de industrie gefinancierd onderzoeksinstituut. De wetten dichtte de industrie een grote rol toe door zelfregulering voor te staan. Onderzoek na onderzoek wijst echter uit dat zelfregulering niet helpt. Niet bij tabak, niet bij alcohol en niet bij voedsel. 'Regulation, or the threat of government regulation, is the only way to change transnational corporations; therefore, the audience for public health is government and not industry,’ stellen de Lancet auteurs daarom vast. Voor vervaardigers van schadelijke waren is het natuurlijk fijn dat ze de kosten van diabetes, longkanker en levercirrose op anderen kunnen afwentelen. Het is de vraag of dat fair is. Steeds meer volksgezondheidsonderzoekers ondervinden dat diezelfde ondernemingen het voornaamste obstakel bij het effectief verminderen van niet-overdraagbare ziekten zijn. Naar het speelboek van de tabaksindustrie wordt echt effectief beleid, dat flink op de winstmarges zal interen, en blijft het bij ineffectieve zelfregulering. * * * Bekijk hier een interview met Martin McKee
    Over de auteur

    Jesse Frederik

    In de zomer van 2011 ontvingen we per email een open sollicitatie van de 22-jarige Jesse Frederik uit Nijmegen die zichzelf o...

    Lees meer

    Volg deze auteur

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid