Europarlementariër Jan Zahradil tijdens een plenaire zitting van het Europees Parlement over de vrijhandelsovereenkomst tussen de EU en Vietnam.
De #Lobbycratie

Europarlementariër Jan Zahradil tijdens een plenaire zitting van het Europees Parlement over de vrijhandelsovereenkomst tussen de EU en Vietnam. © European Union 2020 - Source : EP / Genevieve ENGEL

Europees Parlement berispt Tsjechische ‘vriend’ van China

De voorzitter van een officieuze Chinaclub van Europarlementariërs, Jan Zahradil, is op zijn vingers getikt wegens het overtreden van de gedragscode voor parlementsleden. De Chinese ambassade in Brussel had de club getrakteerd op versnaperingen, maar Zahradil heeft die gift nooit gemeld. Hij komt er met een berisping vanaf.

Het was niet bepaald een grootse aankondiging. Op donderdag 8 juli, toen hij de laatste plenaire sessie van het Europees Parlement voor het zomerreces opende, ratelde plaatsvervangend voorzitter Dimitrios Papadimoulis een mededeling af over een sanctie wegens een overtreding van de gedragsregels.

De aankondiging, die Papadimoulis (Syriza) in het Grieks voorlas ten overstaan van een vrijwel lege plenaire zaal, zat vol verwijzingen naar artikelnummers van de reglementen. Dit vergde zoveel concentratievermogen van de hakkelende tolken dat sommigen niet eens meer de naam noemden van de Europarlementariër om wie het ging. Gelukkig hebben we de notulen nog.

De sanctie was opgelegd aan de conservatieve Tsjechische Europarlementariër Jan Zahradil, sinds 2019 voorzitter van een officieuze club van Europarlementariërs, de ‘EU-China Vriendschapsgroep’. Die groep, bedoeld om het imago van China op te vijzelen, kreeg in 2019 een nieuwe impuls met een herlanceringsfeestje in Straatsburg. De rekening voor de drankjes en hapjes werd betaald door de Chinese ambassade in Brussel, een gift die Zahradil nooit heeft opgegeven. Na ophef over vermeende beïnvloeding werd de Vriendschapsgroep ‘opgeschort’ (zie kader).

Wat is de EU-China Vriendschapsgroep?

Er bestaan zo’n veertig vriendschapsgroepen, landenclubs opgezet door Europarlementariërs, die los staan van de formele commissies die het Europees Parlement heeft om betrekkingen met andere landen te onderhouden. Soms organiseren Vriendschapsgroepen reizen buiten die formele commissies om, vaak tot irritatie van die laatsten.

De EU-China Vriendschapsgroep werd in 2006 opgericht met als doel het imago van China in het Europees Parlement te verbeteren, via reizen en borrels. In hun boek Hidden Hand schrijven Clive Hamilton en Mareike Ohlberg dat de groep ten doel had Europarlementariërs China beter te laten ‘begrijpen’ via ‘positieve propaganda’. Er bestaat geen officiële ledenlijst. Derk Jan Eppink (JA21) is voor zover bekend de enige Nederlandse Europarlementariër die lid is (geweest) van de EU-China Vriendschapsgroep.

Na een onderzoek van de Tsjechische denktank Sinopsis in 2019 kwam er veel kritiek op de mogelijke Chinese beïnvloeding via deze Vriendschapsgroep. Eind 2020 maakte voorzitter Jan Zahradil bekend dat alle activiteiten van de groep waren ‘opgeschort’. Hij zei later in een tweet dat hij daartoe had besloten ‘om de verspreiding van nepnieuws, complottheorieën en spionagespelletjes door activisten, media en inlichtingenbronnen tegen te gaan’. Hij reageerde niet op de vraag wat de huidige status van de groep is.

Lees verder Inklappen

De voorzitter van het Europees Parlement, de Italiaan en sociaaldemocraat David Sassoli, stelde daarop een onderzoek in naar Zahradil, zo onthulde Follow the Money eerder dit jaar

Dat onderzoek leidde tot de conclusie dat Zahradil de gedragsregels voor Europarlementariërs heeft overtreden. Sassoli legde hem een sanctie op: een berisping. Of dat een formele brief is of iets anders, is onduidelijk. Ook is niet duidelijk of de overtreding alleen de betaling van de Chinese ambassade betrof, of dat ook andere zaken aan het licht zijn gekomen. Een woordvoerder van het Europees Parlement wil er geen vragen over beantwoorden.

Zahradil kreeg twee weken de tijd om in beroep te gaan. Het is onbekend of hij dat heeft gedaan: Zahradil reageert überhaupt niet op een verzoek om commentaar. Eind vorig jaar zei hij nog tegen nieuwssite Politico Europe dat hij akkoord was gegaan met het aanbod van de Chinese ambassade om de drankjes te betalen en ‘geen probleem’ zag in die gift.

Politici controleren integriteit politici

Europarlementariërs moeten zich aan een gedragscode houden, waarin staat dat ze ‘iedere financiële, personele of materiële steun’ van derden moeten bekendmaken. Tevens zijn ze gehouden aan een reglement, waarin staat dat niet-officiële groeperingen – zoals de EU-China Vriendschapsgroep – ‘elke vorm van steun, in geld of in natura’ moeten melden.

Het idee daarachter is dat burgers moeten kunnen zien welke giften verkozen volksvertegenwoordigers hebben ontvangen, zodat ze kunnen beoordelen of er sprake is van beïnvloeding of belangenverstrengeling.

Mogelijke overtredingen van de gedragscode worden onderzocht door het ‘Raadgevend comité voor het gedrag van de leden’, dat uit vijf Europarlementariërs bestaat; uit collega’s, dus. Ter vergelijking: de Tweede Kamer kent sinds 1 april een College van onderzoek integriteit, dat toezicht houdt op naleving van de gedragscode voor Kamerleden. Zoals Follow the Money eerder schreef is ook dat college niet volledig onafhankelijk: het bestaat weliswaar niet uit Kamerleden, maar wordt wel door hen benoemd. In Brussel en Straatsburg controleren de politici elkaar echter rechtstreeks.

Het comité rept van het ‘risico’ dat de voorzitter ‘zijn toevlucht moet nemen tot sancties’ – kennelijk wil men die liever vermijden

De vijf Europarlementariërs die het Raadgevend comité vormen, zijn afkomstig uit verschillende politieke fracties. Ook die van Zahradil, de Europese Conservatieven en Hervormers (ECH), is erin vertegenwoordigd.

Na onderzoek adviseert het comité de voorzitter van het Parlement of – en zo ja, met welke sanctie – een overtreding moet worden bestraft. Een berisping, de straf die Zahradil kreeg, is de lichtste straf. Andere mogelijkheden zijn het tijdelijk inhouden van de dagelijkse verblijfsvergoeding van 324 euro waarop Europarlementariërs recht hebben. Die kan tussen de twee tot dertig dagen worden ingehouden: de sanctie kan zo oplopen tot bijna tienduizend euro. Ook kan een Europarlementariër tijdelijk (tot dertig vergaderdagen) worden uitgesloten van een deel van commissie- of delegatieactiviteiten.

Het onderzoek van het Raadgevend comité is niet openbaar gemaakt; daarom is niet bekend op welke grond de berisping is uitgedeeld.

Wel is bekend dat het Raadgevend comité sowieso geen fan is van zware straffen voor Europarlementariërs, in elk geval niet tijdens de vorige parlementaire termijn (2014-2019). In zijn verslag over die periode repte het comité van het ‘risico’ dat de voorzitter ‘zijn toevlucht moet nemen tot sancties’ – kennelijk zijn die ongewenst en wil men ze liever vermijden.

Dossier

De #Lobbycratie

Wie betaalt? En wie bepaalt? FTM zoekt uit hoe de politieke worst écht gedraaid wordt.

Volg dit dossier

Hoewel de samenstelling van het comité grotendeels is veranderd na de verkiezingen van mei 2019, is zeker één lid van het comité dat die mening was toegedaan teruggekeerd in het Raadgevend comité: de Poolse Danuta Hübner van de centrumrechtse fractie Europese Volkspartij.

Zahradil kreeg zijn sanctie begin juli opgelegd; de media hebben het niet opgepikt. Ook Follow the Money was ontgaan dat het onderzoek was afgerond, totdat we een brief van Europarlementariër Lívia Járóka ontvingen vanwege ons verzoek om inzage in documenten. Járóka, van de Hongaarse regeringspartij Fidesz, en tevens een van de veertien vicevoorzitters van het Parlement, is verantwoordelijk voor het afhandelen van beroepszaken.

Toegang tot die documenten werd andermaal geweigerd (zie kader), maar ‘ter informatie’ liet Járóka wel weten dat het onderzoek was afgerond en dat Zahradil was berispt.

Geheimhouding om medewerking Europarlementariërs te garanderen

Follow the Money heeft in januari 2021 onder verwijzing naar de Europese verordening over toegang tot overheidsdocumenten het Europees Parlement verzocht om alle stukken met betrekking tot de EU-China Vriendschapsgroep. Dat bleken er slechts vier te zijn: twee brieven en een e-mail van Jan Zahradil aan parlementsvoorzitter David Sassoli over de activiteiten van de Vriendschapsgroep, en een brief van Sassoli aan het Raadgevend comité waarin hij om een onderzoek in het kader van de naleving van de gedragscode vraagt.

Klaus Welle, secretaris-generaal van het Europees Parlement, besloot in maart 2021 dat de stukken vertrouwelijk moesten blijven om het onderzoek van het Raadgevend comité niet te belemmeren. Hij verwees naar de uitzonderingsgronden uit de documentenverordening, die EU-instellingen de ruimte bieden om toegang te weigeren wanneer openbaarmaking ‘het besluitvormingsproces van de instelling’ of ‘inspecties, onderzoeken en audits’ zou ondermijnen. Welle was onder meer bang dat leden van het Raadgevend comité zich zouden laten beïnvloeden door commentaren van politici en pers.

Follow the Money ging tegen dat besluit in beroep, omdat het voor de leden van het comité niet zou moeten uitmaken of de documenten die zij inspecteren al dan niet openbaar zijn. Bovendien had Zahradils fractie zelf al citaten uit de correspondentie gepubliceerd.

Op 12 augustus 2021 (twee maanden na het verstrijken van de termijn) kregen we antwoord, van Europarlementariër Lívia Járóka. Hoewel ze erkende dat het onderzoek was afgerond – en Welles argument van belemmering van dit onderzoek dus niet meer gold – voerde ze aan dat publicatie van de stukken het besluitvormingsproces van het Europees Parlement in het algemeen zou ondermijnen.

Zou het Parlement gedwongen worden om documenten van het Raadgevend comité te publiceren, dan zijn Europarlementariërs volgens Járóka mogelijk minder bereid om mee te werken aan onderzoeken van het comité. Daarnaast zou de voorzitter van het Parlement bij openbaarmaking van dergelijke stukken ‘onder druk komen te staan’ om het advies van het Raadgevend comité te volgen, omdat het Parlement anders ‘tegenstrijdige meningen’ zou uiten.

Lees verder Inklappen

Er gaan al enige tijd stemmen op in Brussel voor een onafhankelijk ethisch orgaan van de EU dat alle EU-instellingen controleert op zaken als belangenconflicten. Ook de non-profitorganisatie Corporate Europe Observatory (CEO) pleit al langer voor zo'n controleorgaan. Europarlementariërs bespraken de afgelopen maanden hoe zo'n orgaan eruit zou moeten zien; binnenkort volgt een plenaire stemming.

CEO-activist Margarida Da Silva: ‘We zagen echter veel weerstand binnen het Parlement om dit orgaan een mandaat te geven, zodat het zelf onderzoek kan doen en sancties kan opleggen bij niet-naleving.’