Griekse toestanden voor het Nederlandse MKB

4 Connecties

Relaties

MKB Financiële sector

Organisaties

De Nederlandsche Bank (DNB)

Werkvelden

Banken
5 Bijdragen

Nederlandse banken zijn streng voor het midden- en kleinbedrijf. Anekdotisch bestond die indruk al. Volgens onderzoek van DNB hebben Nederlandse MKB'ers het net zo hard te verduren als hun Spaanse en Griekse collega's.

Het MKB heeft het zwaar te verduren met de banken. De overgefinancierde MKB'er wordt de kerkers van het bijzonder beheer in gemanouvreerd. De krediet-behoevende MKB'er staat voor de gesloten balie van de bank. Uit een onderzoek van DNB blijkt dat bijna de helft van alle kredietaanvragen van het MKB wordt afgewezen. Dat is meer dan in notoire crisislanden als Italië, Portugal, Ierland en Spanje.  Het aantal kleine kredieten, onder de 250.000 euro, nam tussen 2010 en 2012 met 14 procent af, tegen 4 procent voor het totaal. Ook blijken Nederlandse MKB'ers minder vaak krediet aan te vragen dan hun buitenlandse collegae. Sinds 2009 vroeg slechts 12 procent van de bedrijven om een lening, tegen 22 procent in de rest van het Eurogebied.   De vraag dringt zich natuurlijk op waarom Nederlandse banken zo streng zijn. Banken zelf noemen het toegenomen risico op MKB-leningen als de belangrijkste reden. Het aantal probleemleningen in het MKB staat per eind 2013 op iets meer dan zes procent, aan het begin van de crisis was dat nog drie procent. Nederland heeft ook, anders dan Duitsland en Frankrijk, een diepe vastgoedcrisis achter de rug. Hierdoor is het voornaamste onderpand van MKB ondernemingen -- het eigen bedrijfspand -- aanzienlijk in waarde afgenomen. En zonder onderpand is het verstrekken van krediet natuurlijk riskanter. Bovendien zoeken kleinere bedrijven vaak naar werkkapitaal -- leningen waarvan de kredietwaardigheid moeilijk is in te schatten. Het MKB heeft ook als nadeel dat het sterk afhankelijk is van de binnenlandse economie, die tot nu toe nog maar langzaam herstelt. Slechts 8% van het MKB exporteert goederen, tegen bijna de helft van de bedrijven in het grootbedrijf. Een opmerkelijk verschil tussen Nederland en de periferie, zo merken de DNB onderzoekers op, is ook dat in Nederland juist bedrijven die financiële problemen hebben het meeste krediet aanvragen, waardoor het afwijzingspercentage hoger ligt. In de periferie -- Italië, Spanje, Ierland, Portugal, Griekenland -- is de financiële positie van alle bedrijven eigenlijk slecht, of ze nou kredietaanvrager zijn of niet. Deze factoren spelen allemaal mee, maar een definitieve verklaring hebben de onderzoekers van DNB ook niet. 'Het blijft opmerkelijk dat het afwijzingspercentage in Nederland in dezelfde orde van grootte ligt als in de periferielanden, zoals Spanje en Ierland,' schrijven ze. 'Een sluitende verklaring hiervoor is ... niet voorhanden.' De sterk afgenomen kredietverstrekkingsbereidheid is een groot probleem voor het MKB. Het grootbedrijf weet vaak investeringen en voorraden uit eigen middelen te financieren, of op leverancierskrediet vertrouwen. Het MKB dat afhankelijk is van bancaire financiering, heeft deze luxe niet.