Leren van de Denen: de volgende stap in de opmars van biologische landbouw

    De vraag naar biologisch voedsel is groter dan het aanbod. Dat duidt enerzijds op de sterk toegenomen populariteit van biologische landbouwproducten, maar impliceert anderzijds dat de agrarische sector niet in staat is om tijdig op te schalen. Waar liggen de knelpunten en wat kan de sector doen om de status van nichespeler te ontgroeien?

    Hoewel biologisch voedsel de laatste jaren in menige supermarkt een prominente plek heeft verworven en sommige supermarktketens zelfs uitsluitend biologische producten verkopen, wordt wereldwijd minder dan een procent van het voedsel erkend als biologisch. Ook de consumptie van biologische voeding komt niet uit boven de een procent van het totaal. En tegelijkertijd kan het aanbod in deze markt de vraag niet kan bijbenen. Het gaat hier om de meest felbegeerde procent van de hele voedselmarkt — en dat maakt het niet waarschijnlijk dat de opmars van biologische voedselproductie voorlopig afzwakt.

    Vreemd dat het aandeel van biologische voeding in het geheel van de productie dan zo laag is. Een gedeeltelijke verklaring daarvoor zijn de strenge regels van IFOAM EU, de Europese koepelorganisatie voor biologische landbouw, ten aanzien van biologische voedselproductie. Al heeft IFOAM EU die regels niet zelf vastgesteld, ze hebben wel er hard voor gepleit bij de Europese Commissie. De organisatie bereikte daarmee dat alleen als een boer deze regels volgt, zijn producten het stempel 'biologisch' mogen dragen.

    Ondanks de kleinschaligheid van de bedrijven, zijn de groeicijfers van de sector indrukwekkend, met name in Europa. Toch gaat het nog lang niet snel genoeg, vindt Bavo van den Idsert, voorzitter van Bionext, de Nederlandse koepelorganisatie van de biologische sector, en bestuurslid van IFOAM EU. ‘Als we niets veranderen, blijven we keurig met 10 tot 15 procent per jaar groeien. Dan zitten we, zeg maar, eens in de zes jaar op een verdubbeling. Dus in 2021 komen we dan op zes procent en in 2027 op 12 procent. Terwijl een marktaandeel van 20 tot 25 procent in 2030 haalbaar zou moeten zijn. Dat gaan we in het huidige tempo dus niet halen.’  

    Wachtkamereffect

    Een andere belangrijke rem op de groei van biologische producten is de omslagperiode. Boeren moeten twee jaar lang biologisch produceren voordat dat ze zichzelf en hun producten in deze periode 'biologisch' mogen noemen. Hierdoor hebben de akkers de tijd om de restanten van bestrijdingsmiddelen te verwerken. Door dit wachtkamereffect neemt de groei van de biologische landbouw niet zo snel toe als dat bij, bijvoorbeeld, de gangbare varkenshouderij zou gebeuren als de prijzen goed zijn. Deze overgang legt bovendien alle kosten en risico’s bij de boer neer, waardoor die de overstap van reguliere naar biologische landbouw vaak niet kan of durft te maken.


    Bavo van den Idsert, directeur Bionext

    "Het voer moet veel dichter bij huis komen. Dat brengt dan wel weer een kostprijsverhoging met zich mee"

    Import

    Daarbij speelt nog een apart probleem, dat een direct gevolg is van het succes van de biologische landbouw in de laatste jaren: door de grote vraag wordt ook in de biologische sector met voedsel over de wereld gesleept, hetgeen milieuschade met zich meebrengt. Zo is de vraag naar veevoer voor biologisch vee groter dan het aanbod. Hierdoor is het in Nederland niet ongebruikelijk om bijvoorbeeld soja uit China te importeren. Niet echt biologisch, vindt Van den Idsert, en daarom wordt er gekeken naar manieren om deze ontwikkeling terug te dringen. Het laat zien dat geld en kostprijs grotendeels van ondergeschikt belang zijn. ‘Het voer moet veel dichter bij huis komen,’ zegt Van den Idsert. 'In wetgeving worden daar nu eisen aan gesteld; bepaalde percentages van het voer moeten uit de regio komen. Dat geeft dan ook weer een kostprijsverhoging.’

    Meer grond, hogere uitstoot

    IFOAM EU publiceerde vorig jaar Organic 3.0, een plan om het marktaandeel van biologische producten te laten stijgen en om de biologische sector zichzelf in de markt te laten zetten. In dit kader worden de grote mondiale uitdagingen opgesomd: honger, ongelijkheid, energieverbruik, klimaatverandering, verlies van biodiversiteit en het uitputten van de natuurlijke grondstoffen. Aan het oplossen van al deze vraagstukken kan de biologische landbouw een bijdrage leveren, aldus Organic 3.0.

    Biologische boeren hebben echter meer grond nodig dan hun niet-biologische collega's om dezelfde hoeveelheid voedsel te produceren. Dat leidt ook tot een hogere uitstoot van broeikasgassen dan de reguliere landbouwsector. Dat komt doordat er geen gebruik wordt gemaakt van kunstmest en bestrijdingsmiddelen. Daardoor is de oogst per hectare altijd lager dan bij gangbare vormen van landbouw. Toch kun je niet zwart-wit stellen dat biologische landbouw slechter is voor het milieu dan reguliere landbouw, meent hoogleraar Plantaardige productiesystemen Martin van Ittersum van Wageningen UR. 'Als je op lokaal niveau kijkt, kun je wel stellen dat het milieu en de ecologie vaak beter af zijn met biologische landbouw. Maar de grotere hoeveelheid landbouwareaal en de hogere emissies zullen, als we die mondiaal zouden zien, denk ik tot een hogere milieubelasting leiden.’

    Biologische landbouw vraagt om die reden om een andere aanpak. Om het potentieel van de biologische arealen op te krikken en de lagere productie als gevolg van het uitblijven van kunstmest en pesticiden te compenseren, is onderzoek nodig. Vooral fundamenteel onderzoek dat inzicht geeft in bodemgebruik en het inzetten van monitoringstechnieken, zoals drones, levert winst op.


    Martin van Ittersum, hoogleraar Wageningen UR

    "De biologische landbouw heeft in zekere zin een proeflokaalfunctie binnen de landbouw. Sommigen vinden dat de hele landbouw biologisch moet worden, maar dat zie ik niet als eerste optie"

    Biopioniers

    Biologische landbouw kan volgens IFOAM EU een belangrijke rol spelen in de voedselvoorziening van 2050. Tegen die tijd zijn er volgens de officiële schattingen ruim 9 miljard mensen op de wereld en moet volgens de VN de voedselproductie met 70 procent zijn toegenomen. De druk die de wereldbevolking daarmee op de planeet uitoefent is dan dermate groot, dat we duurzamer moeten produceren om de voedselzekerheid voor latere generaties veilig te stellen.

    Van Ittersum: ‘De biologische landbouw heeft in zekere zin een proeflokaalfunctie binnen de landbouw. Sommigen vinden dat de hele landbouw biologisch moet worden, maar dat zie ik niet als eerste optie. Dat komt doordat biologische landbouw meer ruimte vergt en die ruimte gaat in sommige delen van de wereld ten koste van de biodiversiteit en zorgt voor hogere broeikasgasemissies.’ Het bestaansrecht van de biologische landbouw zit daarom op dit moment vooral in de pioniersrol bij het produceren zonder schadelijke bestrijdingsmiddelen en het maximaal gebruik maken van ecologische processen en het sluiten van kringlopen, meent Van Ittersum. ‘De belangrijkste rol is om te kijken hoe ver je daarmee kunt komen, ook ter inspiratie van de hele landbouw.’

    Financiering

    Gezien de grote ecologische noodzaak zou het wellicht voor de hand liggen dat nationale en supranationale overheden veel geld in de ontwikkeling van biologische landbouw steken. Het succes van de biologische producten in het schap staat echter in schril contrast met het binnenhalen van Europese subsidie door onderzoek en ontwikkeling voor de productie van deze producten. Het valt voor de biologische sector niet mee om op te boksen tegen de gevestigde spelers in de voedingsindustrie — en hun sterke lobby’s.

    Zo heeft de Europese Commissie onder andere een programma genaamd Horizon 2020. Dit onderzoek- en innovatiefonds is bedoeld om publiek-private-samenwerkingen te financieren. In totaal bedraagt de pot bijna 80 miljard euro voor de periode 2014-2020; voor onderzoek in voeding en landbouw is 3,8 miljard gereserveerd. Volgens Alexandra Tuijtelaars, Research programme officer van het Directoraat Generaal Innovation and Research van de Europese Commissie, is een miljard euro daarvan bij voorbaat al gereserveerd voor biobased industries, kort gezegd: biotechnologie. ‘Die lobby is het sterkst georganiseerd en weet daarom het meeste geld naar zich toe te trekken.’

    Tuijtelaars is bezig met het vraagstuk rond voedselvoorziening. Volgens haar ging de financiering van daaraan gerelateerde onderzoeksprogramma’s de laatste jaren over de gehele breedte bergafwaarts en kan er na 2020 pas weer gekeken worden naar een nieuwe verdeling van de financiering.

    Het succes van de biologische producten in het schap staat in schril contrast met het binnenhalen van Europese subsidie

    In Nederland valt de biologische sector onder het topsectorenbeleid. Bionext is één van de elf ‘innovatiemakelaars’ in de topsector Agri & Food en heeft daarmee een belangrijke rol in het toezeggen van financieringen voor biologisch onderzoek. In 2013 werd er ruim 4 miljoen euro toegezegd. Verdere cijfers zijn niet bekend.  

    Scandinavisch model

    In Europa zijn Zweden en Denemarken koploper op het gebied van biologische consumptie, met marktaandelen van respectievelijk zes en 7,6 procent. Dat is volgens Van den Idsert te danken aan een goede samenwerking. In Zweden spelen natuurorganisaties een belangrijke rol. ‘Die agenderen bijvoorbeeld de bedreiging van bepaalde vogelsoorten.'

    Onderzoek toont aan dat biologische landbouw die soorten helpt en beschermt. In de supermarkt zijn er vervolgens acties. De groei van biologische consumptie is daar jaarlijks 30 tot 40 procent.’ Van den Idsert ziet met name in Denemarken een goede vergelijking met Nederland wat betreft het potentiële marktaandeel. ‘Daar is vanuit een overheidsvisie een beleid neergezet op verduurzaming van landbouw. Er zijn maatregelen voor boeren die willen omschakelen en maatregelen om de markt te stimuleren. De grootste supermarkt heeft langjarige afspraken gemaakt over actiebeleid en promotie van biologisch voedsel. Als je in de landbouw wilt groeien, moet ook je markt groeien. Daar hebben ze het vrij goed voor elkaar.’

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Sem van den Brink

    Schrijft voor Follow the Money over Wageningen en alles wat daarmee te maken heeft.

    Volg Sem van den Brink
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren