Waarom de geschiedenis de tegenstanders van de euro ongelijk geeft

3 Connecties

Onderwerpen

Euro Europa muntunie
22 Bijdragen

Econoom Peter Rodenburg legt aan de hand van historische vergelijkingen uit dat het succesvol tot stand komen van een muntunie een zaak van veel geduld en politieke steun is.

In aanloop naar de Europese verkiezingen laten tegenstanders van de euro flink van zich horen. Zo presenteerde vorige week Bruno de Haas zijn nieuwe boek waarin hij betoogt dat Nederland uit de euro moet stappen. Ook Arjo Klamer komt met een boek waarin de val van de euro wordt aangekondigd, terwijl euro-tegenstander Frits Bolkenstein in Buitenhof verklaarde: ‘De muntunie is mislukt’. De redenering die tegenstanders van de euro hanteren is in alle gevallen hetzelfde: de eurozone is geen politieke unie en is daarom gedoemd te mislukken. De eurozone is te divers waardoor het one size fits all monetaire beleid van de Europese Centrale Bank (ECB) nooit voor alle eurolanden effectief kan zijn. De Zuid-Europese landen gaan gebukt onder het feit dat dat ze hun munt niet kunnen devalueren en zijn aangewezen op leningen uit de noordelijke eurolanden. Aangezien het niet waarschijnlijk is dat landen als Portugal en Griekenland op korte termijn op Duitsland gaan lijken zullen de noordelijke eurolanden deze leningen nog jarenlang moeten blijven verstrekken. De euro is daarom op lange termijn onhoudbaar.

Economische theorie

De tegenstanders van de euro krijgen gedeeltelijk gelijk van de economische theorie. De theorie over muntunies staat bekend als de theorie van de Optimum Currency Area (OCA); de theorie van een optimaal valutagebied. Deze theorie is een kosten-baten analyse waarin de voordelen van een gemeenschappelijke munt (het verdwijnen van wisselkoersrisico’s en transactiekosten) worden afgewogen tegen de nadelen (verlies van het monetaire beleidsinstrument). Een optimaal valutagebied is een muntunie waarin de baten groter zijn dan de kosten. Helaas zijn deze kosten en baten niet eenvoudig precies te kwantificeren. Economen hebben daarom een aantal criteria ontwikkeld waaraan muntunies moeten voldoen om zich te kwalificeren als optimaal valutagebied. Dit betreffen criteria op het gebied van arbeidsmobiliteit, openheid van de economie, exportdiversificatie, budgetoverdrachten naar andere regio’s of landen en homogeniteit van beleidspreferenties.
De lamp van geschiedenis geeft de tegenstanders van de euro ongelijk
De algemene opvatting onder economen is dat de Economische en Monetaire Unie (EMU) aan ongeveer de helft van deze criteria voldoet. Zo voldoet de EMU wel aan de criteria van openheid en exportdiversificatie maar scoort de EMU slecht op het gebied van arbeidsmobiliteit en overdracht van budgetten. Voorstanders van de euro, zoals Guy Verhofstadt, zien in deze criteria juist een bevestiging dat de zaak van de EMU helemaal niet zo slecht is en dat er juist meer EU nodig is om aan de overige criteria te voldoen (met name overdracht van budgetten). Het glas is dus half vol of half leeg, afhankelijk hoe men er tegenaan kijkt. Maar strikt genomen voldoet de EMU dus niet aan de criteria van een optimaal valutagebied.

De geschiedenis

Frits Bolkenstein leert ons echter dat er naast de lamp van de rede nog een lamp is die het pad van de staatsman verlicht: de lamp van de geschiedenis. En de lamp van geschiedenis geeft de tegenstanders van de euro ongelijk. Uit het verleden kennen we verschillende muntunies zoals de monetaire unie van de Verenigde Staten (sinds 1786), de Italiaanse en Duitse muntunie in de 19e eeuw, en multinationale muntunies zoals de Latijnse muntunie (1865-1926) en de Scandinavische muntunie (1873-1914). Uit hun geschiedenis kunnen we interessante lessen leren voor onze eigen muntunie.
De ondergang van een muntunie is vrijwel altijd het gevolg van gebrek aan politieke steun
Wat opvalt aan deze geschiedenissen is dat muntunies vrijwel nooit beginnen als een optimaal valutagebied. In de Verenigde Staten bijvoorbeeld, werd de dollar in 1786 ingesteld. Maar pas veel later voldeed de dollar aan de criteria van een optimaal valutagebied. Volgens de economen Bordo en Jonung pas na de Eerste Wereldoorlog; 130 jaar later. Volgens Hugh Rockoff was dat zelfs nog later; pas na de New Deal-politiek van Rooseveldt in de jaren dertig, toen de regering programma’s van openbare werken, rudimentaire sociale zekerheid en en budgetoverdrachten tussen staten introduceerde. Pas toen werd de VS voldoende politieke unie om te voldoen aan de criteria van een optimaal valutagebied achten. Die criteria achten deze auteurs dan ook weinig relevant omdat die geen politieke en historische dimensies hebben en geen voorspellende waarde blijken te hebben. Wat verder opvalt aan de geschiedenis van muntunies is dat de ondergang van een muntunie vrijwel altijd het gevolg is van gebrek aan politieke steun, zoals in het geval van de Sovjet Unie en Joegoslavië. Politieke steun is een eerste voorwaarde voor een muntunie.

Politieke wil

Het is waar dat Europese politici als Rutte en Merkel tijdens de eurocrisis wankelmoedig en weinig doortastend hebben opgetreden. Steeds werd slechts het minimaal nodige gedaan. Maar het is inmiddels evident dat de Europese politieke elite vastbesloten is het europroject tot een goed einde te brengen en dat impopulaire maatregelen die de nationale soevereiniteit verder terugdringen bespreekbaar zijn. In het Europees Parlement is er een overgrote meerderheid van pro-integratie partijen en zijn de eurosceptici – ondanks hun verbale wapengekletter – ver in de minderheid. Ook Mario Draghi, de president van de ECB, heeft gezegd dat de ECB alles zal doen wat nodig is om de euro te redden. Daarmee is er een onmiskenbaar en groot politiek commitment aan de euro. Dit alles neemt uiteraard niet weg dat er geen problemen zijn met de euro. Maar diversiteit alleen is dus geen voorwaarde voor het opbreken van de eurozone, zoals tegenstanders beweren. Uiteindelijk gaat het om politieke wil. Politieke wil is de lijm die een muntunie bij elkaar houdt. Zolang er politieke steun is voor een muntunie kan die muntunie gehandhaafd blijven, zelfs als die muntunie niet voldoet aan alle criteria van een OCA. En vooralsnog is die steun van Europese politici onvoorwaardelijk. De geschiedenis leert ons daarmee dat de roep om opbreken van de euro in de eerste plaats onrealistisch wensdenken van eurosceptici is. Een muntunie kent een eigen dynamiek die de tegenstanders onderschatten. Ik denk dat de euro nog een lange tijd bij ons zal blijven.   Peter Rodenburg is verbonden aan de faculteit der Geesteswetenschappen, capaciteitsgroep Europese studies van de Universiteit van Amsterdam.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Gastauteur

Gevolgd door 338 leden

FTM.nl biedt opiniemakers de gelegenheid om – op uitnodiging – een bijdrage aan maatschappelijke discussies te leveren.