Charles I in Three Positions
© Anthoon van Dyck (1599-1641)

Waarom hebben welgestelden recht op AOW?

  • Staat hier een 'wordt' teveel achter geheven?
  • Onder de paragraaf AOW cijfers wordt gesproken over 3 milj. AOW gerechtigden totaal. De vooruitgang geldt dus voor 2.15milj ouderen.
  • Het beeld wordt blijkbaar erg bepaald door de uitzonderlijke persoonlijke vriendenkring, niet door de macro-cijfers
  • Deze zin loopt niet goed

Hans Baaij is binnenkort AOW-gerechtigd. Dat bevalt hem maar niets, en hij legt kort en krachtig uit waarom niet.

Binnenkort word ik 66 jaar en 3 maanden, en heb ik tot mijn weerzin recht op AOW. Wat me tegenstaat is dat die uitkering bekostigd moet worden door mensen die waarschijnlijk minder geld hebben dan ikzelf. En anders dan veel leeftijdgenoten zie ik AOW niet als een ‘recht’ dat ik heb opgebouwd omdat ik de afgelopen veertig jaar AOW-premie voor anderen heb betaald.

De AOW kost momenteel circa 37 miljard per jaar. Om dat geld op te brengen, krijgen alle werkenden een forse heffing van circa 18 procent over het inkomen tot 35.000 euro: de AOW wordt in de laagste schijven van de inkomstenbelasting geheven wordt. Zodoende dragen werkenden met de laagste inkomens verhoudingsgewijs het meeste bij.

Naar mijn idee is het ridicuul dat een veertiger die in de zorg werkt en 25.000 euro verdient, nog zeker 25 jaar meebetaalt aan de AOW van ouderen met een afbetaald huis van een half miljoen en een inkomen boven de 45.000 euro. De vuilnisman draagt bij aan de AOW van de gepensioneerde gezagvoerder van de KLM, de politieagent aan die van de succesvolle advocaat die met wat commissariaten jaarlijks nog een tonnetje bijeen harkt.

Mijn ergernis hierover werd alleen maar groter toen een kennis zijn eerste drie maanden AOW spendeerde aan een champagnefeestje, en ik Gooise kakkers met AOW een appartementje voor hun (klein)kinderen in hartje Amsterdam zag scoren. Veel ouderen kunnen makkelijk zonder AOW; er is zelfs een groep die er amper iets van zou merken als ze geen AOW meer kregen. Dat deze rijken en rijkeren AOW krijgen, staat wel erg ver af van de oorsprong van deze uitkering: een oudedagsvoorziening ter bestrijding van armoede onder ouderen.

Het is onbegrijpelijk dat Koolmees de optie negeert om voor ouderen met veel geld de AOW gewoon af te schaffen

De armoede onder deze groep was na de Tweede Wereldoorlog zo groot dat onder minister Willem Drees Sr in 1957 de Algemene Ouderdomswet werd ingevoerd. De uitkering bedroeg toen 1338 gulden per jaar voor een echtpaar en 804 gulden voor een alleenstaande; dat was slechts 20 tot 40 procent van het toenmalige gemiddelde jaarinkomen van 3.500 gulden. Veel gepensioneerden hadden van jongs af hun geld in zware beroepen verdiend, met slecht betaald werk. Geld om een pensioen op te bouwen hadden ze niet.

De AOW is geen verzekering waarvoor men tijdens het werkende leven premies betaalt, maar een basisvoorziening volgens het omslagstelsel. De AOW is geen spaarpot of een fonds voor de oude dag; elk jaar moeten de uitkeringen via premies en belastingen opgehoest worden.

AOW-cijfers

In 2017 werd in totaal 37 miljard euro aan gepensioneerden uitgekeerd. De huidige 9 miljoen werkenden betalen samen de AOW voor 3 miljoen uitkeringsgerechtigden. Niet alleen is de uitkering ten opzichte van 1957 gegroeid (tegenwoordig bedraagt die circa 18.000 euro), ook is de duur ervan toegenomen, doordat mensen steeds ouder worden. Voorts zijn er door de vergrijzing meer ouderen die ervoor in aanmerking komen. De verhouding tussen AOW’ers en werkenden is in de loop der tijden opgelopen. Was er eerst 1 AOW’er op elke 5 werkenden, nu is dat 1 op 3; in 2040 zal dat verder oplopen tot 1 op 2,5.

Gelet op het voorstaande is het geen wonder dat minister Koolmees wil bezuinigen. Dat doet hij door de leeftijdsgrens voor de AOW stapsgewijs te verhogen, zodat ik, geboren in 1953, nu AOW krijg op de leeftijd van 66 jaar en 3 maanden. Het is evenwel onbegrijpelijk dat Koolmees de optie negeert om voor ouderen met veel geld de AOW gewoon af te schaffen. Al in 2011 stelde econoom Jochen Mierau al dat een verhoging van de AOW-leeftijd geen goed idee is en beter verruild kan worden voor het plan rijke Nederlanders niet langer AOW te geven.

Wat betekent de gedeeltelijke afschaffing van de AOW?

Naar schatting heeft 40 procent van de ouderen een bovenmodaal inkomen. Die groep heeft vaak ook een eigen vermogen en een afbetaald huis. Stel dat de AOW bij ouderen met een behoorlijk eigen inkomen langzaam maar zeker afgebouwd wordt, en boven bijvoorbeeld 45.000 euro per jaar voor een huishouden naar nihil gaat, dan betekent dat logischerwijs een besparing van 40 procent op een totaal van 37 miljard, oftewel 15 miljard minder premies voor de AOW.

Circa 4 procent van de bejaarden leeft momenteel onder de armoedegrens

Het betekent een enorme inkomensoverdracht van oudere, rijke(re) mensen naar de minst verdieners; de AOW-premies drukken immers het zwaarst op de laagste inkomens. Een besparing van 15 miljard per jaar: dat is andere koek dan de 1,7 miljard die de schatkist in 2017 bespaard door de AOW-leeftijd te verhogen.

Een niet onaardige bijkomstigheid is dat de discussie over zware beroepen kan komen te vervallen. Wanneer alleen mensen die AOW echt nodig hebben de uitkering krijgen, dan vallen daar waarschijnlijk alle zware beroepen onder en kan de AOW-gerechtigde leeftijd makkelijk terug naar 65 jaar. Er is dan zelfs ruimte om AOW’ers zonder pensioen iets meer te geven. En dat is nodig ook: circa 4 procent van de bejaarden leeft momenteel onder de armoedegrens.

Wanneer we die 15 miljard besteden aan de 3 miljoen ouderen met de laagste inkomens, dan gaan die er gemiddeld 5.000 per jaar op vooruit. Daar staat tegenover dat circa 850.000 rijkere ouderen erop achteruit gaan: van een paar duizend euro minder tot bijna 20.000 euro eraf. Dat klinkt onrechtvaardig, maar zij hebben vaak meer vermogen en een geheel afbetaald huis, betalen zelf geen AOW-premies en beschikken derhalve ook na het afschaffen van hun AOW over voldoende middelen. Natuurlijk zullen ze zeggen dat ze op de AOW gerekend hebben, maar dat die AOW op de helling moet, is al decennia bekend.

En mijn AOW?

Zelf verkeer ik in de omstandigheid dat ik nog altijd een inkomen uit dienstbetrekking heb, plus een partner met een pensioen. Ik zal, net als koningin Beatrix indertijd, mijn AOW daarom aan een goed doel schenken: de stichtingen Dier&Recht en Varkens in Nood.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Hans Baaij

Gevolgd door 187 leden

Hans is fiscaal jurist en oprichter van de Stichtingen Varkens in Nood en Dier & Recht.

Volg Hans Baaij
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren
AOW