Koffertje met miljoenennota, in feestpapier
© Rijksoverheid

Rutte-III en de doorgeslagen macht van de multinational

    Ewald Engelen voorspelt dat de Algemene Politieke Beschouwingen, kort na de presentatie van de Rijksbegroting, gedomineerd zullen worden door het debat over de afschaffing van de dividendbelasting. Hij ziet liever een ander debat, en schetst hier de contouren daarvan.

    Vorige week meldde het AD dat de voorgenomen afschaffing van de dividendbelasting ons niet 1,4 miljard maar 2 miljard euro per jaar zal kosten. Ophef alom. Columnisten spraken er schande van, de sociale media ontploften. Zelfs Rutte mengde zich in het gekrakeel en noemde de maatregel ‘bizar’ maar noodzakelijk: ‘Anders loop je het risico dat een paar van de grootste Nederlandse bedrijven weggaan.’ Dus reken maar dat er eind september, tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen, weer veel politiek vuurwerk over dit onderwerp zal knallen.

    Terecht natuurlijk, maar verrassend is het allemaal niet. Wie het nieuws sinds het uitbreken van de crisis tien jaar geleden een beetje heeft gevolgd, weet dat de opbrengst van het zogenaamde herstel van de economie vooral terecht is gekomen bij het grootbedrijf. Terwijl de lonen stagneren en de binnenlandse consumptie mondjesmaat stijgt, zit de groei van het bruto binnenlands produkt alweer tegen de 3 procent, boeken multinationals recordwinst op recordwinst en zit het grootbedrijf op ongekende kasreserves, met name in Nederland.

    Dat betekent dat er veel kan worden teruggegeven aan aandeelhouders: in de vorm van aandelenterugkoop, of in de vorm van dividenden. En hoe hoger de dividenden, hoe meer de staat per jaar aan belastinggeld zal mislopen. Twee miljard euro is het inmiddels. Wanneer de economische groei aanhoudt en de wijze waarop die wordt verdeeld dezelfde blijft, zal het alleen maar meer worden. Bij een disconteringsvoet van 2 procent komt dat niet neer op circa 40 miljard euro, zoals Follow the Money eerder betoogde, maar op een bedrag van 100 miljard euro. Daar kun je inderdaad leuke dingen voor de mensen mee doen, zeker nu er na tien jaar crisis en vijf jaar hardvochtig bezuinigingen zoveel sleetse plekken zijn ontstaan. Ik noem de structurele armoede, de schuldsanering, de psychiatrische zorg, de sociale werkplaatsen, het lerarentekort. Om maar te zwijgen van de broodnodige verduurzaming en de energietransitie.

    Bakkerskinderen (veel) brood geven, heet dat in de volksmond

    De hoogte van het bedrag dat het kabinet jaarlijks wil teruggeven aan buitenlandse (lees: Britse) beleggers en schatkisten is schokkend. Maar nog schokkender is de afwezigheid van enige logica ervan. Een belasting die niet wordt geheven is in feite een subsidie. Wie een wettelijk afgesproken bedrag niet hoeft te betalen, krijgt een cadeautje van de staat. Nu kunnen er twee redenen zijn om zo’n cadeautje te geven. De eerste: de ontvanger ervan gaat anders failliet. Dan zou het een gevalletje kiezen-voor-het-minste-kwaad zijn. De tweede: zo’n cadeau kan veel voordelen voor derden met zich meebrengen. Dat is een gevalletje kiezen-voor-win-win.

    De eerste reden gaat hier niet op. Niet multinationals, maar burgers en het MKB hebben het moeilijk. Multinationals gaat het juist enorm voor de wind, zie de bovengenoemde cijfers. Het gaat dan niet aan om een belasting op dividenden af te schaffen die terecht komt bij de winnaars van deze crisis, noch om de grootste bedragen weg te geven op het moment dat de winnaars ze het minst nodig hebben. Bakkerskinderen (veel) brood geven, heet dat in de volksmond. Alleen in het universum van Rutte is dit logisch. In de rest van Nederland heet dit pervers.

    Het kabinet gooit het dan ook op het tweede: afschaffen van de dividendbelasting vergroot de aantrekkelijkheid van Nederland als vestigingslocatie voor multinationals en daar wordt uiteindelijk iedere Nederlander beter van. Het kost wat, maar dan heb je ook wat – dat idee. We zijn nu tien maanden verder en alle deskundigen zijn het erover eens dat het lulkoek is. Er is geen flintertje bewijs dat de hoogte van de dividendbelasting een rol speelt bij de vestigingsbeslissingen van multinationals, noch dat die miljarden indirect dan wel direct bij de hardwerkende Nederlander terechtkomen.

    De enige twee bedrijven die er iets bij te winnen hebben, zijn Shell en Unilever, die van hun dubbele nationaliteit af willen. Beiden hebben als Brits-Nederlandse multinationals veel Britten als aandeelhouder, die momenteel geen dividendbelasting hoeven te betalen en dus tegen een verhuizing van het hoofdkantoor naar Nederland kunnen stemmen. En dan hebben we het over een paar honderd fte’s.

    Rijnlands model

    Maar er is meer. Sinds de crisis is er veel te doen over de legitimiteit van het kapitalisme. Kwesties als klimaatverandering, de uitholling van de democratie door de macht van het grootkapitaal, snel oplopende inkomens- en vermogensongelijkheden en de verkiezingswinst van populisten hebben de vraag opgeroepen of hyperglobalisering en financialisering de samenleving niet meer kwaad dan goed hebben gedaan. Eind deze maand vergaderen nota bene de presidenten van de centrale banken – niet het meest radicale gezelschap – in Jackson Hole in de Verenigde Staten over precies dit onderwerp: is de macht van multinationals niet veel te groot geworden?

    Er is een groeiend aantal indicaties dat het antwoord op die vraag bevestigend moet luiden. Een aantal heb ik hierboven al genoemd. Maar denk ook aan de wereldwijd dalende arbeidsinkomensquote, het deel van de waarde die bedrijven jaarlijks produceren dat naar de factor arbeid gaat. Lag die quote eind jaren zeventig nog tussen de 70 en 90 procent, anno 2018 schommelt die tussen de 50 en 70 procent. Of aan lonen die al jaren achterblijven bij de productiviteitsgroei. Het betekent dat kapitaal structureel meer is gaan verdienen en arbeid minder.

    Het doorgeschoten aandeelhoudersdenken heeft winstmaximalisatie als enig doel

    Of denk aan klimaatverandering, belastingontwijking en de vele schandalen die de afgelopen jaren boven tafel zijn gekomen: van de LIBOR-affaire tot het paardenvleesschandaal, van rommelhypotheken tot de sjoemeldiesels, en van MKB-derivaten tot de Fipronil-affaire.

    In de zoektocht naar de oorzaken hiervan wordt vaak het doorgeschoten aandeelhoudersdenken genoemd. Sinds de jaren zeventig is vanuit de Verenigde Staten het idee overgewaaid dat een onderneming maar één doel heeft: winstmaximalisatie. Als eigenaar heeft de aandeelhouder het laatste woord wat betreft besluiten die aan dat doel raken. Deze opvatting botste met de visie die op het Europese continent dominant was en die nog in 1991 door de Franse econoom Michel Albert werd beschreven als ‘Rijnlands’. Daarin ging het om continuïteit op de lange termijn, rekening houdend met de belangen van klanten, werknemers, de gemeenschap, toekomstige generaties en de planeet.

    Sindsdien is het snel gegaan. Ook in Nederland, waar het structuurregime is afgeschaft, de zeggenschap van werknemers is verminderd, de bescherming van aandeelhouders is versterkt, de macht van de aandeelhoudersvergadering is vergroot. En waar de top van het bedrijfsleven zich zonder al te veel morren heeft gevoegd naar de mores van het Anglo-Amerikaanse bedrijfsleven: van MBA tot exorbitante zelfverrijking, van fusies en overnames tot emissies en beursgangen, en van bedrijfssluitingen tot het spreken van het dieventaaltje dat in die kringen voor intelligent doorgaat.

    Een nieuw sociaal contract

    Als het aan Rutte ligt, gaan we onverdroten op deze weg verder. Dit kabinet wil niet alleen de dividendbelasting afschaffen om aandeelhouders te paaien, maar ook de vennootschapsbelasting drastisch verlagen. Wat dat aan misgelopen belastinginkomsten zal kosten, is minstens het dubbele van de dividendbelasting. Het betekent nog hogere winsten voor multinationals en nog meer geld om terug te geven aan aandeelhouders. Terwijl – als je het IMF, de OECD en DNB mag geloven – die hoge winsten juist het probleem zijn, niet de oplossing. Het wordt dus hoog tijd om na te denken hoe het machtsevenwicht binnen multinationals en tussen multinationals en samenleving hersteld kan worden.

    Multinationals danken hun winsten aan de infrastructuur die wij met ons allen hebben betaald

    Het toeval wilde dat in dezelfde week waarin bekend werd dat de kosten van het afschaffen van de dividendbelasting nog hoger zouden uitvallen, aan de andere kant van de oceaan de radicale Amerikaanse senator en jurist Elizabeth Warren een groot plan lanceerde dat precies dat beoogt. Warren bepleit een nieuw sociaal contract tussen grootbedrijf en samenleving dat de hedendaagse uitwassen moet voorkomen. Om het kapitalisme van de ondergang te redden, is een radicale hervorming van de juridische ophanging van beursgenoteerde bedrijven nodig, aldus Warren. Meer zeggenschap voor werknemers, minder kortzichtigheid en kortademigheid, en minder politieke donaties.

    Ik kan het daar alleen maar hartgrondig mee eens zijn. Multinationals danken hun winsten aan een materiële en immateriële infrastructuur die wij met ons allen hebben betaald. Om met Warren te spreken: je hebt je rijkdom niet alleen aan jezelf te danken. In ruil daarvoor behoren multinationals zich fatsoenlijk te gedragen. Dat wil zeggen fatsoenlijke salarissen betalen, geen verspillende overnames doen, gewoon belasting betalen, niet voor een dubbeltje op de eerste rang willen zitten, democratische rechten en plichten respecteren, rekening houden met milieu en omgeving, zich inzetten voor het welzijn van dieren, en toeleveranciers en onderaannemers niet uitpersen.

    Dat vereist een nieuw model van corporate governance, waarin de aandeelhouder slechts één van de belanghebbenden is en niet de bepalende, en behelst een radicale breuk met de koers van de afgelopen twintig jaar. De ideologie van de aandeelhouder heeft opzichtig gefaald, en moet nodig worden vervangen door een model waarin alle belangen recht van spreken hebben en waarin de taal van geld en winst niet de enige is waarnaar wordt geluisterd.

    Daar zou het wat mij betreft tijdens de Algemene Politieke Bepalingen over moeten gaan; niet over de hoogte van het bedrag of de ondoorzichtigheid van het proces, zoals tijdens de vorige debatten. Volgens Rutte-III moet de dividendmaatregel in samenhang met het hele belastingplan worden beoordeeld. Als het aan mij ligt wordt de maatregel gezien als uiting van een achterhaalde visie op het kapitalisme, en is het verzet ertegen onderdeel van een breder verzet tegen de uitwassen van het gefinancialiseerde, hypergeglobaliseerde aandeelhouderskapitalisme.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Ewald Engelen

    Gevolgd door 2079 leden

    FTM-columnist van het eerste uur, financieel geograaf aan de UvA en actief voor de Partij voor de Dieren.

    Volg Ewald Engelen
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren