Een innovatieve borstkankertest zou het mogelijk maken duizenden vrouwen chemotherapie te onthouden. Twee tipgevers waarschuwen voor die uitvinding: de test zou onbetrouwbaar zijn en patiënten chemo weigeren is daarom onveilig. FTM volgt het spoor van deze tipgevers door de wereld van de nietsontziende borstkankerlobby.

    De klokt wijst half 11, het is donderdagochtend 26 mei. In een restaurant aan het Utrechtse jaarbeursplein zijn de tafeltjes gevuld met congresgangers en kantoorpersoneel. Aan een tafel naast de keuken, in een schemerig hoekje van het restaurant, wachten een man en vrouw op twee journalisten. Dit is één van de vele bezoeken die zij wekelijks afleggen in hun kruistocht tegen biotechbedrijf Agendia. Het tweetal heeft al heel wat spreekkamers, vergaderzalen en restaurants in Nederland gezien en overal is de boodschap hetzelfde: Nederlandse borstkankerpatiënten baseren de keuze om wel of niet chemotherapie te ondergaan op een slechte test en de beste toetsmethode wordt de patiënt onthouden.

    Kruistocht

    De mannelijke helft van het gezelschap, Geert-Jan Vingerhoets, is een Brabander van eind 50. Hij is gekleed in een opvallend rode broek met daarop een overhemd en colbert. Tegenover Vingerhoets zit zijn vrouwelijke metgezel Jenny Bekkers, een magere blondine van begin 40. Ze vinden het hoog tijd dat de pers lucht krijgt van deze zaak. Na een afspraak eerder die week met een journalist van de NOS is vandaag de zorgredactie van Follow the Money aan de beurt. Vingerhoets zal het woord voeren en Bekkers vult, waar nodig, aan.

    Enkele minuten na half 11 verschijnt de zorgredactie van FTM aan tafel. Wanneer de gebruikelijke beleefheden zijn uitgewisseld, presenteert Vingerhoets met een royaal armgebaar twee mappen. De mappen bevatten tientallen pagina’s, bedrukt met grafieken, internationale richtlijnen en verwijzingen naar wetenschappelijke studies.

    Die informatie wordt kracht bijgezet met afbeeldingen van een vrouw die nu eens droevig kijkt, dan weer weifelend en soms wanhopig. Nog voor de eerste koffie wordt geserveerd, begint Vingerhoets aan een presentatie van een uur, waarin hij minutieus toelicht waarom de commerciële test van de firma Agendia, genaamd MammaPrint, niet alleen slecht, maar ook gevaarlijk zou zijn. Borstkankertest MammaPrint zou niet gevalideerd zijn voor patiënten boven de 60 jaar en zou de kans op uitzaaiingen slechts tot vijf jaar kunnen voorspellen. Dat Nederland voor die test kiest, vindt het duo onbegrijpelijk. ‘Koop Hollandse waar dan helpen wij elkaar. Ik gebruik die kreet nu als grapje, maar ik word er eigenlijk heel boos van. Heel de wereld gebruikt Oncotype, maar in Nederland gebruikt bijna iedereen MammaPrint,’ zegt Vingerhoets.

    Lobby

    Dat Nederland in internationaal opzicht afwijkt met borstkankertesten is goed te verklaren volgens het duo. MammaPrint is ontstaan uit onderzoek van het Nederlands Kanker Instituut-Antoni van Leeuwenhoek. Topwetenschappers René Bernhards en Laura van ’t Veer stonden aan de wieg van de test.

    In 2004 richtten de onderzoekers Agendia op, het bedrijf dat de test commercieel exploiteert. ‘Er is al heel lang een flinke lobby gaande vanuit Agendia. Zelfs jaren geleden voor er überhaupt stevig bewijs lag, werd de mensen het hoofd op hol gebracht met MammaPrint,’ stelt Vingerhoets. Borstkanker Vereniging Nederland omschrijft hij als een gewillig slachtoffer van de lobby. ‘Ze worden ingepakt. Als je op de website van de Borstkankervereniging intikt 'MammaPrint', dan krijg je 130 hits en bij Oncotype nog geen 20, terwijl Oncotype wereldmarktleider is. Dat zegt wel iets over de berichtgeving.’

    Vingerhoets' verwoede pogingen om de patiëntenvereniging te waarschuwen zouden op niets zijn uitgelopen. Bekkers vult aan: ‘Het Antoni van Leeuwenhoek is een autoriteit, dus men is snel geneigd dit ziekenhuis te volgen. René Bernhards en Laura van ’t Veer hebben bovendien een goede reputatie en veel macht.’ Bernards ontving in 2013 de oeuvreprijs van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen voor zijn baanbrekende onderzoek naar kanker.

    Chemotherapie is lang niet altijd de juiste oplossing

    MammaPrint en Oncotype zijn beide testen die tot doel hebben de overbehandeling van borstkankerpatiënten terug te dringen. Chemotherapie is lang niet altijd de juiste oplossing. Vrouwen die de chemo ondergaan, hebben soms nauwelijks of geen baat bij de therapie. Dit omdat zij zonder chemo ook een even kleine kans op uitzaaiingen hebben, of omdat ze met chemo toch wel een groot risico houden op uitzaaiingen.

    Daarbij is de behandeling met chemo voor de patiënt veelal een ingrijpende ervaring waar tal van bijwerkingen aan verbonden zijn. Zo zit er in chemo mosterdgas en kun je gemakkelijker infecties oplopen, het zorgt voor misselijkheid, haaruitval, een verminderde werking van de organen en de vruchtbaarheid kan ernstig worden aangetast.

    Omdat veel patiënten liever verschoond blijven van die bijwerkingen, is er al enige tijd een omwenteling gaande van ‘better safe than sorry’ naar gerichter kijken wie baat heeft bij de therapie. Bepaalde testen kunnen helpen bij die keuze. Maar ze zijn ook interessant voor opkomende biotechbedrijven, die met deze uitvindingen mogelijkheden zien om flink geld te verdienen. Daarom is dit soort testen alleen op de markt voor kankersoorten die veel voorkomen.

    Het ei van Columbus?

    In de media en onder borstkankerpatiënten ontstond collectieve vreugde toen de werking van MammaPrint werd bewezen in de grootschalige MINDACT-studie. De NOS berichtte: ‘Minder vaak chemotherapie nodig bij borstkanker.’ Het NRC schreef ‘duizenden vrouwen krijgen jaarlijks onnodig chemotherapie’, De Telegraaf bezigde woorden van gelijke strekking en Medisch Contact publiceerde een artikel met de kop: ‘MammaPrint bepalend voor wel of geen chemotherapie'. Roodgloeiende telefoonlijnen in ziekenhuizen waren het gevolg, terwijl veel artsen op dat moment nog niet op de hoogte waren van de exacte resultaten.

    'MammaPrint en OncotypeDX zijn bij die grote groep niet zinvol en kosten alleen veel geld, ruim 2.500 euro per test'

    Er bestaan verschillende borstkankertesten, maar in Nederland worden alleen MammaPrint en Oncotype gebruikt. Hoewel het enthousiasme bij de beroepsgroep groot is, vliegen de testen niet over de toonbalk. In het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) worden jaarlijks ongeveer 150 patiënten geopereerd aan borstkanker. Patholoog Vincent Smit (LUMC) vertelt: ‘Beide testen hebben ongetwijfeld een meerwaarde voor een beperkte groep patiënten in de besluitvorming over chemotherapie. Het zijn zeker geen testen om bij alle vrouwen uit te voeren. Borstkanker is namelijk een heterogene ziekte en verschilt daardoor van patiënt tot patiënt. Gedetailleerde bestudering van de primaire tumorkarakteristieken is bij een groot aantal patiënten voldoende om deze beslissing weloverwogen te bespreken en om samen een besluit te nemen. MammaPrint en OncotypeDX zijn bij die grote groep niet zinvol en kosten alleen veel geld: ruim 2.500 euro per test.' 

    Gabe Sonke, internist-oncoloog bij het Antoni van Leeuwenhoek, meldt in Medisch Contact dat de inzet van MammaPrint nu beperkt is tot vrouwen met een tumor tot twee centimeter en zonder uitzaaiingen in de lymfeklieren. 

     


    Halbe Zijlstra (VVD)

    "Zorg dat deze methode zo snel mogelijk officieel wordt goedgekeurd"

    Al voordat het snoeiharde bewijs er lag, kwam de marketingmachine op gang. VVD’er Halbe Zijlstra, destijds woordvoerder zorg, is groot voorstander van MammaPrint en deed in 2009 zijn beklag over de moeizame toelating van de test: ‘Zorg dat deze methode zo snel mogelijk officieel wordt goedgekeurd. Als je een nieuwe techniek hebt waarvan de werking is bewezen, gebrúik die dan.’ Ook riep het Kamerlid de toenmalig minister van Volksgezondheid op om ‘eens wat te doen aan MammaPrint’.

    Collega Kamerlid van de SP, Henk van Gerven, stelde in 2011 Kamervragen aan Minister Edith Schippers. Van Gerven stelde zich op het standpunt dat innovatieve behandelingen en hulpmiddelen, zoals MammaPrint, tijdelijk moeten worden opgenomen in de basisverzekering totdat er meer gegevens beschikbaar zijn over de stand van praktijk en wetenschap. 

    Vingerhoets trekt ten strijde

    In het Utrechtse restaurant breekt de middag aan. Gekletter van borden vult de ruimte als keukenmedewerkers starten met het bereiden van de eerste lunchbestellingen. Aan de tafel grenzend aan de keuken spreekt Vingerhoets tegen Follow the Money openhartig over zijn drijfveren. Van huis uit is hij biochemicus, daarom heeft hij veel kennis van diagnostiek. Zeven jaar geleden stond zijn wereld stil. Hij kreeg van zijn oncoloog de diagnose borstkanker. Een zeldzame ziekte onder mannen. In Nederland komt ongeveer 0,6 procent van de borstkanker voor bij mannen. Wegens grote kans op uitzaaiingen besloot Vingerhoets chemotherapie te ondergaan. 

    Na het afronden van de ingrijpende therapie, waardoor hij al zijn haar verloor, kreeg hij het advies van een hoogleraar om zijn ervaringen als patiënt en zijn kennis van diagnostiek aan te wenden voor een positief doeleinde. Dat advies neemt Vingerhoets ter harte: hij start een zoektocht naar hoopgevende innovaties op het gebied van borstkanker.

    Al snel belandt hij bij de firma Agendia, het bedrijf achter MammaPrint. Wanneer hij ontdekt dat de borstkankertest het risico niet kan uitdrukken in een exact percentage, maar patiënten indeelt in categorieën van hoog-laag risico, raakt hij teleurgesteld. Vanaf dat moment groeit zijn wantrouwen tegen het bedrijf. Hij dompelt zich onder in wetenschappelijke literatuur en mobiliseert zijn echtgenote. Zij doet zich voor als borstkankerpatiënt en belt een aantal keer met Agendia om te toetsen of het bedrijf deugdelijke informatie verstrekt. Hij klopt op de deur bij ziekenhuizen, benadert gezondheidswetenschappers via sociale media en hij onderneemt talrijke pogingen om de Borstkankervereniging achter zich te krijgen. Veelal blijft de deur gesloten wanneer Vingerhoets zich meldt. Voor hem het bewijs dat de lobby van Agendia en het Nederlands Kankerinstituut de medische wereld in haar greep houdt.

    Een nieuwe broodheer

    Gelijktijdig ontstaat in die periode van aanzwellende teleurstelling een relatie tussen Genomic Health — de grote concurrent van Agendia — en Vingerhoets. Hij biedt zijn diensten aan bij dit beursgenoteerde biotechbedrijf en bedingt naar eigen zeggen een ‘vergoeding voor zijn activiteiten’. Over die relatie verklaart hij: ‘Ik krijg betaald om bewijzen onder de aandacht te brengen, meer niet.’ Tegenwoordig wordt zijn agenda volledig gedomineerd door de distributie van bewijsmateriaal.

    ‘Ik krijg betaald om bewijzen onder de aandacht te brengen, meer niet’

    Met Vingerhoets haalt Genomic Health, de uitvinder van Oncotype, niet alleen een man met kennis van diagnostiek in huis, maar ook iemand die ruime ervaring heeft als sales- en marketingconsultant in de gezondheidszorg. Zo was de Brabander van 2001 tot en met 2004 verantwoordelijk voor de training van de commerciële teams van Roche Diagnostics — een onderdeel van het Zwitserse farmacieconcern Roche. Maar de advieswinkel van Vingerhoets heeft meer klanten. Zo adviseert hij later onder meer farmaceuten Abbott, Organon en bioMérieux. Zijn lijfspreuk luidt : ‘A good sales person does not convince. He makes sure that the client convinces himself’, zoals op zijn Facebookprofiel staat vermeld.

    Bij Borstkankervereniging Nederland (BVN) is Vingerhoets bekend. ‘Wij hebben serieuze gesprekken gevoerd, allereerst vanwege zijn belangstelling voor het werk als vrijwilliger. Later bleek dat hij zich niet onafhankelijk profileerde richting een commercieel bedrijf. Als BVN vinden wij het belangrijk onafhankelijke informatie te geven en de belangen te behartigen voor mensen met borstkanker en erfelijk belasten. De campagne van de heer Vingerhoets is dan ook in strijd met onze doelstelling,’ zo laat Marga Schrieks, programmamanager Kwaliteit van Zorg, weten.


    Borstkankervereniging Nederland

    "Later bleek dat hij zich niet onafhankelijk profileerde richting een commercieel bedrijf"

    'Ze testen niet hetzelfde'

    Op verschillende plekken op de website en in het blad B van de Borstkankervereniging Nederland is informatie te vinden over de testen die momenteel beschikbaar zijn. Eerder was het gebruik van MammaPrint en Oncotype door ziekenhuizen een van de criteria voor het Roze lintje, het keurmerk dat de vereniging jaarlijks uitdeelt aan ziekenhuizen die patiëntgerichte borstkankerzorg leveren. Dit is niet langer het geval. Voorheen wilde de BVN ziekenhuizen stimuleren genprofieltesten aan te bieden wanneer patiënten hiervoor in aanmerking komen. Omdat dit inmiddels een bekend gegeven is, behoort het niet langer tot de criteria.

    Een inhoudelijke aanmerking die Schrieks op de kritiek van Vingerhoets heeft, is dat de testen niet één op één te vergelijken zijn. Ze testen niet hetzelfde. Je zou daarom niet kunnen stellen dat de ene test beter is dan de andere.

    Zes jaar geleden is MammaPrint onvoldoende bewezen verklaard door het Zorginstituut Nederland. Dit instituut onderzoekt of een geneesmiddel voldoet aan de criteria om vergoeding te ontvangen uit het basispakket van de zorgverzekering. Op dit moment wordt geen van de testen vergoed uit de basisverzekering, maar bij sommige verzekeraars wel uit de aanvullende verzekering.

    Agendia verwacht dat dit binnenkort zal veranderen. Zo schrijft het bedrijf in een brief aan ziekenhuizen: ‘Het Zorginstituut Nederland heeft aangegeven de uitkomsten van de MINDACT studie zo snel mogelijk te beoordelen om daarmee opname van MammaPrint in de basisverzekering mogelijk te maken.’ Die aanmerking wordt publiekelijk ondersteund door de Nederlandse Vereniging van Medische Oncologie, de Nederlandse Vereniging voor Chirurgische Oncologie, de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde en zorgverzekeraars Achmea-Zilveren Kruis, CZ en VGZ.

    Oncotype is nog nooit getoetst door het Zorginstituut. ‘Voor BVN is het van belang dat beide testen vergoed gaan worden. De BVN motiveert Genomic Health om Oncotype eveneens te laten keuren door het Zorginstituut,' zegt Schrieks van de Borstkankervereniging.


    Hoogste bewijsniveau

    FTM benadert René Bernards, de geestelijk vader van MammaPrint en aandeelhouder van Agendia. Aanvankelijk stemt Bernards in met een gesprek, maar een dag later besluit hij — na overleg met de pr-adviseur — om onze vragen schriftelijk te beantwoorden. In zijn mail sluit Bernards twee wetenschappelijke studies bij. ‘MammaPrint is opgenomen in een aantal internationale richtlijnen, maar in de VS wachten we nog op opname in de belangrijke NCCN richtlijnen. Wij verwachten dat met de publicatie van de MINDACT studie resultaten dit ook zal gebeuren.’ De MINDACT is een studie met 6.693 deelnemende patiënten. In april van dit jaar verschenen de resultaten die hét bewijs vormen voor MammaPrint. Omdat de test gevalideerd is in de MINDACT-studie zou hij beschikken over level 1A, het hoogste bewijsniveau. ‘Dat level of evidence heeft geen enkele andere biomarker test voor borstkanker, ook Oncotype niet!’ schrijft de wetenschapper. 

     'Treurig dat patiënten door dit gedrag in onzekerheid verkeren over wat te doen'

    ‘De vraag waarom onze concurrent probeert negatieve berichten naar buiten te brengen lijkt mij “self-evident". Treurig dat patiënten door dit gedrag in onzekerheid verkeren over wat te doen. Zeker omdat Oncotype niet goedgekeurd is door de FDA, zou een zekere terughoudendheid daarin over een test die dat wel is, op zijn plaats zijn lijkt mij. Tot slot ontkracht Bernards het overige deel van Vingerhoets kritiek. ‘Dat MammaPrint niet is gevalideerd in patiënten boven de 60 is feitelijk onjuist. Voor de MINDACT studie waren de criteria voor deelname wat betreft leeftijd 18 tot en met 70 jaar. Als MammaPrint niet bruikbaar zou zijn voor patiënten boven de 60 dan was het niet toegestaan om vrouwen tussen 60 en 70 te includeren in de studie.’

    Verder toont Bernards dat MammaPrint ook het risico op uitzaaiingen na vijf jaar weet te voorspellen. ‘Wij leggen er de nadruk op dat chemotherapie voornamelijk de kans op uitzaaiingen in de eerste vijf jaar na diagnose reduceert. Late uitzaaiingen worden niet voorkomen door chemo, wel door hormonale therapie. De vraag of je chemo nodig hebt is dus gekoppeld aan de vraag of je tumor in de eerste vijf jaar terugkomt.’

    Volvo en Datsun

    In de weken volgend op de ontmoeting met de tipgevers in het Utrechtse restaurant, houdt het tweetal veelvuldig contact. Met enige regelmaat benadert Vingerhoets de zorgredactie met nieuwe informatie of belt hij op om te vertellen over ontwikkelingen in zijn werk. Hij ontwerpt een webpagina in de huisstijl van FTM, waarin hij allerlei documenten plaatst. Op een bewolkte namiddag in juni belt Vingerhoets op met een voor hem treffende beeldspraak: ‘Met zowel MammaPrint als Oncotype kun je van A naar B. MammaPrint is een Datsun en Oncotype een Volvo. Met een Volvo is de kans groter dat ik de bestemming bereik, en zeker op een veel veiligere manier.’ Ook huurt hij een bedrijf in om zijn presentatie te verfilmen. Een 20 minuten durende proefopname zend hij ons via de mail. Wanneer we aangeven wederhoor te plegen bij René Bernards, stuurt Vingerhoets vijf A4-tjes met vragen die we de wetenschapper kunnen stellen.

    Jenny Bekkers — de rechterhand van Vingerhoets — staat voor ons al die tijd bekend als oncologieconsultant, maar dat verandert door een blik op haar LinkedIn-pagina. Na het raadplegen van dat profiel wordt duidelijk dat Genomic Health haar opdrachtgever is en dat zij eveneens een rijke ervaring heeft in sales- en marktontwikkeling in de farmacie.

    Bij de concurrent van MammaPrint is zij verantwoordelijk voor het verkrijgen van vergoeding en het vergroten van de verkoop van Oncotype. Vroeger deed zij dat in loondienst, tegenwoordig verhuurt zij zich als consultant aan het biotechbedrijf. Dat de campagne tegen MammaPrint betaald wordt door haar concurrent Genomic Health, maakt de boodschap niet minder geloofwaardig volgens het tweetal. ‘Ik sprak met Rinke van den Brink van de NOS en die vond het geen probleem. Hij zei: 'Als ik iedereen moet mijden die een conflict of interest heeft dan kan ik straks niemand meer spreken,' vertrouwt Vingerhoets ons toe.

    Huurlingen

    Voorlopig zijn de borstkankertesten voor jaarlijks ongeveer 2.500 patiënten een hulpmiddel bij het vaststellen of chemo nodig is. Bij de beroemde MINDACT-studie waar 6.693 patiënten aan deelname, kon door de inzet van MammaPrint in 14 procent van de gevallen chemo veilig achterwege blijven.Om door middel van een test overbehandeling bij grotere groepen vrouwen terug te dringen is meer tijd en onderzoek nodig. Leidend blijft de afweging tussen patiënt, oncoloog en patholoog. Of, zoals een van de medisch specialisten die wij raadpleegden, stelde: ‘De heilige graal is het nog niet.’ Wat niet wegneemt dat het voor de toekomst een hoopgevende innovatie is. Agendia leed de afgelopen jaren flinke verliezen. De grote concurrent en wereldmarktleider Genomic Health ruikt bloed op de markt waar zij tot nog toe het onderspit delft. Vingerhoets en Bekkers fungeren daarbij als huurlingen van de borstkankerlobby. Waar in Nederland bellen zij straks aan?

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Jeffrey Stevens

    Gevolgd door 647 leden

    Jaagt op mensen en systemen die de Nederlandse zorg schade toebrengen.

    Volg Jeffrey Stevens
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    Zorglobby

    Gevolgd door 358 leden

    Follow the Money hield enkele maanden geleden samen met Yournalism een grote crowdfunding-actie om een onderzoek te starten n...

    Volg dossier