Eén op de drie tandartsen in Nederland heeft een buitenlands diploma. Het ministerie van Volksgezondheid weet dat al jaren. Toch bleef het aantal opleidingsplekken gelijk en kunnen mondhygiënisten niet bijspringen zonder uitbreiding van hun scholing. Buitenlandse tandartsen moeten de Nederlandse mondzorg draaiende houden. Die afhankelijkheid is niet zonder risico.

    Nederland kampt met groot een tekort aan tandartsen. In het afgelopen decennium kwamen er in ons land elk jaar gemiddeld 239 tandartsen bij – te weinig om het aanbod in overeenstemming te houden met de vraag. Steeds vaker moeten we daarom een beroep doen op tandartsen uit het buitenland. Het aantal buitenlandse tandartsen dat de Nederlandse arbeidsmarkt betreedt is sinds 2007 meer dan verdubbeld; in 2016 had van alle nieuwe tandartsen 54 procent het diploma behaald in een ander land dan Nederland. In totaal zijn er in Nederland ongeveer 9.000 tandartsen werkzaam, waarvan er 2.992 een buitenlands beroepsdiploma hebben, zo blijkt uit het BIG-register.

    Te weinig opleidingsplaatsen

    De belangrijkste oorzaak van dit tekort is dat er te weinig nieuwe tandartsen worden opgeleid. Het zogenoemde Capaciteitsorgaan is de partij die de wenselijke opleidingscapaciteit berekent voor medische beroepen, voor die taak ontvangen zij subsidie vanuit het ministerie van Volksgezondheid. In 2013 brachten de onderzoekers voor het laatst advies uit aan de minister. Een van die adviezen was om meer nieuwe tandartsen op te leiden: ‘Zolang onzeker is hoe de economie zich zal ontwikkelen adviseert het Capaciteitsorgaan te kiezen voor de middenweg van het trendscenario en de instroom in de opleiding tot tandarts op te hogen van 240 naar 287,’ zo staat geschreven in het rapport.

    Na een advies voor meer opleidingsplaatsen, stopte de subsidie

    Kort na verschijning van dit rapport stopte het ministerie de subsidie voor de groep van onderzoekers die bij het capaciteitsorgaan onderzoek doet naar de mondzorg. ‘In 2013 verscheen ons laatste rapport, daarna oordeelde het ministerie dat zij de informatie niet langer nodig hebben. Jaarlijkse kostte dat onderzoek zo’n 60.000 euro,’ vertelt directeur van het capaciteitsorgaan Victor Slenter. Verder noemt hij de afhankelijkheid van tandartsen uit het buitenland ‘uniek’. ‘Bij de meeste medische beroepsgroepen die wij onderzoeken gaat het om 5 tot 6 procent, maar van alle nieuwe tandartsen heeft inmiddels de helft een buitenlands diploma.’


    Victor Slenter

    "De afhankelijkheid van tandartsen uit het buitenland is ‘uniek'"

    De opleiding tot tandarts lijdt overigens niet onder een gebrekkige belangstelling onder studenten. Het aantal aanmeldingen overstijgt het de beschikbare opleidingsplekken ruimschoots. In de steden Amsterdam, Groningen en Nijmegen wordt de studie tandheelkunde aangeboden. Voor het collegejaar 2017/2018 hebben zich 413 studenten aangemeld bij de Radboud Universiteit terwijl het aantal beschikbare plekken slechts 67 was, zo meldt de Nijmeegse universiteit.

    Verschil met buitenlandse tandartsen

    De huidige situatie trekt de aandacht. SP-Kamerlid Henk van Gerven constateert verschillen tussen Nederlandse en buitenlandse tandartsen: ‘Ze spreken de taal minder goed en zijn minder gericht op preventie.’  Hij baseert zich bij deze uitspraak niet op een openbaar onderzoek, maar geeft aan zijn kennis verkregen te hebben in de praktijk, van tandartsen en via de beroepsvereniging. Op aanvraag van Van Gerven was er vorige week een debat in de Kamer over de kwestie. Ook de directeur van het Capaciteitsorgaan voorziet problemen door de afhankelijkheid van het buitenland: ‘In de landen waar de tandartsen vandaan komen, meestal Spanje, Portugal, Griekenland en Roemenië, hebben ze geen ervaring met mondhygiënisten. Daarom is het lastig voor deze tandartsen om taken te delegeren zoals men in Nederland doet. Daarbij is er vaak een taalbarrière waardoor communicatieproblemen kunnen optreden, en daar kunnen patiënten last van krijgen. Ook kan er een continuïteitsprobleem ontstaan wanneer de instroom uit het buitenland om wat voor reden dan ook afneemt.’

    'Als de instroom afneemt, onstaat een continuïteitsprobleem'

    Het ministerie van Edith Schippers is van mening dat veel van de taken van tandartsen overgenomen kunnen worden door mondhygiënisten, die goedkoper zijn dan tandartsen. Die zouden een flink deel van het werk kunnen overnemen. Volgens het ministerie zou het gaan om zo’n 60 procent van de taken.

    ‘Er wordt bijvoorbeeld beweerd dat voor het maken van röntgenfoto’s tandartsen en mondhygiënisten identiek worden opgeleid,’ zo zegt Jan-Willem Vaartjes van De Associatie Nederlandse Tandartsen. Hierbij baseert het ministerie zich op een gesprek van senior beleidsmedewerkers van VWS met de opleidingen tandheelkunde en mondzorgkunde. Dat gesprek vond plaats op 4 februari van 2016. 

    ‘Wij hebben daarom navraag gedaan bij de twee van de opleiders die aanwezig waren tijdens deze vergadering; daaruit blijkt dat zij juist hebben gesteld dat de opleidingen niet identiek zijn. Om te weten hoe dit misverstand is ontstaan, vroegen zij de notulen van het gesprek op. Vervolgens liet het ministerie weten dat er geen aantekeningen van het gesprek zijn gemaakt. Door een beroep op de Wet Openbaarheid Bestuur weten wij dat er wel degelijk een verslag is,’ zegt Vaartjes.

    Taakherschikking niet mogelijk

    Het verschil in opleiding is duidelijk. Erwin Berkhout geeft radiologieonderwijs aan het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam en vertelt: 'Als het gaat om röntgenfoto’s dan zijn de opleidingen niet identiek. Mondhygiënisten kunnen een foto voor het grootste deel wel beoordelen, maar zijn niet opgeleid om zelfstandig de afweging te maken wanneer een röntgenfoto wel of niet genomen moet worden.' De reden voor het verschil in opleiding is simpel: ‘Mondhygiënisten hebben minder bevoegdheden dan tandartsen. Als onderwijsinstelling gaan wij studenten niet iets onderwijzen wat zij niet in de praktijk mogen brengen.’

    Als er meer opleidingsplaatsen komen, merken we dat pas na zes jaar 

    Als de opvolger van Edith Schippers besluit het aantal opleidingsplaatsen uit te breiden dan zal het nog enige jaren duren voor het tandartsentekort is opgelost. De opleiding tot tandarts duurt zes jaar. Zolang duurt het ook voor de eerste veranderingen voelbaar worden. Ook het overhevelen van taken naar mondhygiënisten vereist inspanningen van de politiek. Als zij van mening zijn dat een flink deel van het werk van de tandarts door een mondhygiënist uitgevoerd moet worden, dan betekent het dat zij de bevoegdheden moeten verruimen en opleidingen daarop aan moeten passen. Of de politiek moet bepalen dat taakherschikking ook mag zonder dat mondhygiënisten aanvullend worden opgeleid. Voorlopig blijft de Nederlandse mondzorg leunen op arbeidskrachten uit het buitenland.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Jeffrey Stevens

    Gevolgd door 685 leden

    Jaagt op mensen en systemen die de Nederlandse zorg schade toebrengen.

    Volg Jeffrey Stevens
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    Wat maakt onze zorg zo duur?

    Gevolgd door 1632 leden

    In het dossier 'wat maakt onze zorg zo duur?' doen wij onderzoek naar de zorgkosten. Ieder jaar geven we met z'n allen weer m...

    Volg dossier