Anand Giridharadas, 2011
https://www.flickr.com/photos/poptech/6263253009

Anand Giridharadas, 2011 https://www.flickr.com/photos/poptech/6263253009
© Kris Krüg / PopTech

‘We hebben verandering uitbesteed aan miljardairs’

2 Connecties

Onderwerpen

Belasting

Werkvelden

Filantropie
244 Reacties

Hoe kan een rijke filantroop enerzijds geld weggeven om armoede te bestrijden en er anderzijds werk van maken om vakbonden te ontmantelen? Omdat neoliberalisme en filantropie onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn, zegt schrijver Anand Giridharadas. ‘Het idee dat we de levens van mensen onderaan de ladder kunnen veranderen zonder dat er iets verandert voor de mensen bovenaan, is een leugen. Het is misleiding.’

Wat hebben miljardairs die veel geld weggeven en daarmee veel macht over de maatschappij krijgen, te maken met afgestudeerden van prestigieuze universiteiten die bij Goldman Sachs gaan werken in plaats van in de publieke sector? En wat heeft dit te maken met opiniemakers die serieuze kritische denkers verdrijven? In zijn boek Waarom de superrijken de wereld niet zullen veranderen noemt schrijver en voormalig columnist van The New York Times Anand Giridharadas deze verbindende factor ‘MarketWorld’: een circuit van rijke, machtige mensen op prestigieuze plekken en instituties die praten over het verbeteren van de wereld. ‘Er heerst in heel MarketWorld echter één taboe: die verandering moet niet ten koste gaan van henzelf,’ zegt Giridharadas.

Dat is essentieel voor deze wereldverbeteraars, omdat ze de verliezers helpen van een systeem waarin zijzelf de winnaars zijn gebleken. Een systeem van extreme ongelijkheid, waarin 26 mensen evenveel bezitten als de armste helft van de wereldbevolking. Dat systeem veranderen zou betekenen dat ze zelf moeten inleveren. Daarom brengt MarketWorld volgens Giridharadas geen verandering in structurele problemen als ongelijkheid, maar alleen in een uitwas ervan, zoals armoede. Bijvoorbeeld geld doneren aan daklozen zoals Jeff Bezos deed, de rijkste mens op aarde en ceo en mede-eigenaar van Amazon. Dezelfde Bezos die z’n personeel zo weinig betaalde dat ze hun salaris moesten aanvullen met voedselbonnen om rond te komen. Allemaal om zoveel mogelijk winst op te strijken voor de aandeelhouders, waaronder hijzelf.

Onderdrukken van kritiek

Giridharadas kreeg internationaal bekendheid toen hij in juli 2015 op het Aspen Institute – dat hij in z’n boek een van de instituties van MarketWorld noemt ­– de aanwezigen eens goed naar zichzelf liet kijken, iets wat ze daar niet gewend waren. Hij bekritiseerde er de ‘Aspen consensus’, die de winnaars van onze tijd wel uitdaagt om meer goed te doen, maar nooit om minder kwaad te doen. Zo wordt Paul Polman, tot voor kort de ceo van Unilever, bejubeld vanwege zijn streven naar een duurzamere manier van geld verdienen; maar hij deed er vervolgens wel alles aan om de dividendbelasting afgeschaft te krijgen. Vorig jaar ontmoette Giridharadas Paul Polman, die hij kort daarvoor al betitelde als ‘een van de evangelisten van het idee dat ondernemingen de wereld kunnen veranderen,’ tijdens een paneldiscussie. En inderdaad: omdat Polman zich in die discussie een schoolvoorbeeld betoonde van het probleem dat Giridharadas in z’n boek aankaart, konden de twee het tijdens het debat nauwelijks ergens over eens worden.

Optredens als die van hemzelf en Bregman zijn zeldzaam op dit soort bijeenkomsten. Bij het Aspen Institute, het World Economic Forum in Davos en ook TED worden volgens Giridharadas vrijwel alleen sprekers uitgenodigd die het publiek naar de mond praten. Anders krijgen ze geen uitnodigingen meer. In zijn boek zegt Giridharadas daarover: ‘Als dit onderdrukken van kritiek niet in slechts enkele gevallen gebeurt, maar bij elk belangrijk probleem, onderdrukken de opinieleiders van MarketWorld niet alleen hun eigen ideeën en intuïtie, maar dragen ze ook bij aan het behoud van een problematische status quo door alleen maar lippendienst te bewijzen aan het idee van verandering.’

Anand Giridharadas bij The Daily Show, oktober 2019

Nederland

Giridharadas’ boek is niet onopgemerkt gebleven. In oktober schoof hij aan bij het veelbekeken Amerikaanse televisieprogramma The Daily Show en werd hij door SP-fractievoorzitter Lilian Marijnissen uitgenodigd om over zijn boodschap te spreken in de Tweede Kamer. Ook daar schuwde Giridharadas niet om de aanwezigen Kamerleden met de feiten te confronteren: ‘Met z’n gunstige belastingregels voor Amerikaanse bedrijven exporteert Nederland oligarchie.’. De Amerikanen lobbyen in Nederland zelf intensief voor lage belastingen voor het bedrijfsleven, zoals ook blijkt uit publicaties van Follow the Money over de lobbyorganisatie American Chamber of Commerce, en Nederland rolt de rode loper voor ze uit.

De boodschap van de Amerikaan is relevant voor Nederland. Al gaan in de Nederlandse filantropie niet dezelfde bedragen om als in de Verenigde Staten, volgens cijfers van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OECD) is Nederland na de VS het land met de grootste vermogensongelijkheid. ‘Ik hoop dat mijn boek een waarschuwing is voor mensen in Nederland. Ik denk niet dat jullie dezelfde richting op willen als wij hebben gekozen,’ zegt Giridharadas. De VS zijn volgens hem de kant op gegaan van de oligarchie, of de plutocratie: ‘Het land wordt gerund voor zo’n honderdduizend mensen, in plaats van driehonderd miljoen.’

Het suggereert dat kapitalisten beter toegerust zijn dan de staat om de problemen van de underdogs op te lossen

Win/win

Deze honderdduizend mensen zijn waarschijnlijk onderdeel van Giridharadas’ MarketWorld. Deze elite gelooft in het ‘win/win-isme’, het idee dat er oplossingen zijn voor huidige problemen waarbij iedereen wint. Dit win/win-isme lijkt volgens Giridharadas erg op de stelling van econoom Adam Smith dat kapitalisten niet overmatig gereguleerd moeten worden: alleen op die manier profiteren armen van de aangename bijverschijnselen van de hebzucht van de kapitalisten. Maar het win/win-isme gaat nog een stap verder: het suggereert dat kapitalisten beter toegerust zijn om de problemen van de underdogs op te lossen dan welke staat dan ook. Giridharadas geeft een voorbeeld: ‘Het is alsof je een man vertelt dat hij medestander van feminisme kan zijn, zonder dat hij ook maar iets aan z’n gedrag hoeft te veranderen. Boys can be boys, men can be men. Tegelijkertijd krijgen vrouwen alle ruimte om te gedijen. Fantastisch toch? Het probleem is: het is een leugen.’

Je kunt niet je personeel onderbetalen, vakbonden in de weg zitten, werknemers dwingen om zzp’er te worden, nauwelijks belasting betalen over de winsten die je daaruit haalt en denken dat alles goed komt als je dan een deel van je fortuin weggeeft. Dat is de boodschap van Giridharadas. En zolang het een taboe blijft binnen de filantropie dat de gevers zelf onderdeel zijn van het probleem, zal er niets veranderen.

Maar wat als dit taboe doorbroken wordt, is er dan een kans dat de rijken de wereld met hun geld in de goede richting kunnen bijsturen? Giridharadas: ‘Waarom zouden we dat willen? Bovendien zie ik het niet gebeuren: grote machtsverschuivingen worden alleen in gang gezet door degenen die er iets bij te winnen hebben. Mannen zijn de vrouwenrechtenbeweging niet begonnen en witte mensen de anti-racismebeweging niet. Op dezelfde manier zie ik rijken mensen niets veranderen aan de plutocratie.’

The Giving Pledge

Ook als de superrijken beloven meer dan de helft van hun vermogen in filantropie te steken, is Giridharadas nog sceptisch. Neem nu The Giving Pledge, die door meer dan 200 rijken is ondertekend: ‘Ten eerste doen ze het misschien wel helemaal niet. Maar veel belangrijker: er werd ze niets gevraagd. Er waren geen voorwaarden. Betaal je wel belasting? Heb je geen monopolie? Koop je geen ambtenaren om in andere landen? Lobby je niet voor zaken die tegen het publieke belang ingaan? Nu verleent die Pledge ze slechts een politieke en morele schaamlap voor de slechte dingen die ze doen. Zodoende kan het nettoresultaat voor de maatschappij alsnog negatief zijn.’

Een ander probleem met filantropie dat Giridharadas aankaart, is het gebrek aan verantwoording. De grote hoeveelheden geld die filantropen aan de maatschappij schenken, geeft hun macht en invloed, omdat zij bepalen waar het geld heen gaat. Deze selectiviteit kan gezien worden als een ondermijning van de democratie, zeker omdat filantropen geen verantwoording hoeven af te leggen. De markt en de politiek hebben wel een eigen vorm van verantwoording, maar filantropie niet. ‘Als mensen je product niet willen, gaat je onderneming failliet. Als een politicus iets slechts doet, wordt-ie weggestemd. Waar is het mechanisme van verantwoording voor filantropie? Dat is er gewoon niet,’ zegt Giridharadas.

‘In een eerlijke samenleving zouden er veel minder wonden zijn die door filantropie gestelpt moeten worden’

Macht over verandering terugnemen

Juist vanwege dit gebrek aan verantwoording, ziet Giridharadas maar één oplossing: meer belasting voor de rijken. ‘Ik heb dit boek geschreven voor gewone mensen, in de hoop dat ze zich realiseren dat we verandering hebben uitbesteed aan miljardairs. De rijken hebben een monopolie op verandering. Die macht moeten we terugnemen,’ zegt Giridharadas. ‘Daarvoor moeten we de ideeën van het neoliberalisme achterhalen en ontmantelen. Zaken als het verlagen van belastingen, minder zekerheid voor werknemers, minder grote vakbonden en het idee dat alles is op te lossen door ondernemerschap. [..] Maar het neoliberalisme is een pad dat nergens heen leidt. Neem dat maar aan van iemand uit een land dat al veel verder is op dat sombere pad.’

Het zwaarder belasten van de rijken zal gevolgen hebben voor de filantropie, die dan een veel kleinere rol in de samenleving zal innemen. Giridharadas: ‘In een eerlijke samenleving zouden er veel minder wonden zijn die door filantropie gestelpt moeten worden. Er zullen natuurlijk altijd mensen zijn die meer hebben dan anderen. Maar leven de minderbedeelde een waardig en fatsoenlijk leven? Hebben de rijken alleen meer geld, of kopen ze er ook politieke invloed mee? Dat zijn belangrijke vragen.’

Giridharadas is wel hoopvol dat verandering mogelijk is. Met Bernie Sanders en Elizabeth Warren hebben de VS twee presidentskandidaten die openlijk voorstander zijn van hogere belastingen voor de rijken, bijvoorbeeld een belasting op vermogen. ‘Het is bijzonder wat er nu gebeurt in de voorverkiezingen bij de Democraten. Het is in feite een referendum over kapitalisme, over neoliberalisme. We leven in een interessant tijd, waarin een verschuiving in het collectieve bewustzijn lijkt plaats te vinden.’

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Frank Meijer

Schildknaap van de uitgever by day, de beheerder van onze lobbydatabase by night.

Volg Frank Meijer
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren