Wie de woede van burgers niet snapt heeft een plaat voor z’n kop

Lof alom voor de regering naar aanleiding van de Miljoenennota. Ons land kruipt uit het economische dal, aldus de landelijke pers, en de regering heeft het goed gedaan. Maar vanwaar dan toch die aanhoudende onvrede onder de bevolking, vraagt menig journalist en politiek commentator zich af. Eric Smit ziet legio redenen voor frustratie en woede.

Waarom blijven mensen toch zo boos? En waarom blijft dat onbehagen maar aan ons knagen? Het zijn vragen die dezer dagen veelvuldig worden gesteld en even zo vaak door journalisten, columnisten en experts worden beantwoord. De Volkskrant wijdde er afgelopen weekeinde twee volle pagina’s aan en ruimde er ook de voorpagina voor in: ‘Waarom blijft de stemming zo somber?’ luidde de vraag, die tevens de kop van het artikel vormde. De verwondering van journalist Sander van Walsum over de ontevredenheid van burgers vormde de rode draad. In de week dat de ‘Miljoenennota 2017: Nederland staat er een stuk beter voor’ door vrijwel alle media in positieve bewoordingen werd besproken, stelt hij vast dat een ‘bloeiende economie’ niet langer een voordeel voor de zittende regeringspartijen is. Zelfs niet als kwaliteitskranten aan de lopende band complimenten en hoge cijfers uitdelen aan zittende bewindslieden. Vroeger was dat heel anders. Toen leverden opgewekte berichten over economische groei en koopkrachtverbetering direct politiek gewin op. Hoe kan dat nou toch? ‘Nu het economisch beter gaat, gaat het ineens niet meer om de economie maar om andere dingen. Dingen die in de gangbare perceptie minder goed gaan.’

Sepiawereld

Socioloog Paul Schnabel, namens D66 lid van de Eerste Kamer en voormalig directeur van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP), was een van de experts die van Van Walsum een antwoord op dit vraagstuk mochten formuleren. ‘Er is ontzettend veel om opgewekt over te zijn, maar het lijkt wel of het niet goed mág gaan,’ zegt Schnabel. Hij heeft het over het ‘vroeger-was-alles-beter-gevoel’ van mensen die massaal zouden hunkeren naar de sepiawereld van de jaren vijftig. En die het gevoel hebben dat ze geen onderdeel meer uitmaken van een groter geheel, het gevoel dat de wereld met al zijn verschrikkingen steeds dichterbij komt waardoor onzinnige ideeën kunnen postvatten. Het zijn typeringen die je vaker kunt lezen in kwaliteitskranten als het gaat om het zo breed gedeelde ongenoegen. Dat is allemaal gebaseerd op sentiment.

Jawel, de burger heeft er geen snars van begrepen en moet door politici worden gecorrigeerd

‘De perceptie draagt meer bij aan de stemming in het land dan de feiten,’ vat de journalist het samen, en dat is mede te danken aan types als de tanige beroepscommentator Jan Mulder, die in staat is met zijn ongefundeerde meningen in praatprogramma’s als DWDD verstandige lieden te overschreeuwen. ‘In de tijd van de verzuiling waren er gezaghebbende figuren die perceptie en feiten van elkaar scheidden,’ mijmert Schnabel daarover. Dat is grappig in het licht van zijn eerdere opmerking over de nostalgisch smachtende massa’s, maar de socioloog maakt hier een terecht punt. Het barst inderdaad van de luid verkondigde meningen die zelden vergezeld gaan van een stevige fundering. Dit geklets kan gedijen, stelt SCP-onderzoeker Paul Dekker in hetzelfde artikel, omdat politici uit angst voor het negeren van de stem van het volk de praatjes onweersproken laten. Aan politici de taak om slecht geïnformeerde burgers gedecideerd van repliek te dienen en aan media de taak om negatieve sentimenten niet uit te vergroten, adviseert Dekker.

Enorme schade

Jawel, de burger — die overigens in werkelijkheid best tevreden is met zijn leven, zo laat de Volkskrant in korte interviewtjes met gewone mensen zien — heeft er geen snars van begrepen en moet door politici worden gecorrigeerd. Het dedain voor de ‘boze burger’ spat er vanaf. Als je je soms afvraagt waar de afkeer van de zogenoemde main stream media (MSM) vandaan komt, dan geeft dit artikel een aardig inkijkje. Vooral het bevoogdende toontje van Dekker, die eigenlijk stelt dat politiek en media de handen ineen moeten slaan om de boze burger op te voeden met koel geserveerde feiten, resoneert de elitaire arrogantie waar rechts-extremistische types als Geert Wilders zich graag aan laven. Een korte terugblik de journalistieke verslaggeving van afgelopen week laat ook zien dat er al lang sprake is van een innig samenspel tussen politiek en parlementaire journalistiek. Er was geen krant die niet het ‘Nederland staat er een stuk beter voor’-verkooppraatje overnam. Ook het NOS-journaal papegaait de Rutte-goednieuwsshow. Complimenten voor het kabinet te over. Maar het was nota bene een door ING Bank gepubliceerd rapport dat een week eerder al een ander licht op de prestaties van de kabinetten-Rutte liet schijnen. De harde feiten wijzen uit dat het bezuinigingsbeleid sinds 2010 enorme schade heeft toegebracht aan het herstel van onze economie. Dat heeft honderdduizenden banen gekost. ‘De regering heeft eigenlijk alleen maar beleid gevoerd dat het economisch herstel sinds 2012 heeft beschadigd,’ zo schreef ook econoom Bas Jacobs op deze website. En: ‘De economische voorspoed nu heeft nauwelijks iets te maken met het beleid van Rutte 2’. Wanneer er een schade van honderdduizenden banen valt te noteren, dan gaat het om meer dan alleen ‘gevoelens’ of ‘perceptie’.


Paul Schnabel

"Er is ontzettend veel om opgewekt over te zijn, maar het lijkt wel of het niet goed mág gaan"

En zo onbegrijpelijk is de onvrede ook niet, als het afschuiven van risico en kosten op de burger wordt gepresenteerd onder de noemer ‘hervormingen’. Met name in de zorg is die ontwikkeling goed zichtbaar, zoals FTM-redacteur Eelke van Ark maandag duidelijk maakte in haar artikel ‘De zorgkosten daalden, maar voor wie eigenlijk?’ Als je dan een week na Prinsjesdag ook nog eens geconfronteerd wordt met een zorgpremie die hoger is dan voorspeld, dan kan er natuurlijk iets gaan knagen.

‘De afgelopen decennia is zo in een almaar rijkere samenleving de bestaanszekerheid uitgehold,’ liet econoom Rens van Tilburg dinsdag in een ingezonden stuk in de Volkskrant weten. Van Tilburg werd — net als ik — door het artikel van Van Walsum geprikkeld om iets van zich te laten horen. ‘Voor het onbehagen is alle reden,’ luidde de titel van zijn stuk.

Naderend failliet van de euro

Er valt een diepere onderstroom van duidelijk waarneembare ontwikkelingen te ontdekken die velen — ondanks hun kennelijke tevredenheid — naar een permanente staat van onbehagen voert. Van Tilburg heeft het over de economische onzekerheid die daaraan ten grondslag ligt. Daar zijn, behalve het broze economische herstel in Nederland, ook de problemen in Europa toe te rekenen. Het onderwerp Europa zorgt al tijden voor de nodige onvrede. Euro-minnende politici met oogkleppen vragen zich niettemin doorlopend af waarom mensen zich van het prachtige Europese project afkeren. Ook daar wordt de massa verweten dat ze negatieve sentimenten koestert. Dat zal inmiddels zo zijn, maar het naderende failliet van de eenheidsmunt euro wordt niettemin al jaren op inhoudelijk zeer verantwoorde wijze voor het voetlicht gebracht.

Serieuze debatten over fundamentele hervormingen van de Europese Unie worden amper gevoerd

Dat gebeurt overigens met name op plekken die je niet tot de main stream media kunt rekenen. Je kunt de geperoxideerde extremist verwijten dat hij terug naar de gulden wil en daarmee op de onderbuik van het volk mikt, maar er zijn helaas bewijzen te over die laten zien dat het met de politieke munt euro echt anders moet. De Nederlander André ten Dam heeft er zelfs zijn levenswerk van gemaakt en heeft ook een constructieve oplossing bedacht: The Matteo Solution. En Nobelprijswinnaar Joseph Stiglitz heeft zojuist een boek aan het Kaput van de euro gewijd. Hij neemt daarin veel ruimte om ook het enorme democratische tekort binnen de Europese Unie in kaart te brengen. Het is meer dan duidelijk: de Europese Unie heeft onmiskenbaar een probleem. De verschillende referenda in Europa (Rutte, ga je nog wat met de uitslag van het Oekraïne-referendum doen?) laten zien dat het menens is. De Euro-elite wil hier echter niets van weten. Serieuze debatten over fundamentele hervormingen van de Europese Unie worden amper gevoerd. En zo krijg je als burger vanzelf de indruk dat je niet serieus wordt genomen.

Nog steeds too big to fail

Er zijn meer voorbeelden te noemen. Vanaf 2008 deed zich een levensgrote kans voor om de financiële sector ingrijpend te hervormen. Bankiers hadden onze samenleving aan de rand van een peilloze afgrond weten te brengen waardoor overheden ze met vele honderden miljarden aan belastinggeld overeind moesten houden. We maakten kennis met het begrip too big to fail. Dat leek hét moment om het wereldwijde gilde van de haute finance te temmen, en banken en verzekeraars op te breken tot behapbare risiconiveaus. Dat gebeurde niet. Er werd wel ingegrepen, maar de enorme macht van de lobby van de financiële sector wist ervoor te zorgen dat de fundamenten intact bleven. Grote banken bleven groot. En too big to fail. Dat is ten diepste oneerlijk en ondermijnt het vertrouwen in een democratie. En wat zien we nu? De meest agressieve zakenbank van Europa — Deutsche Bank, bekend van Vestia — staat min of meer op omvallen en de kans dat de belastingbetaler wéér de kosten moet dragen is levensgroot.

Dan zijn er nog de goud gerande fiscale voordelen die multinationaal opererende ondernemingen genieten ten opzichte van kleine ondernemers. Achter gesloten deuren wordt onderhandeld over internationale handelsverdragen als TTIP, die met name weer voordelig zijn voor diezelfde multinationals. Groot verrijkt zich ten koste van klein. De ongelijkheid neemt toe. En ondertussen ziet de burger dat de risico’s steeds meer op hem worden afgeschoven, of het nu over werkloosheid, pensioen of zorg gaat. En hij lijkt er niets aan te kunnen doen, want wie luistert er nou naar hem? Het establishment begrijpt hem niet of wil hem niet begrijpen, zo bleek eens te meer uit het Volkskrant-artikel. Die onmacht laat zich vroeger of later omsmelten tot frustratie en woede. Wie dat niet snapt, heeft een dikke plaat voor zijn kop.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Eric Smit
Eric Smit
Mede-oprichter van FTM. Als voormalig professioneel squasher gewend om klappen te incasseren en uit te delen.
Gevolgd door 5397 leden
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren