Oekraïense boeren blokkeren de weg tijdens protesten in december 2015.

    Platform Authentieke Journalistiek vroeg namens Follow the Money hoe Oekraïners denken over het associatieakkoord. Veel Oekraïeners zijn uitgesproken negatief over de economische kant van het Associatieakkoord. Europa beschermt haar markt met quota en hoge productstandaarden, waardoor een herstel van de Oekraïense economie moeilijk wordt. Oekraïense oligarchen gedijen echter een stuk beter op de afspraken met de EU. Ook voor Nederland is hier een rol weggelegd.

    Van Kiev naar Uman is het afhankelijk van de stemming van de buschauffeur zo'n twee à drie uur rijden. Onderweg wordt duidelijk waarom Oekraïne ook wel de graanschuur van Europa wordt genoemd. Bijna tweehonderd kilometer lang is er weinig anders te zien dan eindeloze velden met daarop de beroemde 'zwarte aarde', het diepe zwart nog extra geaccentueerd door de laatste restjes wegsmeltende sneeuw.

    Oekraïne is de zesde graanexporteur ter wereld en vierde op het gebied van mais

    Oekraïne herbergt ongeveer dertig procent van de totale hoeveelheid zwarte aarde in de wereld. De zeer vruchtbare bodem gekoppeld aan de enorme omvang van het landbouwareaal — ruim 32 miljoen hectare, 16 keer zoveel als in Nederland — heeft ertoe geleid dat Oekraïne een grootmacht is op landbouwgebied. Het is de zesde graanexporteur ter wereld en vierde op het gebied van mais. Landbouw is bovendien de enige economische sector die de afgelopen twee jaar niet in elkaar is gestort.

    Hoewel het officieel niet mogelijk is om land te kopen of verkopen heeft zich de afgelopen jaren een sterke concentratie van land-'eigendom' voorgedaan. Internationale investeerders uit de VS, Europa, het Midden-Oosten en Azië hebben grote delen land onder controle met dank aan leasecontracten die een looptijd kunnen hebben tot wel veertig jaar. Maar ook Oekraïense oligarchen zoals Yuriy Kosyuk en Oleh Bakhmatyuk zijn grote spelers in de landbouw. Het bedrijf van kippenkoning Kosyuk, MHP, bezit 375.000 hectare land en heeft plannen dit uit te breiden naar 450.000 hectare, met financiële hulp vanuit de EU. Eierkoning Bakhmatyuks bedrijf UkrLandFarming is Oekraïne’s grootste landbezitter met meer dan 600.000 hectare.

    Uman

    De stad Uman in centraal-Oekraïne is het landbouwcentrum van Oekraïne en huisvest het moderne hoofdkantoor van de Ukrainian Agrarian Council. De keuze voor deze stad in plaats van Kiev is volgens directeur Andriy Dykun gemaakt om de corruptie van de hoofdstad letterlijk ver buiten de deur te houden. In 2005 startte Dykun, voormalig vice-minister van landbouw, de Ukrainian Agrarian Council, dat nu bijna 300 leden telt die gezamenlijk vier miljoen hectare grond bewerken. Dat is gemiddeld meer dan 11.000 hectare per ondernemer. Enorme lappen grond voor de gemiddelde Nederlandse boer, maar in Oekraïne valt dit onder de middelgrote boerderijen.

    Dykun komt niet over als een man die snel de straat op gaat, maar hij en zijn organisatie behoorden tot de meest actieve deelnemers aan de boerendemonstraties rond de jaarwisseling. Uit protest tegen de door het IMF en de EU gewenste btw-hervormingen, en in het bijzonder de wijze waarop de Oekraïense regering deze in de praktijk bracht, blokkeerden duizenden boeren een paar maanden geleden tientallen wegen. Pal voor het Oekraïense parlement werd door de boeren de symbolische begrafenis georganiseerd van een vers geslacht varken.

    Het btw-stelsel in Oekraïne werkte als een soort van spaarpot voor boeren. De afdracht werd apart gezet en kon worden gebruikt om investeringen mee te bekostigen. Dat systeem wordt nu waarschijnlijk afgeschaft. ‘Het ging niet om veel geld, maar het was de enige vorm van ondersteuning die we hadden’, legt Dykun uit. De protesten gingen naast de hervormingen ook over de achterstallige uitbetaling van de btw aan de boeren. De opstelling van de boeren is pragmatisch, ‘uiteindelijk bereikten we de overeenkomst dat de btw teruggegeven zou worden en in ruil daarvoor zouden wij de hervormingen accepteren. Wat er echter gebeurde was dat er twee registers werden opgezet voor teruggave. In register één werd het geld automatisch teruggestort en in register twee niet. En wie zitten er in register één? De Oligarchen.’ Dit leidt tot grote frustratie bij Dykun. ‘Dus je hebt een revolutie, Maidan, bijna 10.000 doden in de oorlog en het resultaat is dat je nog altijd de oligarchie hebt en de rest.’ Dykun is helder over zijn doel en dat van de boeren in Oekraïne: ‘Wij willen niet langer de rest zijn.’

    Andriy Dykun: ‘Ik denk niet dat iemand in Nederland zit te wachten op Oekraïense landbouwproducten, of welk Europees land dan ook'

    Ook Dykun gelooft niet dat het associatieakkoord veel meer export naar Europa zal opleveren: ‘Ik denk niet dat iemand in Nederland zit te wachten op Oekraïense landbouwproducten, of welk Europees land dan ook. Zeg nou zelf, jullie hebben je eigen landbouw en subsidiëren die met zoveel geld. En dan laten jullie onze landbouwproducten binnen?’ Dit verklaart volgens Dykun waarom er op zoveel gebieden beperkingen zijn op de export naar Europa, bijvoorbeeld de quota die worden gehanteerd op 36 verschillende landbouwproducten. Oekraïne kan dit voor drie producten doen. Dykun: ‘Laten we eerlijk wezen. Het is een oneerlijke deal.’

    Kip en ei

    Eén van de quota die Oekraïne in het verdrag zijn opgelegd betreft de export van kippenvlees. Oekraïne mocht in 2016 16.000 ton naar de EU exporteren. Na drie weken was het quotum met dank aan kippenkoning Yuriy Kosyuk gevuld. Het leidde tot een klacht van de landbouwmagnaat: ‘De EU heeft ons er ingeluisd.’

    Terug in Kiev spreken we hierover met Natalia Kolomiets en Olex Pasyuki van NECU, het Nationaal Ecologisch Centrum van Oekraïne. Zij deden jarenlang onderzoek naar Kosyuks bedrijf MHP en hun bouw van de grootste kippenboerderij van Europa. In het rapport dat ze hierover uitgaven schrijven ze over de sociale en ecologische gevolgen hiervan en de rol van Europese financiële instellingen. MHP kreeg voor honderden miljoenen leningen van Europese financiële instellingen als de EBRD en de Europese Investerings Bank. Ook Nederlandse banken als de ING droegen bij aan de bouw.

    Op medeleven hoeft Kosyuk bij NECU niet te rekenen. ‘Het was een frustrerende uitspraak om te horen. Kosyuk heeft vrijwel een monopolie op de productie van kippen en gebruikt in zijn eentje het hele quotum van de EU op. Middelgrote en kleine boeren maken geen kans’, aldus Kolomiets.

    Het lijkt een vreemde situatie. Aan de ene kant krijgt één van de grootste agrarische bedrijven in Oekraïne honderden miljoenen aan relatief goedkope leningen om te investeren in een gigantische kippenboerderij, maar tegelijkertijd wordt het de toegang tot de Europese markt voor een belangrijk deel ontzegd. Voor de EU is het echter win-win. Europese boeren worden beschermd door het quotum op kippenvlees en het geld dat de EBRD en de EIB lenen vloeit weer terug naar Europa.

    Natalia Kolomiets: 'Kosyuk heeft vrijwel een monopolie op de productie van kippen en gebruikt in zijn eentje het hele quotum van de EU op'

    De manier waarop Europa — en Nederland in het bijzonder — profiteert van dit soort investeringen is door de verkoop van de machines die deze industriële vorm van landbouw nodig heeft. Voor de kippenboerderij van Kosyuk zijn namelijk Nederlandse machines aangeschaft. Dat is niet alleen goed nieuws voor Nederlandse machinebouwers, maar het maakt ook het werk van de Europese financiële instellingen die deze aankopen faciliteren een stuk makkelijker. Kolomiets: ‘Wanneer ze bijvoorbeeld geld geven aan de constructie van een hele fabriek zijn ze verantwoordelijk voor een analyse van de sociale en milieugevolgen die hiermee gepaard gaan. Maar als je geld leent voor zoiets als machines dan hoeft dat niet.’

    Internationale landbouwbeurs

    Tijdens de internationale landbouwbeurs afgelopen februari in Kiev waren de ongeveer twintig aanwezige Nederlandse boerenondernemingen dan ook voornamelijk gericht op de verkoop van dergelijke specialistische machines. Voor deze ondernemers viel er dit jaar in Oekraïne echter weinig te halen. Hoewel de Oekraïense landbouw als beste standhoudt in deze moeilijke tijden is de crisis in het land ook hier duidelijk voelbaar. ‘s Avonds op een door de Nederlandse ambassade georganiseerde receptie is de meest gehoorde klacht dat er vrijwel geen contracten meer worden getekend. ‘Onze grote klanten, zoals Cargill, halen we niet binnen via deze beurs. Hier gaat het vooral om de iets minder grote boeren, aldus een vertegenwoordigster van één van de aanwezige bedrijven.’ En die laten het dit jaar afweten. De export van Nederlandse machines, een kwart van de totale export die richting Oekraïne gaat, is volgens cijfers van het CBS de afgelopen jaren meer dan gehalveerd.

    De Nederlandse onderneming DIFCO is de uitzondering die de regel bevestigt. Ze sluiten tijdens de beurs een contract af over de toepassing van satellietbeelden om de groei van gewassen mee te monitoren en voor efficiëntere irrigatie. De ondertekening trekt veel media-aandacht. De aanwezigheid van de Nederlandse ambassadeur en een landbouwsecretaris van de Oekraïense regering luisteren het geheel verder op.

    Volgens Roman Puchko, vertegenwoordiger bij DIFCO, is het niet vanwege de oorlog dat de landbouwbeurs dit jaar zo rustig verloopt. Puchko wijt het aan het feit dat de Oekraïense munt, de Hryvnia zo sterk in waarde is gedaald en de hoge rentes van meer dan 25 procent die Oekraïense banken op dit moment hanteren. De grote meerderheid van de Oekraïense boeren heeft in tegenstelling tot een man als Kosyuk geen toegang tot internationale banken en zal dus niet snel honderdduizenden euro's lenen om een nieuwe aardappelrooimachine te kopen.

    Oekraïne en Nederland: een match made in heaven?

    In februari 2015 heeft de Oekraïense regering zich officieel beklaagd over de landbouwquota. Op welke manier ze dat deden, en wat het exacte antwoord was van de EU en de Nederlandse regering is niet bekend. De documenten zelf zijn namelijk niet vrijgegeven. Maar de titel van de Oekraïense mail, die staat vermeld op de inventarislijst van afgewezen stukken als reactie op ons WOB-verzoek, zegt genoeg: ‘Ukraine’s requests for bigger agricultural quotas.’ Helaas voor Oekraïne zonder resultaat — ook in 2016 blijven de quota voortbestaan.

    Andriy Dykun: ‘Elk jaar exporteert Oekraïne meer graan. Daar zijn we dan trots op, maar eigenlijk is het iets waar we ons voor moeten schamen'

    In een ander, wel vrijgegeven document staat een bondige samenvatting van de Nederlandse handelsrelatie met Oekraïne: ‘Nederland heeft de landbouwexpertise en de innovatieve technologie, terwijl Oekraïne de vruchtbare grond heeft en de natuurlijke hulpbronnen.’ Een match made in heaven, ware het niet dat er veel meer geld valt te verdienen met de export van de technologisch hoogwaardige producten dan met graan of mais. Andriy Dykun: ‘Elk jaar exporteert Oekraïne meer graan. Daar zijn we dan trots op, maar eigenlijk is het iets waar we ons voor moeten schamen. Het is een ruwe grondstof die we hier zouden moeten verwerken om de waarde ervan te vergroten.’

    Het resultaat van deze technologische ongelijkheid is dat de Nederlandse economie de afgelopen jaren veel meer heeft verdiend aan Oekraïne dan andersom. Meer dan de helft van de Nederlandse export bestaat uit machines, chemicaliën en medicijnen, terwijl bijna twee derde van de Oekraïense export bestaat uit landbouwgerelateerde producten. Het was pas in 2015 dat er voor het eerst een Nederlands handelstekort was met Oekraïne, met dank aan de ingestortte waarde van de Hryvnia. Structureel is er in 2015 weinig aan de handelsrelatie veranderd en mocht de munt weer herstellen, dan zal de balans waarschijnlijk weer snel omslaan in het voordeel van Nederland.

    Anti-vrijhandel

    Veel van de mensen die wij spraken in de maand die we in Oekraïne doorbrachten waren uitgesproken kritisch over het handelsgedeelte van het associatieakkoord, het zogeheten Deep and Comprehensive Free Trade Area (DCFTA). Al is kritisch eigenlijk niet het juiste woord. Beter gezegd wordt het DCFTA als de 'prijs' gezien die moet worden betaald voor associatie met de EU. Het akkoord zou in ruil daarvoor democratie en mensenrechten bevorderen (in het volgende stuk zullen we kijken naar wat hier van terecht komt).

    Het associatieakkoord bestaat uit twee delen, waarvan het economische gedeelte verreweg het grootst is. Een exact percentage is moeilijk te geven aangezien de verdragtekst meer dan 2000 pagina's telt, maar de schatting is dat ongeveer 85 procent van de afspraken in het associatieakkoord gaat over handel. Het invoeren van dit gedeelte van het verdrag is overigens niet meer tegen te houden. Handelsverdragen vallen met dank aan het verdrag van Lissabon onder de bevoegdheid van de Europese Commissie. Ongeacht de uitslag van het referendum 6 april en eventuele navolging van een ‘nee-stem’ door de Nederlandse regering, zal dit niet meer kunnen worden gestopt. Daarvoor had de Nederlandse regering destijds het Nederlandse ‘nee’ tegen de Europese grondwet moeten honoreren.

    De omvang van het associatieakkoord met Oekraïne zegt iets over de aard van het verdrag. Want, zoals een econoom zich onlangs afvroeg in de New York Times: waarom kan zo een vrij-handelsverdrag niet gewoon twee pagina’s lang zijn? Waarop zoiets staat als ‘we schaffen alle tarieven en quota af’ en daarmee klaar?

    Welke handelsbarrières uiteindelijk wel of niet worden geschrapt, heeft alles te maken met politieke onderhandelingen en zeer weinig met de wetten van de markt

    Dat het niet zo werkt komt omdat handelsverdragen weinig te maken hebben met ‘vrije’ handel, aldus de befaamde socioloog en historicus Immanuel Wallerstein. Wallerstein, bekend geworden om zijn wereldsysteem-theorie legt in een artikel met de provocatieve titel ‘Free-Trade Treaties are Anti-Free Trade,’ uit waarom. Ten eerste, schrijft hij, is een handelsverdrag dat ook maar één land uitsluit, per definitie protectionistisch ten opzichte van alle andere landen die niet onderdeel zijn van het verdrag. De afspraken tussen twee partners gelden immers niet voor een derde partij. En ook tussen de landen die een verdrag afsluiten, zie je dat in de praktijk de onderhandelingen een koehandel zijn, waarbij bepaalde vormen van protectionisme worden ingeruild. Welke handelsbarrières uiteindelijk wel of niet worden geschrapt, heeft dus alles te maken met politieke onderhandelingen en zeer weinig met de wetten van de markt. (Hetzelfde punt wordt verder uitgewerkt door de Amerikaanse econoom Dean Baker, in zijn gratis boek The Conservative Nanny State). Bepaalde sectoren worden beschermd tegen te veel ‘vrijheid’.

    Deze vormen van protectionisme zitten ook in het DCFTA met Oekraïne. Op het gebied van landbouwquota, zoals we al hebben gezien, maar het protectionisme zit ook in het feit dat Oekraïense bedrijven moeten voldoen aan Europese standaarden. In feite zijn dit ook 'handelsbarrières' die Oekraïne moet slechten voordat het naar de EU kan exporteren. Nu is het voldoen aan standaarden op zichzelf geen probleem, maar het zijn vooral de grootste Oekraïense bedrijven, veelal in handen van Oekraïense oligarchen, die hiertoe in staat zijn.

    Metinvest

    Zo heeft het bedrijf Metinvest, dat onderdeel is van SCM Holdings en waar de oligarch Akhmetov aan het roer staat, als eerste de Europese standaard gehaald voor een bepaald soort staal. Een kwestie van vooruitkijken, aldus het hoofd internationale investeringen van SCM, de Brit Jock Mendoza Wilson wanneer we hem spreken in het luxueuze Radisson Blu hotel in Kiev. 'De grotere bedrijven begrepen een tijd geleden al dat Oekraïne richting Europa zou gaan. Sommigen van hen investeerden tijdens de economisch succesvolle periodes in deze transformatie om toegang te krijgen tot de Europese markt.’ En Metinvest behoort tot die groep.

    SCM Holdings werkt samen met de ING om de aanzienlijke schuldenlast van 2,9 milljard dollar betaalbaar te houden

    Net als MHP van Yuriy Kosyuk, maakt ook SCM Holdings gebruik van internationale financiële netwerken, die voor de gemiddelde Oekraïner niet bepaald toegankelijk zijn. Zo werkt SCM samen met de ING om de aanzienlijke schuldenlast van 2,9 milljard dollar betaalbaar te houden. Het zijn vooral de grote internationale banken die volgens Wilson dergelijke bedragen aan kunnen. Bovendien brengen ze een veel lagere rente in rekening dan de 25 á 30 procent die in Oekraïne op dit moment normaal is.

    Het is niet de enige band die Metinvest heeft met Nederland. Zittend in een comfortabele zetel in de salon van het hotel vraagt hij ons, 'wist je dat onze twee grootste bedrijven geregistreerd staan in Nederland?’ We proberen hem verbaasd aan te kijken, ondanks ons vermoeden over waarom een Oekraïense multinational besluit om naar Nederland te verhuizen. Wilson buigt iets naar ons toe en vervolgt: ‘Metinvest en DTEK hebben in Amsterdam hun bestuursvergaderingen. De reden dat we dat doen is uit respect voor de Nederlandse corporate governance-wetgeving. En onze banken en financiële partners houden van die transparantie.’ Nu met oprechte verbaasdheid, vragen we naar het materiële voordeel van dit ‘respect’ — een aantrekkelijk belastingklimaat. ‘Dat is het, en dat is ook zo’, luidt de dubbele bevestiging van Wilson. 'We zijn gewoon een bedrijf dus laat daar geen twijfel over bestaan.’

     

    Over de auteurs

    Platform Authentieke Journalistiek onderzoekt op Follow the Money de achtergronden van het associatieverdrag met Oekraïne, wat het precies inhoudt en wat de mogelijke gevolgen zijn voor zowel de EU, Nederland en met name Oekraïne zelf. Een deel van de kosten van dit onderzoek wordt gefinancierd door onze lezers die de crowdfunding-actie van Yournalism voor dit journalistieke project financieel hebben ondersteund. Heel veel dank daarvoor! 

    Je kunt de journalisten Bas van Beek, Sophia Beunder, Jilles Mast en Chris de Ploeg nog steeds ondersteunen. Meer informatie over hun project en de journalisten vind je hier.

    >> Maak dit onderzoek mogelijk en doneer

    Lees verder Inklappen

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Platform Authentieke Journalistiek

    Gevolgd door 404 leden

    Het Platform Authentieke Journalistiek wil met kritische berichtgeving een bijdrage leveren aan een eerlijkere samenleving.

    Volg Platform Authentieke Journalistiek
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    Associatieverdrag Oekraïne

    Gevolgd door 119 leden

    Waarom is dit akkoord met Oekraïne zo belangrijk? Harde feiten lijken beperkt voorhanden, meningen domineren het debat. Daaro...

    Volg dossier