© CC0 (publiek domein)

Wij zijn allemaal nerds

    Er loopt een vloeiende lijn van de wens om alle dagelijkse ongemak uit te bannen naar de gedroomde, perfecte wereld. En juist op dat diepgewortelde verlangen haakt technologie in. Maar hoe voorspelbaar, efficiënt en frictieloos willen we de werkelijkheid eigenlijk hebben?

    ‘Ze hadden ons vliegende auto's beloofd, maar we kregen 140 tekens,’ aldus de even vermaarde als omstreden Silicon Valley-durfinvesteerder Peter Thiel. Aan die zinnen moest ik denken toen ik onlangs drie verdwaalde A-4tjes aantrof in een Amsterdams etablissement. ‘Making AI for every day,’ luidde de in Google-kleuren uitgevoerde kop boven een van die velletjes, die klaarblijkelijk als handout hadden gediend voor een besloten pers- en informatiebijeenkomst op het Amsterdamse kantoor van de techgigant.  

    Ik begon te lezen (de vertaling is van ondergetekende): ‘X is een moonshot-fabriek. Met stoutmoedige denkkracht en radicale nieuwe technologieën gaan onze uitvinders, ingenieurs, ontwerpers en makers de grote problemen te lijf.’ Na enige uitleg over X – de in 2010 opgerichte en enigszins geheimzinnige innovatietak van Google – trof ik op een volgend velletje een paar van die ‘moonshot’-ideeën aan.  

    ‘Je hebt een afspraak in een sjiek restaurant en kent een bepaald ingrediënt op de menukaart niet? Geen paniek, Google Lens is hier. Richt je pixelcamera op het mysterieuze ingrediënt en AI-technologie geeft het antwoord.’ Even verderop, onder het kopje ‘Screen your calls,’ stuitte ik op een nog baanbrekender idee: ‘Zou het niet geweldig zijn wanneer je weet waarom iemand belt voordat je de oproep beantwoordt? Dankzij AI is dat nu mogelijk – de nieuwe “Call Screen” functionaliteit op pixel 3 telefoons doet precies dat: kies de knop en de beller krijgt een geautomatiseerd bericht met de vraag waarom hij belt. Een transcriptie van het antwoord verschijnt in real-time op je scherm, zodat jij in staat bent om snel te beslissen of je het telefoontje wel of niet aanneemt.’  

    Deze grensverleggende bedenksels doen natuurlijk denken aan die andere, met veel bombarie aangekondigde slimme oplossing voor een groot real-life probleem: het bellen van een restaurant om een tafeltje te reserveren. Met Googles AI-bot ‘Duplex’ behoren dergelijke telefoontjes, die tijd kosten en mogelijk gepaard gaan met ongemak, tot het verleden. Duplex is reeds functioneel in 43 Amerikaanse staten en Google is van plan om ook andere ‘mens tot mens’-contacten (altijd een bron van ‘moedwil en misverstand,’ zoals W.F. Hermans al wist) uit te besteden aan superslimme bots. Denk aan het maken van een kappersafspraak of het inplannen van een tandartsbezoek.

    Diepgeworteld verlangen

    Misschien moet je de poging om elke frictie, onvoorspelbaarheid of ambiguïteit uit het bestaan te bannen, in antropologische termen duiden. Het is alsof de nerd, die van oudsher geassocieerd werd met een wat schuchter menstype dat moeite heeft met de veranderlijkheid en veelvormigheid van de (sociale) werkelijkheid, ons wil verlossen van zijn kwelling. Alsof hij wraak wil nemen op alle dingen en situaties die hem in verlegenheid brengen of tot last zijn door een wereld te scheppen die nooit met zichzelf in tegenspraak is.

    Je zou kunnen zeggen dat de mens een technologisch geconditioneerd dier is

    Leven in een wereld die nooit met zichzelf in tegenspraak is, die volledig transparant en zonder verrassingen is, zal een behoorlijk geestdodende aangelegenheid zijn. Creativiteit, reflexiviteit en spontaniteit kunnen slechts gedijen in een omgeving waar enige ruimte is voor verwarring, verwondering en ongemak. Wat de tovenaarsleerlingen van Silicon Valley bovendien lijken te vergeten, is dat resultaten slechts waarde hebben wanneer ze verworven zijn, wanneer ze een zekere inspanning vergen. Want zonder inspanning geen toewijding, en zonder toewijding geen betrokkenheid.   

    Met de overtuiging dat meer gemak tot meer geluk leidt, komt een specifiek technologie-ethos mee. Mannen met hamers die overal spijkers zien, zo vatte de van oorsprong Wit-Russische internetcriticus Evgeny Morozov dit ethos samen.Oftewel: de neiging om technische oplossingen te bedenken voor triviale problemen. Bij de firma Google noemen ze dat ‘moonshots’: ‘Gek klinkende ideeën najagen tot op het punt dat er een haalbaar product uitrolt, zodat mensen niet langer vragen of, maar wanneer,’ las ik op een van de velletjes waar het fabrieksproces van X werd beschreven.

    Deze toelichting getuigt van een diep inzicht in de menselijke conditie – zoveel moet ik de ‘geeks’ van X nageven. Ons verlangen naar nieuwe technologieën is namelijk grenzeloos; in die zin zijn we allemaal nerds. Dat heeft alles te maken met wat de Franse techniekdenker Bernard Stiegler onze ‘prothetische conditie’ noemt. Daarmee wilde hij zeggen dat we in feite onvolkomen ter wereld komen. De mens bezit, in tegenstelling tot het dier, geen aangeboren kwaliteiten om te overleven en is afhankelijk van verlengstukken – techniekprothesen – om zijn beperkingen te maskeren en te compenseren. Zo vergrootte de vuistbijl onze gebrekkige slagkracht, vermenigvuldigde de lopende band onze gebrekkige spierkracht en versterkte de computer onze gebrekkige breinkracht.

    Je zou dus kunnen zeggen dat de mens een technologisch geconditioneerd dier is; ter redding van onze ziel en zaligheid zijn we aangewezen op technologieën. Sterker nog, we grijpen elke mogelijkheid aan om de wereld om ons heen, die ons van nature vijandig gezind is, naar onze wensen en voorkeuren in te richten. De gemeenplaats dat gemak de mens dient, is hierbij misschien wel het belangrijke motief. Het is precies dit uitgangspunt waaraan de AI-toepassingen van Googles innovatiefabriek X naadloos tegemoet komen. Ze beantwoorden aan het diepgewortelde menselijke verlangen om alle fysieke en mentale beperkingen uit de weg te ruimen, teneinde het bestaan zo frictieloos mogelijk te maken.

    Gladgestreken wereld

    Er zijn veel redenen om AI te omarmen. In potentie is het een krachtig instrument om de grote uitdagingen van onze tijd, denk aan de klimaatproblematiek, te lijf te gaan. Tegelijkertijd zal de verleiding om het alledaagse bestaan in een comfortabel pretpark om te toveren, nauwelijks te weerstaan zijn. Die behoefte ligt nu eenmaal in het menselijk DNA besloten. De vraag is evenwel hoe leefbaar zo’n realiteit is.

    Hoe voorspelbaar, efficiënt en frictieloos willen we de werkelijkheid hebben?

    In alle discussies over kunstmatige intelligentie blijft dit aspect onderbelicht. Het is evident dat nieuwe toepassingen op dit terrein, of het nu gaat om zelfrijdende auto’s of zorgrobots, diep zullen ingrijpen op maatschappelijke en sociale verhoudingen – ten goede en ten slechte. Volgens sommigen zullen de technologische doorbraken van wat ook wel de vierde Industriële Revolutie wordt genoemd, voor een omwenteling zorgen die zonder precedent is. Wie wil weten wat er op ons afkomt en met welke uitdagingen dit gepaard gaat, zou het onlangs verschenen boek Technologie de baas van Joop Hazenberg kunnen raadplegen. Hij zet de mogelijkheden en moeilijkheden van AI overzichtelijk op een rij, zonder in jargon te vervallen.

    Maar ook in dit boek blijft de meest fundamentele vraag onaangeroerd: hoe voorspelbaar, efficiënt en frictieloos willen we de werkelijkheid hebben? Wat betekent het in een wereld te wonen waar alles is gladgestreken en vlekkeloos verloopt? Is het vooruitzicht op een werkelijkheid zonder verrassing of onzekerheid een nastrevenswaardig ideaal? Hoeveel waarde hechten we eigenlijk aan onze menselijke, al te menselijke tekortkomingen, aan ons gestuntel en onze onhandigheden? Ter beantwoording van dergelijke vragen zullen we het gesprek met onze innerlijke nerd moeten aangaan.

    Want wat er op het spel staat is de vrijheid om ondoelmatigheid te leven, ‘de vrijheid om een ronde pin in een vierkant gat te zijn,’ zoals de onvolprezen Aldous Huxley het ooit verwoordde.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Hans Schnitzler

    Gevolgd door 278 leden

    Filosoof, publicist, auteur van Het digitale proletariaat (2015) en voormalig columnist voor de Volkskrant.

    Volg Hans Schnitzler
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren